ECLI:NL:RBOBR:2025:8908

ECLI:NL:RBOBR:2025:8908

Instantie Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak 01-12-2025
Datum publicatie 28-01-2026
Zaaknummer C/01/410758 / FA RK 24-5029
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch

Samenvatting

Afwijzing verzoek van de moeder om contact tussen vader en de kinderen alleen onder begeleiding toe te staan. Vooraan in de beschikking is een samenvatting in klare taal opgenomen.

Uitspraak

[verzoekster] ,

wonende in [woonplaats] ,

hierna te noemen: de moeder,

advocaat: mr. A.J.M. Mertens,

tegen

[verweerder] ,

wonende in [woonplaats] ,

hierna te noemen: de vader,

advocaat: mr. M. van Riet,

over

[minderjarige 1] , geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] , hierna te noemen: [minderjarige 1] ,

en

[minderjarige 2] , geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] , hierna te noemen: [minderjarige 2] .

De rechtbank merkt als belanghebbende aan:

de WILLIAM SCHRIKKER STICHTING JEUGDBESCHERMING & JEUGDRECLASSERING, statutair gevestigd in Amsterdam, hierna te noemen: de GI (Gecertificeerde Instelling).

Samenvatting van deze beschikking:

Deze beschikking gaat over een verzoek van de moeder om te bepalen dat er alleen begeleid contact mag zijn tussen de vader en de kinderen.

Hierna wordt eerst uitgelegd hoe de procedure is verlopen en wat de feiten zijn. Daarna zijn het verzoek en het verweer opgenomen.

Onder het kopje “de beoordeling” staat dat de rechtbank het verzoek van de moeder afwijst. De rechtbank legt daar ook uit waarom. Dit komt er in het kort op neer dat er volgens de rechtbank geen reden is voor begeleide omgang tussen de vader en de kinderen, omdat er bij professionele hulpinstanties geen zorgen zijn over de opvoedsituatie bij de vader.

De procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van:

- de correspondentie, waaronder met name:

De zaak is behandeld op de mondelinge behandeling van 20 november 2025.

Gehoord zijn:

Als toehoorders waren een begeleidster van de moeder van [organisatie] en een medewerker in opleiding van de GI aanwezig.

[minderjarige 1] heeft op 18 november 2025 met de rechter gepraat. [minderjarige 2] heeft de rechter een brief gestuurd.

De feiten

De ouders zijn met elkaar gehuwd geweest. Bij beschikking van deze rechtbank van 22 december 2015 is de echtscheiding uitgesproken. De beschikking is op 2 februari 2016 ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand.

De vader en de moeder hebben samen het gezag over [minderjarige 1] en [minderjarige 2] .

[minderjarige 1] en [minderjarige 2] hebben hun hoofdverblijf bij de moeder. Zij hebben op dit moment geen contact met hun vader.

[minderjarige 1] en [minderjarige 2] hebben een broer, [de broer] , die deels in een zorginstelling en deels bij de vader en zijn partner woont. De vader en zijn partner hebben het gezag over [de broer] .

De moeder heeft geen contact met [de broer] .

Bij beschikking van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 26 november 2020 is een contactregeling tussen de vader en [minderjarige 1] en [minderjarige 2] vastgesteld waarbij de kinderen – kort samengevat – bij de vader zijn gedurende een weekend per veertien dagen van vrijdag 14.00 uur tot zondag 18.00 uur. Daarnaast is een regeling voor de vakanties en feestdagen vastgesteld en is bepaald dat de partner van de vader aanwezig is bij het contact, tot het onderzoek naar zijn opvoedcapaciteiten met goed gevolg is afgerond.

Bij vonnis in kort geding van 20 december 2021 is de moeder veroordeeld tot nakoming van de contactregeling op straffe van een dwangsom.

[minderjarige 1] heeft onder toezicht gestaan van 6 september 2013 tot 6 september 2014.

[minderjarige 1] en [minderjarige 2] hebben samen onder toezicht gestaan van 5 juli 2016 tot 5 juli 2021.

Bij beschikking van 11 april 2025 zijn [minderjarige 1] en [minderjarige 2] opnieuw onder toezicht gesteld met ingang van 11 april 2025 tot 11 april 2026.

Het verzoek en het verweer

De moeder verzoekt, uitvoerbaar bij voorraad,:

- primair: de zorgregeling zoals vastgelegd in de beschikking van het gerechtshof

’s-Hertogenbosch van 26 november 2020 te wijzigen in die zin dat wordt bepaald dat aan de vader het contact met [minderjarige 1] en [minderjarige 2] voor maximaal 1 jaar wordt ontzegd (de rechtbank begrijpt: dat aan hem een tijdelijk verbod op contact met [minderjarige 1] en [minderjarige 2] wordt opgelegd voor de duur van maximaal 1 jaar);

- subsidiair: te bepalen dat contact tussen de vader en [minderjarige 1] en [minderjarige 2] enkel wordt toegestaan onder begeleiding van een professionele instantie, dan wel een andere in goede justitie te bepalen contactregeling, waarbij de veiligheid van de kinderen vooropstaat.

Ter zitting heeft de moeder haar primaire verzoek ingetrokken.

De vader voert verweer en vraagt het verzoek van de moeder af te wijzen.

De GI voert ook verweer en vraagt het verzoek van de moeder af te wijzen.

Ter zitting heeft de GI aangegeven dat de onder punt 5 van het verweerschrift geformuleerde verzoeken niet als zelfstandige verzoeken moeten worden opgevat.

De beoordeling

Primaire verzoek: tijdelijk verbod op contact

De moeder heeft haar primaire verzoek ingetrokken. De rechtbank hoeft dit verzoek daarom niet meer inhoudelijk te beoordelen en zal het verzoek afwijzen.

Subsidiaire verzoek: begeleid contact

De moeder verzoekt te bepalen dat er enkel begeleid contact mag zijn tussen de vader en de kinderen.

De rechtbank kan een beslissing over de zorgregeling wijzigen als de omstandigheden zijn gewijzigd, of als bij het nemen van de beslissing van onjuiste of onvolledige gegevens is uitgegaan (artikel 1:253a lid 4 en artikel 1:377e van het Burgerlijk Wetboek).

Is er een wijziging van omstandigheden?

De rechtbank is van oordeel dat er sprake is van een wijziging van omstandigheden, omdat [minderjarige 1] en [minderjarige 2] sinds 29 juli 2024 geen contact meer met hun vader hebben. Dat komt weliswaar doordat de moeder eenzijdig heeft besloten het contact stop te zetten, maar dat neemt niet weg dat het feit dat de kinderen al bijna 1,5 jaar geen contact meer met hun vader hebben een relevante wijziging van omstandigheden is.

Wat vindt de rechtbank van het verzoek?

De rechtbank zal het verzoek van de moeder afwijzen en legt hierna uit waarom.

De moeder heeft het contact tussen de vader en de kinderen stopgezet, omdat [minderjarige 1] en [minderjarige 2] zorgelijke uitspraken zouden hebben gedaan. [minderjarige 2] zou hebben verteld dat zij door de vader is geslagen en bij de keel gegrepen. De kinderen zouden ook hebben verteld dat de vader en zijn partner toekeken bij het douchen en dat zij niet bij hen in bed willen liggen om samen wakker te worden. De moeder heeft in augustus 2024 aangifte gedaan van mishandeling van de kinderen.

De zorgen van de moeder zijn door onafhankelijke instanties (hulpverlening, de GI en de raad) niet bevestigd. De vader heeft de beschuldigingen weersproken en het Openbaar Ministerie heeft de zaak geseponeerd. Uit het raadsrapport (productie 3 bij het verweerschrift van de vader) blijkt dat verschillende informanten de indruk hebben dat de kinderen door de moeder worden beïnvloed en dat de zorgelijke uitspraken niet van henzelf komen. De raad heeft tijdens het onderzoek uit eigen waarneming en op basis van de gesprekken met informanten bovendien geconstateerd dat de moeder een erg negatief beeld van de vader heeft. Zij is er zó van overtuigd dat het bij hem niet veilig is, dat het volgens de raad bijna niet anders kan dan dat zij dit beeld op de kinderen overbrengt. Op de mondelinge behandeling heeft de moeder bevestigd dat zij haar kijk op de vader en gebeurtenissen die volgens de moeder hebben plaatsgevonden met de kinderen deelt als de kinderen hier om vragen. Zij lijkt zich onvoldoende bewust van de impact die dat op de kinderen heeft. De moeder heeft bovendien bij meerdere instanties te kennen gegeven niet mee te zullen werken aan contactherstel tussen de vader en de kinderen.

De rechtbank merkt daarnaast op dat het eenzijdig stopzetten van de contactregeling door de moeder een herhaling van zetten is. Zij is in 2021 al veroordeeld tot nakoming van de contactregeling op straffe van een dwangsom. In juli 2021 is de ondertoezichtstelling geëindigd, omdat de contactregeling op dat moment structureel werd nagekomen. In oktober 2021 heeft de politie vervolgens echter al een melding bij Veilig Thuis gedaan, omdat de moeder de contactregeling wederom heeft stopgezet. Het contact is daarna hervat, waarna er in juli en augustus 2024 opnieuw meldingen zijn gedaan door de politie en door STEVIG wegens onder andere het niet nakomen van de contactregeling.

De rechtbank is, net als de raad en de GI, van oordeel dat het handelen van de moeder schadelijk is voor [minderjarige 1] en [minderjarige 2] . Het is noodzakelijk dat zij van hun moeder emotionele toestemming krijgen om contact met hun vader te mogen hebben. De rechtbank ziet geen enkele reden waarom dat contact begeleid zou moeten plaatsvinden, omdat er bij de betrokken professionele instanties geen zorgen zijn over de opvoedsituatie van de vader. De rechtbank gaat er desondanks van uit dat de GI bij het opnieuw opbouwen van het contact wel professionele begeleiding zal inzetten, omdat dit onvermijdelijk is na een contactbreuk van bijna 1,5 jaar.

Wat betekent deze beslissing?

Deze beslissing betekent dat de regeling uit de beschikking van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 26 november 2020 blijft gelden. De moeder is verplicht daaraan haar medewerking te verlenen. De rechtbank verwacht van de GI dat zij in het kader van de ondertoezichtstelling zal bekijken hoe zo spoedig mogelijk kan worden toegewerkt naar uitvoering van de contactregeling.

De beslissing

De rechtbank

wijst het verzoek af;

compenseert de proceskosten tussen partijen zo, dat iedere partij de eigen kosten draagt.

Tegen deze beschikking kan, voor zover het een eindbeslissing betreft, -uitsluitend door tussenkomst van een advocaat- hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof 's-Hertogenboscha. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraakb. door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?