ECLI:NL:RBOBR:2026:2565

ECLI:NL:RBOBR:2026:2565

Instantie Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak 22-04-2026
Datum publicatie 22-04-2026
Zaaknummer C/01/413282 / HA ZA 25-157
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Bodemzaak
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch

Samenvatting

Korte samenvatting: Beslissing over verdeling van de as/asbestemming van overleden kind, naar redelijkheid en met afweging van de gevoelens en belangen nabestaanden.

Uitspraak

RECHTBANK Oost-Brabant

Civiel recht

Zittingsplaats 's-Hertogenbosch

Zaaknummer: C/01/413282 / HA ZA 25-157

Vonnis van 22 april 2026

in de zaak van

[eiser] ,

wonende in [woonplaats] , [land] ,

eisende partij,

hierna te noemen: [eiser] ,

advocaat: mr. J.L.E. Marchal,

tegen

[gedaagde] ,

wonende in [woonplaats] ,

gedaagde partij,

hierna te noemen: [gedaagde] ,

advocaat: mr. T.D.D. Loeffen.

1. De zaak in het kort

Tussen partijen is in geschil of [eiser] aanspraak kan maken op een deel van de as van hun overleden zoon.

De rechtbank zal de vordering van [eiser] toewijzen, omdat – kort gezegd – het belang van [eiser] in dit geval zwaarder weegt dan het belang van [gedaagde] bij het onverdeeld laten van de as van hun zoon.

2. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding met producties; - de conclusie van antwoord met producties;

- het verwijzingsvonnis van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht; - de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald;

- de mondelinge behandeling van 3 maart 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.

Voorafgaande aan de zitting heeft [gedaagde] verzocht de zitting achter gesloten deuren te houden. Daarop heeft [eiser] kenbaar gemaakt dat zijn moeder bij de zitting aanwezig zal zijn. De rechtbank heeft partijen bericht dat het verzoek van [gedaagde] tijdens de zitting zal worden besproken en dat daarover op dat moment een beslissing zal worden genomen. Tijdens de zitting heeft de rechtbank beslist dat de zitting openbaar zal zijn, omdat geen sprake is van één van de in artikel 27 van het wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering bedoelde gronden.

Ten slotte is vonnis bepaald.

3. De feiten

[eiser] en [gedaagde] hebben een affectieve relatie gehad. Uit deze relatie is op [geboortedatum] 2021 een zoontje geboren, [overledene] (hierna te noemen: [overledene] ).

Op [datum overlijden] 2024 is [overledene] overleden tijdens een medische ingreep.

Tijdens het leven van [overledene] heeft [gedaagde] in overwegende mate de zorg voor hem gedragen. [eiser] woont sinds enkele jaren in [land] .

Op 7 november 2024 is [overledene] gecremeerd.

Op 18 november 2024 heeft de advocaat van [eiser] een brief aan [gedaagde] gestuurd en gevraagd om een aandenken aan [overledene] (bijvoorbeeld het Ajax-shirtje) en een deel van de as van [overledene] .

Verdere correspondentie tussen partijen heeft ertoe geleid dat [eiser] enkele materiële zaken van [overledene] zal krijgen van [gedaagde] . [gedaagde] is niet tegemoet gekomen aan het verzoek van [eiser] om een deel van de as van [overledene] aan hem te geven.

4. Het geschil

[eiser] vordert – kort samengevat – dat [gedaagde] wordt bevolen het volgende met betrekking tot hun overleden zoontje [overledene] aan hem ter beschikking te stellen, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 50,00 per dag:

één derde deel van de as van [overledene] ,

zijn Ajax-shirtje,

de dvd/filmopname van de rouwdienst,

de foto’s en filmpjes van [overledene] tijdens het weekendverblijf in maart 2024 bij Stichting Opkikker.

[eiser] vordert dat deze veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad worden verklaard.

[gedaagde] voert verweer en concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [eiser] , althans afwijzing van zijn vorderingen, veroordeling van [eiser] in de proceskosten.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

5. De beoordeling

Ajax-shirtje, filmopname rouwdienst, en foto’s en Stichting Opkikker

Tijdens de zitting heeft [gedaagde] aangegeven dat zij zich niet verzet tegen afgifte van het Ajax-shirtje, de video-opname van de rouwdienst, en het beeldmateriaal van het verblijf bij Stichting Opkikker. Partijen hebben voorts aangegeven dat daarover dus geen beslissing meer hoeft te worden genomen. Omdat partijen overeenstemming hebben bereikt over de verdeling ten aanzien van voornoemde punten, heeft de rechtbank daarin verder geen taak meer (vgl. artikel 3:185 lid 1 BW “voor zover de deelgenoten en zij wier medewerking vereist is, over een verdeling niet tot overeenstemming kunnen komen, gelast (etc.)”).

De as van [overledene]

Tussen partijen is in geschil of [eiser] aanspraak kan maken op een deel van de as van [overledene] . Op dit moment bevindt de as zich (in het geheel) bij [gedaagde] .

Het uitgangspunt is volgens artikel 18 van de Wet op de lijkbezorging dat degene die (het verlof voor) de crematie heeft aangevraagd in de bestemming van de as dient te voorzien. Niet in geschil is dat [gedaagde] de opdracht tot de crematie heeft gegeven, zodat zij voor de asbestemming dient te zorgen. Dat [gedaagde] voor de asbestemming dient te zorgen, wil echter niet zeggen dat zij naar eigen inzicht mag bepalen hoe dat gebeurt. [gedaagde] moet dat doen overeenkomstig de (vermoedelijke) wens van [overledene] , zo volgt ook uit voornoemd wetsartikel.

Partijen zijn het erover eens dat de wens van [overledene] niet kan worden vastgesteld, omdat hij nog te jong was om een (vermoeden van een) wens over zijn lijkbezorging of asbestemming kenbaar te kunnen maken.

Indien de wens met betrekking tot de asbestemming niet kan worden achterhaald, ontbreekt hiervoor een wettelijke regeling in de Wet op de lijkbezorging. Uit de lagere rechtspraak volgt dat in dit geval naar redelijkheid en met afweging van de gevoelens en belangen van de nabestaanden over de bestemming van de as dienen te worden beslist. De rechtbank sluit bij deze lagere rechtspraak aan.

Tussen partijen is niet in geschil dat zij beiden nabestaanden zijn van [overledene] , zodat de rechtbank daarvan uit zal gaan.

Tijdens de zitting hebben partijen toelicht welke belangen en gevoelens voor hen van belang zijn in de afweging die de rechtbank dient te maken. Volgens [eiser] moet groot gewicht worden toegekend aan het kunnen hebben van een rouwplek en het feit dat ook hij tijdens het leven van [overledene] het ouderlijk gezag over hem had. Voor [gedaagde] is het belangrijkste dat de as in het geheel, dus niet opgedeeld, bij haar blijft, omdat zij tijdens het leven van [overledene] de zorg voor hem heeft gedragen. Op die manier wenst zij [overledene] bij zich te houden. Voor haar weegt mee dat door haar al is meegedacht over de mogelijkheden voor [eiser] om [overledene] te herdenken, door het overdragen van de schoenen en het shirt.

De rechtbank is van oordeel dat het belang van [eiser] zwaarder weegt dan het belang van [gedaagde] bij het onverdeeld laten van de as. Daartoe is het volgende redengevend.

[eiser] wenst als vader van [overledene] een gedenkplek of een rouwplek te hebben waar hij zijn overleden zoon kan herdenken. Door het verkrijgen van een deel van de as, kan hij een dergelijke gedenkplek realiseren in zijn nabije omgeving (in [land] , waar hij op dit moment woont). Het is voorstelbaar dat – zoals [eiser] tijdens de zitting heeft toegelicht – het realiseren van een gedenkplek of rouwplek met materiële zaken (in dit geval een t-shirt, schoenen en foto’s en videomateriaal), niet dezelfde emotionele waarde heeft als wanneer op een dergelijke plek ook (een deel van) de as van [overledene] aanwezig is.

Dat [gedaagde] zorg heeft gedragen voor het overgrote deel van de opvoeding van en zorg voor [overledene] , maakt niet dat [eiser] – als zijn vader, met het ouderlijk gezag – minder recht heeft op het hebben van een gedenkplek waar hij [overledene] kan rouwen en herdenken. [eiser] heeft op zitting ook onweersproken naar voren gebracht dat zij destijds afgesproken hebben dat hij naar [land] zou gaan en zij in Nederland zou blijven en voor [overledene] zou zorgen. Hoewel het indenkbaar is dat [gedaagde] , ook om emotionele redenen, geen verdeling van de as wenst en de as in het geheel bij haar wil houden, is dat geen belang dat in dit geval een andere conclusie rechtvaardigt.

Het is in de gegeven omstandigheden – waar geen sprake is van een voor hem toegankelijke gedenk- of rouwplek zoals een begraafplaats of rouwmuur waar de as in een urn is gezet – niet gerechtvaardigd om [eiser] de mogelijkheid te onthouden [overledene] op zijn eigen manier te kunnen herdenken op een (eigen) gedenkplek. Met het onverdeeld laten van de as van [overledene] wordt in het geheel voorbij gegaan aan de belangen en gevoelens van [eiser] om het verlies van [overledene] ook een plek te kunnen geven.

De vordering van [eiser] tot het aan hem ter beschikking stellen van één derde deel van de as van [overledene] zal daarom worden toegewezen. [gedaagde] zal worden veroordeeld de as binnen veertien dagen na deze uitspraak aan [eiser] te verstrekken. De rechtbank ziet aanleiding om de gevorderde dwangsom te maximeren zoals in de beslissing vermeld.

Gelet op de relatie tussen partijen zullen de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

6. De beslissing

De rechtbank

beveelt [gedaagde] om binnen veertien dagen na vandaag één derde deel van de as van [overledene] aan [eiser] ter beschikking te stellen,

veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] een dwangsom te betalen van € 50,00 voor iedere dag dat zij niet aan de veroordeling in rov. 6.1 voldoet, tot een maximum van € 2.500,00 is bereikt,

compenseert de kosten van de procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.A.M. Janssen en in het openbaar uitgesproken op 22 april 2026.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl VEAN-ERF-Updates.nl 2026-0236 ERF-Updates.nl 2026-0236
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand