ECLI:NL:RBOBR:2026:2648

ECLI:NL:RBOBR:2026:2648

Instantie Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak 24-04-2026
Datum publicatie 23-04-2026
Zaaknummer 01-293174-25
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch

Samenvatting

De rechtbank heeft de verdachte vrijgesproken van artikel 6 van de Wegenverkeerswet. De rechtbank heeft verdachte veroordeeld voor artikel 5 van de Wegenverkeerswet inhoudende het veroorzaken van gevaar op de weg, zijnde de N612 in Lierop, met als gevolg het overlijden van het slachtoffer. De rechtbank legt de verdachte een taakstraf op van 40 uren met daarnaast een voorwaardelijke ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 6 maanden met een proeftijd van 2 jaren.

Uitspraak

RECHTBANK OOST-BRABANT

Locatie 's-Hertogenbosch

Strafrecht

Parketnummer: 01.293174.25

Datum uitspraak: 24 april 2026

Vonnis van de rechtbank Oost-Brabant, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [1968] ,

wonende te [adres]

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 10 april 2026.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van hetgeen van de zijde van verdachte naar voren is gebracht.

De tenlastelegging.

waarna (vervolgens) verdachte tegen een tegemoet komende auto is aangereden, waardoor een ander, waardoor een ander (genaamd [slachtoffer] ) werd gedood
door welke gedraging(en) van verdachte gevaar op die weg werd veroorzaakt, althans kon worden veroorzaakt, en/of het verkeer op die weg werd gehinderd, althans kon worden gehinderd;

De zaak is aanhangig gemaakt bij dagvaarding van 11 maart 2026.

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

T.a.v. primair:

hij op of omstreeks 5 maart 2025 te Lierop, gemeente Someren, in ieder geval in Nederland als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig, daarmede rijdende over de weg, de N612, zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden door roekeloos, in elk geval zeer, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig en/of onoplettend,

- tijdens het besturen van de personenauto (gedurende enige tijd) zijn aandacht niet steeds op de weg te hebben en/of te houden en/of niet voldoende aandacht voor het verkeer te hebben en/of de veiligheid ter plaatse en/of niet voldoende op te letten

- de door verdachte, bestuurde personenauto niet, althans niet voortdurend onder controle heeft gehad/ gehouden

- van de voor hem bestemde weg/weghelft is afgeweken en/of (daarbij) geheel/gedeeltelijk op de weghelft voor het tegemoetkomende verkeer terecht is gekomen

- (daarbij) in onvoldoende mate heeft gelet op het direct voor hem gelegen weggedeelte van die weg en

- (vervolgens) niet af te remmen en niet uit te wijken voor een tegemoetkomende bestuurder

T.a.v. subsidiair:

hij op of omstreeks 5 maart 2025 te Lierop, gemeente Someren, in ieder geval in Nederland als bestuurder van een voertuig (een personenauto, merk Skoda, voorzien van het kenteken [kenteken] ), daarmee rijdende op de weg, de N612,

- tijdens het besturen van de personenauto (gedurende enige tijd) zijn aandacht niet steeds op de weg heeft gehad en/of niet voldoende aandacht voor het verkeer heeft gehad en/of de veiligheid ter plaatse en/of niet voldoende op heeft gelet

- de door verdachte, bestuurde personenauto niet, althans niet voortdurend onder controle heeft gehad/ gehouden

- van de voor hem bestemde weg/weghelft is afgeweken en/of (daarbij) geheel/gedeeltelijk op de weghelft voor het tegemoetkomende verkeer terecht is gekomen

- (daarbij) in onvoldoende mate heeft gelet op het direct voor hem gelegen weggedeelte van die weg en

- (vervolgens) niet af te remmen en niet uit te wijken voor een tegemoetkomende bestuurder waarna (vervolgens) verdachte tegen een tegemoet komende auto is aangereden

De formele voorvragen.

Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de dagvaarding geldig is. De rechtbank is bevoegd van het ten laste gelegde kennis te nemen en de officier van justitie kan in de vervolging worden ontvangen. Voorts zijn er geen gronden gebleken voor schorsing van de vervolging.

Bewijs

Het standpunt van de officier van justitie.

De officier van justitie heeft gevorderd het primair ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen te verklaren, met als schuldcategorie aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend rijgedrag.

Het standpunt van de verdediging.

De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat er geen sprake is van schuld in de zin van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994. Daarom heeft de verdediging vrijspraak bepleit voor het primair ten laste gelegde. De raadsman heeft zich ten aanzien van het subsidiair ten laste gelegde gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Het oordeel van de rechtbank.

Vaststellen van de feiten

Op basis van het procesdossier en het onderzoek ter terechtzitting stelt de rechtbank het volgende vast.

Op 5 maart 2025 omstreeks 6:39 uur heeft er een ongeluk plaatsgevonden op de N612 te Lierop, gemeente Someren. Verdachte reed met zijn personenauto in de vroege ochtend over die N612. De rechte rijbaan, op de desbetreffende locatie, is verdeeld door een dubbel onderbroken asstreep die als scheiding geldt voor de twee rijstroken bestemd voor verkeer in tegengestelde richting. De verdachte is op enig moment op de weghelft gekomen die bestemd was voor het tegemoetkomende verkeer. Verdachte is hierbij frontaal in aanrijding gekomen met de personenauto van [slachtoffer] . [slachtoffer] is diezelfde ochtend overleden aan de verwondingen die zij ten gevolge van de aanrijding heeft opgelopen.

Het beoordelingskader.

De rechtbank dient de vraag te beantwoorden of verdachte zich bij dit ongeval zodanig heeft gedragen dat sprake is van schuld in de zin van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW). Voor een bevestigend antwoord op die vraag dient op zijn minst sprake te zijn van een aanmerkelijke mate van verwijtbare onvoorzichtigheid. Het komt erop aan of de verdachte tekortschoot in vergelijking met een gemiddelde andere persoon in vergelijkbare omstandigheden en met een vergelijkbare hoedanigheid. Bij de beoordeling van de schuldvraag komt het aan op het geheel van de gedragingen van verdachte, de aard en de ernst daarvan en de overige omstandigheden van het geval. Uit enkel de ernst van de gevolgen van het verkeersgedrag dat in strijd is met één of meer wettelijke gedragsregels in het verkeer kan niet worden afgeleid dat er sprake is van schuld.

Vrijspraak ten aanzien van het primair ten laste gelegde.

De rechtbank acht het primair ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen, nu het dossier onvoldoende aanknopingspunten biedt om vast te stellen dat verdachte aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend is geweest. De rechtbank is van oordeel dat er in dit geval sprake is van één op zichzelf staande verkeersfout, zijnde het niet voldoende rechts houden waardoor verdachte met zijn auto op de voor het tegemoetkomend verkeer bestemde weghelft is gekomen.

Anders dan de officier van justitie heeft gesteld, is de rechtbank van oordeel dat op basis van het politieonderzoek en de getuigenverklaringen niet kan worden vastgesteld dat verdachte langere tijd zijn aandacht niet op de weg heeft gehouden.

Gelet op het vorenstaande acht de rechtbank het primair ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen.

Beoordeling ten aanzien van het subsidiair ten laste gelegde.

De rechtbank komt vervolgens toe aan de vraag of verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan overtreding van artikel 5 WVW. Om tot een veroordeling te kunnen komen voor overtreding van artikel 5 WVW is vereist dat de gedraging van verdachte zodanig is geweest dat daardoor gevaar op de weg is veroorzaakt, of kon worden veroorzaakt of het verkeer is gehinderd, of kon worden gehinderd. Hierbij is het enkel maken van een verkeersfout niet voldoende. Er moet minimaal een zekere mate van concreet gevaar scheppend dan wel hinderend gedrag zijn.

Naar het oordeel van de rechtbank was het verkeersgedrag van verdachte evident gevaarzettend. Hij is op een 80-kilometerweg op de weghelft voor het tegemoetkomend verkeer gaan rijden terwijl er een tegenligger aankwam. Het gevaar heeft zich in dit geval ook verwezenlijkt.

Verdachte is frontaal in aanrijding gekomen met de personenauto van [slachtoffer] die ten gevolge van die aanrijding is overleden.

De rechtbank acht het subsidiair ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen. Omdat verdachte het subsidiair ten laste gelegde feit heeft bekend en de raadsman geen vrijspraak heeft bepleit, volstaat de rechtbank met een opgave van bewijsmiddelen als bedoeld in artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering.

De bewezenverklaring.

door welke gedragingen van verdachte gevaar op die weg werd veroorzaak en het verkeer op die weg werd gehinderd.

Op grond van de feiten en omstandigheden die zijn vervat in de hierboven opgesomde bewijsmiddelen in onderling verband en samenhang bezien komt de rechtbank tot het oordeel dat wettig en overtuigend bewezen is dat verdachte:

Ten aanzien van het subsidiair ten laste gelegde:

op 5 maart 2025 te Lierop, als bestuurder van een voertuig een personenauto, merk Skoda, voorzien van het kenteken [kenteken] , daarmee rijdende op de weg, de N612,

- tijdens het besturen van de personenauto gedurende enige tijd zijn aandacht niet steeds op de weg heeft gehad en niet voldoende aandacht voor het verkeer en de veiligheid ter plaatse heeft gehad en

- van de voor hem bestemde weg/weghelft is afgeweken en daarbij geheel op de weghelft voor het tegemoetkomende verkeer terecht is gekomen

- daarbij in onvoldoende mate heeft gelet op het direct voor hem gelegen weggedeelte van die weg en

- vervolgens niet af te remmen en niet uit te wijken voor een tegemoetkomende bestuurder waarna vervolgens verdachte tegen een tegemoet komende auto is aangereden

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is verdachte daardoor niet in de verdediging geschaad.

De strafbaarheid van het feit.

Het bewezen verklaarde levert op het in de uitspraak vermelde strafbare feit. Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.

De strafbaarheid van verdachte.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. Verdachte is daarom strafbaar voor hetgeen bewezen is verklaard.

Oplegging van straf en maatregel.

De eis van de officier van justitie.

De officier van justitie heeft gevorderd aan verdachte voor het primair ten laste gelegde op te leggen een taakstraf voor de duur van 160 uren, subsidiair 80 dagen vervangende hechtenis en een voorwaardelijke ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur 15 maanden met een proeftijd van 3 jaren.

Het standpunt van de verdediging.

De raadsman heeft aangevoerd dat een ontzegging van de bevoegdheid om motorrijtuigen te besturen niet opportuun is omdat er geen sprake is van een groot recidive gevaar. Verdachte draagt middels zijn werk de verantwoordelijkheid voor zijn gezin. Hij heeft zijn rijbewijs nodig om te kunnen blijven werken. Tot slot heeft de raadsman gevraagd in positieve zin mee te wegen dat verdachte geen eerdere veroordelingen op zijn Justitiële Documentatie heeft staan.

Het oordeel van de rechtbank.

Bij de beslissing over de straf die aan verdachte dient te worden opgelegd, heeft de rechtbank gelet op de aard en de ernst van het bewezen verklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan. Bij de beoordeling van de ernst van het door verdachte gepleegde strafbare feit betrekt de rechtbank het wettelijke strafmaximum en de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd. Daarnaast houdt de rechtbank bij de strafbepaling rekening met de persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.

De rechtbank heeft in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Ernst van het feit.

Verdachte heeft gevaarlijk rijgedrag vertoond op de N612 door met zijn auto volledig op de weghelft voor het tegemoetkomende verkeer te gaan rijden. Ten gevolge van dit gevaarlijke rijgedrag is een frontale aanrijding ontstaan met een verdachte tegemoetkomende auto. De bestuurster van die auto, [slachtoffer] , is ten gevolge van deze aanrijding overleden.

Ter terechtzitting heeft de zus van [slachtoffer] het woord gevoerd namens de nabestaanden en een indrukwekkende slachtofferverklaring afgelegd. Zij moeten verder leven met het plotselinge verlies van een dierbare. [slachtoffer] wordt door hen erg gemist. Verdachte heeft ter terechtzitting meermaals zijn medeleven uitgesproken naar de nabestaanden van [slachtoffer] en heeft hen om vergiffenis gevraagd. Verdachte heeft verder aangegeven in gesprek te willen gaan met de nabestaanden als zij dit wensen.

Persoonlijke omstandigheden

De rechtbank heeft naar het strafblad van verdachte gekeken. Hieruit blijkt dat hij niet eerder is veroordeeld voor enige strafbaar feit.

Uit het reclasseringsadvies van 19 maart 2026 blijkt dat verdachte nog dagelijks traumatische klachten ervaart na het ongeluk en in afwachting is van traumabehandeling. Naast de psychische klachten ervaart verdachte ook lichamelijke klachten die hij heeft overgehouden aan het ongeluk. De reclassering schat de kans op recidive laag in, verdachte is immers niet bekend met roekeloos rijgedrag of ernstige verkeersovertredingen. Bij een veroordeling heeft de reclassering een straf geadviseerd zonder bijzondere voorwaarden. Zij vindt interventies of toezicht niet nodig.

De rechtbank neemt tot slot mee dat verdachte een vaste aanstelling heeft bij zijn werk en hij nu bezig is met re-integratie. Verdachte hoopt in de toekomst weer fulltime te kunnen werken.

De op te leggen straf.

Alles afwegende acht de rechtbank een taakstraf van 40 uren subsidiair 20 dagen vervangende hechtenis passend.

De rechtbank zal geen onvoorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid op leggen, gelet op het blanco strafblad van verdachte en zijn persoonlijke belang bij het behoud van zijn rijbewijs. De rechtbank zal wel een voorwaardelijke ontzegging opleggen voor de duur van 6 maanden met een proeftijd van 2 jaren.

De rechtbank zal een lichtere straf opleggen dan de door de officier van justitie gevorderde straf, omdat de rechtbank tot een andere bewezenverklaring komt en van oordeel is dat de straf die de rechtbank zal opleggen de ernst van het bewezen verklaarde voldoende tot uitdrukking brengt.

Toepasselijke wetsartikelen.

De beslissing is gegrond op de artikelen:

9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d van het Wetboek van Strafrecht

5, 177, 179 van de Wegenverkeerswet 1994.

DE UITSPRAAK

De rechtbank:

Spreekt verdachte vrij van hetgeen primair is ten laste gelegd.

Verklaart het ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor is omschreven.

Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt hem daarvan vrij.

Het bewezen verklaarde levert op de overtreding:

Ten aanzien van het subsidiair ten laste gelegde:

overtreding van artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994

Verklaart verdachte hiervoor strafbaar.

Legt op de volgende straffen.

Ten aanzien van het subsidiair ten laste gelegde:

Een taakstraf voor de duur van 40 uren subsidiair 20 dagen hechtenis

en

Een ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren

Voorwaarde is, dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig zal maken aan een strafbaar feit.

Dit vonnis is gewezen door:

mr. C.F.N. van Schaijk, voorzitter,

mr. S.J.W. Hermans en mr. A. van der Hilst, leden,

in tegenwoordigheid van mr. M.M.A. Akkers en mr. T.J. Oosterman griffiers,

en is uitgesproken op 24 april 2026.

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. C.F.N. van Schaijk
  • mr. S.J.W. Hermans
  • mr. A. van der Hilst

Griffier

  • mr. M.M.A. Akkers en mr. T.J. Oosterman

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?