ECLI:NL:RBOBR:2026:6116

ECLI:NL:RBOBR:2026:6116

Instantie Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak 19-08-2026
Datum publicatie 26-08-2026
Zaaknummer 12200404 TD VERZ 26-259
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Beschikking
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch

Samenvatting

Er is sprake van een duurzaam verstoorde onderlinge verstandhouding tussen de zoon en dochter van betrokkene. Dit alles maakt dat het in het belang van betrokkene is dat voorbijgegaan wordt aan het levenstestament en een professionele mentor wordt benoemd.

Uitspraak

beschikking op een verzoek tot instelling mentorschap

op verzoek van:

[naam] ,

wonende te [adres] ,

hierna te noemen: verzoekster,

met betrekking tot:

[naam] ,

geboren te [plaatsnaam] op [datum] ,

wonende te [adres] ,

hierna te noemen: betrokkene.

procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van:

Het verzoek is mondeling behandeld op 22 juli 2026. Op de zitting zijn verschenen; betrokkene, haar zoon [naam] , [naam] ((ex)partner van zoon), verzoekster en mw. [naam] en mw. [naam] (namens de huidige bewindvoerder en de beoogd mentor).De kantonrechter heeft betrokkene aan het begin van de zitting afzonderlijk, in aanwezigheid van de griffier, gehoord. Daarna zijn alle partijen binnengeroepen voor de zitting en is het verzoek gezamenlijk besproken.

beoordeling

Verzoekster, tevens de dochter van betrokkene, vraagt om het instellen van een mentorschap ten behoeve van betrokkene. Verzoekster voert hierbij aan dat sinds het instellen van het bewind, dat bij beschikking van 22 januari 2026 is ingesteld, de verstandhouding met haar broer [naam] dermate is verslechterd dat het gezamenlijk behartigen van de niet-vermogensrechtelijke belangen van betrokkene onmogelijk is geworden. Door verzoekster zijn inmiddels meerdere aangiftes gedaan tegen haar broer. Betrokkene zou daarnaast geestelijk en lichamelijk hard achteruitgaan.

In haar e-mails van 24 juni 2026 geeft verzoekster nog aan dat betrokkene op 29 mei 2026 is gevallen en hierdoor twee weken niet uit bed kon komen. Op 17 juni 2026 is betrokkene op een crisisplaats bij de [naam instelling] in [plaatsnaam] opgenomen. Daarnaast is op 19 juni 2026 een CIZ-indicatie 5 (beschermd wonen met intensieve dementiezorg) afgegeven. Dit indicatiebesluit van CIZ is op 7 juli 2026 per e-mail ter griffie ingediend.

Op 8 juli 2026 is vanaf het e-mailadres van betrokkene een e-mail van haar zoon ter griffie ontvangen, waarin hij aangeeft aangifte te zullen gaan doen tegen zijn zus. Op de zitting heeft de zoon van betrokkene ook nog aangegeven aangifte te hebben gedaan tegen de bewindvoerder van betrokkene en absoluut niet te willen dat de bewindvoerder eveneens tot de mentor van betrokkene wordt benoemd. Hij ziet de noodzaak niet voor het instellen van een mentorschap, evenals hij dit niet ziet voor bewind.

Op 10 juli 2026 is nog een e-mail ter griffie ontvangen van de voorgestelde mentor, die tevens reeds de bewindvoerder van betrokkene is. Volgens de voorgestelde mentor zou de zoon van betrokkene haar op een onjuiste wijze beïnvloeden en zou hij de uitvoering van het bewind frustreren, hetgeen ook bij de betrokken zorgverleners en instanties voor onduidelijkheid zorgt en waardoor besluitvorming over de zorg en verpleging van betrokkene belemmerd wordt.

Op 12 juli 2026 is een e-mail van [naam] (de (ex-)partner van de zoon van betrokkene) ter griffie ontvangen, waarin zij, onder andere, aangeeft bezwaar te hebben gemaakt tegen de voornoemde CIZ-indicatie, alsmede dat betrokkene het niet eens zou zijn met het instellen van mentorschap en de benoeming van de voorgestelde mentor. Ook stelt zij dat betrokkene nog wilsbekwaam is en dat mentorschap (en bewind) daarom niet nodig is.

Betrokkene heeft zich op de zitting nog uitgelaten over het verzoek. Volgens betrokkene zou het goed met haar gaan en is het instellen van een mentorschap niet nodig. Ook heeft betrokkene meermaals te kennen gegeven het niet eens te zijn met het eerder instellen van een bewind over haar goederen.

De kantonrechter overweegt als volgt.

Betrokkene heeft een levenstestament, waarin beide kinderen gemachtigd zijn haar vermogensrechtelijke en niet-vermogensrechtelijke belangen te behartigen als zij daartoe niet meer in staat is.

Uit de stukken en het verhandelde ter zitting blijkt dat betrokkene vanwege haar geestelijke of lichamelijke toestand onvoldoende in staat is haar niet-vermogensrechtelijke belangen te behartigen. Op 13 januari 2026 is reeds een eerder verzoek tot het instellen van mentorschap (en bewind) op zitting besproken. Bij de behandeling van voornoemd verzoek heeft de kantonrechter geoordeeld dat betrokkene als gevolg van haar lichamelijke of geestelijke toestand niet meer voldoende in staat kan worden geacht om haar

(niet-)vermogensrechtelijke belangen te behartigen. De CIZ indicatie die bij dit verzoek is overgelegd, bevestigt dat ook. Dat daartegen bezwaar is ingesteld door mevrouw [naam] namens betrokkene, maakt dit niet anders. Het CIZ heeft immers per brief van 7 juli 2026 laten weten dat zij de beslissing van de rechtbank afwacht of een mentorschap wordt ingesteld.

Het verzoek mentorschap is bij beschikking van 22 januari 2026 alsnog afgewezen middels de volgende overweging:

“Ten aanzien van de niet-vermogensrechtelijke belangen hebben de kinderen beide aangegeven wel tot overeenstemming te kunnen komen in het belang van hun moeder en daar ook een voorbeeld van benoemd in het recente verleden. Hoewel de kantonrechter twijfelt of de goede samenwerking op dat vlak blijvend is, is deze twijfel onvoldoende zwaarwegend is om met voorbijgaan aan het levenstestament een professionele mentor te benoemen. Dat laat onverlet dat zo’n benoeming wel in beeld komt als in de toekomst blijkt dat ook beslissingen ten aanzien van de zorg – ter zitting is het voorbeeld aangehaald van een toekomstige verhuizing naar een zorginstelling – moeilijk tot stand komt.”

Uit de stukken en het verhandelde op zitting blijkt naar het oordeel van de kantonrechter evident dat van een goede samenwerking tussen de zoon en dochter van betrokkene op gebied van de zorgzaken inmiddels geen sprake is en dat hun zienswijzen erg uiteenlopen over de zorg van betrokkene. Zo geeft de dochter (alsmede de bewindvoerder) aan dat de zorgopname een opname in een revalidatiecentrum betrof, omdat betrokkene was gevallen. De zoon van betrokkene geeft echter aan dat dit een opname in een gesloten instelling voor demente mensen. Een dergelijk uiteenlopend standpunt is niet in het belang van betrokkene en de toekomstige zorgzaken die moeten worden geregeld. Ook is er over en weer sprake van (aangiftes van) bedreigingen, wat duidelijk laat zien dat er inmiddels sprake is van een duurzaam verstoorde onderlinge verstandhouding tussen de zoon en dochter van betrokkene. Dit alles maakt dat het in het belang van betrokkene is dat voorbijgegaan wordt aan het levenstestament en een professionele mentor wordt benoemd.

De kantonrechter heeft op de zitting, mede gezien de weerstand en het wantrouwen dat de zoon van betrokkene tegen de beoogd mentor (en tevens de huidige bewindvoerder) heeft, de gelegenheid aan de zoon van betrokkene geboden om binnen drie weken zelf een andere professionele mentor aan te dragen. De kantonrechter heeft deze mogelijkheid geboden om problemen tussen de zoon en een (beoogd) mentor te proberen te voorkomen, hoewel het te betwijfelen is of dit de weerstand vanuit de zoon van betrokkene (over de maatregelen van bewind en mentorschap) geheel weg zal nemen. Op 12 augustus 2026 is vervolgens de bereidverklaring van [beoogd mentor] ter griffie ontvangen.

Op basis van het voorgaande zal de kantonrechter een mentorschap instellen en [beoogd mentor] tot mentor benoemen.

De kantonrechter zal bepalen dat de mentor jaarlijks verslag doet van de werkzaamheden.

De kantonrechter zal de beloning voor de aanvangswerkzaamheden vaststellen overeenkomstig artikel 4 lid 4 sub a van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren.

De kantonrechter zal de jaarbeloning vaststellen overeenkomstig artikel 4 lid 2 sub a van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren. Deze beloning is inclusief onkostenvergoeding.

Tot slot merkt de kantonrechter ten overvloede op dat tegen de beschikking van 22 januari 2026, waarin een bewind voor betrokkene is ingesteld, hoger beroep is ingesteld. Na de sluiting van de inhoudelijke behandeling heeft de rechtbank (wederom) meerdere e-mails ontvangen vanuit de zoon van betrokkene, [ex-partner zoon betrokkene] , alsmede de beoogd mentor, die in feite zien op de bewindvoering. Deze e-mails zijn buiten beschouwing gelaten, omdat de inhoudelijke behandeling van het verzoek reeds is gesloten. Bovendien loopt het hoger beroep ten aanzien van het bewind. De kantonrechter gaat er van uit dat binnenkort een gesprek plaats zal vinden tussen de beoogd mentor en de bewindvoerder over het zo goed mogelijk laten verlopen van het bewind en het mentorschap voor betrokkene, dat is des te belangrijker voor de periode dat het hoger beroep nog niet is behandeld.

beslissing

De kantonrechter:

- stelt met ingang van de dag na de datum van verzending van deze beschikking een mentorschap in ten behoeve van [naam] vanwege de geestelijke of lichamelijke toestand van betrokkene;

- bepaalt dat de mentor voor de (aanvangs)werkzaamheden en voor de met het mentorschap gemoeide kosten de in de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren vastgestelde forfaitaire tarieven ten laste van het vermogen van de betrokkene mag brengen.

Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch:

a. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

b. door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. S.C.E.F. Moulen Janssen

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand