Beschikking van de kantonrechter
op verzoek van:
[naam] ,
[adres] ,
geboren te [plaatsnaam] op [geboortedatum] ,hierna te noemen: verzoekster,
met betrekking tot:
[naam] ,geboren te [plaatsnaam] op [geboortedatum] ,wonende te [adres] ,hierna te noemen: betrokkene.
Procedure
De kantonrechter heeft kennisgenomen van:- het verzoek (met bijlagen), ontvangen op 1 mei 2026,
- de nadere informatie, ontvangen tot en met 9 september 2026.
De kantonrechter heeft op grond van de ontvangen informatie afgezien van een mondelinge behandeling.
Beoordeling
Verzoekster is de bewindvoerder van betrokkene, tevens de zus van betrokkene. Betrokkene verblijft in een zorginstelling en is niet in staat om zelf toestemming te geven voor beschikkingshandelingen.
Verzoekster vraagt machtiging voor de aanschaf van een tweedehands bed voor betrokkene voor een bedrag van € 3.600,00. Het tweedehands bed betreft het bed van de moeder van betrokkene. Dit bed heeft betrokkene een week voor het overlijden van moeder gekregen. De moeder van betrokkene is op [datum] overleden. Verzoekster geeft aan dat zij met moeder gesproken had over het bed en dat het een mooi gebaar was om het bed aan betrokkene te geven en dat betrokkene vervolgens de erfgenamen zou kunnen uitbetalen door de dagwaarde van het bed te betalen aan de erfgenamen. Betrokkene zelf is onterfd. Volgens verzoekster ligt de dagwaarde van het bed tussen de € 5.000,00 en € 5.400,00, en is zij met € 3.600,00 al lager gaan zitten dan de dagwaarde.
De kantonrechter overweegt als volgt.
De kantonrechter kan enkel vaststellen dat betrokkene een tweedehands bed heeft gekregen van zijn overleden moeder, niet dat hij de dagwaarde van het tweedehands bed moet betalen aan de erfgenamen van moeder. Verzoekster heeft namelijk geen onderbouwing verstrekt van de gestelde mondelinge afspraak van de betaling aan de erfgenamen, die moeder met verzoekster gemaakt zou hebben. Ook uit het testament blijkt niet dat moeder dit bij uiterste wilsbeschikking heeft bepaald. De kantonrechter zal daarom het verzoek afwijzen.
Ten overvloede merkt de kantonrechter nog het volgende op, in het kader van eventuele toekomstige uitgaven van meer dan € 2.000,00. Uit punt B.D2 van de Aanbevelingen Meerderjarigenbewind Curatele en Mentorschap, vastgesteld door het Landelijk Overleg Vakinhoud Toezicht op 3 april 2025, volgt dat verzoekster vooraf machtiging bij de kantonrechter had moeten verzoeken, omdat sprake is van de aankoop van een roerende zaak van meer dan € 2.000,00 en betrokkene niet in staat is om zelf toestemming te geven voor beschikkingshandelingen.
Beslissing
De kantonrechter wijst het verzoek af.
Tegen deze beschikking kan -uitsluitend door tussenkomst van een advocaat- hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof 's-Hertogenbosch:a. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;b. door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.