ECLI:NL:RBOVE:2025:6886

ECLI:NL:RBOVE:2025:6886, Rechtbank Overijssel, 01-12-2025, 84.333430.21 (P)

Instantie Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak 01-12-2025
Datum publicatie 01-12-2025
Zaaknummer 84.333430.21 (P)
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Zwolle

Samenvatting

De rechtbank verklaart niet bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team Strafrecht

Meervoudige kamer

Zittingsplaats Zwolle

Parketnummer: 84.333430.21 (P)

Datum vonnis: 1 december 2025

Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1974 in [geboorteplaats] ,

wonende aan de [adres] .

1. Het onderzoek op de terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 17 november 2025.

De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie en van wat door verdachte en zijn raadsman, mr. J.W. Bosman, advocaat in Deventer, naar voren is gebracht.

2. De tenlastelegging

De verdenking komt er, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het in vereniging (opzet/schuld)witwassen van een door [bedrijf 1] B.V. aangeschafte partij Disqs.

Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:

Hij,

op één of meerdere tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van 21

november 2020 tot en met 23 november 2021 te [plaats], althans in

Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer (rechts)personen, althans alleen,

(sub a)

van een of meer voorwerp(en), te weten een hoeveelheid disqs (bestaande uit het

restant van de door de besloten vennootschap [bedrijf 1] B.V. aangeschafte partij disqs

(DOC-056)), althans een of meerdere disqs,

(telkens) de werkelijke aard en/of de herkomst en/of de vindplaats en/of de

vervreemding en/of de verplaatsing heeft/hebben verborgen en/of verhuld, en/of

verborgen en/of verhuld heeft/hebben wie de rechthebbende(n) op

bovenomschreven voorwerp(en) is/was en/of wie bovenomschreven voorwerp(en)

voorhanden heeft/hebben gehad,

terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) (telkens) wist(en) en/of

redelijkerwijze moest(en) vermoeden, dat de/het bovenomschreven voorwerp(en) -

onmiddellijk of middellijk - (deels) afkomstig was/waren uit enig(e) misdrij(f)(ven).

3. Vrijspraak

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht het tenlastegelegde in de vorm van het verbergen/verhullen van de vindplaats/vervreemding/verplaatsing van de Disqs wettig en overtuigend te bewijzen. De officier van justitie heeft gesteld dat in de keten van verkrijging meerdere strafbare feiten zoals valsheid in geschrift, verduistering en faillissementsfraude zijn gepleegd voordat verdachte de beschikking kreeg over de Disqs. Volgens de officier van justitie is dat ook niet betwist in de strafzaak tegen de heer [naam] , die via een onherroepelijke strafbeschikking is afgedaan. Verdachte had daarnaast redelijkerwijs moeten vermoeden dat de Disqs een criminele herkomst hadden.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft integrale vrijspraak bepleit, omdat wettig en overtuigend bewijs ontbreekt dat (1) verdachte zich in Nederland schuldig heeft gemaakt aan enige witwasgedragingen, (2) verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het verhullen en/of verbergen van de Disqs, (3) de Disqs uit misdrijf afkomstig waren en (4) verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat de Disqs uit misdrijf afkomstig waren.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank overweegt dat het dossier aanwijzingen bevat dat er strafbare feiten zijn gepleegd bij ofwel de beslaglegging dan wel de verkrijging van de Disqs door [bedrijf 2] en de latere (door)verkoop. De rechtbank wijst in dit verband op de vermoedens die de FIOD in het procesdossier heeft uitgewerkt van valsheid in geschrifte bij het opmaken van de pandovereenkomst die aan de oorspronkelijke beslaglegging ten grondslag lag en van faillissementsfraude omdat daarmee in het zicht van het faillissement van [bedrijf 2] een groot deel van het vermogen aan die onderneming werd onttrokken. Bij die (mogelijke) strafbare feiten was verdachte echter niet rechtstreeks betrokken, en de wel rechtstreeks betrokken verdachten hebben ontkend dat hun handelen strafbaar was. In het onderzoek tegen verdachte kan daarom niet buiten redelijke twijfel worden vastgesteld dat de Disqs inderdaad (middellijk) van misdrijf afkomstig waren. Dat verdachte [naam] uiteindelijk een strafbeschikking zou hebben geaccepteerd doet daar niet aan af.

Nu niet buiten redelijke twijfel kan worden vastgesteld of er sprake is geweest van een verkrijgend grondmisdrijf en welk gronddelict dat dan zou zijn, komt de rechtbank niet toe aan de overige bewijsverweren. Verdachte zal van het tenlastegelegde worden vrijgesproken.

4. De beslissing

De rechtbank verklaart niet bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij.

Dit vonnis is gewezen door mr. J. van Bruggen, voorzitter, mr. R.P. van Eerde en mr. D. ten Boer, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J.P. Ponsteen, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 1 december 2025.

Mr. J. van Bruggen is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. J. van Bruggen
  • mr. R.P. van Eerde
  • mr. D. ten Boer

Griffier

  • mr. J.P. Ponsteen

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?