RECHTBANK Overijssel
Team Insolventie
Zittingsplaats Zwolle
Rekestnummer: NL:TZ:2502251:R-RK
Vonnis van maandag 19 januari 2026
op het verzoek van
[verzoeker] ,
geboren op [geboortedatum] 1987 te [geboorteplaats],
thans wonende te [adres 1]
verzoeker, hierna te noemen [verzoeker],
tot toepassing van de schuldsaneringsregeling.
Samenvatting
[verzoeker] heeft verzocht om te worden toegelaten tot de schuldsaneringsregeling en heeft daarbij om een eerdere ingangsdatum verzocht.
De rechtbank wijst de verzoeken toe.
1. De procedure
De procedure bestaat uit:
- het schuldsaneringsverzoekschrift met bijlagen;
- de zitting van maandag 12 januari 2026, waarbij aanwezig was:
- [verzoeker];
De uitspraak is bepaald op vandaag.
2. Het verzoek
[verzoeker] verzoekt om te worden toegelaten tot de schuldsaneringsregeling waarbij hij ook verzoekt om de ingangsdatum van de termijn van de schuldsanering op een eerdere datum te bepalen. Volgens [verzoeker] heeft hij een schuldenlast die hij niet zelf kan aflossen.
3. De beoordeling
Het betreft een hoofdinsolventieprocedure (artikel 3, eerste lid, van de Insolventieverordening (EU 2015/848)).
De rechtbank wijst het verzoek toe. Het verzoek voldoet aan de daaraan gestelde eisen. [verzoeker] heeft voldaan aan het bepaalde in artikel 288 lid 1 van de Faillissementswet. Van een grond voor afwijzing van het verzoek is niet gebleken.
[verzoeker] verzoekt de ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling te bepalen op 15 mei 2025, het moment waarop de huidige schuldregeling is gestart. De rechtbank wijst het verzoek toe omdat [verzoeker], nadat hij zijn ondernemingsactiviteiten in september 2023 heeft gestaakt, vanaf oktober 2023 tot heden fulltime werkzaam is. Hiermee voldoet [verzoeker] aan de inspanningsplicht. Gedurende het gehele minnelijk traject draagt [verzoeker] af conform het vastgestelde vrij te laten bedrag, zodat [verzoeker] ook aan de afdrachtplicht heeft voldaan. Op grond van vorenstaande kan naar het oordeel van de rechtbank de ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling worden bepaald op 15 mei 2025.
4. De beslissing
De rechtbank:
spreekt de toepassing van de schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van:[verzoeker],geboren op [geboortedatum] 1987 te [geboorteplaats], wonende te [adres 1];
stelt de termijn van deze schuldsaneringsregeling vast op de achttien maanden, te rekenen vanaf 15 mei 2025;
benoemt tot rechter-commissaris mr. A.E. Zweers;
benoemt tot bewindvoerder [bewindvoerder], [adres 2];
geeft de bewindvoerder de opdracht om de post van [verzoeker] in te zien totdat de schuldsaneringsregeling eindigt, maar in elk geval niet langer dan dertien maanden;
bepaalt dat de bewindvoerder een voorschot op de vergoeding mag opnemen volgens het besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering. Dit kan alleen zolang de schuldsaneringsregeling loopt en voor zover de boedel toereikend is;
stelt vast dat door deze uitspraak alle gelegde beslagen komen te vervallen.
Gewezen te Almelo door mr. K.J. Haarhuis, rechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 19 januari 2026 in tegenwoordigheid van de griffier.