RECHTBANK OVERIJSSEL
Team Strafrecht
Meervoudige kamer
Zittingsplaats Zwolle
Parketnummer: 08.087796.21 (P)
Datum vonnis: 9 april 2026
Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen:
[verdachte] ,
geboren op [geboortedatum] 1988 in [geboorteplaats],
wonende aan de [woonplaats].
1. Het onderzoek op de terechtzitting
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 26 maart 2026.
De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van wat door verdachte en zijn raadsman mr. G.N. Weski, advocaat in Rotterdam, naar voren is gebracht.
2. De tenlastelegging
De tenlastelegging komt er, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte wordt verdacht van:
feit 1: medeplegen van voorbereidingshandelingen van diefstal met geweld in vereniging dan wel afpersing in vereniging in de periode van 12 januari 2021 tot en met 22 januari 2021;
feit 2: medeplegen van voorbereidingshandelingen van diefstal met geweld in vereniging dan wel afpersing in vereniging in de periode van 15 februari 2021 tot en met 17 februari;
feit 3: handel in diverse vuurwapens (cat. II en III) in de periode 1 januari 2021 tot en met februari 2021;
feit 4: heling van politiekleding in de periode 1 januari 2021 tot en met februari 2021.
Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:
feit 1 hij in of omstreeks de periode van 12 januari 2021 tot en met 22 januari 2021 te Zwolle, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter voorbereiding van het/een misdrijf, te weten diefstal in vereniging voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld, op de openbare weg (artikel 312 Wetboek van Strafrecht) en/of afpersing in vereniging door geweld en/of bedreiging met geweld, op de openbare weg (artikel 317 Wetboek van Strafrecht), in elk geval van een misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld, met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, opzettelijk voorwerpen en/of stoffen, kennelijk bestemd tot het (in vereniging) begaan van dat misdrijf, te weten- een of meer (automatische) vuurwapen(s) en/of een of meer nabootsing(en) van een vuurwapen en/of- politiekleding (waaronder een of meer politiejassen en/of politievesten) en/of - een politiestopbord/-stoptransparant en/of- een of meer voertuig(en)heeft verworven en/of vervaardigd en/of ingevoerd en/of voorhanden heeft gehad;
feit 2 hij in of omstreeks de periode van 15 februari 2021 tot en met 17 februari 2021 te Zwolle, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter voorbereiding van het/een misdrijf, te weten diefstal in vereniging voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld, op de openbare weg (artikel 312 Wetboek van Strafrecht) en/of afpersing in vereniging door geweld en/of bedreiging met geweld, op de openbare weg (artikel 317 Wetboek van Strafrecht), in elk geval van een misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld, met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen, opzettelijk voorwerpen en/of stoffen, kennelijk bestemd tot het (in vereniging) begaan van dat misdrijf, te weten- een of meer (automatische) vuurwapen(s) en/of een of meer nabootsing(en) van een vuurwapen en/of- politiekleding (waaronder een of meer politiejassen en/of politievesten) en/of- een politiestopbord/-stoptransparant en/of- een of meer voertuig(en)heeft verworven en/of vervaardigd en/of ingevoerd en/of voorhanden heeft gehad;
feit 3 hij op tijdstippen in de periode van 01 januari 2021 tot en met februari 2021 te Zwolle en/of, althans elders in Nederland zonder erkenning (telkens) heeft onderhandeld over de levering van wapens van categorie II en/of III, immers heeftverdachte (telkens) - afbeeldingen van vuurwapens naar een of meer personen verzonden en/of van een of meer personen ontvangen en (vervolgens)- contact gehad/afspraken gemaakt over de beschikbaarheid en levering/het ter beschikking stellen van deze wapens, terwijl hij, verdachte daarvan een beroep of een gewoonte heeft gemaakt;
en/of hij in of omstreeks de periode van 01 januari 2021 tot en met februari 2021 te Zwolle, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, een of meer (vuur)wapen(s), van categorie II en/of categorie III voorhanden heeft gehad, te weten een of meer Glock(s) en/of een of meer Skorpion(s) en/of een AK47;
en/of hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2021 tot en met februari 2021 te Zwolle, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, een of meer wapens van categorie I onder 7°, zijnde (een) voorwerp(en) dat/die voor wat betreft zijn/hun vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertoonde(n) met een vuurwapen, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen;
feit 4 hij op een of meer tijdstippen in de periode van 01 januari 2021 tot en met februari 2021 te Zwolle, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, goederen, te weten politiekleding (waaronder een of meer politiejassen en/of politievesten), heeft verworven, voorhanden gehad en overgedragen, terwijl hij en/of zijn mededader(s) ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van voornoemde goederen wist(en) dat het door misdrijf verkregen goederen betroffen.
3. De bewijsmotivering
Inleiding
In 2020 werd gestart met een strafrechtelijk onderzoek naar cryptocommunicatie aanbieder Sky-ECC (onderzoek Argus). Dit onderzoek heeft onder meer tot doel om de criminele samenwerkingsverbanden die gebruikmaken van cryptotelefoons van Sky-ECC in beeld te brengen door het identificeren van de gebruikers van Sky-accounts.
Uit de bevindingen in onderzoek Argus is het vermoeden ontstaan dat de gebruiker van het Sky-ECC account [accountnaam 1] in het bezit is of is geweest van politiekleding, -uitrusting en vuurwapens. Naar aanleiding daarvan is onderzoek Bentley opgestart. De zaak tegen verdachte vloeit voort uit dit onderzoek.
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de feiten 1 tot en met 4 wettig en overtuigend bewezen kunnen worden verklaard.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft integrale vrijspraak bepleit. Op het verweer van de verdediging zal hierna, voor zover van belang, worden ingegaan.
Het oordeel van de rechtbank.
Gebruiker van Sky-ID [accountnaam 1]
De rechtbank moet allereest de vraag beantwoorden of verdachte kan worden geïdentificeerd als gebruiker van Sky-ID [accountnaam 1].
Uit het onderzoek naar Sky-ID [accountnaam 1] volgt dat dit account is gekoppeld aan het IMSI-nummer [nummer 1]. Door middel van onderzoek met een IMSI-catcher is vastgesteld dat het IMSI-nummer van gebruiker [accountnaam 1] is gekoppeld aan een telefoontoestel met het IMEI-nummer [nummer 2] en dat dit toestel zich bevond op de [adres]. Op dit adres stond destijds verdachte met zijn gezin ingeschreven. Uit de printertapgegevens van voornoemd IMEI-nummer volgt dat de telefoon in de periode van 14 januari 2021 tot en met 3 maart 2021 44 nachten aanstraalde op de zendmasten in de wijk Holtenbroek in Zwolle. Het dekkingsgebied van deze masten omvat het woonadres van verdachte.
Uit een chatbericht van Sky-ID [accountnaam 1] naar Sky-ID [accountnaam 2] op 17 februari 2021 komt naar voren dat de gebruiker [accountnaam 1] stelt dat hij geen goede stashplek heeft voor de politiekleding, -uitrusting en vuurwapens en dat hij het in zijn bakwagen kan gooien. Uit de onderzoeksbevindingen van de politie blijkt dat verdachte van 15 april 2020 tot en met
11 augustus 2021 een Renault Master op zijn naam had staan en dat dit een voertuig met een gesloten opbouw betrof. Deze bakwagen werd niet in de buurt van de woning van verdachte wordt aangetroffen. Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij inderdaad in het bezit was van een bakwagen van het merk Renault en dat hij deze in het winkelcentrum parkeerde, omdat het voertuig te groot is om destijds in zijn woonwijk neer te zetten.
Verder volgt uit hetzelfde chatgesprek op 17 februari 2021 dat Sky-ID [accountnaam 1] tegen Sky-ID [accountnaam 2] zegt dat hij in de ochtend de “kids” heeft en dat hij oppas zal moeten regelen. Uit de Gemeentelijke Basisadministratie blijkt dat verdachte twee kinderen heeft.
Ook blijkt uit een chatbericht van Sky-ID [accountnaam 1] naar Sky-ID [accountnaam 2] op 24 februari 2021 dat zij spreken over een buurjongetje wiens iPad en telefoon in beslag zijn genomen en nog niet zijn teruggegeven en dat hij binnenkort jarig is. Uit de politiesystemen volgt dat in een ander strafrechtelijk onderzoek de woning van de buurman van verdachte,
[naam], is doorzocht. Er zijn toen onder meer een iPad en meerdere telefoons in beslaggenomen. Ook blijkt de zoon van deze buurman jarig te zijn op 2 maart.
Tot slot volgt uit een chatbericht van Sky-ID [accountnaam 1] naar Sky-ID [accountnaam 2] op 27 februari 2021 dat de gebruiker [accountnaam 1] om hulp vraagt bij het isoleren van een zolder en slaapkamer. Uit de gegevens van de Kamer van Koophandel en de ter terechtzitting afgelegde verklaring van verdachte blijkt dat hij een eigen bedrijf heeft in vloerverwarming en isolatie en dat hij hiervoor anderen inhuurt om te helpen bij zijn klussen.
Op basis van alle bovenstaande omstandigheden in onderling verband en in samenhang bezien, stelt de rechtbank vast dat verdachte de gebruiker is van het Sky-ECC account [accountnaam 1]. De rechtbank zal de gebruiker van deze Sky-ID daarom hierna aanduiden als verdachte.
Voorwaardelijk verzoek getuigenverhoren
De raadsman heeft, indien verdachte wordt aangemerkt als de gebruiker van Sky-ID [accountnaam 1], verzocht om [naam], Sky-ID [accountnaam 2] en Sky-ID [accountnaam 3] als getuigen te horen. [naam] zou de vraag kunnen beantwoorden of in de periode na zijn aanhouding een iPad en/of telefoon voor zijn zoon is/zijn gekocht (door verdachte). De gebruikers van de genoemde Sky-ID’s zouden de vraag kunnen beantwoorden of de chats waarnaar wordt verwezen inderdaad met verdachte waren.
De rechtbank stelt vast dat [naam] geen belastende verklaring heeft afgelegd. De zogenoemde Keskin-jurisprudentie is op dit verzoek dan ook niet van toepassing. Verder stelt zij vast dat uit de chatberichten van 24 februari 2021 volgt dat verdachte een voorstel doet tot het kopen van een cadeau voor de buurjongen, maar dat daar niet uit blijkt of er daadwerkelijk een cadeau is gekocht en is gegeven. De rechtbank ziet daarom geen relevantie en noodzaak in het horen van deze getuige. De rechtbank wijst het verzoek tot het horen van getuige [naam] af.
Ten aanzien van Sky-ID [accountnaam 2] en [accountnaam 3] overweegt de rechtbank dat het horen van deze getuigen al eerder is afgewezen, omdat deze verzoeken onvoldoende gemotiveerd waren. De raadsman stelt eerst bij pleidooi dat de gebruikers van deze Sky-accounts bevraagd kunnen worden of zij met verdachte als gebruiker van Sky-ID [accountnaam 1] aan het chatten waren. Gezien het tijdstip waarop het herhaalde verzoek is gedaan, beoordeelt de rechtbank het verzoek aan de hand van het noodzaakcriterium. Allereest stelt de rechtbank vast dat Sky-ID [accountnaam 2] en [accountnaam 3] geen Keskin-getuigen zijn en de jurisprudentie daaromtrent niet van toepassing is. Nog los van het feit dat de identiteit van deze getuigen uit het dossier niet blijkt, is de rechtbank van oordeel dat zij met het dossier en het verhandelde ter terechtzitting voldoende is ingelicht en ziet zij in de motivering van de verdediging geen noodzaak tot het horen van deze getuigen. De rechtbank wijst de verzoeken tot het horen van de gebruikers van Sky-ID [accountnaam 2] en [accountnaam 3] daarom af.
Bewijsminimum
De rechtbank dient vervolgens bij de beoordeling van de tenlastelegging de vraag te beantwoorden of in deze zaak is voldaan aan het wettelijk bewijsminimum. De verdediging heeft bepleit dat hieraan niet is voldaan, omdat het belastend bewijs alleen zou bestaan uit Sky-ECC chatgesprekken en die chatgesprekken allemaal uit dezelfde bron komen. De rechtbank volgt de verdediging hierin niet. Zij overweegt daarover het volgende.
De Sky-ECC chatberichten moeten naar het oordeel van de rechtbank worden aangemerkt als schriftelijke bescheiden, meer in het bijzonder als andere geschriften die voor het bewijs kunnen worden gebruikt in verband met de inhoud van andere bewijsmiddelen in de zin van artikel 344, eerste lid, onder 5 van het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv). Dit betekent dat als de bewezenverklaring enkel op Sky-ECC berichten zou steunen, dat niet zou betekenen dat het bewijsminimum is geschonden, nu het bewijsmiddel waar het ene ‘ander geschrift’ (een Sky-bericht) steun in vindt, een tweede ‘ander geschrift’ (een ander Sky-bericht) mag zijn.
In dit verband acht de rechtbank van belang dat het dossier meerdere gesprekken bevat die verdachte met verschillende Sky-ECC gebruikers heeft gevoerd. Verder komt ook betekenis toe aan het feit dat verdachte aan Sky-ECC gebruikers diverse afbeeldingen heeft verzonden die de inhoud van de chatgesprekken ondersteunen. Tezamen brengt dit de rechtbank tot het oordeel dat is voldaan aan het wettelijk bewijsminimum.
Bewijswaarde van chatgesprekken in het algemeen
Voor de beoordeling van de tenlastelegging is vervolgens van belang welke bewijswaarde toegekend kan worden aan de door verdachte gevoerde chatgesprekken. Over de waardering, interpretatie en uitleg daarvan als bewijsmiddel overweegt de rechtbank in algemene zin het volgende.
De rechtbank heeft, ter waarborging van de juistheid van de interpretatie en de uitleg van de door verdachte gevoerde chatgespreken, de nodige behoedzaamheid in acht genomen om het risico te ondervangen dat aan die gesprekken een verkeerde uitleg wordt gegeven. Met name bij de belastende uitleg van chatgesprekken moet ter waarborging van de deugdelijkheid van de beslissing over het bewijs kunnen worden geconcludeerd dat de inhoud van de chatgesprekken redelijkerwijs niet voor een andere uitleg vatbaar is dan die belastende uitleg. Bij de beoordeling van de vraag of daarvan sprake is, kan betekenis toekomen aan onder andere de aard en inhoud van de chatgesprekken, de betekenis van bepaalde gebruikte (versluierde) bewoordingen, de context waarin gesprekken hebben plaatsgevonden en het verband met eventueel ander bewijsmateriaal. Dat andere bewijs kan, zoals hierboven al is beschreven, ook bestaan uit andere chatgesprekken. Bij de beoordeling van de vraag of de chatgesprekken niet voor een andere uitleg vatbaar zijn dan die belastende uitleg, kan verder ook betekenis toekomen aan de vraag of verdachte, als gespreksdeelnemer aan die gesprekken, een plausibele uitleg bij de chatgesprekken heeft gegeven en, zo ja, eventueel ook in welk stadium van het geding hij dat heeft gedaan.
De rechtbank is, de hiervoor bedoelde behoedzaamheid in acht nemend, van oordeel dat de inhoud van de voor het bewijs gebruikte chatgesprekken van verdachte met Sky-ECC account [accountnaam 1] redelijkerwijs uitsluitend een voor de beoordeling van deze zaak belastende uitleg vatbaar is. De inhoud van deze chatgesprekken vindt naar het oordeel van de rechtbank over en weer bevestiging in elkaar en wordt ook versterkt door de afbeeldingen die verdachte via zijn account heeft verzonden.
De ten laste gelegde feiten
De rechtbank zal met het oog op de overzichtelijkheid van het vonnis eerst het onder feiten 3 en 4 ten laste gelegde bespreken. Daarna zal zij ingaan op het onder feiten 1 en 2 ten laste gelegde.
3.4.5.1. Feit 3: onderhandelen over levering wapens van categorie II en III, dan wel het bezit van vuurwapens, alsmede het bezit van een aantal op vuurwapen gelijkende voorwerpen.
De politie heeft op basis van de chatgesprekken en afbeeldingen vastgesteld dat verdachte in het bezit is geweest van meerdere vuurwapens. Verdachte heeft op 16 januari 2021 een afbeelding van twee vuurwapens (Glocks) gestuurd naar Sky-ID [accountnaam 4]. Op 1 februari 2021 heeft verdachte een afbeelding van een automatisch vuurwapen (AK47) met een magazijn en munitie naar hetzelfde Sky-account gestuurd.
Op 12 januari 2021 heeft verdachte een chatgesprek met Sky-ID [accountnaam 3] waarin verdachte onder andere het volgende bericht stuurt.
16:57:54 Laat ze even checke wat voor glocks want had geen tijd om open te maken.
15:58:40 Ja 1 glock 19
Op 16 januari 2021 (door de politie per abuis vermeld onder 16 februari 2021) heeft verdachte een chatgesprek met Sky-ID [accountnaam 4] waarin onder andere de volgende berichten door verdachte worden verstuurd. Verdachte spreekt in de chat over het woord ‘pipa’ dit betreft straattaal voor een pistool. Een Glock is een pistoolmerk en een Scorpion is een (semi-)automatisch vuurwapen.
10:40:15 Ik leg die pipa even bij die neger neer.
(…)
10:45:32 Ja die pipa blijven toch
10:54:04 1 glock en scorpions is terug.
10:58:36 O nee alleen glock
(…)
11:01:57 Ja 2 glocks 1 stopbord.
(…)
12:20:15 Is er binnenkort nog wat werk dan of rustig.
Op 20 januari 2021 (door de politie per abuis vermeld onder 20 februari 2021) heeft verdachte een chatgesprek met Sky-ID [accountnaam 4] waarin hij onder andere de volgende berichten stuurt.
09:35:26 Moet die scorpion weer na [alias 1] toe?
09:48:45 Die pipas zijn allemaal terug.
09:49:09 En die 3 tassen met kleren ook maar ik heb er niet ingekeken.
09:50:10 2 glocks 2 ak en scorpion.
09:51:01 Nu bij neger thuis.
09:51:05 En die kleren ook.
09:51:17 Ik heb ze gister schoongemaakt en weer ingepakt.
(…)
09:52:34 Heb ik in die koffer gedaan.
09:54:15 Moet ik die scorpion bij me houden?
Op 14 en 15 februari 2021 heeft verdachte met Sky-ID [accountnaam 2] uitgebreid gesproken over ‘Walthers’. Walther betreft een Duits merk van vuurwapens. Verdachte stuurt onder andere de volgende berichten.
14 februari 2021
18:00:02 Vandaag was er een Duitser die kon die walthers ook regelen.
18:00:43 Kan ze gewoon legaal kopen en dan ombouwen met andere loop.
18:03:24 Nee niet voor handel.
(…)
18:04:16 Beetje mee sjoemelen.
18:04:32 Heb je hem voor 1 kop klaar.
15 februari 2021
13:22:17 Luister dan er komt zo iemand voor die walthers kijken.
(…)
13:23:29 Ja maar hij weet dat ze nep zijn.
13:24:34 Worden bodemprijzen wat die gaat bieden denk ik.
(…)
13:50:23 Die [alias 2] willen 1000 per stuk geven.
(…)
13:54:23 Dus 4500.
13:54:06 1500 s.
(…)
14:05:06 Heb je stash.l voor die dingen toevallig.
14:08:43 Dan gooi ik s van de week onder dr grond.
14:10:55 Ik had ze nog 1500 gevraagd maar wouden ze niet.
Op 3 maart 2021 heeft verdachte een chatgesprek met Sky-ID [accountnaam 5] waarin [accountnaam 5] onder meer aan verdachte stuurt.
10:36:47 Welke glocks hebben we liggen?
10:37:25 Een glock 26
Bewijsoverweging
De raadsman heeft bepleit dat de afbeeldingen van de wapens niet gespecifieerd zijn op datum en daardoor dus niet is vast te stellen dat deze in de tenlastegelegde periode zijn gemaakt. Zonder deze foto’s is slechts op basis van de tekst niet vast te stellen of de wapens echt zijn en in een categorie van de Wet wapens en munitie vallen.
De rechtbank overweegt als volgt.
De rechtbank stelt vast dat de chatberichten en de foto’s over de vuurwapens binnen de tenlastegelegde periode door verdachte zijn verstuurd. Door het sturen van foto’s van deze goederen in combinatie met het overleggen over prijzen en/of het leveren daarvan, is de rechtbank van oordeel dat kan worden aangenomen dat verdachte deze wapens ook daadwerkelijk voorhanden heeft gehad in de tenlastegelegde periode. Door verdachte wordt ook specifiek gechat dat hij een ‘pipa’ ergens neerlegt, dat hij ze (Glocks, AK’s en Scorpions) heeft schoongemaakt en ingepakt en dat iemand voor de Whalters komt kijken.
Uit de inhoud en context van de chatgesprekken in combinatie met de beschrijving door de politie in onderlinge samenhang bezien, kan naar het oordeel van de rechtbank worden vastgesteld dat de Glocks, Scorpions en AK47 waarover wordt gesproken echte wapens waren. Uit de gesprekken omtrent de Walthers wordt expliciet benoemd dat het om nep wapens ging. In de gesprekken betreffende de overige vuurwapens is geen enkele aanwijzing dat het daar ook om nepwapens zou gaan. Integendeel, de opmerking van verdachte dat alle pipas weer terug zouden zijn en dat hij deze inmiddels weer schoon heeft gemaakt en weer heeft inpakt, duidt op het voorhanden hebben van echte wapens. De rechtbank is daarom van oordeel dat de Glocks, Scorpion en AK47 die verdachte in de berichten aanbiedt echte vuurwapens betreffen en dat het bij de genoemde Walthers gaat om nep vuurwapens die wat betreft vorm en afmetingen sprekende gelijkenissen vertonen met een vuurwapen.
Uit artikel 2, eerste lid, van de Wet wapens en munitie volgt de onderverdeling van de categorieën van wapens. Onder categorie I, sub 7°, valt een voorwerp dat zodanig op een wapen lijkt dat het voor bedreiging of afdreiging geschikt is. Voornoemde Walther is een nepvuurwapen dat, zoals eerder overwogen, sprekende gelijkenissen vertoont met een vuurwapen en valt daarom in voornoemde categorie. Onder categorie II, sub 2°, vallen vuurwapens die geschikt zijn om automatisch te vuren. Uit het dossier volgt dat de Scorpions en AK-47 automatische vuurwapens betreffen en zodoende in deze categorie toebehoren. Categorie III, sub 1°, omvat vuurwapens in de vorm van geweren, revolvers en pistolen, voor zover zij niet vallen onder categorie II, sub 2°, 3° of 6°. Tot deze categorie kan de Glock worden ingeschaald, nu dit een pistool betreft en niet voldoet aan de kenmerken in de genoemde subcategorieën.
Gelet op het voorgaande, stelt de rechtbank vast dat verdachte meerdere wapens uit categorie I (Walthers), categorie II (Scorpions en AK47) en categorie III (Glocks) voorhanden heeft gehad. Op grond van de chatgesprekken die verdachte heeft gevoerd, kan naar het oordeel van de rechtbank worden vastgesteld dat hij in deze periode onder meer heeft onderhandeld over de levering van vuurwapens van categorie II en III. Dat deed verdachte zonder dat hem daartoe erkenning was verleend. Voorts acht de rechtbank ook bewezen dat verdachte van het verhandelen van wapens een beroep of gewoonte heeft gemaakt. Uit de chatberichten is af te leiden dat verdachte meermaals de wapens heeft geleverd, vervolgens heeft terugontvangen en schoongemaakt en dat hij bovendien aan Sky-ID [accountnaam 4] vraagt of er binnenkort een nieuwe klus is.
Medeplegen
Voor een nauwe en bewuste samenwerking met anderen voor het wapenbezit, is onvoldoende wettig en overtuigend bewijs. De rechtbank zal verdachte daarom voor dit onderdeel vrijspreken.
Conclusie
De rechtbank is van oordeel dat wettig en overtuigend bewezen is dat verdachte het tenlastegelegde onder feit 3 heeft begaan.
3.4.5.2. Feit 4: heling van politiekleding
De politie heeft op basis van de chatgesprekken en afbeeldingen vastgesteld dat verdachte in het bezit is geweest van politiekleding (uniformen) en overige politie-uitrusting. Zo blijkt uit chats en een afbeelding die verdachte op 16 januari 2021 naar Sky-ID [accountnaam 4] heeft gestuurd dat hij de beschikking heeft over meerdere politiekleding, een -koppel en een -stoptekenbord. Uit chats op 20 en 22 januari 2021 en drie afbeeldingen verstuurd op
22 januari 2021 blijkt dat verdachte meerdere soorten politiejassen, -kleding, -handschoenen en veiligheidsvesten in zijn bezit heeft.
Op 16 januari 2021 heeft verdachte een chatgesprek met Sky-ID [accountnaam 4] waarin onder andere de volgende berichten door verdachte worden verstuurd.
10:24:43 Waar moeten die kleren naar toe dan.
(…)
10:40:16 Dan haal ik ze vanavond met de fiets op.
10:42:53 En die kleren laat ik in de waggy.
10:42:54 Maar alles is in die Audi.
(…)
10:54:04 1 glock en scorpions is terug.
10:58:36 O nee alleen glock.
10:58:39 En kleren.
10:59:09 Allebei.
11:01:57 Ja 2 glocks en 1 stopbord.
11:02:10 1 vest en een riem.
Op 20 januari 2021 heeft verdachte een chatgesprek met Sky-ID [accountnaam 4] waarin onder andere de volgende berichten door verdachte worden verstuurd.
09:48:45 Die pipas zijn allemaal terug.
09:49:09 En die 3 tassen met kleren ook maar ik heb er niet ingekeken.
09:50:22 2 glocks 2 ak en scorpion.
09:51:01 Nu bij neger thuis.
09:51:05 En die kleren ook.
09:51:17 Ik heb ze gister schoongemaakt en weer ingepakt.
(…)
09:52:34 Heb ik in die koffer gedaan.
Op 22 januari 2021 heeft verdachte een chatgesprek met Sky-ID [accountnaam 4] waarin onder andere door verdachte de volgende berichten worden verstuurd.
15:02:22 3x Blauwe popo jas
6x gele dikke jas
2x vest
1x gele vest niet kogelvrij
1x riem etc
1x luxe blauwe jas met speldjes
4x polo
3x normale blauwe popo jas. En nog
paar zwarte T-shirtjes.
15:02:33 Staan niet echt maten in.
15:02:49 Alleen maat 57 enzo weet niet wat dat is.
15:03:23 Nog foto maken.
15:03:59 *Verdachte verstuurd een foto van de politiekleding*
15:04:10 *Verdachte verstuurd een foto van de politiekleding*
15:04:15 *Verdachte verstuurd een foto van de politiekleding*
Op 15 en 16 februari 2021 heeft verdachte een chatgesprek met Sky-ID [accountnaam 4] waarin onder andere door verdachte de volgende berichten worden verstuurd.
15 februari 2021
17:43:51 Er lag daar niks meer.
17:43:51 Maar weet bijna zeker dat niks meer bij stash ligt.
(…)
15:16:41 Ik ga nog keertje alles uitkammen.
(…)
15:18:39 Ik had je vorige keer foto ervan gestuurd toch.
15:20:23 1000 procent is hier niet.
(…)
15:35:02 Ik ga na huis even in me kofferbak kijken of die uit de tas is gevallen ofzo.
15:50:52 Laat die Turk die die koffers heeft opgehaald ook in ze waggy kijken.
16 februari 2021
18:18:53 Hebben ze dat bordje al gevonden bro.
18:19:44 Hahah bro je gaat me nog keee hart aanval geven.
18:20:23 Ik begon al aan mezelf te twijfelen.
Op 15 en 17 februari 2021 heeft verdachte een chatgesprek met Sky-ID [accountnaam 2] waarin wordt gesproken over het politiestopbord en de politiekleding. Verdachte heeft de volgende berichten verstuurd.
15 februari 2021
18:13:19 Zit die stopteken erin.
17 februari 2021
14:54:22 Jawel maar ik heb eigenlijk geen goeie stash ervoor of ik moet in me bakwagen gooien.
14:55:29 Wat doen die mensen met die kleren.
14:56:46 Bro die man heeft me laten zoeken na die kk stop bord.
14:56:59 Zat uiteindelijk gewoon in die tas.
(…)
16:21:55 Waar
16:24:06 18.00 is bij hun 18.40.
16:33:53 Kan die niet na HBx rijden.
16:43:24 Ik heb geen waggy man.
16:44:43 Dan moet ik op bike.
(…)
16:57:56 Oké laat je niffo op die parkeer plaats komen in hbx waar ik hem laatst zag.
16:58:51 Nee bij domino.
Bewijsoverweging
De raadsman heeft bepleit dat uit het dossier niet volgt of en uit welk misdrijf de politiekleding afkomstig is. Verder stelt hij zich op het standpunt dat niet is vast te stellen of verdachte de kleding voorhanden heeft gehad in Nederland.
De rechtbank overweegt als volgt.
Het is een feit van algemene bekendheid dat politiekleding en -uitrusting niet vrij op de markt te verkrijgen is. Politiekleding wordt door de Nationale Politie slechts uitgegeven aan geregistreerde politieambtenaren. Verdachte is geen geregistreerd politieambtenaar. Verder heeft hij geen verklaring af willen leggen over de herkomst van de politiekleding. Naast de politie-uniformen zijn ook andere politie-attributen en vuurwapens op verstuurde afbeeldingen van verdachte te zien. Naar het oordeel van de rechtbank kan het onder deze omstandigheden niet anders zijn dan dat de politiekleding en -uitrusting op illegale wijze is verkregen en moet verdachte dit geweten hebben op het moment van het voorhanden krijgen daarvan. Dat niet valt vast te stellen bij of uit welk misdrijf het goed is verkregen, doet daaraan niet af en is niet vereist voor een bewezenverklaring van opzetheling.
Verder overweegt de rechtbank dat op basis van de chatgesprekken met [accountnaam 2] is vast te stellen dat de goederen op 17 februari 2021 worden terug geleverd aan verdachte bij de Domino in Hbx f(de rechtbank begrijpt: de wijk Holtenbroek in Zwolle) en dat verdachte daar op zijn fiets naartoe gaat. De rechtbank acht het daarom aannemelijk dat verdachte de goederen in Zwolle voorhanden heeft gehad.
Medeplegen
Voor een nauwe en bewuste samenwerking met anderen is onvoldoende wettig en overtuigend bewijs. De rechtbank zal verdachte daarom voor dit onderdeel vrijspreken.
Conclusie
De rechtbank is van oordeel dat wettig en overtuigend bewezen is dat verdachte het tenlastegelegde onder feit 4 heeft begaan.
3.4.5.3. Feiten 1 en 2: Voorbereidingshandelingen van diefstal met geweld en/of afpersing in januari en februari 2021.
Januari 2021
Uit meerdere groepsgesprekken van Sky-ID [accountnaam 4], waarvan verdachte zelf geen deelnemer is geweest, blijkt dat tussen 12 januari en 15 januari 2021 door meerdere personen wordt uitgekeken naar een container met nummer [nummer 3] en zegelnummer [nummer 4]. Op 15 januari 2021 rond 16:03 uur blijkt deze container buiten te staan. De container wordt in de gaten gehouden en er blijken meerdere voertuigen klaar te staan in een loods om in actie te komen als de container gaat verplaatsen. In de berichten is te lezen dat men beschikt over politiekleding en -uitrusting zoals een stopbord en vuurwapens. Er wordt gesproken over de chauffeur van de vrachtwagen klemrijden en meenemen naar een rustige plek waar de lading overgeladen kan worden. Op vrijdag 15 januari 2021 werd rond 18:30 uur een container bestemd voor [bedrijf 1] B.V. te Dalfsen met containernummer [nummer 3] en zegelnummer [nummer 4] afgeleverd door [bedrijf 2] bij het bedrijf [bedrijf 3]. In deze container werd gezaagd cloeziana hout vervoerd. Bij het lossen van de container door medewerkers van CTO werden pakketten aangetroffen met blokken cocaïne. De totale hoeveelheid cocaïne was 750 kilo, dit werd inbeslaggenomen en vernietigd.
Op 12 januari 2021 heeft verdachte contact met Sky-ID [accountnaam 4]. Verdachte verstuurt de volgende berichten.
12 januari 2021
21:59:57 Yoo
21:59:57 Lag al op bed
21:59:57 Wazzup
(…)
22:04:28 Nee. Ik ga ze waggy even lenen.
(…)
22:24:19 Kan je geen foto van dat gebied sturen. Heb geen Tom Tom weet wel beetje de weg daar.
(…)
22:43:00 Denk je niet dat ik beter morgen vroeg half 8 ofzo kan gaan.
22:43:27 Tis midden in de bossen heb ik beetje gekeken.
(…)
22:47:09 Ik ga langs die kampte
23:28:08 Dalfsen
23:28:41 *Verdachte verstuurd een foto van het terrein*
23:28:46 Zit een groot hek voor
23:29:13 Zit 1 bedrijf alleen
23:29:28 [bedrijf 1]
23:30:51 *Verdachte verstuurd een foto van het terrein*
(…)
20:31:47 Die loods is te ver van het hek
23:31:59 *Verdachte verstuurd een foto van het terrein*
23:32:14 *Verdachte verstuurd een foto van het terrein*
23:33:22 Ze laden buiten denk ik
23:34:36 *Verdachte verstuurd een foto van het terrein*
23:35:47 Die terrein is kk groot
23:37:43 *Verdachte verstuurd een foto van het terrein*
23:38:37 Dat is die hele pad van de weg naar het hek.
23:38:37 Is ma 30 meter dat pad
(…)
23:40:13 Alleen veel hout.
23:40:25 Maar achteraan staan nog een paar loodsen.
(…)
23:41:20 Is wel echt groot bedrijfp.
23:41:49 Is net zo groot als hbx.
23:42:41 Denk dat ze beter chauffeur kunnen klem rijden.
23:42:44 Want hier ga je zoeken.
(…)
23:52:17 Ik ga nu na osso en dan morgen overdag rij ik keer er om heen.
(…)
23:52:18 Kijk ergens op internet
23:52:18 Op die maps
23:52:18 Miss aan de achterkant sneaky ingang ofso
23:52:18 Die vrachtwagen gaat sowieso wie dat weggetje naar dat bedrijf toe.
13 januari 2021
07:43:17 Ik rij nu die kant op.
08:08:06 *Verdachte verstuurd een foto van het terrein*
(…)
08:10:14 Is ma 1 ingang
08:11:52 Kan niet stoppen daarvoor de deur.
08:15:05 *Verdachte verstuurd een foto van het terrein*
08:15:09 *Verdachte verstuurd een foto van het terrein*
(…)
08:16:42 *Verdachte verstuurd een foto van het terrein*
08:17:27 *Verdachte verstuurd een foto van het terrein*
(…)
08:28:09 Miss staan die in een loods
08:28:23 Ik maak nog wel rondje kijk ik voor container
(…)
16:57:27 Als die boys wel het terrein opgaan moeten ze wel uitkijken dat die mensen dat hek niet dicht doen vanuit binnen. Want is een dik hek. Die rij je ook niet zomaar omver.
Opmerking verbalisant: In dit proces-verbaal heb ik alle tijdstippen omgerekend en weergegeven in de Nederlandse wintertijd (UTC+1) om een éénduidige tijdsweergave in dit proces-verbaal te krijgen.
Uit de historische verkeersgegevens van het IMSI/IMEI-nummer gekoppeld aan het Sky-ECC account van verdachte blijkt dat hij op dinsdag 12 januari 2021 om 23:57 uur op de mast in Zwolle aanstraalt en op woensdag 13 januari 2021 tussen 00:20 uur en 00:48 uur op de mast in Dalfsen aanstraalt. Op 13 januari 2021 straalt hij opnieuw om 09:12:47 uur aan op een mast in Dalfsen.
De directie van het bedrijf [bedrijf 1] verklaart dat zij de foto’s die door verdachte aan het Sky-ID [accountnaam 4] werden gestuurd, herkent als de toegangsweg en het hek van het bedrijf. Verder bevestigt de directie dat zij een container met hout hebben besteld in Zuid-Afrika en dat deze met het containernummer [nummer 3] en zegelnummer [nummer 4] naar Nederland is vervoerd.
Op 16 januari 2021 heeft verdachte contact met Sky-ID [accountnaam 4]. Verdachte verstuurt de volgende berichten.
10:54:04 1 glock en scorpions is terug
10:58:36 O nee alleen glock
10:58:39 En kleren
10:59:09 Allebei
(…)
11:01:44 En schaar
11:01:57 Ja 2 glocks en stopbord
11:02:10 1 vest en een riem
(…)
11:51:23 Moet ik die kop die ik heb gegeven bij kleine declareren.
11:58:24 Die kamper 5 Barbie en die gast in die polo.
(…)
12:20:15 Is er binnenkort nog wat werk dan of rustig.
Verdachte spreekt in de chat over het woord ‘kop’ dit betreft straattaal voor een 1000 euro. Verder spreekt hij over ‘Barbie’, waarmee vermoedelijk ‘Barkie' wordt bedoeld en straattaal is voor 100 euro.
Op 20 januari 2021 heeft verdachte contact met Sky-ID [accountnaam 4]. Verdachte verstuurt de volgende berichten.
09:48:45 Die pipas zijn allemaal terug.
09:49:09 En die 3 tassen met kleren ook maar ik heb er niet ingekeken.
(…)
09:50:22 2 glock 2 ak en scorpion
09:51:17 Ik heb ze gister schoongemaakt en weer ingepakt.
(…)
09:51:17 In koffers.
Februari 2021
Uit meerdere groepsgesprekken van Sky-ID [accountnaam 4], waaraan verdachte zelf niet deelnam, tussen 15 februari en 17 januari 2021 is op te maken dat Sky-ID [accountnaam 4] en/of [accountnaam 2] politiekleding, -uitrusting en vuurwapens willen gebruiken om een vrachtwagen met container, een stopteken te kunnen geven. Vervolgens zou de vrachtwagenchauffeur geld aangeboden worden om hem mee te laten werken en anders zou hij geboeid worden. Uit de chats blijkt dat de deelnemers aan deze groepsgesprekken zich op 16 en 17 februari 2021 ophouden in de omgeving van de Rotterdams haven, alwaar ze in afwachting zijn van het vertrek van de betreffende container. Uiteindelijk wordt er een bericht gedeeld in een van de groepsgesprekken waarin is te lezen dat er 1329 kilo cocaïne is onderschept in de Rotterdamse haven, afkomstig uit een container uit Brazilië met koffiebonen. Vervolgens wordt de actie afgebroken en wordt er opdracht gegeven om de politiekleding, -uitrusting en vuurwapens weer op te laten halen.
Op 15 februari 2021 vindt er een chatgesprek plaats tussen Sky-ID [accountnaam 4] en Sky-ID [accountnaam 2]. De volgende berichten worden verstuurd. In de chatberichten wordt gesproken over [alias 4] en dit blijkt een gebruikersnaam te zijn van het account van verdachte.
11:40:36 [accountnaam 4] Heb denk ik die popo pakken nodif zo.
11:40:42 [accountnaam 4] Bij wie liggen die.
11:41:01 [accountnaam 2] Helft bij [alias 3].
11:41:08 [accountnaam 2] En andere helft bij [alias 4].
(…)
17:42:28 [accountnaam 2] Waar zaten die stopborden dan?
17:42:40 [accountnaam 4] Die zit in die tas.
Op dezelfde dag heeft verdachte een chatgesprek met Sky-ID [accountnaam 4]. Verdachte stuurt de volgende berichten.
11:47:45 Ik heb 1 tas en hij 1.
11:48:17 Wat heb je nodig.
11:48:44 Oke.
11:48:48 Hoelaat.
(…)
17:42:26 Die zit erin.
17:42:35 Of in die andere koffer.
17:43:51 Anders moet ik nog keer kijken zo.
17:43:51 Er lag daar niks meer.
17:43:51 Maar weet bijna zeker dat niks meer bij stash ligt.
Op 16 februari 2021 vindt er een chatgesprek plaats tussen Sky-ID [accountnaam 4] en [accountnaam 2]. De volgende berichten worden verstuurd.
15:02:35 [accountnaam 4] Bro misschien zijn we stopbord vergeten.
15:02:44 [accountnaam 4] [alias 4] gaat nu kijkne
(…)
15:03:02 [accountnaam 2] Hij zei gister nog zit in die tas
15:03:05 [accountnaam 2] [alias 4]
Op dezelfde dag heeft verdachte een chatgesprek met Sky-ID [accountnaam 4]. Verdachte stuurt de volgende berichten.
15:15:01 Bro laat ze nog een heel goed kijken.
15:15:01 Hier is echt niks.
15:16:41 Ik ga nog keertje alles uitkammen.
(…)
15:20:23 1000 procent is hier niet.
(…)
15:35:02 Ik ga na huis even in kofferbak kijken of die uit de tas is gevallen ofso.
15:50:52 Laat die Turk die die koffers heeft opgehaald ook in ze waggy kijken.
15:51:38 Ligt ook niet in me kofferbak.
(…)
18:18:53 Hadden ze dat bordje al gevonden bro.
18:19:44 Hahah bro je gaat me nog keee hart aanval geven.
18:20:23 Ik begon al aan mezelf te twijfelen.
Op 17 februari 2021 heeft verdachte een chatgesprek met Sky-ID [accountnaam 2] waarin verdachte de volgende berichten stuurt.
16:21:55 Waar
16:24:06 18.00 is bij hun 18.40.
16:33:53 Kan die niet na HBx rijden.
16:43:24 Ik heb geen waggy man.
16:44:43 Dan moet ik op bike.
(…)
16:57:56 Oké laat je niffo op die parkeer plaats komen in hbx waar ik hem laatst zag.
16:58:51 Nee bij domino.
Bewijsoverweging
Voor de beantwoording van de vraag of de ten laste gelegde voorbereidingshandelingen kunnen worden bewezen, moet komen vast te staan dat de in de tenlastelegging omschreven voorwerpen bestemd waren tot het begaan van de misdrijven, in dit geval diefstal met geweld en/of afpersing met geweld. Dat betekent dat dient te worden beoordeeld of de middelen, afzonderlijk dan wel gezamenlijk, naar hun uiterlijke verschijningsvorm ten tijde van het handelen van verdachte, dienstig konden zijn voor het misdadige doel dat verdachte en anderen met het gebruik daarvan voor ogen hadden.
De rechtbank stelt vast dat verdachte de beschikking had over een PGP telefoon en via de cryptodienst Sky-ECC gesprekken voerde met anderen over het ter beschikking stellen van politiekleding, -uitrusting en vuurwapens door verdachte. Daarnaast blijkt uit de chatberichten dat verdachte op 12 en 13 januari een voorverkenning heeft verricht bij het bedrijf [bedrijf 1] in Dalfsen en daarvan foto’s heeft gestuurd naar Sky-ID [accountnaam 4]. De rechtbank overweegt dat deze onderzoekbevindingen bevestiging vinden in de historische verkeersgegevens van de telefoon van verdachte. De tijdstippen komen met elkaar overeen (als ook de tijdstippen van de zendmastgegevens worden gecorrigeerd naar de wintertijd). Verdachte heeft de politiekleding, -uitrusting en vuurwapens in die periode geleverd aan Sky-ID [accountnaam 4] en later weer teruggekregen. Voorts stelt de rechtbank vast dat uit de inhoud en context van de chatgesprekken voldoende concreet blijkt dat er een plan was voor een gewelddadige diefstal en/of afpersing en dat verdachte hiervan wetenschap en opzet op had. Hij stuurt immers dat het beter is om de chauffeur klem te rijden en dat de boys moeten uitkijken voor het hek als ze het terrein op gaan. Naderhand vraagt verdachte zelf om een nieuwe klus bij Sky-ID [accountnaam 4].
In februari 2021, een korte tijd later, levert verdachte opnieuw dezelfde goederen uit aan Sky-ID [accountnaam 4]. Ook uit de inhoud en context van de groepsgesprekken in februari blijkt dat er sprake is van een concreet plan voor een gewelddadige diefstal en/of afpersing. Hoewel verdachte niet deelneemt aan die groepsgesprekken, is de rechtbank van oordeel dat het naar de uiterlijke verschijningsvorm, gelet op de rol, wetenschap en opzet van verdachte in januari 2021, in combinatie met de aard van de goederen, het verzoek om een nieuwe klus en het korte tijdsverloop tussen de leveringen, niet anders kan zijn dan dat verdachte ook in februari 2021 opzet had op het voorbereiden van een diefstal met geweld en/of afpersing.
Medeplegen
De rechtbank overweegt dat kan worden vastgesteld dat de voorbereidingshandelingen in vereniging zijn begaan. Er is daarbij sprake geweest van een voldoende nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en zijn mededaders, die in essentie bestond uit het leveren van noodzakelijke goederen ter voltooiing van het voorgenomen misdrijf.
Conclusie
De rechtbank is van oordeel dat wettig en overtuigend bewezen is dat verdachte het tenlastegelegde onder feiten 1 en 2 heeft begaan.
De bewezenverklaring
De rechtbank acht op grond van de opgegeven bewijsmiddelen waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de ten laste gelegde feiten heeft begaan, met dien verstande dat:
feit 1 hij in de periode van 12 januari 2021 tot en met 22 januari 2021 in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen, ter voorbereiding van een misdrijf, te weten diefstal in vereniging voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld, op de openbare weg (artikel 312 Wetboek van Strafrecht) of afpersing in vereniging, op de openbare weg (artikel 317 Wetboek van Strafrecht), opzettelijk voorwerpen, kennelijk bestemd tot het (in vereniging) begaan van dat misdrijf, te weten- (automatische) vuurwapen(s) en nabootsing(en) van een vuurwapen en - politiekleding (waaronder een of meer politiejassen en/of politievesten) en - een politiestopbord/-stoptransparant voorhanden heeft gehad;
feit 2 hij in de periode van 15 februari 2021 tot en met 17 februari 2021 in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen, ter voorbereiding van een misdrijf, te weten diefstal in vereniging voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld, op de openbare weg (artikel 312 Wetboek van Strafrecht) of afpersing in vereniging, op de openbare weg (artikel 317 Wetboek van Strafrecht), opzettelijk voorwerpen, kennelijk bestemd tot het (in vereniging) begaan van dat misdrijf, te weten- (automatische) vuurwapen(s) en nabootsing(en) van een vuurwapen en - politiekleding (waaronder een of meer politiejassen en/of politievesten) en - een politiestopbord/-stoptransparant voorhanden heeft gehad;
feit 3 hij op tijdstippen in de periode van 1 januari 2021 tot en met februari 2021 in Nederland, zonder erkenning (telkens) heeft onderhandeld over de levering van wapens van categorie II en III, immers heeft verdachte (telkens) - afbeeldingen van vuurwapens naar een of meer personen verzonden en (vervolgens)- contact gehad/afspraken gemaakt over de beschikbaarheid en levering/het ter beschikking stellen van deze wapens,
terwijl hij, verdachte daarvan een beroep of een gewoonte heeft gemaakt;
en hij in de periode van 1 januari 2021 tot en met februari 2021 in Nederland, vuurwapens van categorie II en categorie III voorhanden heeft gehad, te weten Glocks en Skorpions en een AK47;
en hij in de periode van 1 januari 2021 tot en met februari 2021 in Nederland, wapens van categorie I onder 7°, zijnde voorwerpen die voor wat betreft hun vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertoonden met een vuurwapen, voorhanden heeft gehad;
feit 4 hij op tijdstippen in de periode van 1 januari 2021 tot en met februari 2021 in Nederland, goederen, te weten politiekleding (waaronder een of meer politiejassen en/of politievesten), heeft voorhanden gehad en overgedragen, terwijl hij ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van voornoemde goederen wist dat het door misdrijf verkregen goederen betroffen.
De rechtbank acht niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd, zodat zij hem daarvan zal vrijspreken.
4. De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Het bewezenverklaarde is strafbaar gesteld in de artikelen 46 en 416 van het Wetboek van Strafrecht (Sr) en de artikelen 9, 13, 26 en 55 van de Wet wapens en munitie. Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Het bewezenverklaarde levert op:
feit 1, 2 (telkens):
het misdrijf: medeplegen van voorbereiding van diefstal met geweld, gepleegd door twee of meer verenigde personen en/of afpersing, gepleegd door twee of meer verenigde personen;
feit 3:
het misdrijf: handelen in strijd met artikel 9, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en van het verhandelen van wapens een beroep en gewoonte maken, strafbaar gesteld bij art. 55, vierde lid van de Wet wapens en munitie;
en
het misdrijf: handelen in strijd met artikel 26, eerste lid van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II en een vuurwapen van categorie III, strafbaar gesteld bij artikel 55, derde lid, onder a van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd;
en
het misdrijf: handelen in strijd met artikel 13, eerste lid van de Wet wapens en munitie, strafbaar gesteld bij artikel 55 lid 1 van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd;
feit 4:
het misdrijf: opzetheling.
5. De strafbaarheid van verdachte
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. De rechtbank oordeelt daarom dat verdachte strafbaar is voor de bewezenverklaarde feiten.
6. De op te leggen straf of maatregel
De vordering van de officier van justitie
De officier van justitie vordert aan verdachte een gevangenisstraf voor de duur van vier jaren op te leggen.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman verzoekt aan verdachte een voorwaardelijke gevangenisstraf van twaalf maanden op te leggen in combinatie met een werkstraf voor de duur van 120 uren per feit. Verder verzoekt de raadsman rekening te houden met de forse overschrijding van de redelijke termijn.
De gronden voor een straf of maatregel
Bij de strafoplegging houdt de rechtbank rekening met de aard en de ernst van de gepleegde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en de persoon van verdachte zoals die uit het dossier en tijdens de behandeling ter terechtzitting naar voren zijn gekomen. De rechtbank acht daarbij in het bijzonder het volgende van belang.
De aard en ernst van de strafbare feiten
Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan ernstige strafbare feiten. Verdachte heeft zich onder meer schuldig gemaakt aan de voorbereiding van gewelddadige diefstallen en/of afpersingen door voorverkenningen te verrichten en meermaals politiekleding, -uitrusting en vuurwapens te leveren aan derden, terwijl hij wist dat het de bedoeling was dat deze middelen zouden worden gebruikt bij gewelddadige strafbare feiten. De politiekleding,
-uitrusting en vuurwapens had hij voorhanden. Daar zaten zelfs automatische vuurwapens bij. Het ongecontroleerde bezit van vuurwapens brengt een onaanvaardbaar risico voor de veiligheid van personen met zich mee. Het feit dat binnen het criminele circuit misbruik wordt gemaakt van de herkenbare politiekleding en -uitrusting beschadigt het vertrouwen dat mensen aan het zien van personen in deze kleding moeten kunnen ontlenen. Het feit dat verdachte als onderhandelaar en leverancier van de politiekleding, -uitrusting en vuurwapens betrokken is geweest en hiermee een substantiële bijdrage heeft geleverd aan de voorbereiding van gewelddadige en gevaarzettende feiten, vindt de rechtbank zeer kwalijk. Verdachte heeft zich kennelijk laten leiden door eigen financieel gewin. Ook weegt de rechtbank ten nadele mee dat verdachte geen openheid van zaken heeft gegeven en geen verantwoordelijkheid neemt voor zijn handelen.
De persoon van verdachte
De rechtbank heeft acht geslagen op het strafblad van verdachte van 10 februari 2025. Hieruit blijkt dat verdachte niet eerder is veroordeeld voor soortgelijke strafbaar feiten. Dit betekent dat het strafblad in die zin niet strafverzwarend werkt.
De redelijke termijn
De rechtbank is van oordeel dat er rekening mee moet worden gehouden dat de redelijke termijn, zoals bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, is overschreden. Op 15 december 2021 is verdachte aangehouden en verhoord. Op dat moment is de redelijke termijn aangevangen, waarbinnen verdachte dient te worden berecht. Als uitgangspunt heeft te gelden dat de behandeling ter terechtzitting moet worden afgerond met een eindvonnis binnen twee jaren nadat de redelijke termijn is aangevangen, tenzij sprake is van bijzondere omstandigheden. Van bijzondere omstandigheden is in deze zaak niet gebleken. De datum van dit vonnis is 9 april 2026. Dat betekent dat de redelijke termijn is overschreden met twee jaar en drie maanden. De rechtbank is van oordeel dat deze overschrijding dient te leiden tot strafvermindering.
De op te leggen straf
De rechtbank acht de oplegging van een forse onvoorwaardelijke gevangenisstraf gerechtvaardigd, gelet op de aard en ernst van de feiten en het hoge gevaarzettende karakter daarvan.
Bij de op te leggen straf heeft de rechtbank gekeken naar de Landelijke Oriëntatiepunten voor de Straftoemeting (hierna: LOVS) voor een overval op een waardetransport, gezien de grote hoeveelheid cocaïne en de vertegenwoordigende straatwaarde daarvan. De bandbreedte voor een straf bij dit oriëntatiepunt ligt tussen de 30 maanden en vier jaar onvoorwaardelijke gevangenisstraf per feit. Daar komen de andere feiten, onderhandelen over levering vuurwapens en opzetheling, nog bij.
Nu de uitvoering van beide overvallen niet is voltooid en het voor verdachte bij voorbereiding is gebleven, is voor die feiten een lager strafmaximum van toepassing. Dit vertaalt zich ook in de toepassing van het voornoemde uitgangspunt uit de LOVS.
De rechtbank acht, het hiervoor overwogene in aanmerking genomen, voor de bewezenverklaarde feiten een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 3,5 jaar passend en geboden. Gelet op het tijdsverloop ziet de rechtbank aanleiding om de (forse) overschrijding van de redelijke termijn te compenseren door de gevangenisstraf met het maximum van zes maanden te verminderen, zodat zij een gevangenisstraf van 3 jaren zal opleggen.
Tenuitvoerlegging van de op te leggen gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat aan verdachte voorwaardelijke invrijheidstelling wordt verleend als bedoeld in artikel 6:2:10 van het Wetboek van Strafvordering.
7. De toegepaste wettelijke voorschriften
De hierna te nemen beslissing berust op de hiervoor genoemde wetsartikelen. Daarnaast berust deze beslissing op de artikelen 47 en 57.
8. De beslissing
De rechtbank:
bewezenverklaring
- verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;
- verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd en spreekt hem daarvan vrij;
strafbaarheid feiten
- verklaart het bewezen verklaarde strafbaar;
- verklaart dat het bewezen verklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:
feit 1, 2 (telkens):
het misdrijf: medeplegen van voorbereiding van diefstal met geweld, gepleegd door twee of meer verenigde personen en/of afpersing, gepleegd door twee of meer verenigde personen;
feit 3:
het misdrijf: handelen in strijd met artikel 9, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot vuurwapens van de categorie II en III, meermalen gepleegd, terwijl hij van het verhandelen van wapens een beroep en gewoonte heeft gemaakt;
en
het misdrijf: handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd;
en
het misdrijf: handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd;
feit 4:
het misdrijf: opzetheling;
strafbaarheid verdachte
- verklaart verdachte strafbaar voor het bewezen verklaarde;
straf
- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 (drie) jaren.
Dit vonnis is gewezen door mr. J. de Ruiter, voorzitter, mr. A.J. de Loor en mr. R.J. Postma rechters, in tegenwoordigheid van mr. E.A.N. Sjerps, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 9 april 2026.