ECLI:NL:RBOVE:2026:2493

ECLI:NL:RBOVE:2026:2493

Instantie Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak 06-05-2026
Datum publicatie 08-05-2026
Zaaknummer C/08/342197 / HA ZA 25-432
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Zwolle

Samenvatting

Consignatiekoop, afwijzing vorderingen.

Uitspraak

RECHTBANK Overijssel

Civiel recht

Zittingsplaats Zwolle

Zaaknummer: C/08/342197 / HA ZA 25-432

Vonnis van 6 mei 2026

in de zaak van

[eiser] ,

te [woonplaats] (Frankrijk),

eisende partij,

hierna te noemen: [eiser],

advocaat: mr. A.J. Engelsma,

tegen

[gedaagde] B.V.,

te [vestigingsplaats],

gedaagde partij,

hierna te noemen: [gedaagde],

advocaat: mr. J. Engels.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding;- de conclusie van antwoord;

- de mondelinge behandeling van 24 maart 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt en de pleitaantekeningen van mr. Engelsma.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

[eiser] is een in Frankrijk wonende particulier. [gedaagde] is een professionele garagehouder die daarnaast ook handelt in sportieve Amerikaanse sportauto’s.

In april 2025 is via de website van [gedaagde] een Corvette C6 Z06 uit bouwjaar 2006 (hierna: de Corvette) te koop aangeboden.

De advertentietekst luidt:

‘Bekleding: Leer

Interieur: Zwart

Aantal zitplaatsen: 2

BTW/ Marge: Marge

APK: 27-11-2025

KM: 77.432

(…)

In opdracht van een klant bieden wij te koop aan, deze geweldige Corvette C6 Z06 in de kleur Victory Red. (…)

Medio april 2025 benadert [eiser] [gedaagde] over de Corvette. De communicatie verloopt voornamelijk via de mail en WhatsApp. Op 15 april 2025 zendt [eiser] [gedaagde] een WhatsApp met de volgende inhoud:

‘Or could this be part of the negotiation… I understood you sell it for a client of you, so if you confirm him you sold his car if he changes Front brakes and gearbox + diff oil, he could accept…’

Daarop reageert [gedaagde] met: ‘Sure, I could negotiate that.’

Op 29 april 2025 bezoekt [eiser] [gedaagde] en maakt hij een proefrit in de Corvette. Voordat tot aankoop wordt overgegaan vindt er een gesprek plaats tussen [eiser] en [gedaagde]. [eiser] koopt die dag de Corvette voor het bedrag van € 47.800,-.

De factuur is op briefpapier van [gedaagde] opgesteld en vermeld onder andere:

‘ (…) 2007 Chevrolet Corvette C6 Z06 (marge verkoop vrij van BTW, no VAT) (…)

Consignment sale sold as seen and test driven without warranty (…)’

Op 30 april 2025 wordt de Corvette op naam van [eiser] gesteld en rijdt [eiser] met de Corvette naar zijn woning in Zuid- Frankrijk. Om 22.06 uur stuurt [eiser] [gedaagde] een Whatsapp bericht met de volgende inhoud: ‘Just arrived, safe and the Z as well, but some leanrings after 1300kms trip. I have another solution for the paperwork, I will explain tomorrow now it’s time to fell asleep.’

Op 1 mei 2025 om 09.54 uur zendt [eiser] [gedaagde] een email met de volgende inhoud:

Op dezelfde dag vindt de volgende WhatsApp wisseling tussen [eiser] en [gedaagde] plaats:

[eiser]: ‘(…) I’ve just sent you an email. Could you please complete the form I sent with contact of the owner and make him sign (or you can sign for him, nobody will check ). It is the standard sale form for French vehicules between individuals. Thx. (…)

[gedaagde]: (…) also I wrote on the invoice ‘consignment sale’ meaning sale by private owner, not sure if that would be enough.

[eiser] : (…) I know it could work but I would like to avoid any confusion, French administration is stupid.’

Op 4 mei 2025 zendt [eiser] [gedaagde] een email waarin hij melding maakt van een waarschuwingsmelding in de Corvette waarbij de oliedruk laag is en hij schrijft dat er veel vervuilde uitlaatgassen uit de uitlaat komen.

Tussen 4 en 21 mei 2025 wordt er tussen [eiser] en [gedaagde] gemaild over mogelijke gebreken aan de Corvette.

Op 19 mei 2025 zendt [eiser] [gedaagde] een brief met daarin zijn klachten over de Corvette.

Op 21 mei 2025 stuurt [eiser] [gedaagde] een email, met daarin onder meer de volgende inhoud:

‘(…) I appreciate that you’re offering solutions, but for me, there are only two possible options:

The previous owner takes back his beloved car (I fear he may have hidden things from you) and gives me a full refund. In any case, I do not want to keep this car, and if you’re not convinced by the issues my mechanic diagnosed, I will request an official inspection by a certified organization.

I’m potentially open to considering an exchange with another Corvette C6 Grand Sport or Z06, provided it has been made reliable (valve guides, valves and rocker arms). This would depend on its condition, model year and mileage. No additional costs. (…)’

Op 3 september 2025 is door de heer [naam] van [bedrijf] een rapport opgesteld in de Franse taal. De heer [naam] heeft dit rapport dezelfde dag naar [eiser] en [gedaagde] gezonden.

Op 4 september 2025 vraagt [gedaagde] aan de heer [naam] om hem het rapport in het Engels toe zenden. Dit is niet gebeurd.

3. Het geschil

[eiser] vordert - samengevat – primair de koopovereenkomst betreffende de Corvette te ontbinden en [gedaagde] te veroordelen om de koopprijs van € 47.800,- te vermeerderen met de (handels)rente, terug te betalen. Ook vordert [eiser] [gedaagde] te veroordelen tot vergoeding van de nog nader op te geven expertisekosten en tot betaling van alle kosten die hij heeft moeten maken ten gevolge van de toerekenbare tekortkoming van [gedaagde] daaronder begrepen maar niet beperkt tot de transportkosten van de Corvette van Frankrijk naar Nederland en de door de [eiser] gemaakte transportkosten. Daaraan heeft [eiser] ten grondslag gelegd dat hij met [gedaagde] de koopovereenkomst heeft gesloten en [gedaagde] in de nakoming van haar verplichtingen uit die overeenkomst tekort is geschoten. Van een consignatieverkoop zou, anders dan [gedaagde] aanvoert, geen sprake zijn. Subsidiair, voor zover wel sprake zou zijn van een consignatieverkoop, vordert [eiser] [gedaagde] (ook) te veroordelen tot nakoming van de primair ingestelde vorderingen op grond van artikel 7:5 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW). Zowel primair als subsidiair vordert [eiser] om [gedaagde] in de proceskosten te veroordelen.

[gedaagde] voert verweer. [gedaagde] concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [eiser], dan wel tot afwijzing van de vorderingen van [eiser], met veroordeling van [eiser] in de kosten van deze procedure.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4. De beoordeling

Rechtsmacht en toepasselijk recht

Omdat [eiser] in Frankrijk woonachtig is, hebben de vorderingen een internationaal karakter en moet allereerst de vraag worden beantwoord of de Nederlandse rechter bevoegd is van de vorderingen van [eiser] kennis te nemen.

De rechtbank beantwoordt die vraag bevestigend op grond van artikel 4 en artikel 63 van de in deze zaak toepasselijke Verordening (EU) nr. 1215/2012. Gelet op de vestigingsplaats van [gedaagde] (te weten: Ommen) is de rechtbank Overijssel bevoegd van de vordering kennis te nemen.

De volgende vraag die beantwoord moet worden is welk recht van toepassing is op de rechtsverhouding tussen partijen. Nu de betreffende overeenkomst is gesloten na 17 december 2009 dient bepaling van het toepasselijke recht plaats te vinden aan de hand van Verordening (EG) nr. 593/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 17 juni 2008 inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst (hierna: Rome I-Vo). Niet gesteld of gebleken is dat door partijen een keuze is gemaakt ten aanzien van het toepasselijke recht, zodat op grond van artikel 4 van Rome I-Vo het recht van het land waar de verkoper van roerende zaken zijn gewone verblijfplaats heeft op de overeenkomst van toepassing is. Nu [gedaagde] is gevestigd in Nederland, is op de onderhavige vorderingen Nederlands recht van toepassing is. Het Weens Koopverdrag is niet van toepassing. Artikel 2 aanhef en onder a van dat verdrag sluit de toepassing van dat verdrag uit voor de koop van roerende zaken ‘voor persoonlijk gebruik of voor gebruik in gezin of huishouding’. Uit de stellingen van partijen kan worden afgeleid dat de Corvette voor persoonlijk gebruik is gekocht.

Is [gedaagde] partij bij de overeenkomst?

Voordat aan een inhoudelijke beoordeling van de ontbinding van de koopovereenkomst wordt toegekomen, moet eerst worden beoordeeld of [gedaagde] partij is bij de koopovereenkomst. Volgens [eiser] is de koopovereenkomst ter zake de Corvette met [gedaagde] gesloten. [gedaagde] betwist dat en voert daartoe aan dat zij de Corvette in consignatie had en deze namens een particuliere verkoper aan [eiser] heeft verkocht, zodat niet zij maar de particuliere verkoper als contractuele wederpartij van [eiser] is te beschouwen. Nu [eiser] zich op de rechtsgevolgen van de door hem gestelde koopovereenkomst beroept, rust op hem de last te bewijzen dat hij de koopovereenkomst met [gedaagde] heeft gesloten.

De rechtbank komt tot het oordeel dat [eiser] geen (koop)overeenkomst met [gedaagde] heeft gesloten. Zij zal daarom de vorderingen afwijzen en licht dat als volgt toe.

Het antwoord op de vraag wie partij is bij een overeenkomst is afhankelijk van hetgeen partijen jegens elkaar hebben verklaard en over en weer uit elkaars verklaringen en gedragingen hebben afgeleid en mochten afleiden. Tot de omstandigheden die in dit verband in aanmerking moeten worden genomen, behoort tevens de voor de wederpartij kenbare hoedanigheid en de context waarin partijen optraden. Ook gedragingen, verklaringen en andere omstandigheden, die hebben plaatsgevonden nadat de overeenkomst is gesloten, kunnen van belang zijn.

[eiser] stelt in dit verband dat [gedaagde] pas op 6 augustus 2025 en dus ruim drie maanden na de koop van de Corvette voor het eerst kenbaar heeft gemaakt dat hij niet de eigenaar is maar dat hij als tussenpersoon voor een particuliere verkoper heeft gehandeld. In de maanden tot juni 2025 zou [gedaagde] zich steeds als verkoper hebben opgesteld en daarom mocht [eiser] ervan uitgaan dat hij met [gedaagde] een koopovereenkomst heeft gesloten, aldus [eiser].

Deze stellingen worden, gezien de gemotiveerde betwisting door [gedaagde], als onvoldoende onderbouwd verworpen. Bovendien is het gestelde aantoonbaar onjuist. Door [gedaagde] is onweersproken aangevoerd dat al in de verkooptekst melding is gemaakt van het feit dat de Corvette in opdracht van een klant te koop werd aangeboden. [gedaagde] heeft bovendien toegelicht dat op de dag van de aankoop, nadat de proefrit door [eiser] was gemaakt, een gesprek tussen partijen heeft plaatsgevonden waarin [eiser] vragen heeft gesteld over een mogelijke garantie, waarbij [gedaagde] hem erop gewezen heeft dat hij niet de eigenaar van de Corvette was en dus geen garantie kon afgeven. [eiser] heeft over dit gesprek tijdens de mondelinge behandeling weliswaar gesteld dat hij zich de inhoud van het gesprek niet kan herinneren maar dit kwalificeert niet als een voldoende gemotiveerde betwisting, zodat de rechtbank hieraan voorbijgaat. Bovendien strookt deze uitleg van [gedaagde] ook met de vermelding op de factuur dat er sprake is van een consignatieverkoop en dat er geen garantie wordt afgegeven. Dat de factuur op briefpapier van [gedaagde] is gesteld en daarop geen gegevens van de particuliere eigenaar staan vermeld doet daar, anders dan door [eiser] wordt aangevoerd, niet aan af. Door [gedaagde] is verder nog onbetwist aangevoerd dat de gegevens van de particuliere eigenaar de dag na de aankoop aan [eiser] zijn verstrekt, zodat vaststaat dat [eiser] in ieder geval vanaf dat moment ook bekend was met de identiteit van de particuliere eigenaar.

Ook uit uitlatingen van [eiser] zowel voorafgaand als na het sluiten van de overeenkomst blijkt dat hij ervan op de hoogte was dat [gedaagde] niet voor zichzelf maar namens een particuliere eigenaar handelde. Door [gedaagde] is onbetwist aangevoerd dat uit de tekst van het WhatsApp bericht van 15 april 2025 van [eiser] aan [gedaagde] blijkt dat [eiser] ervan op de hoogte is dat [gedaagde] namens de eigenaar van de Corvette optreedt. Hij vraagt haar immers om voor hem te onderhandelen over de voorwaarden van de aankoop van de Corvette. Dat [eiser] zich bewust is van de verhouding tussen hem, [gedaagde] als tussenpersoon en de particuliere eigenaar blijkt bovendien uit het emailbericht van 1 mei 2025 aan [gedaagde] waarin hij meldt: ‘(…) Indeed, the registration documents I now have are from the owner (the individual) and getting an invoice by you would mean that I bought to a professional (…).’ Tenslotte blijkt ook uit de emailwisseling die heeft plaatsgevonden nadat de vermeende gebreken zijn geconstateerd, dat [eiser] zich ervan bewust is dat hij de Corvette van een particulier heeft gekocht waar hij op 21 mei 2025 schrijft: (…) The previous owner takes back his beloved car (I fear he may have hidden things from you) and gives me a full refund (…).

De rechtbank is dan ook van oordeel dat voor [eiser] voldoende bekend was dat hij de koopovereenkomst niet met [gedaagde] maar met de particuliere eigenaar sloot. Gezien de gemotiveerde betwisting door [gedaagde] heeft [eiser] onvoldoende andere feiten en omstandigheden gesteld waaruit afgeleid zou kunnen worden dat hij er vanuit mocht gaan dat [gedaagde] niet slechts als bemiddelaar, maar als verkoper/ eigenaar (en dus als middellijk vertegenwoordiger) optrad. Op grond van het vorenstaande staat vast dat [gedaagde] geen contractspartij is bij de koopovereenkomst, zodat de primaire vordering zal worden afgewezen.

Voor zover [eiser] met een beroep op artikel 7:5 lid 2 BW bedoelt dat ook in het geval dat er sprake is van een consignatiekoop [gedaagde] wel ‘aanspreekbaar’ is als verkoper en dus de overeenkomst kan worden ontbonden met veroordeling van [gedaagde] tot terugbetaling van de koopsom, faalt dat beroep nu het berust op een onjuiste lezing van het wetsartikel.

Artikel 7:5 lid 2 BW houdt slechts in dat indien een zaak van een particuliere eigenaar aan de koper wordt verkocht door een professionele gevolmachtigde, de koop wordt aangemerkt als een consumentenkoop, tenzij de koper wist dat de volmachtgever niet beroepsmatig handelt. Zelfs als ervan zou moeten worden uitgegaan dat [eiser] niet wist dat hij van een particuliere eigenaar kocht, hetgeen door [gedaagde] wordt bestreden en gezien de voorgaande overwegingen ook niet kan worden aangenomen, dan zou deze regel slechts met zich brengen dat de koper zowel de tussenpersoon als de achterman kan aanspreken voor wat betreft de nakoming van de in de Richtlijn 2011/83/EU betreffende consumentenrechten opgenomen bepalingen (zie de artikelen 7:9, 7:11 en 7:19a BW). Voor bepalingen die echter buiten het toepassingsgebied van de richtlijn vallen (zoals de nonconformiteitsregeling), blijft de algemene vertegenwoordigingsregeling van toepassing, waarbij er slechts één verantwoordelijk persoon is: de achterman is verantwoordelijk bij onmiddellijke vertegenwoordiging en bij middellijke vertegenwoordiging is de tussenpersoon aansprakelijk. Nu vaststaat dat [gedaagde] als onmiddellijke vertegenwoordiger van de particuliere verkoper heeft gehandeld, is [gedaagde] dus niet aansprakelijk voor eventuele non- conformiteit van de Corvette. De rechtbank zal de subsidiaire vordering van [eiser] dan ook afwijzen.

Nu uit het voorgaande volgt dat [eiser] de verkeerde partij heeft gedagvaard, komt de rechtbank niet toe aan een inhoudelijke beoordeling over non- conformiteit van de Corvette.

Proceskosten

[eiser] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:

- griffierecht

2.995,00

- salaris advocaat

2.580,00

(2 punten × € 1.290,00)

- nakosten

189,00

(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

5.764,00

5. De beslissing

De rechtbank

wijst de vorderingen van [eiser] af,

veroordeelt [eiser] in de proceskosten van € 5.764,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als [eiser] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend.

Dit vonnis is gewezen door mr. K. Hermsen en in het openbaar uitgesproken op 6 mei 2026.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand