[eiseres], uit [woonplaats], eiseres
(gemachtigde: mr. H.A. van der Kleij),
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen, het UWV
(gemachtigde: [gemachtigde]).
Overwegingen
1. De gemachtigde van eiseres heeft de rechtbank bericht dat in de uitspraak van 21 april 2026, ZWO 25/1397, in het dictum, een onjuiste ingangsdatum is genoemd; namelijk 12 oktober 2024 in plaats van 12 oktober 2023.
2. De rechtbank zal dan ook dienovereenkomstig de uitspraak herstellen.
Beslissing
De rechtbank herstelt de uitspraak van 21 april 2026 met kenmerk AWB 25/1397 als volgt.
Het dictum wordt gewijzigd in die zin dat waar staat
“-herroept de besluiten van 29 januari 2024, 16 februari 2024 en 28 februari 2024 en bepaalt dat eiseres vanaf 12 oktober 2024 recht heeft op een ZW-uitkering;”
dit wordt vervangen door
“-herroept de besluiten van 29 januari 2024, 16 februari 2024 en 28 februari 2024 en bepaalt dat eiseres vanaf 12 oktober 2023 recht heeft op een ZW-uitkering:”
De rechtbank laat voor het overige de uitspraak van 21 april 2026 ongewijzigd.
Aan deze hersteluitspraak is een exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Eikelenboom, rechter, in aanwezigheid van
mr. E.G.M. ten Kate, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open. Voorts brengt deze uitspraak geen wijziging in de termijn voor hoger beroep tegen de oorspronkelijke uitspraak.