ECLI:NL:RBOVE:2026:5189

ECLI:NL:RBOVE:2026:5189

Instantie Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak 25-08-2026
Datum publicatie 25-08-2026
Zaaknummer 08-035020-26
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Almelo

Samenvatting

De rechtbank veroordeelt een 24-jarige vrouw tot een taakstraf van 120 uren en een voorwaardelijke ontzegging van de bevoegdheid tot het besturen van motorrijtuigen voor de duur van zes maanden. De verdachte heeft door aanmerkelijk onvoorzichtig rijgedrag een verkeersongeval veroorzaakt, waardoor een ander zwaar lichamelijk letsel heeft opgelopen.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team Strafrecht

Meervoudige kamer

Zittingsplaats Almelo

Parketnummer: 08-035020-26 (P)

Datum vonnis: 25 augustus 2026

Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 2002 in [geboorteplaats] ,

wonende aan de [adres] in [woonplaats] .

1. Het onderzoek op de terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 11 augustus 2026.

De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie en van wat door verdachte en haar raadsvrouw mr. N.L.A.N. Weusthof, advocaat in Enschede, naar voren is gebracht.

2. De tenlastelegging

De verdenking komt er na wijziging van de tenlastelegging op de voet van artikel 313

Wetboek van Strafvordering (Sv) op 11 augustus 2026, kort en zakelijk weergegeven, op

neer dat verdachte op 18 december 2025 in Enschede als bestuurder van een

personenauto: (primair) een doorgetrokken streep heeft overschreden om vervolgens op de

busbaan te keren en tegen de bus is aangereden, waardoor een passagier van de bus,

[slachtoffer] (hierna: [slachtoffer] ), zwaar lichamelijk letsel is toegebracht, dan wel (subsidiair)

zich zodanig op de weg heeft gedragen dat daardoor gevaar op de weg werd veroorzaakt

en/of het verkeer werd gehinderd, dan wel (meer subsidiair) op de weg heeft gekeerd zonder

de bus voor te laten gaan.

Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:

zij op of omstreeks 18 december 2025 te Enschede als bestuurder van een voertuig(personenauto), daarmee rijdende op de weg, de Hogelandsingel, op de kruisingmet de Hoogstraat en/of Boulevard 1945 en/of Gronausebaan, zeer, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig, onoplettend en/of onachtzaam heeft gereden, hierin bestaande dat verdachte,- in strijd met artikel 76 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens een doorgetrokken streep, die zich niet langs de rand van rijbaanverharding bevond,heeft overschreden en/of- in strijd met artikel 81 van voornoemd reglement heeft gereden over eenbusbaan/busstrook en/of- in strijd met artikel 54 van voornoemd reglement een bijzondere manoeuvre,namelijk keren op de weg / U-bocht heeft verricht, zonder daarbij het overigeverkeer voor te laten gaan en/of- in strijd met artikel 19 van voornoemd reglement haar snelheid niet zodanig heeftgeregeld dat zij in staat was om haar voertuig tot stilstand te brengen binnen deafstand waarover zij de weg kon overzien en waarover deze vrij was en/of- is gebotst tegen, althans in aanrijding gekomen met een bus die op debusbaan/busstrook reed,en aldus zich zodanig heeft gedragen dat een aan haar schuld te wijtenverkeersongeval heeft plaatsgevonden, waardoor een ander (te weten [slachtoffer] )zwaar lichamelijk letsel of zodanig lichamelijk letsel werd toegebracht, dat daaruittijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden isontstaan;

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou

kunnen leiden:

zij op of omstreeks 18 december 2025 te Enschede als bestuurder van een voertuig(personenauto), daarmee rijdende op de weg, de Hogelandsingel, op de kruisingmet de Hoogstraat en/of Boulevard 1945 en/of Gronausebaan,- in strijd met artikel 76 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens eendoorgetrokken streep, die zich niet langs de rand van rijbaanverharding bevond,heeft overschreden en/of- in strijd met artikel 81 van voornoemd reglement heeft gereden over eenbusbaan/busstrook en/of- in strijd met artikel 54 van voornoemd reglement een bijzondere manoeuvre,namelijk keren op de weg / U-bocht heeft verricht, zonder daarbij het overigeverkeer voor te laten gaan en/of- in strijd met artikel 19 van voornoemd reglement haar snelheid niet zodanig heeftgeregeld dat zij in staat was om haar voertuig tot stilstand te brengen binnen deafstand waarover zij de weg kon overzien en waarover deze vrij was en/of- is gebotst tegen, althans in aanrijding gekomen met een bus die op debusbaan/busstrook reed,door welke gedraging(en) van verdachte gevaar op die weg werd veroorzaakt,althans kon worden veroorzaakt, en/of het verkeer op die weg werd gehinderd,althans kon worden gehinderd;

meer subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of

zou kunnen leiden:

zij op of omstreeks 18 december 2025 te Enschede als bestuurder van eenpersonenauto op de voor het openbaar verkeer openstaande weg, deHogelandsingel, op de kruising met de Hoogstraat en/of Boulevard 1945 en/of Gronausebaan, op de weg heeft gekeerd / U-bocht gemaakt, zonder een bus voor te laten gaan, waarbij letsel aan personen is ontstaan of schade aan goederen is toegebracht.

3. De bewijsmotivering

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het primair ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden verklaard. Het rijgedrag van verdachte heeft geleid tot een ongeval waardoor aan [slachtoffer] zwaar lichamelijk letsel is toegebracht. De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat sprake is van aanmerkelijke schuld in de zin van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW 1994).

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft zich ook op het standpunt gesteld het primair ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden verklaard en dat sprake is van aanmerkelijke schuld in de zin van artikel 6 WVW 1994.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank komt tot een bewezenverklaring van het primair ten laste gelegde op grond van de volgende bewijsmiddelen, waarbij de rechtbank - nu verdachte dit feit heeft bekend en door of namens haar geen vrijspraak is bepleit - conform artikel 359, derde lid, laatste volzin Sv, zal volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen:

het proces-verbaal van de terechtzitting van 11 augustus 2026, voor zover inhoudende de bekennende verklaring van verdachte;

het verkort proces-verbaal Forensisch Onderzoek Verkeer van verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] van 17 januari 2026 (pagina’s 44-67);

een geschrift, te weten een geneeskundige verklaring van Spoedeisende hulparts drs. K.M.J. Ganzeboom, van 18 december 2025 (pagina 25-27).

Overwegingen over de mate van schuld en het letsel van [slachtoffer]

Het wettelijk kader ‘schuld’ in de zin van artikel 6 WVW 1994

Voor een bewezenverklaring van het primair ten laste gelegde artikel 6 WVW 1994 is onder meer vereist dat het verkeersongeval aan de schuld van verdachte te wijten is. Voor schuld in de zin van artikel 6 WVW 1994 moet in ieder geval sprake zijn van een aanmerkelijke mate van verwijtbare onvoorzichtigheid, onachtzaamheid en/of onoplettendheid van verdachte. Daarbij geldt dat in zijn algemeenheid niet valt aan te geven of één verkeersovertreding voldoende kan zijn voor bewezenverklaring van schuld in vorenbedoelde zin. Gekeken moet worden naar het geheel van gedragingen van verdachte, naar de aard en de concrete ernst van de verkeersovertreding(en) en verder naar de omstandigheden waaronder die overtreding(en) is (of zijn) begaan.

Uit de bewijsmiddelen volgt dat verdachte een aantal verkeersovertredingen heeft begaan en heeft gehandeld in strijd met de zorgvuldigheid die van haar als bestuurder van een personenauto mocht worden verwacht. Net als iedere andere verkeersdeelnemer heeft verdachte in het verkeer de voortdurende zorgplicht om te anticiperen op komende verkeerssituaties en zich te vergewissen van de eventuele aanwezigheid van ander verkeer.

Verdachte reed op 18 december 2025 als bestuurder van een personenauto over de Boulevard 1945 in Enschede, komende uit de richting van het centrum in de richting van Glanerbrug. De Boulevard 1945 bestaat uit twee rijstroken voor gemotoriseerd vervoer in twee rijrichtingen, met daar tussenin een busbaan in twee richtingen. Beide weggedeeltes zijn van elkaar gescheiden door middel van een strook met lichtmasten en groenperkjes, schuine opsluitband en doorgetrokken streep. Vervolgens wilde verdachte keren met haar personenauto om terug te rijden in de richting van het centrum van Enschede. Zij deed haar richtingaanwijzer uit, waarna zij links de busbaan op reed. Zij zag hierbij de stadsbus komende uit de richting van Enschede over het hoofd. Hierdoor ontstond er een aanrijding tussen verdachte en de stadsbus. [slachtoffer] zat voorin de bus in een vier-zits-gedeelte en viel door de botsing voorover in het gangpad. [slachtoffer] heeft hierbij haar heup gebroken.

Verdachte was ter plaatse bekend en heeft een doorgetrokken streep genegeerd om te keren op de busbaan. Nog afgezien van het feit dat verdachte niet had mogen keren op de busbaan heeft zij zich er bij het keren onvoldoende van vergewist of er een bus naderde. Rekening houdende met de mogelijkheid van dit aankomend verkeer, had verdachte haar snelheid zodanig moeten regelen dat zij, indien nodig, nog voor de busbaan tot stilstand had kunnen komen. Dat heeft zij niet gedaan. Door onder deze omstandigheden een bijzondere manoeuvre uit te voeren op een plek die daar niet voor geschikt is, heeft verdachte aanmerkelijk onvoorzichtig gehandeld.

De ernst van het letsel van [slachtoffer]

Voor een bewezenverklaring van het primair ten laste gelegde artikel 6 WVW 1994 is tevens vereist dat als gevolg van het ongeval sprake is van zwaar lichamelijk letsel, dan wel zodanig letsel dat hierdoor tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan.

Op grond van artikel 82 Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) kan onder zwaar lichamelijk letsel onder meer worden begrepen: ziekte die geen uitzicht op volkomen genezing overlaat of voortdurende ongeschiktheid tot uitoefening van ambts- of beroepsbezigheden. Buiten deze gevallen kan lichamelijk letsel ook als zwaar worden beschouwd, indien dat voldoende belangrijk is om naar gewoon spraakgebruik als zodanig te worden aangeduid. Daarbij is het van belang of het oordeel van de rechter iets inhoudt over de aard van het letsel, de eventuele noodzaak en aard van medisch ingrijpen en/of het uitzicht op (volledig) herstel.

Uit de medische informatie over [slachtoffer] volgt dat [slachtoffer] haar rechter heup heeft gebroken, is geopereerd en een nieuwe heup heeft gekregen. Het herstel van een dergelijke operatie zal, mede gelet op haar leeftijd, geruime tijd in beslag nemen. De rechtbank stelt vast dat sprake is van zwaar lichamelijk letsel.

De bewezenverklaring

De rechtbank acht op grond van de opgegeven bewijsmiddelen waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, met dien verstande dat:

zij op of omstreeks 18 december 2025 te Enschede als bestuurder van een voertuig(personenauto), daarmee rijdende op de weg, de Hogelandsingel, op de kruisingmet de Hoogstraat en/of Boulevard 1945 en/of Gronausebaan, zeer, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig, onoplettend en/of onachtzaam heeft gereden, hierin bestaande dat verdachte,- in strijd met artikel 76 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens een doorgetrokken streep, die zich niet langs de rand van rijbaanverharding bevond,heeft overschreden en/of- in strijd met artikel 81 van voornoemd reglement heeft gereden over eenbusbaan/busstrook en/of- in strijd met artikel 54 van voornoemd reglement een bijzondere manoeuvre,namelijk keren op de weg / U-bocht heeft verricht, zonder daarbij het overigeverkeer voor te laten gaan en/of- in strijd met artikel 19 van voornoemd reglement haar snelheid niet zodanig heeftgeregeld dat zij in staat was om haar voertuig tot stilstand te brengen binnen deafstand waarover zij de weg kon overzien en waarover deze vrij was en/of- is gebotst tegen, althans in aanrijding gekomen met een bus die op debusbaan/busstrook reed,en aldus zich zodanig heeft gedragen dat een aan haar schuld te wijtenverkeersongeval heeft plaatsgevonden, waardoor een ander (te weten [slachtoffer] )zwaar lichamelijk letsel of zodanig lichamelijk letsel werd toegebracht, dat daaruittijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden isontstaan.

De rechtbank acht niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd, zodat zij haar daarvan zal vrijspreken.

4. De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde is strafbaar gesteld in de artikelen 6 en 175 WVW 1994. Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Het bewezenverklaarde levert op:

primair

het misdrijf: overtreding van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994, terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander lichamelijk letsel wordt toegebracht.

5. De strafbaarheid van verdachte

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. De rechtbank oordeelt daarom dat verdachte strafbaar is voor het bewezenverklaarde feit.

6. De op te leggen straf of maatregel

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd verdachte te veroordelen tot een taakstraf voor de duur van 80 uren en een voorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van zes maanden met een proeftijd van twee jaren

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft verzocht om in de strafmaat rekening te houden met de mate van schuld van verdachte en haar persoonlijke omstandigheden. De raadsvrouw heeft te kennen gegeven zich te kunnen vinden in het strafvoorstel van de officier van justitie. De raadsvrouw heeft de rechtbank nadrukkelijk verzocht aan verdachte een geheel voorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid op te leggen, nu verdachte voor haar werk is aangewezen op het gebruik van een auto.

De gronden voor een straf of maatregel

Bij de strafoplegging houdt de rechtbank rekening met de aard en de ernst van het gepleegde feit, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte zoals die uit het dossier en tijdens de behandeling ter terechtzitting naar voren zijn gekomen. De rechtbank acht daarbij in het bijzonder het volgende van belang.

De ernst van het feit

Verdachte heeft zich als bestuurder van een personenauto schuldig gemaakt aan het veroorzaken van een verkeersongeval door aanmerkelijk onvoorzichtig rijgedrag. Bij deelname aan het verkeer kan onvoorzichtigheid grote en soms fatale gevolgen hebben, waardoor de levens van verkeersdeelnemers en hun naasten voor langere tijd of onomkeerbaar veranderen. Verdachte heeft op een plek waar dit niet is toegestaan een U-bocht willen maken en voorafgaand aan en tijdens deze manoeuvre geen voorrang verleend aan het aankomende verkeer. Dit heeft geresulteerd in een aanrijding met de bus waarin [slachtoffer] zat, die daardoor zwaar lichamelijk letsel heeft opgelopen. Ter zitting heeft verdachte verklaard vaker te hebben gekeerd op de busbaan en dat zij zich er niet van bewust was dat dit niet is toegestaan. Dit rekent de rechtbank verdachte aan.

De persoon van verdachte

De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie betreffende verdachte van 23 juni 2026. Hieruit blijkt dat verdachte niet eerder is veroordeeld voor een strafbaar feit.

Ter terechtzitting heeft verdachte blijk gegeven van de impact die het ongeval ook op haar heeft gehad en nog steeds heeft. Zij heeft zelf fors letsel opgelopen door het verkeersongeval op 18 december 2025. Zij heeft bovendien verantwoordelijkheid genomen met betrekking tot haar handelen en oprecht berouw getoond. Verdachte heeft vrij snel na het ongeval geprobeerd om zowel met [slachtoffer] als met de chauffeur van de bus in contact te komen. Dat is nog niet gelukt, maar verdachte heeft aangegeven hier nog steeds voor open te staan.

De op te leggen straf of maatregel

De rechtbank heeft bij het bepalen van de hoogte van de op te leggen straf gelet op de oriëntatiepunten voor straftoemeting van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (hierna: LOVS) en houdt rekening met de straffen die in soortgelijke gevallen doorgaans worden opgelegd. Voor het veroorzaken van een verkeersongeval waarbij het slachtoffer zwaar lichamelijk letsel is toegebracht en waarbij sprake is van aanmerkelijke schuld is het uitgangspunt volgens de LOVS-oriëntatiepunten een taakstraf voor de duur van 120 uren en een onvoorwaardelijk ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur zes maanden.

De rechtbank ziet in de schuldbewuste houding van verdachte en haar persoonlijke omstandigheden, in het bijzonder de gevolgen die het ongeval voor haarzelf heeft gehad, redenen om ten aanzien van de ontzegging van de rijbevoegdheid af te wijken van de oriëntatiepunten en legt dus alleen als het gaat om de taakstraf een hogere straf op dan door de officier van justitie is geëist. Het naast de voorwaardelijke ontzegging opleggen van een gematigde taakstraf doet onvoldoende recht aan de ernst van het feit. Alles afwegende acht de rechtbank passend en geboden dat aan verdachte wordt opgelegd een taakstraf voor de duur van 120 uren en een geheel voorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van zes maanden met een proeftijd van twee jaren.

7. De toegepaste wettelijke voorschriften

De hierna te nemen beslissing berust op het hiervoor genoemde wetsartikel. Daarnaast berust deze beslissing op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d Sr en artikel 179 WVW 1994.

8. De beslissing

De rechtbank:

- verklaart bewezen dat verdachte het primair ten laste gelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;

- verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd en spreekt haar daarvan vrij;

strafbaarheid feit

- verklaart het bewezen verklaarde strafbaar;

- verklaart dat het bewezen verklaarde het volgende strafbare feit oplevert:

primair, het misdrijf: overtreding van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994, terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander lichamelijk letsel wordt toegebracht.

strafbaarheid verdachte

- verklaart verdachte strafbaar voor het bewezen verklaarde;

straf

- veroordeelt de verdachte tot een taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van 120 (honderdtwintig) uren;

- beveelt, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 60 (zestig) dagen;

- ontzegt de verdachte de bevoegdheid tot het besturen van motorrijtuigen voor de duur van zes maanden;

- bepaalt dat deze ontzegging van de bevoegdheid tot het besturen van motorrijden in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de proeftijd van 2 (twee) jaren de navolgende voorwaarde niet is nagekomen:

- stelt als algemene voorwaarde dat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.C. de Bie, voorzitter, mr. B.T.C. Jordaans en

mr. P.A.M. Miltenburg, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A.C. van Leeuwen, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 25 augustus 2026.

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. E.C. de Bie
  • mr. B.T.C. Jordaans
  • mr. P.A.M. Miltenburg

Griffier

  • mr. A.C. van Leeuwen

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand