ECLI:NL:RBOVE:2026:5205

ECLI:NL:RBOVE:2026:5205

Instantie Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak 04-08-2026
Datum publicatie 27-08-2026
Zaaknummer 11738274 \ CV EXPL 25-1848
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Zwolle

Samenvatting

In deze zaak oordeelt de kantonrechter dat eiser de overeenkomst betreffende de koop van een auto terecht heeft ontbonden omdat gedaagde zijn precontractuele informatieplicht heeft geschonden. De vorderingen van eiser worden daarom grotendeels toegewezen.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Zwolle

Zaaknummer: 11738274 \ CV EXPL 25-1848

Vonnis van 4 augustus 2026

in de zaak van

[eiser] ,

wonende te [woonplaats 1],

eisende partij,

hierna te noemen: [eiser],

gemachtigde: mr. M.B. Bollen,

tegen

1. [gedaagde] ,

wonende te [woonplaats 2],

hierna te noemen: [gedaagde],2. CARROSSO B.V.,

gevestigd te Oldemarkt,

hierna te noemen: Carrosso,

gedaagde partijen,

hierna samen te noemen: [gedaagden],

gemachtigde: mr. W.J.A. van Es.

1. De zaak in het kort

In deze zaak oordeelt de kantonrechter dat [eiser] de overeenkomst betreffende de koop van een auto terecht heeft ontbonden omdat [gedaagde] zijn precontractuele informatieplicht heeft geschonden. De vorderingen van [eiser] worden daarom grotendeels toegewezen. Hieronder wordt dit oordeel nader toegelicht.

2. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 30 september 2026,

- de mondelinge behandeling van 12 maart 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt,

- de pleitnota van mr. M.B. Bollen,

- de pleitnota van mr. W.J.A. Van Es,- de akte uitlating van [eiser],- de akte uitlating van [gedaagden]

Ten slotte is vonnis bepaald.

3. De verdere beoordeling

[eiser] vordert – kort gezegd – een verklaring voor recht dat hij de koopovereenkomst met [gedaagde], dan wel Carrosso, heeft ontbonden dan wel dat deze overeenkomst buitengerechtelijk is vernietigd, althans de ontbinding of vernietiging uit te spreken. Verder vordert [eiser] dat [gedaagde] dan wel Carrosso wordt veroordeeld tot (terug)betaling van de koopsom van € 149.000,00, te vermeerderen met de wettelijke (handels)rente, transportkosten van € 1.597,50 en buitengerechtelijke incassokosten van € 2.226,00.

[eiser] legt aan zijn vordering primair ten grondslag dat [gedaagde] zijn precontractuele informatieplicht heeft geschonden en [eiser] daarom de koopovereenkomst zonder opgave van redenen mocht ontbinden. Subsidiair voert [eiser] aan dat [gedaagde] is tekortgeschoten in de nakoming, omdat [eiser] een ‘zo origineel als mogelijke’ auto mocht verwachten, en daarvan geen sprake is. [eiser] heeft daarom de koopovereenkomst buitengerechtelijk ontbonden. Meer subsidiair legt [eiser] aan zijn vordering ten grondslag dat hij de koopovereenkomst buitengerechtelijk heeft vernietigd omdat hij deze onder invloed van dwaling is aangegaan.

[gedaagden] voeren verweer en betwisten dat zij hun precontractuele informatieverplichting hebben geschonden. Verder betwisten zij dat zij zijn tekortgeschoten in de nakoming van de koopovereenkomst.

De kantonrechter zal eerst moeten beoordelen of de primaire grondslag van de vordering van [eiser] slaagt. Hierna wordt uitgelegd waarom dat het geval is. De kantonrechter komt daarom niet toe aan de beoordeling van de overige grondslagen.

Contractspartijen

Uit het tussenvonnis van 30 september 2025 blijkt dat tussen partijen niet in geschil is dat de koopovereenkomst is gesloten tussen [gedaagde] (en niet Carrosso) als verkoper en [eiser] als koper, waarbij [gedaagde] heeft gehandeld als handelaar in de zin van artikel 2 sub 2 van de Richtlijn consumentenkoop en artikel 6:230g lid 1 aanhef onder b BW en [eiser] als (consument) koper in de zin van artikel 2 sub 1 Richtlijn consumentenkoop en artikel 6:230g lid 1 aanhef onder a BW. Dit betekent dat Carrosso geen partij is bij de koopovereenkomst tussen [gedaagde] en [eiser]. De vorderingen van [eiser] tegen Carrosso worden daarom afgewezen.

Schending precontractuele informatieverplichting

Partijen zijn vervolgens in geschil over de vraag of [gedaagde] zijn precontractuele informatieverplichting heeft geschonden, waardoor [eiser] de koopovereenkomst zonder opgaaf van redenen mocht ontbinden. [gedaagde] voert aan dat [eiser] geen recht heeft op ontbinding, omdat de overeenkomst is gesloten tijdens een online veiling van Car & Classic.

De kantonrechter overweegt als volgt. Op grond van artikel 6:230o lid 1 BW mag een consument een (koop)overeenkomst op afstand zonder opgave van redenen ontbinden tot een termijn van veertien dagen is verstreken. De termijn van veertien dagen wordt verlengd met tot twaalf maanden indien niet aan de precontractuele informatieplicht van artikel 6:230m lid 1 onder h BW is voldaan. De consument heeft geen recht van ontbinding bij een overeenkomst die is gesloten tijdens een openbare veiling (artikel 6:230p sub c BW). Tussen partijen is niet in geschil dat [gedaagde] zijn precontractuele informatieplicht heeft geschonden door [eiser] niet te wijzen op zijn herroepingsrecht. Dat betekent dat de termijn waarbinnen [eiser] ontbinding mag inroepen is verlengd tot twaalf maanden na het sluiten van de koopovereenkomst. De koopovereenkomst is gesloten op 31 januari 2024 en [eiser] binnen deze termijn - namelijk op 1 augustus 2024 - de ontbinding ingeroepen. Dat betekent dat [eiser] in beginsel aan de formaliteiten van artikel 6:230o heeft voldaan.

De volgende vraag is of het bepaalde in artikel 6:230p sub c BW in de weg staat aan een geslaagd beroep op het herroepingsrecht. Dat zou het geval zijn wanneer de veiling waarvan in deze zaak sprake is geweest, moet worden aangemerkt als ‘openbare veiling’ in de zin van artikel 6:230g lid 1 sub j BW. Hierin wordt een openbare veiling gedefinieerd als een verkoopmethode waarbij zaken of diensten door middel van een transparante competitieve biedprocedure onder leiding van een veilingmeester door de handelaar worden aangeboden aan consumenten, die persoonlijk aanwezig zijn op de veiling of daartoe de mogelijkheid hebben, en waarbij de winnende bieder zich verbindt de zaken of diensten af te nemen. Tussen partijen staat vast dat [eiser] niet op de veiling aanwezig is geweest en ook niet aanwezig kon zijn, omdat de veiling exclusief online plaatsvond. De kantonrechter is daarom geval van oordeel dat niet kan worden aangenomen dat de veiling waarop [eiser] de auto heeft gekocht als openbare veiling in de zin van artikel 6:230g lid 1 sub j BW valt aan te merken. Dat betekent dat [eiser] het recht had om de koopovereenkomst met [gedaagde] zonder opgaaf van redenen te ontbinden, hetgeen hij op 1 augustus 2024 ook heeft gedaan. De vordering betreffende de verklaring voor recht dat de koopovereenkomst buitengerechtelijk is ontbonden, zal daarom worden toegewezen. Omdat door de buitengerechtelijke ontbinding over en weer verbintenissen tot ongedaanmaking van de reeds verrichte prestaties ontstaan (artikel 6:271 BW), zal ook de vordering tot (terug)betaling van de koopsom van € 149.000,00 worden toegewezen. Omdat niet gesteld of gebleken is dat sprake is van een handelsovereenkomst in de zin van artikel 6:119a BW, wordt in plaats daarvan de gevorderde wettelijke handelsrente de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW worden toegewezen. De rente zal worden toegewezen met ingang van de dag nadat [gedaagde] in gebreke is gesteld, te weten 28 maart 2025.

Transportkosten en kosten deskundige

[eiser] vordert verder nog de kosten voor de door hem ingeschakelde deskundige en voor het transporteren van de auto van het autobedrijf van [gedaagde] naar de woning van [eiser]. De kosten voor de deskundige zullen worden afgewezen, aangezien [eiser] daarvoor een post van “P.M.” heeft gevorderd en hij niet heeft gesteld dat hij kosten heeft gemaakt. De transportkosten zullen wel worden toegewezen. Op grond van artikel 6:277 lid 1 BW is de partij wiens tekortkoming een grond voor ontbinding heeft opgeleverd verplicht om de schade te vergoeden haar wederpartij lijdt doordat er geen wederzijdse nakoming, maar ontbinding van de overeenkomst plaatsvindt. Omdat [eiser] de koopovereenkomst met [gedaagde] rechtsgeldig heeft ontbonden, is [gedaagde] gehouden om de schade die [eiser] leidt door deze ontbinding te vergoeden.

Buitengerechtelijke incassokosten

[eiser] vordert tot slot vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De hoofdvordering valt niet onder het toepassingsbereik van het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). De kantonrechter zal daarom de gevorderde vergoeding toetsen aan de oriëntatiepunten voor de beoordeling van dergelijke vorderingen uit het Rapport BGK-integraal, maar met toepassing van de wettelijke tarieven die geacht worden redelijk te zijn. Het gevorderde bedrag van € 2.226,00 acht de kantonrechter redelijk. Daarom zal dit bedrag worden toegewezen.

Proceskosten

De vorderingen van [eiser] jegens Carrosso worden afgewezen, omdat Carrosso geen contractspartij is bij de koopovereenkomst. De vordering van [eiser] jegens [gedaagde] worden toegewezen. [gedaagde] is daarom in het ongelijk gesteld en moet de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiser] worden begroot op:

- kosten van de dagvaarding

149,02

- griffierecht

732,00

- salaris gemachtigde

107,50

(2,5 punten × € 43,00)

- nakosten

144,00

(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

1.132,52

4. De beslissing

De kantonrechter

wijst de vorderingen van [eiser] jegens Carrosso af,

verklaart voor recht dat [eiser] de koopovereenkomst met [gedaagde] op goede gronden buitengerechtelijk heeft ontbonden,

veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan [eiser] van € 149.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over het toegewezen bedrag, met ingang van 28 maart 2025 tot de dag van volledige betaling,

veroordeelt [gedaagde] tot betaling van € 1.597,50 aan transportkosten,

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 1.132,52, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagden] niet tijdig aan de veroordelingen voldoen en het vonnis daarna wordt betekend,

wijst het meer of anders gevorderde af,

verklaart rechtsoverweging 4.3. tot en met 4.5. van dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.F. van Aalst en in het openbaar uitgesproken op

4 augustus 2026.

EA

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand