ECLI:NL:RBOVE:2026:5264

ECLI:NL:RBOVE:2026:5264

Instantie Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak 28-08-2026
Datum publicatie 31-08-2026
Zaaknummer 12305124 \ CV EXPL 26-2290
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Zwolle

Samenvatting

Huurder is herhuisvest onder gedragsaanwijzing i.v.m. ernstige vervuiling van de eerste huurwoning. Verhuurder vordert ontruiming omdat de gedragsaanwijzing is geschonden en er een geweldsincident heeft plaatsgevonden. Ontruiming wordt toegewezen.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Zwolle

Zaaknummer: 12305124 \ CV EXPL 26-2290

Vonnis in kort geding van 28 augustus 2026

in de zaak van

de stichting STICHTING DELTAWONEN,

uit Zwolle,

eisende partij,

hierna te noemen: DeltaWonen,

gemachtigde: mr. L.R. Brendel,

tegen

[bewindvoerder] q.q. handelend onder de naam Signum Beschermingsbewind, in haar hoedanigheid van bewindvoerder van de heer [gedaagde] ,

uit Zwolle,

gedaagde partij,

hierna te noemen: de bewindvoerder,

gemachtigde: mr. J.J.M. Pinners.

1. Samenvatting

[gedaagde] huurt een woning van DeltaWonen onder de voorwaarden van een gedragsaanwijzing nadat hij zijn vorige huurwoning ernstig had vervuild. DeltaWonen vordert in dit kort geding ontruiming, omdat [gedaagde] volgens haar in weerwil van de voorwaarden vervuiling heeft laten ontstaan, begeleiding weigert en er sprake is geweest van een geweldsincident tegen een medewerker van DeltaWonen. De kantonrechter in kort geding wijst de ontruiming toe, maar de gevorderde termijn van zeven dagen af. [gedaagde] krijgt zes weken om het gehuurde te verlaten.

2. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

de dagvaarding met producties van 29 juli 2026;

de producties 1-2 van de bewindvoerder;

de producties 14-21 van DeltaWonen;

de mondelinge behandeling van 14 augustus 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt;

de op de mondelinge behandeling overgelegde en voorgedragen spreekaantekeningen van mr. Brendel en mr. Pinners.

Ten slotte is bepaald dat de kantonrechter vandaag uitspraak zal doen.

3. De feiten

Tussen december 1980 en april 2025 huurde [gedaagde] van DeltaWonen de woning aan de [adres 1] (hierna: de eerste woning).

In verband met ernstige vervuiling van de eerste woning heeft DeltaWonen [gedaagde] herhuisvest naar een woning aan de [adres 2] (hierna: het gehuurde) die [gedaagde] sinds 7 mei 2025 van DeltaWonen huurt. Herstel van de sterk vervuilde en beschadigde eerste woning kostte € 23.668,51.

Het gehuurde bevindt zich in [omschrijving] .

Tegen de achtergrond van de vervuiling van de eerste woning en de schade die DeltaWonen als gevolg daarvan heeft geleden, hebben DeltaWonen en [gedaagde] in aanvulling op de huurovereenkomst voor het gehuurde een allonge gesloten waarin – voor zover relevant – staat:

“Artikel 3. Gedragsaanwijzing(en)

Huurder zal aan omwonenden geen enkele overlast veroorzaken, in het

bijzonder: door vervuiling en/of stankoverlast.

Huurder is verantwoordelijk voor een schoon, opgeruimd en hygiënisch huishouden.

Huurder zal alle aanwijzingen van verhuurder volledig opvolgen.

Huurder zal geen zaken van verhuurder of van derden vernielen of beschadigen.

Huurder houdt rekening met zijn omgeving en stelt zich in de contacten met

omwonenden, medewerkers van verhuurder, medewerkers van de gemeente en medewerkers van de politie en hulpverlening, constructief en welwillend op.

[…]

Plan van aanpak m.b.t. hulp

Afspraken inzet hulpverlening (Sociaal Wijkteam, ambulante begeleiding, huishoudelijke hulp):

1) Huurder stelt zich begeleidbaar en coöperatief op.

2) Huurder draagt zorg voor een ordelijk huishouden; dit betekent geen spullen verzamelen en van buiten meenemen.

3) Huurder opent de deur ten alle tijden voor het ontvangen van begeleiding.

4) Huurder houdt zich aan de afspraken met begeleiding en stelt zich constructief en welwillend op.”

Vanaf mei 2025 is DeltaWonen meermaals bij of in het gehuurde geweest voor (een poging tot) een huisbezoek. Tijdens de huisbezoeken is steeds lichte vervuiling aangetroffen.

Vanaf juli 2025 ontving [gedaagde] ter voorkoming van (verdere) vervuiling huishoudelijke hulp. Het contact tussen de hulpverleners die huishoudelijk hulp verleenden en [gedaagde] verliep in verschillende periodes stroef.

Op 17 juli 2025 heeft de rechtbank Overijssel bewind ingesteld over de (toekomstige) goederen van [gedaagde] vanwege zijn lichamelijke of geestelijke toestand en is de bewindvoerder benoemd.

Op 16 oktober 2025 heeft DeltaWonen [gedaagde] een waarschuwingsbrief gestuurd naar aanleiding van een voorval waarbij [gedaagde] een vrouwelijke medewerker van DeltaWonen op het wijkkantoor heeft aangesproken op haar uiterlijk. [gedaagde] is over deze waarschuwing ontstemd geraakt en weigerde vanaf dat moment (medewerkers van) DeltaWonen te ontvangen. Contact verliep sindsdien via het Sociaal Wijkteam (hierna: het SWT).

Op 19 mei 2026 heeft het SWT DeltaWonen bericht dat de huishoudelijke hulp drie weken geen toegang had tot het gehuurde. DeltaWonen en het SWT vonden daarin aanleiding bij [gedaagde] op huisbezoek te gaan. [gedaagde] heeft bij die gelegenheid de medewerker van DeltaWonen aangevallen. De medewerker heeft daarvan aangifte gedaan. In het proces-verbaal van de aangifte staat, voor zover van belang:

“Op het moment dat [gedaagde] [huismeester bij DeltaWonen] de deur open deed reageerde hij meteen agressief op mij en [naam] [van het SWT]. Ik hoorde namelijk dat [gedaagde] in de richting van ons schreeuwde, ik hoorde dat [gedaagde] in onze richting schreeuwde: “Ga Weg”, of woorden van gelijke strekking. Ik zag dat hij ons aankeek op het moment dat hij aan het schreeuwen was. Ik zag dat [gedaagde] vervolgens de deur dicht deed. Hierop klopt ik bij [gedaagde] op de deur en riep hem aan. Na enkele minuten deed [gedaagde] de deur open en schreeuwde in onze richting: “Ga weg, ik wil niets met jullie te maken hebben”. Omdat wij het belangrijk vonden om een goed toestandsbeeld van [gedaagde] te krijgen, gingen wij niet weg. […] Ik zag dat [gedaagde] op mij af liep. Ik zag en voelde dat [gedaagde] mij een klap gaf op mijn linker bovenarm. Het lukte mij om [gedaagde] van mij af te duwen. Ik zag dat [gedaagde] vervolgens terug binnen in zijn woning liep. Ik zag dat [gedaagde] na ongeveer 5 minuten terug naar buiten kwam. Ik zag dat [gedaagde] terug naar buiten kwam met een hamer in zijn handen. Ik zag dat [gedaagde] op mij af liep met de hamer. Ik liep vervolgens achteruit. Ik zag dat [gedaagde] doodging met het op mij aflopen met de hamer nog steeds in zijn hand. Ik schreeuwde richting [gedaagde] “Waar ben je mee bezig?, of woorden van gelijke strekking. Ik kon op een gegeven moment niet verder achteruit lopen. Ik zag dat [gedaagde] met de hamer in zijn handen uithaalde in mijn richting. Ik weerde deze slag met de hamer af met mijn rechterhand. Ik voelde dat [gedaagde] mijn rechterhand raakte, met de hamer welke hij in zijn hand hield. Ik voelde meteen een pijnscheut in mijn rechterhand. Als ik de pijn moet beschrijven op een schaal van 1 tot 10, dan geef ik het een cijfer 4.

Als reactie op deze aanval, pakte ik [gedaagde] vast en gooide hem op de grond. Ik ging vervolgens met mijn knieën op zijn borst zitten en pakte met mijn handen zijn handen vast om hem op die manier te fixeren.”

Het gehuurde bleek op 19 mei 2026 sterk vervuild.

Per brief van 22 mei 2026 heeft de gemachtigde van DeltaWonen [gedaagde] in de gelegenheid gesteld de huurovereenkomst op te zeggen. [gedaagde] heeft daarvan geen gebruik gemaakt.

In verband met het incident van 19 mei 2026 heeft DeltaWonen extra veiligheidsmaatregelen getroffen ten behoeve van de medewerkers die in het wijkkantoor werkzaam zijn.

4. Het geschil

De vorderingen van DeltaWonen

Deltawonen vordert veroordeling van de bewindvoerder tot ontruiming van het gehuurde binnen zeven dagen en tot betaling van de proceskosten. Aan haar vordering legt DeltaWonen ten grondslag dat [gedaagde] is tekortgeschoten in de nakoming van zijn verplichtingen als huurder waardoor ontruiming gerechtvaardigd is.

Het standpunt van de bewindvoerder

De bewindvoerder voert verweer. Volgens haar is ontruiming van het gehuurde niet gerechtvaardigd. Zij verzoekt de kantonrechter de vorderingen af te wijzen en DeltaWonen te veroordelen in de proceskosten.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover dat nodig is voor de beslissing van de kantonrechter, nader ingegaan.

5. De beoordeling

DeltaWonen heeft een spoedeisend belang

DeltaWonen heeft haar vordering voorgelegd in een kortgedingprocedure. Een kort geding is bedoeld voor zaken met spoed. De eerste vraag is dan ook of DeltaWonen een spoedeisend belang heeft waardoor niet van haar kan worden verwacht dat zij de uitkomst van de gewone procedure (bodemprocedure) afwacht.

Ter onderbouwing van het spoedeisend belang, wijst DeltaWonen erop dat zij de veiligheid van haar medewerkers op dit moment onvoldoende kan garanderen. Verder voert DeltaWonen aan dat zij schade lijdt dan wel dreigt te lijden door de ernstige vervuiling die [gedaagde] veroorzaakt in het gehuurde.

De kantonrechter overweegt dat [gedaagde] de feitelijke gang van zaken rond het incident van 19 mei 2026 niet betwist. Verder is onbetwist gesteld dat sommige medewerkers van DeltaWonen en het SWT vanwege het incident niet zonder angst hun werkzaamheden in het complex kunnen verrichten. In verband met de veiligheid van haar medewerkers heeft DeltaWonen zelfs besloten dat er altijd twee medewerkers op het wijkkantoor aanwezig zijn, de kantoordeuren op slot gaan en deze niet langer voor [gedaagde] worden geopend, hetgeen impact heeft op de gebruikelijke werkzaamheden ten behoeve van haar overige bewoners. Tegen deze achtergrond heeft DeltaWonen naar het oordeel van de kantonrechter een voldoende spoedeisend belang bij haar vordering.

De kantonrechter komt daarmee toe aan de inhoudelijke beoordeling of de vordering tot ontruiming kan worden toegewezen.

[gedaagde] moet het gehuurde ontruimen

Of de ontruimingsvordering van DeltaWonen toewijsbaar is, hangt in een kort geding af van het antwoord op de vraag of [gedaagde] tekortgeschoten is in zijn verplichtingen als huurder en het, gelet op het bepaalde in artikel 6:265 lid 1 Burgerlijk Wetboek (BW) voldoende aannemelijk is dat de rechter in de bodemprocedure de huurovereenkomst ontbindt en de ontruiming toewijst. De maatstaf van voornoemd artikellid houdt in dat een overeenkomst bij iedere tekortkoming van de andere partij door de rechter kan worden ontbonden, tenzij de ontbinding gezien haar aard of geringe betekenis niet gerechtvaardigd is.

Zoals hiervoor is overwogen, betwist [gedaagde] het incident van 19 mei 2026 niet. Dat hij zich niet heeft gehouden aan de verplichting uit de gedragsaanwijzing, zoals het zorgdragen voor een ordelijk huishouden, het openen van de deur voor de begeleiding, het houden aan de afspraken met de begeleiding en het zich tegenover hulpverleners respectvol gedragen, wordt evenmin betwist. Dat leidt de kantonrechter tot het voorlopige oordeel dat [gedaagde] tekortgeschoten is in de nakoming van zijn verplichtingen. De kantonrechter acht het gelet daarop voldoende aannemelijk dat in een eventuele bodemprocedure de huurovereenkomst zal worden ontbonden. De vervolgvraag is of de kantonrechter de gevorderde ontruiming kan toewijzen.

Volgens de bewindvoerder is ontbinding van de huurovereenkomst en in het verlengde daarvan ontruiming niet gerechtvaardigd. Zij voert daartoe aan dat [gedaagde] 73 jaar en kwetsbaar is, dat er geen sprake is van actuele overlast, het gehuurde niet is beschadigd en de situatie in het gehuurde is verbeterd omdat [gedaagde] zelf heeft opgeruimd. De bewindvoerder heeft toegelicht dat [gedaagde] rust, structuur en voorspelbaarheid nodig heeft. De georganiseerde huishoudelijke hulp sloot volgens de bewindvoerder onvoldoende aan op deze behoeften van [gedaagde] , omdat de tijdstippen en dagen steeds werden gewijzigd. Met voor hem passende begeleiding, is [gedaagde] wel degelijk te begeleiden, aldus de bewindvoerder. Tot slot voert de bewindvoerder aan dat [gedaagde] bij toewijzing van de ontruiming geen concreet perspectief heeft op een vervangende woonruimte.

De kantonrechter volgt de bewindvoerder hierin niet. Daartoe is het volgende redengevend. Zoals DeltaWonen terecht heeft aangevoerd, is van belang dat [gedaagde] het gehuurde heeft verkregen tegen de achtergrond van zijn specifieke situatie, namelijk ernstige vervuiling van de eerste woning. De vervuiling was zodanig, dat DeltaWonen meer dan € 20.000,00 aan herstelkosten heeft moeten maken. Desalniettemin heeft DeltaWonen [gedaagde] geholpen door hem het gehuurde aan te bieden en om herhaling te voorkomen, is de allonge gesloten. Zoals hiervoor vastgesteld, is tussen partijen niet in geschil dat [gedaagde] zich niet aan de afspraken uit de allonge heeft gehouden. Uit de door DeltaWonen overgelegde stukken volgt dat het aanvaarden van hulp voor [gedaagde] moeilijk is, met als gevolg dat hij contact (en daarmee hulp) van DeltaWonen en andere instanties weigert. Volgens de bewindvoerder ligt de oorzaak daarvan in de onaangekondigde huisbezoeken en de voor [gedaagde] ongestructureerde komsten van de hulpverlening.

De kantonrechter begrijpt dat [gedaagde] een kwetsbaar persoon is en gebaat is bij vaste afspraken, maar de bewindvoerder miskent dat DeltaWonen de verhuurder is, niet de hulpverlener. Geconcludeerd moet worden dat ondanks georganiseerde hulp niet kan worden voorkomen dat (sterke) vervuiling van het gehuurde ontstaat. De gemachtigde van de bewindvoerder heeft zelf toegelicht dat het voor het SWT niet mogelijk is om de huishoudelijke hulp op vaste data en tijdstippen te laten komen. Er is dan ook geen vooruitzicht op een mogelijkheid dat de hulp voor [gedaagde] zodanig wordt ingericht dat deze wel zonder strubbelingen wordt aanvaard door [gedaagde] . Die hulp is echter wel nodig om te voorkomen dat vervuiling van / schade aan het gehuurde ontstaat, zoals het geval was in de eerste woning. Vaststaat dat de woning – in strijd met de gemaakte afspraken – ten tijde van het incident op 19 mei 2026 sterk vervuild was. Dat inmiddels sprake is van enige verbetering doet daaraan niet af, temeer nu in de gegeven situatie niet aannemelijk is dat die verbetering voldoende duurzaam is.

Verder is van belang dat dat DeltaWonen op goede gronden bezorgd is om de veiligheid van haar medewerkers. Het incident van mei 2026 zou een uiting zijn geweest van de frustratie van [gedaagde] omdat hij zich niet serieus genomen voelde door DeltaWonen en hulpverlening. Dat kan zo zijn, maar dergelijke agressie behoeft DeltaWonen niet te dulden. Het gaat om een ernstig geweldsincident waarvan aangenomen kan worden dat erger is voorkomen door adequaat ingrijpen van de huismeester. DeltaWonen heeft aangevoerd dat er sinds het incident onder haar medewerkers een gevoel van onveiligheid heerst en dit gevoel wordt versterkt door het onvoorspelbare gedrag van [gedaagde] .

Al met al is de kantonrechter van oordeel dat een belangenafweging in het voordeel van DeltaWonen moet uitvallen. Vooruitlopend op een eventueel door de bodemrechter uit te spreken ontbinding van de huurovereenkomst, weegt haar belang bij ontruiming zwaarder dan het belang van [gedaagde] om in het gehuurde te blijven. Dat betekent dat de gevorderde ontruiming zal worden toegewezen.

De ontruimingstermijn

De bewindvoerder heeft verweer gevoerd tegen de door DeltaWonen gevorderde ontruimingstermijn van zeven dagen en heeft de kantonrechter verzocht om toewijzing van een termijn van drie maanden. DeltaWonen heeft aangevoerd dat de gevorderde termijn van zeven dagen verband houdt met de veiligheid, omdat zij vreest voor de reactie van [gedaagde] op dit vonnis. In het licht van de veiligheidsmaatregelen die DeltaWonen al heeft genomen, acht de kantonrechter een ontruimingstermijn van zeven dagen niet noodzakelijk. De kantonrechter acht in plaats daarvan een ontruimingstermijn van zes weken redelijk en zal deze termijn toewijzen.

De bewindvoerder moet de proceskosten betalen

[gedaagde] krijgt als materiële procespartij ongelijk. Daarom moet de bewindvoerder als formele procespartij de kosten die DeltaWonen heeft gemaakt om de procedure te voeren (proceskosten) ten laste van het vermogen van [gedaagde] betalen. De proceskosten van DeltaWonen worden begroot op:

- kosten van de dagvaarding

€

182,02

- griffierecht

€

139,00

- salaris gemachtigde

€

577,00

- nakosten

€

144,00

(+ de kosten van betekening)

Totaal

€

1.042,02

Onder de proceskosten vallen ook de nakosten. Dat zijn de kosten die DeltaWonen maakt om de bewindvoerder ertoe te brengen aan het vonnis te voldoen. Dat betekent dat als de bewindvoerder niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan de proceskostenveroordeling in dit vonnis voldoet en het vonnis daarna is betekend, de bewindvoerder ook de kosten van de betekening aan DeltaWonen moet betalen.

Het vonnis wordt uitvoerbaarheid bij voorraad verklaard

De veroordelingen zullen, zoals DeltaWonen heeft gevorderd en waarop de bewindvoerder geen verweer heeft gevoerd, uitvoerbaar bij voorraad worden verklaard (artikel 233 Rv). Dat betekent dat dit vonnis meteen kan worden uitgevoerd als de bewindvoerder niet aan de veroordelingen voldoet, ook als hoger beroep zou worden ingesteld.

6. De beslissing

De kantonrechter

veroordeelt de bewindvoerder, in haar hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen van [gedaagde] , om het gehuurde gelegen aan de [adres 2] binnen zes weken na betekening van dit vonnis te ontruimen en te verlaten met alle personen en zaken die zich daar vanwege [gedaagde] bevinden, onder afgifte van alle sleutels aan DeltaWonen;

veroordeelt de bewindvoerder in de proceskosten van € 1.042,02, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als de bewindvoerder niet tijdig aan de proceskostenveroordeling voldoet en het vonnis daarna is betekend;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. G.W.G. Wijnands en in het openbaar uitgesproken op 28 augustus 2026.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand