ECLI:NL:RBOVE:2026:5464

ECLI:NL:RBOVE:2026:5464

Instantie Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak 07-09-2026
Datum publicatie 09-09-2026
Zaaknummer 08.760195.15
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Zwolle

Samenvatting

Verlenging van de terbeschikkingstelling met één jaar.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team Strafrecht

Zittingsplaats Zwolle

Parketnummer: 08.760195.15

Datum uitspraak: 7 september 2026

Beslissing op de vordering van het Openbaar Ministerie tot verlenging van de terbeschikkingstelling van:

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedatum] 1970 te [geboorteplaats],

wonende aan de [adres],

hierna te noemen: betrokkene.

1. De aanleiding

Betrokkene is bij arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 30 juni 2017 ter beschikking gesteld met bevel tot verpleging van overheidswege, na bewezenverklaring van het misdrijf: poging tot moord.

De terbeschikkingstelling is ingegaan op 15 juli 2017. Deze terbeschikkingstelling is laatstelijk verlengd bij beslissing van deze rechtbank van 15 juli 2024. Bij die beslissing is de verpleging van overheidswege voorwaardelijk beëindigd en zijn betreffende het gedrag van betrokkene voorwaarden gesteld.

De terbeschikkingstelling zou, behoudens nadere voorziening, zijn geëindigd op 15 juli 2026.

2. De stukken

De rechtbank heeft kennis genomen van de op grond van artikel 6:6:12 van het Wetboek van Strafvordering (Sv) overgelegde stukken, te weten:

3. De procedure

Het Openbaar Ministerie heeft op 2 juni 2026 een vordering ingediend tot verlenging van bovenvermelde termijn met één jaar.

Het onderzoek van de zaak heeft plaatsgevonden op de openbare terechtzitting van 24 augustus 2026. De rechtbank heeft op de openbare terechtzitting gehoord:

De officier van justitie heeft gepersisteerd bij de vordering tot verlenging van de termijn van terbeschikkingstelling met één jaar.

Betrokkene en zijn raadsman hebben geen bezwaar gemaakt tegen verlenging van de maatregel van terbeschikkingstelling met één jaar.

4. De beoordeling

De vordering is op 2 juni 2026 ingediend. Dit is tijdig.

De rechtbank stelt vast dat het onderzoek van de zaak niet uiterlijk twee maanden na de ontvangst van de vordering heeft plaatsgevonden. De rechtbank acht dit ongewenst, maar volstaat met de constatering dat de bedoelde termijn is overschreden.

De rechtbank dient op grond van het bepaalde in de artikelen 38d en 38e van het Wetboek

van Strafrecht (Sr) te bepalen of de termijn van de maatregel van terbeschikkingstelling moet worden verlengd.

De rechtbank neemt bij haar overwegingen het verlengingsadvies van de reclassering, de toelichting van de deskundige ter zitting en de pro Justitia rapportage in aanmerking.

Het verlengingsadvies van de reclassering

Het advies van de reclassering houdt, zakelijk weergegeven, onder meer het volgende in.

Vanaf september 2023 verbleef betrokkene bij Beschermd Wonen (BW) [locatie 1] in [plaats 1]. Het verblijf heeft, ondanks gezondheidsproblemen, een positief verloop gekend. Betrokkene zal altijd een vorm van begeleiding en ondersteuning nodig blijven hebben. Zijn ziekte-inzicht is beperkt, maar hij is trouw als het gaat om het verlenen van medewerking aan de ingezette hulp. Op 19 januari 2026 is betrokkene doorgestroomd naar een zelfstandige woning bij BW [locatie 2] in [plaats 2]. De verhuizing, die gepaard ging met allerlei veranderingen, leek zijn weerslag te hebben op betrokkene. In die periode kwamen zijn beperkte zelfredzaamheid en copingvaardigheden duidelijk naar voren. Zo vergat betrokkene incidenteel zijn antipsychotica, die hij sinds de verhuizing in eigen beheer heeft, en diende hij bij de hand te worden genomen in het regelen van praktische zaken. Voorts brak hij kort na de verhuizing zijn enkel, waardoor het opstarten en vormgeven van dagbesteding vertraging opliep. Bij veranderingen, onduidelijkheid en/of stress lijken de waanovertuigingen van betrokkene meer op de voorgrond te treden. Van belang is om op zijn innerlijke belevingswereld door te vragen om te voorkomen dat hij gaat leven in een fantasiewereld en zich tegen anderen keert. De komende periode zal in het teken staan van het wennen aan de nieuwe woonplek en de zelfstandigheid en zelfredzaamheid die hierbij komen kijken, evenals het vormgeven van dagbesteding en het verder inbedden in de nieuwe zorgcontext. De betrokken partijen, het Leger des Heils en het FACT-team van het AFPB, moeten verder bekend raken met het risicomanagement en de vertrouwensband met betrokkene (verder) bestendigen. Binnen het huidige kader van de tbs-maatregel wordt het recidiverisico als laag ingeschat. De kans op recidive neemt toe indien betrokkene zijn medicatie niet langer inneemt, middelen gaat gebruiken en wanneer de contacten met de begeleiding wegvallen. De reclassering adviseert daarom om de maatregel te verlengen met één jaar.

De deskundige ter zitting

Ter zitting heeft deskundige [reclasseringswerker] het advies gehandhaafd. In aanvulling op het advies is naar voren gebracht dat betrokkene zich na een roerige start bij BW [locatie 2] goed heeft herpakt. Betrokkene zal binnenkort starten met dagbesteding bij [locatie 3], gespecialiseerd in dagbesteding voor (jong)volwassenen met autisme. Verder is betrokkene in juli weer begonnen met werken in de keuken van het Leger des Heils in [plaats 3] en is hij gestart met pianolessen. Begeleiding vanuit het Leger des Heils en het FACT-team is tevreden over het contact met betrokkene. Als de tbs-maatregel zou eindigen, zou betrokkene bij BW [locatie 2] kunnen blijven wonen. In het komende jaar zal worden onderzocht hoe lang deze woonplek voor betrokkene beschikbaar kan blijven.

De pro Justitia rapportage

Het rapport van de psychiater houdt, zakelijk weergegeven, onder meer het volgende in.

Bij betrokkene is sprake van een autismespectrumstoornis, schizofrenie en stoornissen in het gebruik van cannabis en alcohol (in langdurige remissie in een gereguleerde omgeving). Vanuit de stoornissen vloeit het risico op gewelddadig gedrag voort. Gesteld kan worden dat er sprake is van een overwegend positief traject. Betrokkene is ingesteld op antipsychotica en laat zich ondersteunen door de hulpverlening. De waanovertuigingen van betrokkene zijn gebleven, maar zijn dankzij de medicatie als het ware ingekapseld en spreiden zich niet verder. Zij beïnvloeden het handelen van betrokkene niet, zoals wel het geval was voorafgaand aan en ten tijde van het indexdelict. In de huidige context ‘in zorg’ wordt het risico op gewelddadig gedrag als laag ingeschat. Het risico op gewelddadig gedrag in de context ‘uit zorg’ wordt als matig ingeschat. De risico’s zouden oplopen wanneer betrokkene stopt met het gebruik van zijn medicatie en/of wanneer opnieuw sprake is van vereenzaming, zorgmijding en/of middelengebruik. De inschatting is, gelet op het beloop voorafgaand aan het indexdelict, dat het risico niet onmiddellijk zal ontstaan. Echter, de gevolgen van gewelddadig gedrag kunnen ernstig zijn, gelet op het indexdelict. In het kader van het risicomanagement is het van belang dat er sprake is van voldoende zorg, ondersteuning en toezicht, evenals structuur en dagbesteding. Met name tijdens overgangsperiodes is het belangrijk dat betrokkene in contact blijft met het behandelteam en dat er voldoende zicht blijft op zijn spanningsopbouw en gedachtegang. Het is van belang dat binnen het huidige kader de laatste stap in het resocialisatietraject wordt gezet. De psychiater adviseert daarom om de maatregel te verlengen met één jaar.

Het oordeel van de rechtbank

Gelet op het vorenstaande is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen eist dat de maatregel van terbeschikkingstelling wordt verlengd. Op grond van het verlengingsadvies van de reclassering, de pro Justitia rapportage en het verhandelde ter zitting, stelt de rechtbank vast dat sprake is van stoornissen bij betrokkene en een recidiverisico. Aan de criteria voor de verlenging van de terbeschikkingstelling is daarmee voldaan.

De rechtbank stelt vast dat betrokkene de afgelopen jaren goede vooruitgang heeft gemaakt. De verhuizing naar BW [locatie 2] heeft enige spanningen met zich meegebracht, maar betrokkene heeft zich goed herpakt. Hij is medicatietrouw, werkt goed samen met de begeleiding en zijn dagbesteding wordt goed vormgegeven. De komende periode staat in het teken van verdere inbedding in de nieuwe woonplek, verantwoordelijkheden die hierbij komen kijken en de nieuwe zorgcontext. Verlenging van de terbeschikkingstelling is noodzakelijk om betrokkene verder te stabiliseren in zijn functioneren en het recidiverisico te beperken. De komende periode biedt aan betrokkene de kans om de positieve ontwikkeling vast te houden en de laatste stappen te zetten in het onderhavige traject. De rechtbank zal de terbeschikkingstelling gelet op het voorgaande met één jaar verlengen.

5. De beslissing

De rechtbank verlengt de terbeschikkingstelling van [betrokkene] met één jaar.

Aldus gegeven door mr. A. van Holten, voorzitter, mr. V. Wolting en mr. S. Köiter, rechters, in tegenwoordigheid van mr. C.D. van Vliet als griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 7 september 2026.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. A. van Holten

Griffier

  • mr. C.D. van Vliet

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand