RECHTBANK OVERIJSSEL
Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Enschede
Zaaknummer : 12354082 \ CV EXPL 26-2799
Herstelvonnis van 30 september 2026
in de zaak van
[eiser] , h.o.d.n. [bedrijf],wonende te [woonplaats 1],
eisende partij, hierna te noemen [eiser],
gemachtigde: mr. A. Prascevic,
tegen
[gedaagde] ,wonende te [woonplaats 2],
gedaagde partij, hierna te noemen [gedaagde],
verschenen in persoon.
1. Het verzoek tot verbetering
Bij e-mailbericht van 11 september 2026 is namens [eiser] de kantonrechter verzocht om verbetering van het op 11 september 2026 in deze zaak gewezen vonnis, in die zin dat in onderdeel 5.1 van het dictum de woorden “binnen vier weken” worden vervangen door de woorden “binnen veertien dagen”.
De kantonrechter heeft [gedaagde] in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten. [gedaagde] heeft van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt.
2. De beoordeling
Op grond van artikel 31 lid 1 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering verbetert de rechter te allen tijde, op verzoek van een partij of ambtshalve, in zijn vonnis een kennelijke rekenfout, schrijffout of andere kennelijke fout die zich voor eenvoudig herstel leent. Dit is het geval als het gaat om duidelijke verschrijvingen of fouten waarvan direct duidelijk is dat sprake is van een vergissing.
De kantonrechter is van oordeel dat in het vonnis van 11 september 2026 sprake is van een kennelijke fout, die zich voor eenvoudig herstel leent. De kantonrechter zal het verzoek dan ook toewijzen als volgt. Onder 5.1. staat vermeld: “binnen vier weken”. Uit de overwegingen, met name 4.7., is duidelijk kenbaar dat hier “binnen twee weken” of “binnen veertien dagen” had moeten staan.
Onder 5.1. van het vonnis van 11 september 2026 staat “binnen vier weken” daar waar “binnen twee weken” of “binnen veertien dagen” had moeten staan.
De kantonrechter zal het vonnis dan ook herstellen als volgt.
3. De beslissing
De kantonrechter:
bepaalt dat nummer 5.1. van het op 11 september 2026 tussen eiser en gedaagde gewezen vonnis, waar staat
“binnen vier weken”
wordt gewijzigd in
“binnen veertien dagen”,
bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 30 september 2026 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 11 september 2026,
gelast elk van partijen, voor zover zij dit niet reeds hebben gedaan, de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het vonnis van 11 september 2026 na ontvangst van dit herstelvonnis aan de griffie van het team kanton en handelsrecht van deze rechtbank te retourneren.
Dit vonnis is gewezen te Enschede door mr. E. Horsthuis, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 30 september 2026.
(JHd(O)