ECLI:NL:RBOVE:2026:5846

ECLI:NL:RBOVE:2026:5846

Instantie Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak 30-09-2026
Datum publicatie 01-10-2026
Zaaknummer ZWO 26/369
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Zwolle

Samenvatting

Wet WIA. Ongegrond beroep. Beperkingen in de FML; afleiding door activiteiten van anderen (item 1.8.1) en verhoogd persoonlijk risico (item 1.8.6) en urenbeperking. De rechtbank is van oordeel dat de rapporten van de verzekeringsartsen B&B inzichtelijk en navolgbaar gemotiveerd zijn.

Uitspraak

[eiseres], uit [woonplaats] (hierna: [eiseres])

gemachtigde: mr. K. Aslan,

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV)

gemachtigde: mr. C. Huidink – Lubbers.

Samenvatting

Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de aanvraag van [eiseres] om in aanmerking te komen voor een uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA). Zij is het daar niet meer eens omdat zij zich meer beperkt vindt dan door de verzekeringsarts B&B is aangenomen en volgens haar niet in staat is om de geselecteerde functies te verrichten. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de aanvraag.

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat het UWV de aanvraag terecht heeft afgewezen. Het beroep is ongegrond en [eiseres] krijgt dus geen gelijk. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt.

Inleiding

1. [eiseres] was werkzaam als [functie] via Start People Services B.V. voor gemiddeld 35 uur per week. Het UWV heeft met ingang van 22 maart 2021 een

WW-uitkering aan haar toegekend. Op 31 januari 2022 heeft [eiseres] zich ziekgemeld waarna na een doorbetalingsperiode van 13 weken met ingang van 2 mei 2022 een

ZW-uitkering is toegekend. Bij de eerstejaars ZW-beoordeling is de uitkering ongewijzigd voortgezet. Na een samengestelde wachttijd vanwege een WAZO-periode heeft zij op

16 februari 2024 een WIA-uitkering aangevraagd.

Het UWV heeft deze aanvraag met het besluit van 13 juni 2024 afgewezen. Met het bestreden besluit van 16 december 2025 op het bezwaar van [eiseres] is UWV bij deze afwijzing gebleven.

[eiseres] heeft hiertegen beroep ingesteld. Het UWV heeft hierop gereageerd met een verweerschrift.

[eiseres] heeft op 17 april 2026 medische informatie van de huisarts, van de klinisch psycholoog en van het Team FACT van Dimence overgelegd:

De rechtbank heeft het beroep op 7 mei 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: [eiseres], zijn gemachtigde en de gemachtigde van UWV. Ook de heer

[naam] was aanwezig. Hij is als senior psychiatrisch verpleegkundige werkzaam bij het FACT-team bij Dimence.

De rechtbank heeft het onderzoek na de zitting heropend voor een reactie van de verzekeringsarts bezwaar en beroep (B&B) op de aanvullende gronden en medische informatie.

In reactie daarop heeft het UWV een rapport van 18 juni 2026 van de verzekeringsarts B&B overgelegd. [eiseres] heeft daarop gereageerd.

De rechtbank heeft partijen bericht dat zij een extra zitting niet nodig vindt en gevraagd of zij het daarmee eens zijn. [eiseres] en het UWV hebben aangegeven dat zij het daarmee eens zijn. Vervolgens heeft de rechtbank het onderzoek gesloten.

Standpunt UWV

2. Volgens het UWV heeft [eiseres] met ingang van 6 mei 2024 (datum in geding) geen recht op een WIA-uitkering, omdat haar arbeidsongeschiktheidspercentage minder is dan 35%. Vanwege haar gezondheidsklachten en beperkingen kan zij haar oude functie als [functie] niet meer verrichten, maar zij kan nog wel in staat worden geacht om de voorbeeldfuncties productiemedewerker industrie (samenstellen van producten), assemblage medewerker elektronische producten en assemblagemedewerker besturingskasten en panelen te verrichten.

Door het middelste uurloon van deze functies (€ 14,20) te vergelijken met het uurloon (€ 18,18) dat [eiseres] verdiende als [functie], is de mate van arbeidsongeschiktheid 21,89 %. Hiervoor baseert het UWV zich op rapporten van

9 oktober 2025 en 18 juni 2026 van de verzekeringsartsen B&B de functionele mogelijkhedenlijst (FML) en het rapport van 11 december 2025 van de arbeidsdeskundige B&B.

Standpunten [eiseres]

3. [eiseres] stelt dat zij meer beperkt is dan is aangenomen en daardoor niet in staat is om de geselecteerde functies te verrichten. Volgens [eiseres] is onvoldoende rekening gehouden met de ernst van haar gezondheidsklachten en moeten in de FML ook beperkingen worden vastgesteld voor de items afleiding door activiteiten van anderen (item 1.8.1) en verhoogd persoonlijk risico (item 1.8.6). Tijdens het spreekuur bij de hoorzitting heeft zij namelijk toegelicht dat het rondom de datum in geding chaotisch was in haar hoofd. Zij verbleef toen in een moeder-kind-huis, had moeite om zich te focussen, kon zich niet goed concentreren en was snel afgeleid. De verzekeringsarts B&B vermeldt in het rapport bovendien wel dat er aanwijzingen zijn voor zowel een posttraumatische stressstoornis (PTSS) als stemmingsklachten. Waarom desondanks op basis van het CBBS geen beperking is vastgesteld voor afleiding van anderen is niet gemotiveerd. Daarnaast stelt [eiseres] dat zij vanwege de PTSS en stemmingsklachten niet fulltime kan werken. Daarom dient een urenbeperking te worden vastgesteld. Volgens [eiseres] is ook onvoldoende rekening gehouden met het feit dat zij lijdt aan verscheidende klachten op mentaal gebied, er is sprake van persoonlijkheidsproblematiek.

Ook stelt [eiseres] dat de verzekeringsarts B&B aanvullende informatie bij Mindfit had moeten opvragen, naast de al aanwezige informatie. Daarmee zou duidelijkheid verkregen kunnen worden over de diagnose(n) en over de ernst van haar mentale situatie. Verder stelt [eiseres] dat ten onrechte geen rekening is gehouden met het rapport van 5 december 2023 van de verzekeringsarts, van voor de datum in geding. De verzekeringsarts B&B heeft terecht aangegeven dat die beoordeling niet ging over de WIA maar over de WAZO, maar daarin staat weldegelijk een medische beoordeling over haar mentale situatie en haar arbeidsmogelijkheden. De verzekeringsarts heeft toen namelijk geconcludeerd dat haar leven dermate ‘overhoop’ lag door ernstige stress op basis van life events en traumatische ervaringen, dat zij niet arbeidsgeschikt is voor haar eigen werk.

Beoordeling door de rechtbank

4. De rechtbank is van oordeel dat het UWV terecht heeft besloten dat [eiseres] met ingang van 6 mei 2024 geen recht heeft op een WIA-uitkering. De rechtbank licht dit als volgt toe.

Recht op een WIA-uitkering bestaat als het arbeidsongeschiktheidspercentage ten minste 35% is. Het UWV mag zijn besluiten daarover baseren op rapporten van verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen. Deze rapporten moeten wel aan een aantal voorwaarden voldoen: zij moeten op zorgvuldige wijze tot stand zijn gekomen, ze mogen geen tegenstrijdigheden bevatten en de conclusies moeten logisch volgen uit de rapporten.

Verzekeringsgeneeskundige beoordeling

[eiseres] is op 28 mei 2024 bij het spreekuur van de primaire verzekeringsarts geweest, die tevens de aanwezige medische informatie heeft beoordeeld. Deze verzekeringsarts concludeert in het rapport van 29 mei 2024 dat [eiseres] op medische gronden niet volledig arbeidsongeschikt is. Wel is zij mentaal kwetsbaar en beperkt belastbaar. Daarom zijn er verschillende beperkingen vastgesteld. Er is een noodzaak voor sterk externe structurering in voorspelbare, routinematige arbeid zonder hoge eisen aan sociale interactie, zoals bij conflicthantering en bij een hoge mate van verantwoordelijkheid. [eiseres] werkt het beste temidden van collega’s, althans niet in solistisch werk. Vanwege de aspecifieke rug- en bekkenklachten is zij ook niet is staat om fysiek zwaar werk te verrichten. Rekening houdend met deze beperkingen is er volgens de verzekeringsarts geen indicatie voor een aanvullende urenbeperking. Deze beperkingen zijn vastgelegd in de FML van 29 mei 2024.

De verzekeringsarts B&B heeft [eiseres] tijdens en spreekuur op 8 oktober 2025 gezien en in het rapport van 9 oktober 2026 geconcludeerd dat er aanleiding is om meer beperkingen vast te stellen. Omdat [eiseres] vanuit haar persoonlijkheidsproblematiek moeilijkheden heeft om grenzen aan te geven gelden er ook beperkingen voor samenwerken en intensief klantcontact. Op basis van de eerder gestelde recidiverende depressieve stoornis en herhaaldelijk vermelde stemmingsklachten, in combinatie met de mentale kwetsbaarheid, geldt op preventieve gronden ook een beperking voor nachtdiensten en is zij aangewezen op regelmatige werktijden. Volgens deze verzekeringsarts blijkt uit de medische informatie dat bij [eiseres] sprake is van een duurzaam patroon met afhankelijke en vermijdende trekken in de persoonlijkheid. Ook zijn er aanwijzingen voor PTSS en stemmingsklachten. Daarbij speelt bij haar veel sociaal-maatschappelijke problematiek.

Tijdens de spreekuren zijn geen problemen waargenomen ten aanzien van aandacht en concentratie. Daarnaast is er ook geen sprake van een aandoening die problemen daarmee aannemelijk maakt. Daarom gelden geen beperkingen voor de items afleiding door activiteiten van anderen (item 1.8.1) en verhoogd persoonlijk risico (item 1.8.6).

[eiseres] stelt dat deze twee items ten onrechte niet beperkt zijn en dat een (verdergaande) urenbeperking noodzakelijk is, vanwege haar stemmingsklachten, persoonlijkheidsproblematiek en PTSS. In het aanvullende rapport van 18 juni 2026 concludeert een andere verzekeringsarts B&B echter dat daar geen aanleiding voor is. Daarbij is de in beroep overgelegde medische informatie van de huisarts van 7 juni 2024 aan Mindfit en van de regiebehandelaar, klinisch psycholoog van het TACT-team betrokken. Volgens de verzekeringsarts B&B sluit deze informatie aan bij de gegevens die de andere verzekeringsarts B&B bij haar beoordeling heeft betrokken, omdat de behandeling in 2025 gericht is geweest op klachten in relatie tot de ‘andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis’ met afhankelijke en vermijdende trekken. Er is wat betreft de persoonlijkheidsproblematiek en de PTSS geen sprake van nieuwe feiten en er is in voldoende mate al rekening mee gehouden. Daarnaast is de diagnose depressie niet gesteld. Dat uit het CBBS blijkt dat bij aandoeningen, zoals bijvoorbeeld PTSS, beperkingen kunnen worden aangenomen houdt niet in dat dat dus ook voor [eiseres] geldt. Dit nog buiten het feit dat PTSS niet als primaire diagnose gesteld is en niet als ernstig imponeert. Om diezelfde reden is er ook geen aanleiding voor een (vedergaande) urenbeperking.

De rechtbank is van oordeel dat de rapporten van de verzekeringsartsen B&B inzichtelijk en navolgbaar gemotiveerd zijn. Het aanvullende rapport van 18 juni 2026 bevestigt de eerdere beoordeling van de andere verzekeringsarts B&B. De rechtbank is van oordeel dat uit deze rapporten blijkt dat de medische informatie bij de beoordeling is betrokken en dat de verzekeringsartsen een volledig beeld hadden van de medische situatie van [eiseres] op de datum in geding. Anders dan [eiseres] stelt kan aan de medische beoordeling van december 2023 over de WAZO-uitkering niet de waarde worden toegekend die zij wenst. Die beoordeling ziet niet op de datum in geding en ging, anders dan deze

WIA-beoordeling, over de vraag of bij [eiseres] sprake was van arbeidsongeschiktheid voor haar eigen werk voor en na de WAZO als gevolg van dezelfde ziekteoorzaak.

De rechtbank is verder van oordeel dat de verzekeringsartsen B&B afdoende hebben gemotiveerd dat de (forse) sociaal-maatschappelijke problematiek niet bepalend is voor het vaststellen van de belastbaarheid in het kader van de WIA. Zoals uit alle gegevens blijkt spelen er bij [eiseres] al langere tijd veel sociaal-maatschappelijke problemen. Het is dan ook voorstelbaar dat dit grote impact op haar leven heeft, maar voor het vaststellen van de belastbaarheid in het kader van de WIA mogen alleen beperkingen worden geduid die rechtstreeks en medisch objectiveerbaar het gevolg zijn van ziekte of gebrek.

Arbeidskundige beoordeling

Rekening houdend met de beperkingen, zoals die zijn vastgelegd in de FML van9 oktober 2025, worden de geselecteerde voorbeeldfuncties van productiemedewerker industrie (samenstellen van producten), assemblage medewerker elektronische producten en assemblagemedewerker besturingskasten en panelen passend geacht. Daarnaast zijn nog twee reservefuncties geselecteerd. De rechtbank verwijst hiervoor naar het rapport van

11 december 2025 van de arbeidsdeskundige B&B en de bijbehorende bijlage: resultaat functiebeoordeling. Hierin is navolgbaar gemotiveerd dat [eiseres] de werkzaamheden kan verrichten. De arbeidsdeskundige B&B heeft het middelste uurloon van deze functies

(€ 14,20) afgezet tegen het uurloon (€ 18,18) dat [eiseres] verdiende als [functie], en een arbeidsongeschiktheidspercentage berekend van 21,89 %. Omdat dit minder is dan 35% heeft het UWV terecht besloten dat zij geen recht heeft op een

WIA-uitkering.

Conclusie en gevolgen

Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat [eiseres] geen gelijk krijgt. Zij krijgt daarom het griffierecht niet terug en ook geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.T. de Kwaasteniet, rechter, in aanwezigheid van

J.T. Boddeüs, griffier. Uitgesproken in het openbaar op

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hoger beroepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hoger beroepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.

Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.

Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand