ECLI:NL:RBROT:2018:11509

ECLI:NL:RBROT:2018:11509

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 07-06-2018
Datum publicatie 12-02-2026
Zaaknummer 10/740462-16
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Veroordeling voor verkrachting, feitelijke aanranding van de eerbaarheid, poging tot verkrachting, handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd en handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd en handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II en handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot vuurwapen van categorie III. Opgelegd: gevangenisstraf voor de duur van drie jaar, met aftrek voorarrest en TBS met voorwaarden.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 2

Parketnummer: 10/740462-16

Datum uitspraak: 7 juni 2018

Tegenspraak

Verkort vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1970,

niet ingeschreven in de basisregistratie personen,

raadsman mr. E. Janse, advocaat te Rotterdam.

1. Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 24 mei 2018.

2. Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

3. Eis officier van justitie

De officier van justitie mr. A. Ekiz heeft gevorderd:

4. Waardering van het bewijs

Bewezenverklaring zonder nadere motivering

Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat het onder 1 primair, 2, 3, 4 en 5 ten laste gelegde wettig en overtuigend is bewezen. De verdachte heeft de feiten 4 en 5 bekend. Ten aanzien van de feiten 1 primair, 2 en 3 heeft de verdachte verklaard dat hij op 3 respectievelijk 20 september 2016 aanwezig is geweest in het Kralingse Bos te Rotterdam, dat hij zich van de ten laste gelegde incidenten niets kan herinneren, maar dat hij, gezien de inhoud van de bewijsmiddelen, ervan uitgaat dat hij de slachtoffers op deze data en plaats heeft verkracht en aangerand respectievelijk heeft aangerand en gepoogd heeft te verkrachten. Deze feiten zullen zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.

Bewezenverklaring

Wettig en overtuigend is bewezen dat de verdachte het onder 1 primair, 2, 3, 4 en 5 ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:

1.

hij op of omstreeks 03 september 2016 te Rotterdam

door geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of door bedreiging met

geweld en/of bedreiging met (een) andere feitelijkhe(i)d(en)

iemand, te weten [slachtoffer 1], heeft gedwongen tot het ondergaan van

handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen

van het lichaam, namelijk brengen/duwen van zijn vinger(s) in haar vagina;

het geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of de bedreiging met

geweld en/of de bedreiging met (een) ander feitelijkhe(i)d(en) heeft/hebben

bestaan uit het

- tonen van zijn ontblote geslachtdeel en/of

- meermalen aan die [slachtoffer 1] toevoegen van de woorden: "Wil je niet met mij

spelen?", althans woorden van gelijke strekking en/of

- volgen en/of achterna lopen van die [slachtoffer 1] en/of

- vastpakken van en/of trekken aan het lichaam van die [slachtoffer 1] naar, althans

in de richting van, de bosjes en/of

- op de grond duwen en/of trekken van die [slachtoffer 1] en/of

- op haar gaan zitten en/of liggen en/of

- losmaken van zijn broekriem en/of naar beneden trekken van haar broek en/of

slip en/of

- brengen van zijn hand onder haar shirt en/of bh en/of

- voelen aan en/of betasten van haar borsten en/of knijpen in haar tepel(s)

en/of

- houden van zijn hand op en/of over haar mond en/of neus van en/of

- brengen en/of duwen en/of houden van zijn geslachtsdeel naar en/of bij haar

mond, althans gezicht en/of

- aan die [slachtoffer 1] toevoegen van de woorden: "zuigen, zuigen", althans

woorden van gelijke strekking;

2.

hij op of omstreeks 03 september 2016 te Rotterdam

door geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of door bedreiging met

geweld en/of door bedreiging met (een) andere feitelijkhe(i)d(en)

iemand, te weten [slachtoffer 1], heeft gedwongen tot het plegen en/of dulden

van een of meer ontuchtige handeling(en), namelijk het betasten van en/of

voelen aan haar borsten en/of tepel(s) en/of vagina, het geweld en/of een

andere feitelijkhe(i)d(en) en/of de bedreiging met geweld en/of de bedreiging

met andere feitelijkhe(i)d(en) heeft/hebben bestaan uit het

- tonen van zijn ontblote geslachtdeel en/of

- meermalen aan die [slachtoffer 1] toevoegen van de woorden: "Wil je niet met mij

spelen?", althans woorden van gelijke strekking en/of

- volgen en/of achterna lopen van die [slachtoffer 1] en/of

- vastpakken van en/of trekken aan haar lichaam naar, althans

in de richting van de bosjes en/of

- op de grond duwen en/of trekken van die [slachtoffer 1] en/of

- op haar gaan zitten en/of liggen en/of

- losmaken van zijn broekriem en/of naar beneden trekken van haar broek en/of

slip en/of

- brengen van zijn hand onder haar shirt en/of bh en/of

- voelen aan en/of betasten van haar borsten en/of knijpen in haar tepel(s)

en/of

- houden van zijn hand op en/of over haar mond en/of neus en/of

- brengen en/of duwen en/of houden van zijn geslachtsdeel naar en/of bij haar

mond, althans gezicht en/of

- aan die [slachtoffer 1] toevoegen van de woorden: "zuigen, zuigen", althans

woorden van gelijke strekking;

3.

hij op of omstreeks 20 september 2016 te Rotterdam

ter uitvoering van het door hem voorgenomen misdrijf om

door geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of door bedreiging met

geweld en/of bedreiging met (een) andere feitelijkhe(i)d(en) iemand, te weten

[slachtoffer 2], te dwingen tot het ondergaan van handelingen die bestonden uit of

mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam,

- onverhoeds achter haar is gaan staan en/of

- zijn ontblote geslachtsdeel heeft getoond en/of

- haar door middel van een nekklem heeft vastgepakt en/of vastgehouden en/of

- haar heeft opgetild en/of op de grond heeft gegooid en/of laten vallen en/of

- zijn hand op haar mond heeft gehouden en/of gedrukt en/of

- haar de woorden heeft toegevoegd: "Je wilde toch zo graag de bosjes in?"

en/of

- haar de bosjes in heeft getrokken en/of

- meermalen haar borsten heeft vastgepakt en/of in haar borsten heeft geknepen,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

4.

hij op of omstreeks 21 oktober 2016 te Zevenbergen, gemeente Moerdijk,

een wapen als bedoeld in artikel 2 lid 1 Categorie I onder 7° van de Wet

wapens en munitie gelet op 3, onder a van de Regeling wapens en munitie,

te weten een door de Minister van Justitie aangewezen voorwerp dat zodanig op

een wapen gelijkt dat het voor bedreiging of afdreiging geschikt is,

te weten replica van een revolver, welke door vorm en afmetingen een sprekende

gelijkenis vertoont met een vuurwapen, namelijk een revolver

en/of

een wapen als bedoeld in artikel 2 lid 1 Categorie I onder 3° van de Wet

wapens en munitie, te weten een boksbeugel,

voorhanden heeft gehad;

5.

hij op of omstreeks 21 oktober 2016 te Zevenbergen, gemeente Moerdijk,

munitie in de zin van artikel 1 onder 4 van de Wet wapens en munitie.

te weten munitie als bedoeld in artikel 2 lid 2 van die wet,

van de Categorie III te weten

- 6 kogelpatronen, kaliber .22 en/of

- 4 kogelpatronen, kaliber 44 MAG en/of

- 1 kogelpatroon, kaliber 45 AUTO en/of

- 1 kogelpatroon, kaliber 9mm LUGER en/of

- 1 kogelpatroon, kaliber .35 MAGNUM en/of

- 1 kogelpatroon, kaliber 38 SPL en/of

- 1 kogelpatroon, kaliber 38 SPL Winchester en/of

- 2 kogelpatronen, kaliber 5.56 en/of

- 2 kogelpatronen, kaliber onbekend en/of

- 4 kogelpatronen, kaliber onbekend

en/of

een wapen als bedoeld in artikel 2 lid 1 Categorie III onder 3° van de Wet

wapens en munitie, te weten een werpmes,

en/of

een wapen als bedoeld in artikel 2 lid 1 Categorie III onder 4° van de Wet

wapens en munitie, te weten een alarm- c.q. startpistool,

en/of

een onderdeel van een wapen als bedoeld in artikel 2 lid 1 Categorie II onder

2° van de Wet wapens en munitie, te weten een patroonmagazijn, bestemd voor

vuurwapens van het model UZI in het kaliber 9mm (zijde een vuurwapen in de zin

van artikel 1, lid, onder 3° van wie wet, geschikt om automatisch te vuren),

voorhanden heeft gehad.

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

De overtuiging dat de verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan, is gegrond op de inhoud van de wettige bewijsmiddelen, houdende tot bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Het vonnis zal, in die gevallen waarin de wet dit vereist, worden aangevuld met een bijlage met daarin de bewijsmiddelen.

5. Strafbaarheid feiten

De bewezen feiten leveren op:

De eendaadse samenloop van1 primair. verkrachting

en

2. feitelijke aanranding van de eerbaarheid;

3.

poging tot verkrachting;

4.

handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd;

5.

handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd.

en

handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het

feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II

en

handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het

feit begaan met betrekking tot vuurwapen van categorie III.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. De feiten zijn dus strafbaar.

6. Strafbaarheid verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.

7. Motivering straf en maatregel

Algemene overweging

De straf en maatregel die aan de verdachte worden opgelegd, zijn gegrond op de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Feiten waarop de straf en maatregel zijn gebaseerd

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan aanranding, verkrachting en een poging tot verkrachting van twee vrouwen in het Kralingse Bos in september 2016. Op 3 september 2016 heeft hij een vrouw achtervolgd en benaderd. Hij heeft haar onder meer vastgepakt en daarbij gevraagd: “Wil jij niet met mij spelen?”. Hierop heeft hij haar in de bosjes getrokken, is op haar gaan zitten, heeft haar borsten betast, heeft zijn vinger in haar vagina gebracht en heeft zijn geslachtsdeel bij haar mond gehouden. Vervolgens is hij in haar gezicht klaar gekomen.

Nog geen maand later gaat het weer mis. Op 20 september 2016 heeft de verdachte wederom geprobeerd een vrouw te verkrachten. Hij is onverhoeds achter haar gaan staan, heeft zijn geslachtsdeel getoond, heeft haar door middel van een nekklem vastgepakt en in de bosjes op de grond gegooid. Op het moment dat hij zijn hand op haar mond houdt, heeft hij gezegd "Je wilde toch zo graag de bosjes in?". Voorts heeft hij in haar borsten geknepen. De vrouw heeft zich vervolgens los kunnen trekken.

Voor beide vrouwen heeft de verdachte een zeer bedreigende en angstige situatie veroorzaakt. De verdachte heeft op geen enkele wijze respect getoond voor hun lichamelijke integriteit. Hij is uitsluitend gericht geweest op het bevredigen van zijn eigen seksuele behoeften. Het is een feit van algemene bekendheid dat dergelijke feiten vaak langdurige en ernstige schade kunnen toebrengen aan de geestelijke gezondheid van een slachtoffer. Bovendien veroorzaken dit soort feiten gevoelens van onveiligheid bij vrouwen in het algemeen. De rechtbank rekent dit de verdachte zwaar aan.

Voorts heeft de verdachte zich op 21 oktober 2016 schuldig gemaakt aan overtreding van de Wet wapens en munitie door in zijn huis een replica van een revolver, een boksbeugel, een werpmes, 23 kogelpatronen, een patroonhouder en een alarm- c.q. startpistool voorhanden te hebben. Het voorhanden hebben van dergelijke voorwerpen maakt een ernstige inbreuk op de rechtsorde. Tevens veroorzaakt dergelijk handelen gevoelens van onrust en onveiligheid in de samenleving.

Persoonlijke omstandigheden van de verdachte

Strafblad

De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie van 18 april 2018, waaruit blijkt dat de verdachte eerder is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.

Rapportages

Psycholoog [naam 1] en arts-assistent in opleiding tot psychiater [naam 2] (onder begeleiding van psychiater [naam 3]) van het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie, locatie Pieter Baan Centrum (PBC) hebben een Pro Justitia rapport over de verdachte opgemaakt, gedateerd 30 januari 2018. Dit rapport houdt onder meer het volgende in.

Uit dit onderzoek komt naar voren dat bij de verdachte sprake is van een gebrekkige ontwikkeling in de zin van een taalstoornis en een persoonlijkheidsstoornis met vermijdende en afhankelijke trekken. Voorts is er sprake van een ziekelijke stoornis in de vorm van een exhibitionisme stoornis.

De hierboven beschreven gebrekkige ontwikkeling (persoonlijkheidsstoornis) en de ziekelijke stoornissen (taalstoornis en exhibitionisme) waren aanwezig ten tijde van het ten laste gelegde.

De verdachte stelt geheugenproblemen en black-outs te hebben. Hij benoemt dat de black­outs (welke verder met amnesie zullen worden aangeduid) - die hij enkel heeft rondom de ten laste gelegde feiten en veroordelingen in het verleden - een ander fenomeen zijn dan de algemene geheugenproblemen in zijn dagelijks functioneren die hij al zijn hele leven ervaart. Deze van jongs af aan bestaande geheugenproblemen zouden goed verklaard kunnen worden door de taalstoornis, waardoor hij verbale informatie niet goed kan opslaan. De amnesie aangaande genoemde specifieke (gedragsmatige en niet zozeer verbale) momenten, kunnen hier echter onvoldoende door worden verklaard. Andere verklaringen voor de amnesie zijn vanuit psychiatrisch, testpsychologisch, neurologisch en beeldvormend onderzoek niet naar voren gekomen. Concluderend stellen de deskundigen dat op dit moment geen sluitende gedragskundige verklaring kan worden gegeven voor de door de verdachte opgevoerde amnesie ten aanzien van het ten laste gelegde.

De deskundigen menen dat het op basis van de beschreven psychopathologie waarschijnlijk is dat aspecten hiervan in het ten laste gelegde hebben doorgewerkt. Het wegvallen van het externe, steunende en sturende kader bij deze afhankelijke, vermijdende man met een taalstoornis hebben zijn functioneren doen verslechteren; hij kwam na het vertrek van zijn ouders in een sociaal isolement terecht en kampte met gevoelens van eenzaamheid en frustratie. Hij was niet bij machte deze emoties te verbaliseren of kanaliseren, zijn copingvaardigheden schoten daarbij ernstig tekort. De verdachte zocht verlichting in (het zoeken naar) seksuele contacten in het bos en zou blijkens het politiedossier geëxhibitioneerd hebben. Hoe de verdachte uiteindelijk tot het seksueel agressieve delictgedrag (mits bewezen) is overgegaan, wordt niet duidelijk omdat dit op geen enkele wijze met de verdachte besproken kon worden. Het vermoeden bestaat wel dat de verdachte zijn seksuele impulsen onvoldoende wist te beheersen, zoals dit zich ook in de voorgeschiedenis voordeed,. Mogelijk werden in het verlengde hiervan innerlijke spanning en negatieve emoties geseksualiseerd geuit. Aangezien de verdachte zegt zich niets te kunnen herinneren van de ten laste gelegde feiten er daarom geen concrete informatie van hem wordt verkregen, kan er geen delictreconstructie worden gemaakt.

Op basis van bovenstaande menen de deskundigen dat de ten laste gelegde feiten 1 tot en met 4 (de rechtbank begrijpt hier: 3) de verdachte in verminderde mate kunnen worden toegerekend. Een eventuele verdergaande vermindering van de toerekening kan niet beredeneerd worden wegens het gebrek aan een delictreconstructie met de verdachte.

Er zijn geen aanwijzingen dat de pathologie in zijn handelen gedurende feit 5 (de rechtbank begrijpt hier: feiten 4 en 5), wapenbezit, heeft doorgewerkt.

De kans op herhaling van soortgelijke feiten bij het uitblijven van behandeling en contextuele aanpassingen (zoals een vervangend, steunend kader creëren en het wegnemen van sociaal isolement) is gezien bovenstaande zeer reëel. Op korte termijn wordt het recidiverisico matig ingeschat, op middellange en lange termijn wordt dit echter hoog geschat, omdat de verdachte het uiteindelijk aan vaardigheden ontbreekt om zich zelfstandig maatschappelijk staande te houden. Opgemerkt dient te worden dat het exhibitioneren een blijvende perversie is en ook met een gedegen kader een voortdurend punt van aandacht zal moeten zijn.

Gelet op bovenbeschreven conclusie van verminderde toerekenbaarheid en van de op lange termijn hoge kans op herhaling, adviseert het deskundig team om de verdachte de maatregel van TBS met voorwaarden op te leggen. Een voorwaardelijk strafdeel bij een (deels) voorwaardelijke straf met een lange proeftijd wordt op dit moment onvoldoende beveiligend geacht. De eerdere behandeling voor zijn exhibitionisme blijkt namelijk onvoldoende preventief te hebben gewerkt. De ten laste gelegde feiten zijn dermate ernstig dat een meer beveiligend kader noodzakelijk wordt geacht. Daarbij valt te overwegen dat op dit moment niet precies gereconstrueerd kan worden wat de verdachte bewogen heeft om tot het gewelddadige, grensoverschrijdende gedrag over te gaan. Een TBS met voorwaarden biedt daarbij tevens langere tijd de mogelijkheid om adequaat in te grijpen, bijvoorbeeld terugplaatsing in een klinische setting, indien de verdachte na jaren dreigt terug te vallen in seksueel grensoverschrijdend gedrag.

Reclassering Nederland heeft een maatregelenrapport over de verdachte opgemaakt, gedateerd 9 mei 2018. Dit rapport houdt onder meer het volgende in.

Geadviseerd wordt om de verdachte in aanmerking te laten komen voor TBS met voorwaarden. De reclassering acht een meer stringent kader noodzakelijk, omdat hierin duidelijke voorwaarden gesteld worden waar de verdachte zich aan dient te houden en er doorgepakt kan worden daar waar nodig geacht wordt. Binnen een klinische behandeling wordt er doorgepakt, wat voorts binnen een ambulant kader voortgezet zal worden. Een voorwaardelijke veroordeling laat een te vrijblijvend kader zien, wat in deze situatie niet wenselijk is, gezien de ernst van de feiten en de nog onbehandelde problematiek.

Vanwege de ernst van de feiten, meerdere slachtoffers en de mogelijke procespositie van de verdachte, waarnaast er rekening gehouden moet worden met de bescherming van de samenleving, acht de reclassering het gepast de behandeling binnen een klinische setting te laten starten in FPA De Boog of een soortgelijke instelling, nader te bepalen door IFZ/NIFP.

Conclusies van de rechtbank

Gelet op hetgeen de rechtbank hierboven heeft overwogen, komt zij tot de volgende conclusies.

Straf

Gezien de ernst van de feiten kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een gevangenisstraf. Bij de bepaling van de duur van de gevangenisstraf heeft de rechtbank acht geslagen op straffen die in soortgelijke zaken plegen te worden opgelegd. De verdediging heeft verzocht een onvoorwaardelijke gevangenisstraf achterwege te laten. Hiervoor bestaat geen aanleiding, omdat de rechtbank de bewezenverklaarde feiten daarvoor te ernstig acht.

Aan de andere kant overweegt de rechtbank dat zij er niet zonder meer van uitgaat dat de verdachte zich bewust niets wil herinneren (selectief geheugenverlies), zoals door de officier van justitie is betoogd, om op die manier onder zijn verantwoordelijkheid uit te komen. Alhoewel de deskundigen van het PBC geen sluitende gedragskundige verklaring kunnen geven voor de opgevoerde amnesie ten aanzien van de onder 1, 2 en 3 bewezenverklaarde feiten, sluit de rechtbank niet uit dat de verdachte zich wellicht uit schaamte niets kan/wil herinneren. De verdachte heeft voorts de feiten niet ontkend, heeft volledige medewerking verleend aan de persoonlijkheidsonderzoeken van het PBC en de reclassering, staat open voor behandeling en heeft ter terechtzitting zijn excuses gemaakt naar de slachtoffers en uitdrukkelijk verklaard dat de incidenten nooit hadden mogen gebeuren.

Voorts neemt de rechtbank in overweging dat de conclusies van de psychiater (in opleiding) en psycholoog gedragen worden door hun bevindingen en door hetgeen ook overigens op de terechtzitting is gebleken en neemt daarom die conclusies over en maakt die tot de hare. De verdachte wordt dus ten aanzien van de onder 1 primair, 2 en 3 bewezenverklaarde feiten in verminderde mate toerekeningsvatbaar geacht.

De rechtbank ziet gelet op het vorenstaande aanleiding om af te wijken van de hoogte van de gevangenisstraf zoals door de officier van justitie geëist.

Maatregel

Voorts onderschrijft de rechtbank de conclusie dat oplegging van de terbeschikkingstelling met voorwaarden noodzakelijk is. De veiligheid van anderen en de algemene veiligheid van personen eisen dit. Dat oordeel is gegrond op de ernst en aard van de bewezenverklaarde feiten en het gevaar voor herhaling. Daarbij heeft de rechtbank mede in aanmerking genomen dat een eerder ambulant behandeltraject dat de verdachte heeft gevolgd na het plegen van soortgelijke feiten, niet heeft voorkomen dat hij opnieuw en dit maal in ernstiger mate seksueel grensoverschrijdende delicten heeft gepleegd.

Vastgesteld wordt dat de onder 1, 2 en 3 bewezenverklaarde feiten, ter zake waarvan de terbeschikkingstelling met voorwaarden zal worden opgelegd, misdrijven betreffen als bedoeld in artikel 37a, eerste lid, aanhef en onder 1, van het Wetboek van Strafrecht.

Aan de verdachte zal gelet op het voorgaande terbeschikkingstelling met voorwaarden worden opgelegd.

Ook zal de rechtbank de officier van justitie niet volgen in haar eis de maatregel onmiddellijk uitvoerbaar te verklaren. De duur van het op te leggen onvoorwaardelijke deel van de gevangenisstraf biedt naar de mening van de rechtbank voldoende ruimte om een vervolgbehandeling in het kader van de TBS met voorwaarden op te starten.

Alles afwegend acht de rechtbank de hierna te noemen straf en maatregel passend en geboden.

8. Toepasselijke wettelijke voorschriften

Gelet is op de artikelen 38, 38a, 45 55, 57, 242 en 246 van het Wetboek van Strafrecht en artikelen 13, 26 en 55 van de Wet wapens en munitie.

9. Bijlage

De in dit vonnis genoemde bijlage maakt deel uit van dit vonnis.

10. Beslissing

De rechtbank:

verklaart bewezen, dat de verdachte de onder 1 primair, 2, 3, 4 en 5 ten laste gelegde feiten, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert de hiervoor vermelde strafbare feiten;

verklaart de verdachte strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 jaar;

beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover deze tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;

gelast dat de verdachte ter beschikking wordt gesteld;

stelt daarbij de navolgende voorwaarden betreffende het gedrag van de ter beschikking gestelde:

1. de ter beschikking gestelde pleegt geen strafbare feiten;

2. de ter beschikking gestelde houdt zich aan de meldplicht;

3. de ter beschikking gestelde laat zich opnemen en behandelen in een door IFZ/NIFP nader te bepalen instelling zoals bijvoorbeeld FPA De Boog dan wel een soortgelijke instelling of een nader te bepalen instelling;

4. de ter beschikking gestelde geeft openheid over al zijn leefgebieden;

5. de verdachte werkt mee aan een Forensisch Psychiatrisch Toezicht (FPT), ook als dit betekent een time-outopname van maximaal 14 weken per kalenderjaar in een door NIFP/IFZ nog nader te bepalen instelling of bij een soortgelijke instelling;

6. de ter beschikking gestelde zal zijn medewerking verlenen aan het verstrekken van een pasfoto en het verstrekken van informatie zoals bedoeld in het kader van het landelijke opsporingsbeleid ten aanzien van TBS-gestelden;

7. de ter beschikking gestelde zal ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit, zijn medewerking verlenen aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in art. 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbieden en werkt mee aan het samenwerkingsconvenant van de reclassering en de politie.

8. de ter beschikking gestelde stelt zich onder toezicht van de reclassering en houdt zich aan de voorschriften en aanwijzingen die door of namens de reclassering aan hem gegeven worden. De ter beschikking gestelde zorgt ervoor dat hij te allen tijde bereikbaar is voor de reclassering, zijn behandelaren en zijn begeleiders;

9. de ter beschikking gestelde laat zich opnemen in een (F)-RIBW zolang dit door de behandelaars en/of reclassering nodig wordt geacht en/of ambulant begeleiden in een door de reclassering goedkeurde- en geschikte woonplek;

10. de ter beschikking gestelde zal niet van adres wijzigen c.q. verhuizen zonder overleg met- en toestemming van de reclassering. Overnachtingen op een ander adres dan zijn vaste verblijfadres worden vooraf met de reclassering besproken en goedgekeurd;

11. de ter beschikking gestelde verschaft de reclassering zicht op de voortgang van zijn behandeling en begeleiding en verleent de reclassering toestemming om relevante referenten te raadplegen en contact te onderhouden met personen en instanties die deel uitmaken van zijn netwerk.

12. de ter beschikking gestelde werkt mee aan ambulante behandeling/begeleiding door een nog nader te bepalen instelling zulks ter beoordeling van de reclassering en zal zich houden aan de aanwijzingen die hem in het kader van die behandeling door of namens de instelling/behandelaar worden gegeven, ook als dit inhoudt de inname- of het toedienen van de door de behandelaren hem voorgeschreven medicatie op de voorgeschreven wijze en controle hierop;

13. de ter beschikking gestelde heeft een structurele dagbesteding. Elke wisseling in dagbesteding gaat vooraf in overleg met- en/of toestemming van de reclassering;

14. de ter beschikking gestelde werkt mee aan het convenant tussen reclassering en politie, dat onder meer inhoudt dat hij onaangekondigd door de wijkagent gecontroleerd kan worden binnen zijn huis of omgeving;

15. de ter beschikking gestelde zal zich niet buiten Nederland begeven;

16. de ter beschikking gestelde geeft inzage in zijn financiën en werkt mee aan bewindvoering c.q. budgetbeheer als dit geïndiceerd is;

17. de ter beschikking gestelde zoekt op geen enkele manier contact met de slachtoffers;

18. de ter beschikking gestelde verleent zijn medewerking aan het controleren van zijn gegevensdragers en zijn sociale media accounts door de politie.

geeft aan Reclassering Nederland opdracht de ter beschikking gestelde bij de naleving van de voorwaarden hulp en steun te verlenen.

wijst af de eis van de officier van justitie tot dadelijke uitvoerbaarheid van deze maatregel.

Dit vonnis is gewezen door:

mr. V.M. de Winkel, voorzitter,

en mrs. P. van Dijken en J. Fransen, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. I.C.M.A. Bals, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.

Bijlage

Tekst tenlastelegging

Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat

1.

hij op of omstreeks 03 september 2016 te Rotterdam

door geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of door bedreiging met

geweld en/of bedreiging met (een) andere feitelijkhe(i)d(en)

iemand, te weten [slachtoffer 1], heeft gedwongen tot het ondergaan van

handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen

van het lichaam, namelijk brengen/duwen van zijn vinger(s) in haar vagina;

het geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of de bedreiging met

geweld en/of de bedreiging met (een) ander feitelijkhe(i)d(en) heeft/hebben

bestaan uit het

- tonen van zijn ontblote geslachtdeel en/of

- meermalen aan die Wan Dijk toevoegen van de woorden: "Wil je niet met mij

spelen?", althans woorden van gelijke strekking en/of

- volgen en/of achterna lopen van die [slachtoffer 1] en/of

- vastpakken van en/of trekken aan het lichaam van die [slachtoffer 1] naar, althans

in de richting van, de bosjes en/of

- op de grond duwen en/of trekken van die [slachtoffer 1] en/of

- op haar gaan zitten en/of liggen en/of

- losmaken van zijn broekriem en/of naar beneden trekken van haar broek en/of

slip en/of

- brengen van zijn hand onder haar shirt en/of bh en/of

- voelen aan en/of betasten van haar borsten en/of knijpen in haar tepel(s)

en/of

- houden van zijn hand op en/of over haar mond en/of neus van en/of

- brengen en/of duwen en/of houden van zijn geslachtsdeel naar en/of bij haar

mond, althans gezicht en/of

- aan die [slachtoffer 1] toevoegen van de woorden: "zuigen, zuigen", althans

woorden van gelijke strekking;

(art 242 Wetboek van Strafrecht)

Subsidiair, voorzover het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou

kunnen leiden:

hij op of omstreeks 03 september 2016 te Rotterdam

ter uitvoering van het door hem voorgenomen misdrijf om door geweld en/of

(een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of door bedreiging met geweld en/of

bedreiging met (een) andere feitelijkhe(i)d(en) iemand, te weten [slachtoffer 1]

, te dwingen tot het ondergaan van handelingen die bestonden uit of mede

bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam,

- zijn ontblote geslachtdeel heeft getoond en/of

- meermalen aan die [slachtoffer 1] de woorden heeft toegevoegd: "Wil je niet met mij

spelen?", althans woorden van gelijke strekking en/of

- haar achterna is gelopen en/of heeft gevolgd en/of

- haar heeft vastgepakt en/of naar, althans in de richting van, de bosjes

heeft getrokken en/of

- haar op de grond heeft geduwd en/of getrokken en/of

- op haar is gaan zitten en/of liggen en/of

- zijn broekriem heeft losgemaakt en/of haar broek en/of slip naar beneden

heeft getrokken en/of

- zijn hand onder haar shirt en/of bh heeft gebracht en/of

- aan haar borsten heeft gevoeld en/of in haar tepel(s) heeft geknepen en/of

- zijn hand op en/of over haar mond en/of neus heeft gehouden/geduwd en/of

- zijn geslachtsdeel naar en/of bij haar mond, althans gezicht, heeft gebracht

en/of geduwd en/of gehouden en/of

- aan die [slachtoffer 1] de woorden heeft toegevoegd: "zuigen, zuigen", althans

woorden van gelijke strekking,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

(art 242 jo 45 Wetboek van Strafrecht)

2.

hij op of omstreeks 03 september 2016 te Rotterdam

door geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of door bedreiging met

geweld en/of door bedreiging met (een) andere feitelijkhe(i)d(en)

iemand, te weten [slachtoffer 1], heeft gedwongen tot het plegen en/of dulden

van een of meer ontuchtige handeling(en), namelijk het betasten van en/of

voelen aan haar borsten en/of tepel(s) en/of vagina, het geweld en/of een

andere feitelijkhe(i)d(en) en/of de bedreiging met geweld en/of de bedreiging

met andere feitelijkhe(i)d(en) heeft/hebben bestaan uit het

- tonen van zijn ontblote geslachtdeel en/of

- meermalen aan die [slachtoffer 1] toevoegen van de woorden: "Wil je niet met mij

spelen?", althans woorden van gelijke strekking en/of

- volgen en/of achterna lopen van die [slachtoffer 1] en/of

- vastpakken van en/of trekken aan haar lichaam naar, althans

in de richting van de bosjes en/of

- op de grond duwen en/of trekken van die [slachtoffer 1] en/of

- op haar gaan zitten en/of liggen en/of

- losmaken van zijn broekriem en/of naar beneden trekken van haar broek en/of

slip en/of

- brengen van zijn hand onder haar shirt en/of bh en/of

- voelen aan en/of betasten van haar borsten en/of knijpen in haar tepel(s)

en/of

- houden van zijn hand op en/of over haar mond en/of neus en/of

- brengen en/of duwen en/of houden van zijn geslachtsdeel naar en/of bij haar

mond, althans gezicht en/of

- aan die [slachtoffer 1] toevoegen van de woorden: "zuigen, zuigen", althans

woorden van gelijke strekking;

(art 246 Wetboek van Strafrecht)

3.

hij op of omstreeks 20 september 2016 te Rotterdam

ter uitvoering van het door hem voorgenomen misdrijf om

door geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of door bedreiging met

geweld en/of bedreiging met (een) andere feitelijkhe(i)d(en) iemand, te weten

[slachtoffer 2], te dwingen tot het ondergaan van handelingen die bestonden uit of

mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam,

- onverhoeds achter haar is gaan staan en/of

- zijn ontblote geslachtsdeel heeft getoond en/of

- haar door middel van een nekklem heeft vastgepakt en/of vastgehouden en/of

- haar heeft opgetild en/of op de grond heeft gegooid en/of laten vallen en/of

- zijn hand op haar mond heeft gehouden en/of gedrukt en/of

- haar de woorden heeft toegevoegd: "Je wilde toch zo graag de bosjes in?"

en/of

- haar de bosjes in heeft getrokken en/of

- meermalen haar borsten heeft vastgepakt en/of in haar borsten heeft geknepen,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

(Artikel 242 jo 45 Wetboek van Strafrecht)

en/of

hij op of omstreeks 20 september 2016 te Rotterdam

door geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of door bedreiging met

geweld en/of door bedreiging met (een) andere feitelijkhe(i)d(en)

iemand, te weten [slachtoffer 2], heeft gedwongen tot het plegen en/of dulden van

een of meer ontuchtige handeling(en), namelijk het vastpakken van en/of

knijpen in haar borsten, het geweld en/of een andere feitelijkhe(i)d(en) en/of

de bedreiging met geweld en/of de bedreiging met andere feitelijkhe(i)d(en)

heeft/hebben bestaan uit het

- onverhoeds achter haar gaan staan en/of

- tonen van zijn ontblote geslachtsdeel en/of

- haar door middel van een nekklem vastpakken en/of vasthouden en/of

- haar optillen en/of op de grond gooien en/of laten vallen en/of

- zijn hand op haar mond houden en/of drukken en/of

- haar de woorden toevoegen: "Je wilde toch zo graag de bosjes in?" en/of

- haar de bosjes in trekken en/of

- meermalen haar borsten vastpakken en/of in haar borsten knijpen;

(Artikel 246 Wetboek van Strafrecht)

4.

hij op of omstreeks 21 oktober 2016 te Zevenbergen, gemeente Moerdijk,

een wapen als bedoeld in artikel 2 lid 1 Categorie I onder 7° van de Wet

wapens en munitie gelet op 3, onder a van de Regeling wapens en munitie,

te weten een door de Minister van Justitie aangewezen voorwerp dat zodanig op

een wapen gelijkt dat het voor bedreiging of afdreiging geschikt is,

te weten replica van een revolver, welke door vorm en afmetingen een sprekende

gelijkenis vertoont met een vuurwapen, namelijk een revolver

en/of

een wapen als bedoeld in artikel 2 lid 1 Categorie I onder 3® van de Wet

wapens en munitie, te weten een boksbeugel,

voorhanden heeft gehad;

(art 13 lid 1 Wet wapens en munitie)

5.

hij op of omstreeks 21 oktober 2016 te Zevenbergen, gemeente Moerdijk,

munitie in de zin van artikel 1 onder 4 van de Wet wapens en munitie.

te weten munitie als bedoeld in artikel 2 lid 2 van die wet,

van de Categorie III te weten

- 6 kogelpatronen, kaliber .22 en/of

- 4 kogelpatronen, kaliber 44 MAG en/of

- 1 kogelpatroon, kaliber 45 AUTO en/of

- 1 kogelpatroon, kaliber 9mm LUGER en/of

- 1 kogelpatroon, kaliber .35 MAGNUM en/of

- 1 kogelpatroon, kaliber 38 SPL en/of

- 1 kogelpatroon, kaliber 38 SPL Winchester en/of

- 2 kogelpatronen, kaliber 5.56 en/of

- 2 kogelpatronen, kaliber onbekend en/of

- 4 kogelpatronen, kaliber onbekend

en/of

een wapen als bedoeld in artikel 2 lid 1 Categorie III onder 3® van de Wet

wapens en munitie, te weten een werpmes,

en/of

een wapen als bedoeld in artikel 2 lid 1 Categorie III onder 4° van de Wet

wapens en munitie, te weten een alarm- c.q. startpistool,

en/of

een onderdeel van een wapen als bedoeld in artikel 2 lid 1 Categorie II onder

2° van de Wet wapens en munitie, te weten een patroonmagazijn, bestemd voor

vuurwapens van het model UZI in het kaliber 9mm (zijde een vuurwapen in de zin

van artikel 1, lid, onder 3° van wie wet, geschikt om automatisch te vuren),

voorhanden heeft gehad.

(art 26 lid 1 Wet wapens en munitie)

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?