ECLI:NL:RBROT:2023:11924

ECLI:NL:RBROT:2023:11924, Rechtbank Rotterdam, 14-12-2023, ROT 22/5592

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 14-12-2023
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer ROT 22/5592
Rechtsgebied Bestuursrecht; Belastingrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Dordrecht
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 2 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0002320 BWBR0005416

Samenvatting

Parkeerbelasting. Ongegrond beroep. Gelet op de onderzoeksplicht van eiser lag het op zijn weg om enige inspanning te verrichten om na te gaan wat de maximale duur van het kort parkeren is. Geen sprake van een maximale parkeerduur.

Uitspraak

[naam eiser], uit [plaatsnaam], eiser

(gemachtigde: mr. N.G.A. Voorbach),

en

de heffingsambtenaar van de gemeente Dordrecht

(gemachtigde: [naam]).

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 20 oktober 2022.

De heffingsambtenaar heeft aan eiser op 27 augustus 2022 een naheffingsaanslag in de parkeerbelasting opgelegd.

De heffingsambtenaar heeft het bezwaar van eiser ongegrond verklaard. De heffingsambtenaar heeft daarbij de naheffingsaanslag gehandhaafd.

De heffingsambtenaar heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.

De rechtbank heeft het beroep op 2 november 2023 op zitting behandeld. Hieraan heeft de gemachtigde van de heffingsambtenaar deelgenomen. Namens eiser heeft

mr. A. Khadri, kantoorgenoot van gemachtigde, deelgenomen.

Feiten

2. Op 9 augustus 2022 om 14:07 heeft een parkeercontroleur geconstateerd dat de auto van eiser (kenteken [kenteken]) geparkeerd stond aan de Weeskinderendijk in Dordrecht zonder dat er aan de betaalplicht is voldaan.

3. De heffingsambtenaar heeft eiser bij beschikking van 27 augustus 2022 een naheffingsaanslag in de parkeerbelastingen opgelegd. De naheffingsaanslag beloopt in totaal € 66,80 bestaande uit € 0,30 aan verschuldigde parkeerbelasting en € 66,50 aan kosten naheffing.

Beoordeling door de rechtbank

4. De rechtbank beoordeelt of de naheffingsaanslag terecht aan eiser is opgelegd. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiser.

5. De rechtbank oordeelt dat het beroep ongegrond is. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Is de naheffingsaanslag terecht aan eiser opgelegd?

6. Eiser betoogt dat de naheffingsaanslag onterecht is opgelegd. Eiser heeft vooraf de website van het parkeerterrein geraadpleegd, waarop stond dat parkeren de eerste 24 uur gratis was. Het was niet duidelijk dat het kenteken moest worden ingevoerd. Dat die mededeling nu wel op de website staat, betekent niet dat dat er ook stond toen eiser de website raadpleegde.

Uit Bijlage I ‘Tarieventabel’ bij de Verordening parkeerbelastingen Dordrecht blijkt dat het tarief voor parkeren in tariefzone 7 (Weeskinderendijk) € 0,30 per uur bedraagt. Wanneer het kenteken wordt aangemeld, is het tarief voor de eerste 24 uur € 0,00.

De rechtbank is van oordeel dat de naheffingsaanslag terecht aan eiser is opgelegd. Het maakt niet uit wat op de website van het parkeerterrein stond, omdat de informatie ter plaatse voldoende duidelijk is. Uit de foto’s die de heffingsambtenaar heeft toegestuurd, blijkt dat bij de enige toegang tot het terrein twee borden staan en ook bij iedere parkeerautomaat op het terrein. Op al die borden staat duidelijk dat het kenteken moet worden ingevoerd. Dat eiser deze informatie kennelijk over het hoofd heeft gezien, blijft voor zijn risico. Omdat eiser zijn kenteken niet heeft aangemeld, bedroeg de verschuldigde parkeerbelasting € 0,30 per uur. Dat heeft eiser niet betaald, zodat de naheffingsaanslag terecht is opgelegd. De beroepsgrond slaagt niet.

Conclusie en gevolgen

7. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiser de naheffingsaanslag moet betalen. Eiser krijgt daarom het griffierecht niet terug. Hij krijgt ook geen vergoeding van zijn proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J.P. Ferwerda, rechter, in aanwezigheid van

mr. S.J. Veth, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 14 december 2023.

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar het gerechtshof Den Haag waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.

Digitaal beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan het gerechtshof Den Haag (belastingkamer), Postbus 20302, 2500 EH Den Haag.

Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van het gerechtshof Den Haag vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. R.J.P. Ferwerda

Griffier

  • mr. S.J. Veth

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?