ECLI:NL:RBROT:2023:13117

ECLI:NL:RBROT:2023:13117

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 27-12-2023
Datum publicatie 28-09-2026
Zaaknummer 10-15893 1-23
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Oplegging van gemaximeerde tbs.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ROTTERDAM

Team straf l

Parketnummer: 10-15893 1-23

Parketnummer vordering TUL: 10-145421-22

Datum uitspraak: 27 december 2023

Tegenspraak

Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:

[verdachte] ,

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984,

ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres: [adres] , [postcode] te [woonplaats] ,

preventief gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting [naam P.I.] te [plaats] ,

raadsman mr. W. Suttorp, advocaat te Rotterdam.

1. Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzittingen van 15 november 2023 en 13 december 2023.

2. Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

3. Eis officier van justitie

De officier van justitie mr. R.P.L. van Loon heeft gevorderd: bewezenverklaring van het primair ten laste gelegde;

de ter beschikking stelling van de verdachte met bevel tot dwangverpleging;

afwijzing van de vordering tenuitvoerlegging in de zaak met parketnummer 10-145421-22.

4. Waardering van het bewijs

Bewijswaardering

Standpunt officier van justitie

De officier van justitie heeft aangevoerd dat op basis van de aangifte, de getuigenverklaringen en de camerabeelden, wettig en overtuigend kan worden bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan een diefstal met geweld. Hij heeft eerst geweld gebruikt tegen de eigenaar van de auto en vervolgens heeft hij de auto meegenomen.

Standpunt verdediging

De raadsman heeft vrijspraak bepleit ten aanzien van het primair tenlastegelegde feit. Hij heeft hiertoe -kort gezegd- aangevoerd dat het opzet op de diefstal en/of het gepleegde geweld ontbrak.

Beoordeling Vaststaande feiten

Op 28 juni 2023 bezocht de verdachte een avondwinkel in Rotterdam. Toen hij uit deze

winkel kwam, liep hij af op een personenauto die op enige afstand van de winkel geparkeerd stond. Deze auto was een Volkswagen Golf 4 met kenteken [kentekennummer] toebehorend aan [slachtoffer] . [slachtoffer] zat op dat moment in de auto aan de bestuurderszijde. De verdachte heeft van buitenaf geschreeuwd naar [slachtoffer] en vervolgens door het geopende raam van de auto geprobeerd om [slachtoffer] te slaan en te schoppen. [slachtoffer] is de auto via de passagierszijde ontvlucht en weggerend. De verdachte heeft [slachtoffer] kort achtervolgd. Vervolgens is de verdachte, de auto passerend, teruggelopen naar de winkel. Kort daarna is de verdachte omgekeerd en weer naar de auto gelopen. Hij is in de auto ingestapt en ermee weggereden.

Oordeel van de rechtbank

Aan de verdachte is ten laste gelegd 'diefstal met (bedreiging van) geweld'. Om tot een bewezenverklaring te komen, dient vast komen te staan dat het door de verdachte gepleegde geweld, of de bedreiging hiermee, is gepleegd met als doel de voorbereiding of vergemakkelijking van de diefstal. De verdachte heeft verklaard dat hij [slachtoffer] bang wilde maken, omdat hij in veronderstelling was dat hij door [slachtoffer] werd gevolgd. Pas nadat [slachtoffer] was gevlucht en de auto had achtergelaten, bedacht de verdachte zich dat hij de auto kon meenemen. Deze verklaring van de verdachte komt overeen met zijn feitelijke gedragingen die op de camerabeelden zijn te zien, namelijk dat de verdachte eerst rustig wegloopt van de door [slachtoffer] achtergelaten auto en pas op een later moment terugkomt en met de auto wegrijdt.

De rechtbank kan aldus niet vaststellen dat de verdachte met het door hem gepleegde geweld opzet heeft gehad op de uiteindelijk door hem gepleegde diefstal van de auto. De verdachte zal dan ook partieel worden vrijgesproken van het ten laste gelegde, namelijk voor zover dit ziet op het plegen van geweld dan wel de bedreiging met geweld.

Anders dan door de raadsman bepleit kan de diefstal van de auto wel bewezen worden verklaard. Door met de auto weg te rijden heeft de verdachte zich deze wederrechtelijk toegeëigend; hij heeft immers als heer en meester over deze auto kunnen beschikken en ook zo gehandeld.

Conclusie

Dit betekent dat wettig en overtuigend is bewezen dat de verdachte de ten laste gelegde diefstal van de auto heeft begaan. Het ten laste gelegde geweld en de bedreiging met geweld is niet wettig en overtuigend bewezen. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken.

Bewezenverklaring

In bijlage Il heeft de rechtbank de inhoud van wettige bewijsmiddelen opgenomen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Op grond daarvan, en op grond van de redengevende inhoud van het voorgaande, is wettig en

overtuigend bewezen dat de verdachte het primair ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:

hij op 28 juni 2023 te Rotterdam,

een personenauto (Volkswagen Golf 4 met kenteken [kentekennummer] ), die geheel aan [slachtoffer] , toebehoorde heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

5. Strafbaarheid feit

Het bewezen feit levert op:

diefstal

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.

Het feit is dus strafbaar.

6. Strafbaarheid verdachte

De rechtbank heeft kennisgenomen van de Pro Justitia rapportage van 9 oktober 2023, opgemaakt door klinisch psycholoog [persoon A] en de Pro Justitie rapportage van 11 oktober 2023, opgemaakt door psychiater [persoon B] .

Beide deskundigen komen tot de conclusie dat bij de verdachte sprake is van een psychische stoornis in de zin van een andere gespecificeerde schizofreniespectrum of psychotische stoornis. Er is bij de verdachte sprake van een achtervolgings -en grootheidswaan. Hierbij heeft de verdachte de overtuiging dat hij achtervolgd wordt en dat er een dreiging is dat hij geliquideerd zal worden. Volgens hem werd hij in dat verband de laatste twee maanden steeds gespot. In de periode voor het tenlastegelegde was sprake van agitatie en ontremming (waarbij de verdachte de neiging had tot impulsief en agressief gedrag) hetgeen berust op de psychotische stoornis. De verdachte was volgens de deskundigen tijdens het plegen van het tenlastegelegde in zijn gedragskeuzes en gedragingen sterk beïnvloed door zijn psychotische stoornis. De psychotische overtuigingen waren ten tijde van het tenlastegelegde zo

alomvattend dat de verdachte niet in staat was de gevolgen van zijn handelen te overzien. De deskundigen adviseren het tenlastegelegde in het geheel niet aan de verdachte toe te rekenen.

De rechtbank neemt de conclusies van de deskundigen over en volgt de adviezen. Dat betekent dat het tenlastegelegde niet aan de verdachte worden toegerekend, zodat de verdachte wordt ontslagen van alle rechtsvervolging.

7. Motivering van de maatregelen

Het standpunt van de verdediging

Het opleggen van een tbs-maatregel, zoals door de deskundigen geadviseerd, staat niet in verhouding tot het delict wat de verdachte gepleegd heeft en zou disproportioneel zijn. De meewerkende houding van de verdachte bij het opstellen van de rapporten is te weinig meegewogen in de adviezen en inmiddels gebruikt de verdachte op eigen verzoek medicatie. De verdachte wil dit ook in de toekomst blijven gebruiken als de rechter dat hem oplegt.

Hooguit een voorwaardelijke tbs-maatregel is op zijn plaats. De verdachte krijgt dan nog een kans om zich te bewijzen.

Feit waarop de maatregelen zijn gebaseerd

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan diefstal van een auto. De verdachte dacht dat de bestuurder van de auto een spotter was die het op hem had gemunt. Hij heeft deze bestuurder eerst de stuipen op het lijf gejaagd door hem te slaan en een aardappelschilmesje te tonen. De bestuurder van de auto is vervolgens de auto uit gevlucht. De verdachte is in eerste instantie weggelopen van de auto om vervolgens terug te keren, in de auto te stappen en ermee weg te rijden.

Persoonlijke omstandigheden van de verdachte

Strafblad

De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie van 12 december 2023, waaruit blijkt dat de verdachte eerder is veroordeeld voor strafbare feiten.

Rapportages van deskundigen

Uit de hiervoor genoemde Pro Justitia rapportages blijkt zakelijk weergegeven het volgende.

Het recidiverisico wordt als hoog beoordeeld. De verdachte is tijdens de onderzoeken van de deskundigen nog steeds psychotisch. Tevens heeft de verdachte geen ziekte-inzicht en geen ziektebesef en dit belemmert een adequate psychiatrische behandeling.

Geadviseerd wordt om de verdachte tijdens een klinische behandeling voor zijn psychose te behandelen, onder andere door hem in te stellen op medicatie.

Nu er tevens sprake is van een stoornis in cannabisgebruik zal het gebruik van cannabis (en andere middelen) een punt van aandacht moeten zijn bij de behandeling en zo nodig dient hier een aparte behandeling voor plaats te vinden.

Wanneer er herstel en stabilisatie van het psychische evenwicht heeft plaatsgevonden, kan er een traject van resocialisatie worden gestart en kan de behandeling op poliklinische basis worden voortgezet. Ingeschat wordt dat de verdachte ook na ontslag intensieve begeleiding en behandeling nodig zal hebben op gebied van wonen (bij voorkeur in een beschermde woonvorm), werk/daginvulling, financiën, toezicht op onder andere medicatie inname en

terugval in middelenmisbruik en behandeling van onderliggende persoon!ijkheidsproblematiek.

Reclassering Nederland heeft een tweetal rapporten over de verdachte opgemaakt, gedateerd 9 november 2023 en 6 december 2023. Deze rapporten houden het volgende in. De verdachte heeft eerder onder reclasseringstoezicht gestaan en vertelt dat hij altijd al problemen had met de reclassering. Hij is van mening dat hij door de reclassering zijn woning uit moest en dat zij de spullen van zijn kinderen weggegooid zouden hebben. In het integraal eindevaluatieverslag van de reclassering (d.d. 30 mei 2023) staat dat de verhoudingen met de reclassering ernstig verstoord zijn. De verdachte stond jarenlang onder toezicht, zonder dat dit tot resultaat heeft geleid. Hij bleef zorgwekkend en risicovol gedrag vertonen en is herhaaldelijk gerecidiveerd. De verdachte is door de reclassering bij verschillende hulpverlenende instanties aangemeld, waaronder en meest recent (voor de beëindiging van het toezicht in mei 2023) bij Jan Arends voor praktische ondersteuning.

Steeds ging hij in begeleiding, maar raakte hij naar verloop van tijd weer buiten beeld. De verdachte is dan letterlijk en figuurlijk onbereikbaar voor de hulpverlening, terwijl er wel zorgwekkende signalen blijven bestaan (bijvoorbeeld van de politie). Het risico op recidive wordt ingeschat als hoog.

Adviezen ten aanzien van de interventie

De psycholoog en de psychiater komen in hun Pro Justitia rapportage tot een zelfde interventieadvies. Zij schrijven dat een zorgmachtiging is overwogen, maar dat daarbij onvoldoende forensische scherpte bestaat voor wat betreft het terugdringen van het (hoge) recidiverisico. Een zorgmachtiging is daarmee niet toereikend om de maatschappelijke veiligheid te waarborgen.

Tevens is als juridisch kader de maatregel van tbs met voorwaarden overwogen. Daarbij zullen de klinische behandeling en het instellen op antipsychotische

medicatie de voornaamste voorwaarden zijn. De verdachte heeft echter geen ziektebesef en zegt zich niet aan dergelijke voorwaarden te willen houden; hij ziet niet de zin van een klinische behandeling en hij wil zeker geen antipsychotische medicatie gebruiken. Hiermee is de maatregel van tbs met voorwaarden niet uitvoerbaar.

Er wordt, vanuit gedragsdeskundig oogpunt, de maatregel van tbs met dwangverpleging geadviseerd om het recidiverisico te verlagen en de maatschappelijke veiligheid te waarborgen.

De reclassering heeft in haar twee rapportages negatief geadviseerd over het opleggen van een tbs met voorwaarden. De kans op onttrekking aan een behandeling, zoals door de psycholoog en psychiater geadviseerd, schat de reclassering hoog in. De verdachte heeft geen enkel ziekte-inzicht of probleem besef. Ook in het (recente) verleden is gebleken dat de verdachte niet in staat is om zich coöperatief op te blijven stellen en samen te werken met reclassering en hulpverlening. Sterker nog, de laatste periode raakte de verdachte steeds verder in conflict, waardoor situaties escaleerden en betrokkenheid van de reclassering verdachtes gevoel van onrecht alleen maar aanwakkerde. De reclassering acht toezicht, behandeling en begeleiding van de verdachte binnen een ambulant kader dan ook op geen enkele manier haalbaar.

Ter terechtzitting hebben de psycholoog, de psychiater en de reclasseringswerker verklaard dat de mededeling van de verdachte ter zitting, dat hij wel medicatie wil gebruiken als de rechter hem dat oplegt, geen aanleiding geeft om hun adviezen te wijzigen. De problematiek van de verdachte is dermate complex dat deze enkele toezegging onvoldoende vertrouwen geeft. Ook de omstandigheid dat de verdachte inmiddels een antipsychotica inneemt, geef

geen aanleiding tot een ander advies. De dosis medicatie die de verdachte iuneemt is volgens de psychiater te gering om thans effect te sorteren. Ook geeft deze beperkte dosis geen bijwerkingen, terwijl bijwerkingen in het verleden voor de verdachte aanleiding waren om met de medicatie te stoppen. De deskundigen benadrukken dat de verdachte niet in staat zal zijn om zich aan bijzondere voorwaarden te kunnen houden teneinde het recidiverisico in te dammen. Daarbij speelt een rol dat de verhouding met de reclassering volledig verstoord is door incidenten in het verleden. Dit laatste is nog eens bevestigd in het contact dat de reclassering met de verdachte had om de adviesrapportages te bespreken. Deze gesprekken liepen uit de hand, omdat de verdachte boos werd.

Conclusies van de rechtbank

De rechtbank constateert dat aan de in artikel 37a Sr gestelde voorwaarden voor het opleggen van de tbs maatregel is voldaan. Zoals hiervoor besproken bestond bij verdachte op het moment van het plegen van de feiten een ziekelijke stoornis van de geestvermogens in de vorm van een psychotische stoornis en het bewezen verklaarde feit levert het misdrijf als omschreven in artikel 310 Sr op, waarop vier jaar gevangenisstraf staat.

Daarnaast is de veiligheid van anderen of de algemene veiligheid van personen of goederen zodanig in gevaar dat dit gevaar het opleggen van de maatregel van tbs met dwangverpleging eist (artikel 37b lid I Sr.). Dit volgt uit de adviezen van de deskundigen. Het recidiverisico is hoog en vereist ingrijpen door een (klinische) behandeling in een streng beveiligde setting. De deskundigen zijn eenduidig in hun advies dat het opleggen van een behandeling in het kader van een bijzondere voorwaarde niet haalbaar is. De rechtbank onderschrijft die conclusie. Daardoor behoort een voorwaardelijke tbs niet tot de opties.

Oplegging van de tbs met dwangverpleging is naar het oordeel van de rechtbank dan ook de enige maatregel die ervoor kan zorgen dat enerzijds de samenleving beschermd wordt tegen misdrijven die de verdachte onder invloed van zijn psychose pleegt, maar dat anderzijds aan de verdachte een gedegen behandeling voor zijn psychose wordt gegund en de verdachte wordt geholpen zijn leven weer op orde te krijgen. De verdachte heeft naar de rechtbank uitgesproken dat hij een sterke wil heeft om iets van zijn toekomst te maken. Hij wil een vader zijn voor zijn kinderen en hij wil van zijn angsten af. De rechtbank heeft de hoop dat de verdachte door hulp en behandeling in een strikt en gedwongen kader in de toekomst zijn leven weer op de rit kan krijgen.

Aan de verdachte zal gelet op het voorgaande terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege worden opgelegd.

Gemaximeerd

Nu het strafbare feit ter zake waarvan de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege zal worden opgelegd geen misdrijf betreft dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van één of meer personen kan de totale duur van de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege een periode van vier jaar niet te boven gaan.

Maatregel langdurig toezicht (GVM)

De rechtbank ziet gezien de adviezen van de deskundigen ook aanleiding om naast

de (gemaximeerde) tbs aan de verdachte een GVM zoals bedoeld in artikel 38z Sr op te leggen. De rechtbank acht de oplegging van deze maatregel noodzakelijk ter bescherming van de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen.

8. Vordering tenuitvoerlegging

Vonnis waarvan tenuitvoerlegging wordt gevorderd

Bij vonnis van 10 augustus 2022 van de politierechter van deze rechtbank is de verdachte ter zake van het wederrechtelijk verblijven op een in een haven gelegen besloten plaats voor distributie, opslag of overslag van goederen, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen veroordeeld tot -voor zover relevant- een gevangenisstraf van 12 weken voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar.

De proeftijd is ingegaan op 25 augustus 2022.

Beoordeling

Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat de tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke gevangenisstraf niet opportuun is, zodat deze vordering tenuitvoerlegging zonder nadere motivering zal worden afgewezen.

9. Toepasselijke wettelijke voorschriften

Gelet is op de artikelen 37a, 37b, 38z en 310 van het Wetboek van Strafrecht.

10. Bijlagen

De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit va_n dit vonnis.

11. Beslissing

De rechtbank:

verklaart bewezen, dat de verdachte het primair ten laste gelegde feit, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan (diefstal);

verklaart niet bewezen het aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

verklaart de verdachte voor het bewezen verklaarde niet strafbaar en ontslaat de verdachte ten aanzien daarvan van alle rechtsvervolging;

gelast dat de verdachte ter beschikking wordt gesteld;

beveelt dat de terbeschikkinggestelde van overheidswege wordt verpleegd;

legt de veroordeelde op de maatregel strekkende tot gedragsbeïnvloeding of vrijheidsbeperking als bedoeld in artikel 38z van het Wetboek van Strafrecht;

wijst af de gevorderde tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de politierechter van deze rechtbank van 10 augustus 2022 aan de veroordeelde opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf.

Dit vonnis is gewezen door mr. A. van Luijck, voorzitter, mr. S.A. van Egmond en mr. S.M. den Hollander rechters, in tegenwoordigheid van mr. J.C.A. Speelman, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting op 27 december 2023.

De jongste rechter en de griffier zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

Bijlage I

Tekst tenlastelegging

Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat

primair

hij, op of omstreeks 28 juni 2023 te Rotterdam,

een personenauto (Volkswagen Golf 4 met kenteken [kentekennummer] ), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer] ,

gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken, en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf hetzij de vlucht

mogelijk te maken hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door meermalen, althans eenmaal:

subsidiair

hij, op of omstreeks 28 juni 2023 te Rotterdam,

[slachtoffer] heeft bedreigd

met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling,

door meermalen, althans eenmaal, een (aardappelschil)mes aan die [slachtoffer] te tonen en/of in zijn richting te wijzen en/of met voornoemd (aardappelschil)mes in de richting van die [slachtoffer] te steken;

Bijlage Il

Bewijsmiddelen

-1.

De verklaring van de verdachte op de terechtzitting van 15 november 2023, inhoudende: Het klopt dat ik op 28 juni 2023 te Rotterdam in de auto van [slachtoffer] ben gestapt. Ik ben vervolgens met zijn auto weggereden. [slachtoffer] heeft mij daar geen toestemming voor gegeven.

-2.

Het proces-verbaal van bevindingen van de politie, eenheid Rotterdam, [nummer proces-verbaal] (pagina 4 e.v. van het zaaksdossier [dossiernummer] ), inhoudende de aangifte van [slachtoffer] :

Op 28 juni 2023 bevond ik mij op de Willem Ruyslaan in Rotterdam. Ik stond daar geparkeerd. Mijn voertuig betreft een blauwe Vo\kswagen Golf 4, met kenteken [kentekennummer] . Ik zag dat op het trottoir aan de zijde van de avondwinkel een man liep.

Ik zal deze persoon in het vervolg van mijn proces-verbaal van aangifte "de man' noemen. Ik zag dat de man bij mijn auto stond aan de bestuurderszijde en ik hoorde dat hij aan het schreeuwen was. Ik weet alleen niet meer wat hij schreeuwde.

Ik ben vervolgens op mijn blote voeten mijn auto uit gevlucht via de bijrijderszijde.

Ik zag dat de man mij passeerde in mijn zojuist omschreven personenauto en reed in de richting van het Oostplein.

Aan niemand werd het recht of de toestemming gegeven tot het plegen van het feit."

De inhoud van de gebezigde bewijsmiddelen is telkens zakelijk weergegeven. Wanneer hiervoor is verwezen naar een proces-verbaal van politie is - tenzij anders vermeld - bedoeld een proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand