ECLI:NL:RBROT:2025:10399

ECLI:NL:RBROT:2025:10399, Rechtbank Rotterdam, 04-08-2025, 10/100392-25

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 04-08-2025
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 10/100392-25
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Rotterdam
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001854

Samenvatting

Bewezenverklaring van opzettelijk brand stichten, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen te duchten is. Het bewezen verklaarde feit kan de verdachte, wegens een ziekelijke stoornis die aanwezig was tijdens het begaan van het feit, in het geheel niet worden toegerekend. De verdachte is niet strafbaar en zal ter zake van het bewezen verklaarde feit worden ontslagen van alle rechtsvervolging.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 1

Parketnummer: 10/100392-25

Datum uitspraak: 4 augustus 2025

Tegenspraak

Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] 1994 te [geboorteplaats]

inschrijvingsadres in de Basisregistratie Personen:

[adres],

preventief gedetineerd in [detentieadres],

raadsman mr. A. Dogan, advocaat te Rotterdam.

1. Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 11 juli en 4 augustus 2025.

De rechtbank heeft daarbij kennisgenomen van de op 21 juli 2025 verleende zorgmachtiging door de rechtbank Overijssel.

2. Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

3. Eis officier van justitie

De officier van justitie mr. M.J. Kruit heeft gevorderd:

4. Waardering van het bewijs

Partiële vrijspraak

Met de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat uit het dossier onvoldoende blijkt dat sprake was van levensgevaar of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander. De verdachte zal daarom worden vrijgesproken van dit onderdeel van de tenlastelegging.

Bewezenverklaring zonder nadere motivering

Voor zover door de verdediging is aangevoerd dat de verdachte geen (voorwaardelijk) opzet had met betrekking tot het gemeen gevaar van goederen, vindt dit standpunt zijn weerlegging in de gebezigde bewijsmiddelen. Het ten laste gelegde zal dan ook zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.

Bewezenverklaring

In bijlage II heeft de rechtbank de inhoud van wettige bewijsmiddelen opgenomen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Op grond daarvan, en op grond van de redengevende inhoud van het voorgaande, is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:

hij op 1 april 2025 te Rotterdam, op een balkon, behorend bij de woning gelegen aan de [adres], opzettelijk brand heeft gesticht door

- (hand)alcohol, althans een brandbare stof, uit te gieten over kledingstukken en/of schoenen en/of

- vervolgens open vuur in aanraking te brengen met die kledingstukken en/of schoenen,

ten gevolge waarvan voornoemde goederen en/of het plastic van een bankje zijn verbrand, in elk geval brand is ontstaan, en daarvan gemeen gevaar voor die woning en/of de belendende woningen, in elk geval gemeen gevaar voor goederen en/of levensgevaar voor een of meer zich in die belendende woningen bevindende personen, in elk geval levensgevaar voor een ander of anderen en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een of meer zich in belendende woningen bevindende personen, in elk geval gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander of anderen te duchten was.

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

5. Strafbaarheid feit

Het bewezen feit levert op:

opzettelijk brand stichten, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen te duchten is.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Het feit is dus strafbaar.

6. Strafbaarheid verdachte

Standpunt officier van justitie en verdediging

Zowel de officier van justitie als de verdediging heeft aangevoerd dat de verdachte ten tijde van het plegen van het ten laste gelegde feit volledig ontoerekeningsvatbaar was en daarom moet worden ontslagen van alle rechtsvervolging.

Beoordeling

Over de verdachte is een Pro Justitia-rapportage opgemaakt door psychiater [naam] op 19 juni 2025. Dit rapport houdt – onder meer – het volgende in.

Bij de verdachte is sprake van een psychose in het kader van schizofrenie en een stoornis in alcoholgebruik, licht, in kortdurende remissie in een gereguleerde omgeving. Ook ten tijde van het ten laste gelegde feit was hier sprake van. Vanuit zijn wanen meende de verdachte dat anderen erop uit waren om hem te bedreigen door zijn kleding te recyclen. Tevens meende hij dat zijn familie of anderen haren bij hem implanteerden. De verdachte besloot zodoende dat hij zijn kleding en schoenen, inclusief de gewaxte haren die geïmplanteerd waren, weg wilde doen door deze te verbranden. Vanwege de oordeels- en kritiekstoornissen voortkomend vanuit zijn problematiek zag de verdachte het risico van de brandstichting niet. De verdachte heeft ten tijde van het ten laste gelegde vanuit de aanwezige psychose gehandeld en zijn handelen kan geheel uit de psychose worden verklaard. De verdachte kon op dat moment niet beschikken over gedragsalternatieven. Om die reden wordt geadviseerd om het tenlastegelegde niet aan de verdachte toe te rekenen.

De reclassering heeft ook een rapport opgemaakt over de verdachte op 2 juli 2025. De reclassering stelt zich op het standpunt dat de verdachte niet is aangewezen op forensische interventies aangezien hij volledig ontoerekeningsvatbaar wordt geacht.

De rechtbank heeft acht geslagen op deze rapporten.

Conclusie

De rechtbank is van oordeel dat de conclusie van de psychiater gedragen wordt door haar bevindingen. De rechtbank neemt deze conclusie en die van de reclassering over en maakt die tot de hare. Het bewezen verklaarde feit kan de verdachte, wegens een ziekelijke stoornis die aanwezig was tijdens het begaan van het feit, dus in het geheel niet worden toegerekend. Dit leidt ertoe dat de verdachte niet strafbaar is. De verdachte zal ter zake van het bewezen verklaarde feit worden ontslagen van alle rechtsvervolging.

7. Toepasselijke wettelijke voorschriften

Gelet is op artikel 157 van het Wetboek van Strafrecht.

8. Bijlagen

De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.

9. Beslissing

De rechtbank:

verklaart bewezen, dat de verdachte het ten laste gelegde feit, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert het hiervoor vermelde strafbare feit;

verklaart de verdachte voor het bewezen verklaarde niet strafbaar en ontslaat de verdachte ten aanzien daarvan van alle rechtsvervolging.

Dit vonnis is gewezen door mr. H. van den Heuvel, voorzitter,

en mrs. M.J.C. Spoormaker en E.M. Rocha, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. R.E. Kroon, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting op 4 augustus 2025.

De oudste rechter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

Bijlage I

Tekst tenlastelegging

Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat

hij op 1 april 2025 te Rotterdam, op een balkon, behorend bij de woning gelegen aan de [adres], opzettelijk brand heeft gesticht door

- ( hand)alcohol, althans een brandbare stof, uit te gieten over kledingstukken en/of schoenen en/of

- vervolgens open vuur in aanraking te brengen met die kledingstukken en/of schoenen,

ten gevolge waarvan voornoemde goederen en/of een (plastic) bankje zijn verbrand, in elk geval brand is ontstaan, en daarvan gemeen gevaar voor die woning en/of de belendende woningen, in elk geval gemeen gevaar voor goederen en/of levensgevaar voor een of meer zich in die belendende woningen bevindende personen, in elk geval levensgevaar voor een ander of anderen en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een of meer zich in belendende woningen bevindende personen, in elk geval gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander of anderen te duchten was.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. H. van den Heuvel

Griffier

  • mr. R.E. Kroon

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand