ECLI:NL:RBROT:2025:12664

ECLI:NL:RBROT:2025:12664, Rechtbank Rotterdam, 17-10-2025, 11547771 CV EXPL 25-3604

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 17-10-2025
Datum publicatie 29-10-2025
Zaaknummer 11547771 CV EXPL 25-3604
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Rotterdam
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001827

Samenvatting

Huurrecht. Toewijzing ontbinding en ontruiming op basis van hoge huurachterstand. Op de zitting is verklaard dat eiseres het vonnis niet ten uitvoer zal leggen als binnen drie maanden na de datum van het vonnis vanuit de schuldhulpverlening een aanbod ter afbetaling van de huurachterstand komt en mits de lopende huur tijdig wordt betaald. De kantonrechter gaat ervan uit dat eiseres conform deze verklaring zal handelen.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam

zaaknummer: 11547771 CV EXPL 25-3604

datum uitspraak: 17 oktober 2025

Vonnis van de kantonrechter

in de zaak van

Stichting Havensteder,

vestigingsplaats: Rotterdam,

eiseres,

gemachtigde: Hafkamp Groenewegen Gerechtsdeurwaarders,

tegen

[gedaagde] ,

woonplaats: Capelle aan den IJssel,

gedaagde,

die zelf procedeert.

De partijen worden hierna ‘Havensteder’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.

1. De procedure

Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:

de dagvaarding van 10 februari 2025, met bijlagen;

het antwoord;

de op de zitting overgelegde specificatie van de huurachterstand van Havensteder.

Op 15 september 2025 is de zaak tijdens een zitting besproken. Daarbij waren aanwezig de heer [persoon A] namens de gemachtigde van Havensteder en [gedaagde] .

2. De beoordeling

Waar gaat de zaak over?

[gedaagde] huurt een woning van Havensteder. De huur is nu € 711,87 per maand. Op dit moment is er een huurachterstand. Havensteder eist dat [gedaagde] die huurachterstand betaalt en dat de kantonrechter de huurovereenkomst ontbindt. Havensteder eiste aanvankelijk ook dat [gedaagde] een vergoeding voor buitengerechtelijke kosten en wettelijke rente zou betalen, maar heeft die nevenvorderingen op de zitting ingetrokken. [gedaagde] moet van de kantonrechter inderdaad de huurachterstand betalen en de woning verlaten. Hierna wordt uitgelegd waarom.

[gedaagde] moet een huurachterstand van € 9.260,55 betalen

[gedaagde] wordt veroordeeld om € 9.260,55 berekend tot en met de maand september 2025 aan Havensteder te betalen.

De kantonrechter vindt niet helemaal duidelijk of [gedaagde] deze hoogte van de huurachterstand erkent. [gedaagde] heeft op de zitting namelijk gezegd dat “februari wel betaald is”. Havensteder heeft de door haar op de zitting gestelde hoogte van de huurachterstand onderbouwd met de overgelegde specificatie van de huurachterstand. Als [gedaagde] van mening was dat de door Havensteder gestelde hoogte van de huurachterstand niet juist was, lag het op zijn weg om betaalbewijzen ter onderbouwing van zijn standpunt over te leggen. Dit heeft hij niet gedaan en ook niet aangeboden. Daarom gaat de kantonrechter ervan uit dat de huurachterstand € 9.260,55 bedraagt, tot en met de maand september 2025.

De huurovereenkomst wordt ontbonden

De huurovereenkomst wordt ontbonden, omdat [gedaagde] verplicht was om de huur op tijd te betalen en dat niet heeft gedaan (artikel 6:265 BW). De huurachterstand is ernstig genoeg om de huurovereenkomst te beëindigen. Dat is meestal zo bij een achterstand van meer dan drie maanden, maar de kantonrechter moet rekening houden met alle omstandigheden. De kantonrechter heeft er in dit geval rekening mee gehouden dat de huurachterstand maar liefst ruim 13 huurtermijnen bedraagt, dat de huurachterstand is opgelopen tijdens deze procedure én dat er op dit moment geen vooruitzicht bestaat op (volledige) aflossing van de huurachterstand.

[gedaagde] moet de woning ontruimen en een gebruiksvergoeding betalen

Omdat de huurovereenkomst wordt ontbonden, moet [gedaagde] de woning met al zijn spullen verlaten. Dat moet binnen veertien dagen na de datum van dit vonnis. Tot en met de dag van de ontruiming moet [gedaagde] een gebruiksvergoeding van € 711,87 per maand betalen (artikel 7:225 BW). Havensteder heeft niet uitgelegd waarom [gedaagde] een vergoeding moet betalen voor de rest van die maand. Voor het verhogen van de gebruiksvergoeding gelden dezelfde regels (artikel 7:248 BW) als voor het verhogen van de huur.

[gedaagde] moet de proceskosten betalen

De proceskosten komen voor rekening van [gedaagde] , omdat hij voor het grootste deel ongelijk krijgt (artikel 237 Rv). De kantonrechter begroot de kosten die [gedaagde] aan Havensteder moet betalen op € 145,45 aan dagvaardingskosten, € 543,00 aan griffierecht,

€ 678,00 aan salaris voor de gemachtigde (2 punten x € 339,00) en € 135,00 aan nakosten. Dat is in totaal € 1.501,45. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend.

Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad

Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat Havensteder dat eist en [gedaagde] daar geen bezwaar tegen heeft gemaakt (artikel 233 Rv). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.

Voorwaarde voor het niet ten uitvoer leggen van dit vonnis

Namens Havensteder is op de zitting verklaard dat Havensteder dit vonnis niet ten uitvoer zal leggen als binnen drie maanden na de datum van dit vonnis vanuit de schuldhulpverlening een aanbod ter afbetaling van de huurachterstand komt en mits de lopende huur tijdig wordt betaald. De kantonrechter gaat ervan uit dat Havensteder conform deze verklaring zal handelen.

3. De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt [gedaagde] om aan Havensteder te betalen € 9.260,55;

ontbindt de huurovereenkomst tussen de partijen en veroordeelt [gedaagde] om binnen veertien dagen na de datum van dit vonnis de woning aan [adres] in Capelle aan den IJssel te ontruimen met alle personen en zaken die zich daar vanwege [gedaagde] bevinden en het gehuurde met alle sleutels ter beschikking van Havensteder te stellen;

veroordeelt [gedaagde] om vanaf 1 oktober 2025 tot en met de dag waarop de ontruiming plaatsvindt aan Havensteder te betalen € 711,87 per maand met de verhoging die is toegestaan;

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, die aan de kant van Havensteder worden begroot op € 1.501,45;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst al het andere af.

Dit vonnis is gewezen door mr. B.J.R. van Tongeren en in het openbaar uitgesproken.

757

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand