ECLI:NL:RBROT:2025:14644

ECLI:NL:RBROT:2025:14644, Rechtbank Rotterdam, 10-12-2025, C/10/708804 / FA RK 25-8023

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 10-12-2025
Datum publicatie 17-12-2025
Zaaknummer C/10/708804 / FA RK 25-8023
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Beschikking
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Voorlopige voorzieningen artikel 821 Rv in kader ontbinding partnerschap. Uitsluitend gebruik aangepaste echtelijke woning.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team familie

Zaaknummer / rekestnummer: C/10/708804 / FA RK 25-8023

Beschikking van 10 december 2025 over voorlopige voorzieningen

in de zaak van:

[naam 1] , hierna: [naam 1] ,

wonende te [woonplaats] ,

advocaat mr. A. Harent te Dordrecht,

t e g e n

[naam 2] , hierna: [naam 2] ,

wonende te [woonplaats] ,

advocaat mr. N. Plaisier te Hendrik-Ido-Ambacht.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

het verzoekschrift met bijlagen van [naam 1] , ingekomen op 22 oktober 2025;

het verweerschrift tevens zelfstandig verzoekschrift met bijlagen van [naam 2] , ingekomen op 11 november 2025;

het verweerschrift tegen de zelfstandige verzoeken met bijlagen van [naam 1] , ingekomen op 20 november 2025.

De mondelinge behandeling van de zaak heeft plaatsgevonden op [jw.sys.1.datum_zitting]. Daarbij zijn verschenen:

[naam 1] , bijgestaan door haar advocaat;

[naam 2] , bijgestaan door haar advocaat.

2. De vaststaande feiten

Partijen zijn een geregistreerd partnerschap aangegaan op 10 februari 1998 te Houten.

[naam 1] heeft inmiddels een verzoek tot ontbinding van het geregistreerd partnerschap gedaan, bij de rechtbank bekend onder zaak- en rekestnummer C/10/709996 / FA RK 25/8660.

3. De beoordeling

Woning

[naam 1] verzoekt te bepalen dat zij met uitsluiting van [naam 2] gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke woning, met inbegrip van de tot die woning behorende inboedel en [naam 2] te bevelen die woning te verlaten en haar te verbieden die woning verder te betreden. Tijdens de mondelinge behandeling heeft [naam 1] haar verzoek gewijzigd door subsidiair te verzoeken dat [naam 1] de ene week in de woning verblijft en [naam 2] de andere week, waarbij het wisselmoment op zaterdag om 10.00 uur is.

[naam 2] voert gemotiveerd verweer en bepleit afwijzing van het verzoek van [naam 1] . [naam 2] verzoekt bij zelfstandig verzoek te bepalen dat zij met uitsluiting van [naam 1] gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke woning en de tot de woning behorende inboedel en [naam 1] te bevelen die woning te verlaten en haar te verbieden die woning verder te betreden. Ook verzoekt [naam 2] dat aan haar ter hand worden gesteld, de goederen die tot haar dagelijks gebruik strekken.

De rechtbank zal het verzoek van [naam 1] toewijzen met ingang van 5 januari 2026 en het verzoek van [naam 2] afwijzen. Dat betekent dat [naam 1] vanaf die datum voorlopig het uitsluitend gebruik van de woning krijgt en [naam 2] de woning uiterlijk op 4 januari 2026 voorlopig dient te verlaten. De rechtbank benadrukt dat dit niets zegt over wie er uiteindelijk in de woning kan blijven wonen. [naam 1] heeft verklaard te begrijpen dat zij aan de bak moet en doet daar ook dagelijks moeite voor.

Tussen partijen is de afgelopen tijd veel gebeurd. Na een langdurig partnerschap is de relatie van partijen voorbij. Beide partijen hebben afwisselend en noodgedwongen op een andere locatie verbleven. De verhalen van partijen lopen uiteen over de vraag of de relatieproblematiek daar de oorzaak van was. [naam 1] heeft wel gemotiveerd gesteld dat de politie een aantal maal betrokken is geweest. Ook heeft zij gesteld zich onveilig en overbelast te voelen. [naam 1] verblijft op dit moment op een tijdelijk logeeradres, maar heeft verklaard en onderbouwd daar tot uiterlijk 5 januari 2026 te kunnen verblijven. Dat partijen in afwachting van een beslissing in de echtscheidingsprocedure samen in de woning kunnen blijven wonen, daar ziet de rechtbank geen mogelijkheden voor.

Partijen hebben allebei de voor hen zwaarwegende feiten en omstandigheden aangevoerd, waarbij is komen vast te staan dat beide partijen fysieke en psychische beperkingen hebben waarmee zij dagelijks te maken hebben. Vanwege deze beperkingen zijn voor beide partijen aanpassingen gedaan aan de woning. Ook is duidelijk geworden dat het verblijf van beide partijen op een alternatieve plek zorgt voor een verergering van hun klachten. Verder kunnen beide partijen in aanmerking komen voor de woning na de echtscheiding en kunnen zij ook allebei de lasten dragen. Daarnaast heeft [naam 1] in de afgelopen periode stappen gezet om een nieuwe woning te zoeken, dat is nog niet gelukt. Ook [naam 2] heeft geïnformeerd naar een andere woning. Voor haar geldt een wachttijd en zij zal dus in eerste instantie geen woning met voorrang kunnen verkrijgen. Het is de rechtbank duidelijk geworden dat geen beslissing genomen kan worden op grond van deze punten.

De rechtbank baseert de beslissing om [naam 1] vanaf 5 januari 2026 het voorlopig gebruik te geven op het feit dat zij, anders dan [naam 2] , werk en inkomen heeft. [naam 1] heeft vanwege haar werk en inkomen een grotere kans om uiteindelijk een andere woonplek te vinden. Daarvoor is het wel belangrijk dat [naam 1] voorlopig verzekerd blijft van werk en inkomen. Tijdens de mondelinge behandeling heeft [naam 1] verklaard dat haar verblijf op het logeeradres betekent dat zij haar werk niet volledig kan uitoefenen. De rechtbank begrijpt dat [naam 1] de faciliteiten van de echtelijke woning nodig heeft om haar baan uit te oefenen én dat zij niet te ver van haar werk af kan wonen. Door [naam 1] voorlopig het gebruik van de woning toe te kennen, krijgt zij de gelegenheid om haar werkzaamheden voor te zetten, inkomen te genereren én heeft zij daarnaast de rust om te zoeken naar een nieuwe woonplek. [naam 1] dient deze mogelijkheid zo goed mogelijk te benutten. Zodra zij een alternatief heeft gevonden waar zij kan verblijven, dient zij [naam 2] te informeren en gelegenheid te geven om terug te keren in de echtelijke woning.

Voor [naam 2] betekent dit dat zij de woning voorlopig dient te verlaten, een verstrekkende beslissing. [naam 2] heeft evenwel een tijdelijk alternatief in de buurt, terwijl [naam 1] dat niet (meer) heeft. [naam 2] kan tijdelijk bij haar moeder of haar broer verblijven, hoewel niet ideaal. Tijdens de mondelinge behandeling is gebleken dat partijen eerder hadden afgesproken om afwisselend gebruik te maken van de woning. Volgens [naam 1] is deze afspraak via de advocaten verlopen. [naam 2] heeft verklaard zich onder druk gezet te hebben gevoeld. Hieruit blijkt voor de rechtbank wel dat [naam 2] eerder heeft nagedacht over opnieuw een tijdelijk verblijf elders. [naam 1] heeft ook betwist dat [naam 2] bij haar moeder niet kan douchen. [naam 2] heeft aangevoerd dat ze bang is dat haar moeder financiële toeslagen zal mislopen als [naam 2] zich bij haar inschrijft. [naam 1] heeft tijdens de mondelinge behandeling verklaard dat [naam 2] ingeschreven kan blijven staan in de huidige woning van partijen. Het tijdelijke verblijf van [naam 2] bij haar moeder hoeft dan ook geen financiële gevolgen hebben. [naam 1] heeft ook aangeboden de kosten te vergoeden voor het tijdelijk zittend kunnen douchen. Ook [naam 2] dient deze feitelijke situatie zo goed mogelijk te benutten om alternatieve woonruimte te vinden. En zij dient [naam 1] direct te informeren zodra zij een alternatief heeft gevonden.

Omdat in het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning onder andere is begrepen het gebruik van de tot die woning behorende inboedel, behoeft dit onderdeel van het verzoek van [naam 1] geen afzonderlijke beslissing.

Het verzoek van [naam 2] om de goederen die tot haar dagelijks gebruik strekken, aan haar ter hand te stellen, zal de rechtbank afwijzen. Het verzoek van [naam 2] is niet onderbouwd en niet geconcretiseerd. De rechtbank gaat ervan uit dat partijen zullen zorgen dat ieder van hen kan beschikken over de eigen goederen die nodig zijn voor het dagelijks gebruik en daar zo nodig met behulp van hun advocaten nadere afspraken over te maken. Dat geldt ook voor de insulinespuiten van [naam 1] die nog altijd in de echtelijke woning zijn en het kniekussen.

De rechtbank wil partijen nogmaals meegeven dat mediation nuttig kan zijn om hun afgesloten relatie een plek te geven en afspraken te maken voor de toekomst.

Proceskosten

Gelet op de aard van de procedure bepaalt de rechtbank dat elk van de partijen de eigen kosten draagt.

4. De beslissing

De rechtbank:

bepaalt dat [naam 1] met ingang van 5 januari 2026 bij uitsluiting gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke woning aan de [adres] , met inbegrip van de tot die woning behorende inboedel;

beveelt [naam 2] met ingang van 5 januari 2026 de echtelijke woning te verlaten en verbiedt [naam 2] deze verder te betreden;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;

compenseert de proceskosten aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt;

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mr. S.L. Raphael, (kinder)rechter, en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van S.P. van Driel, griffier, op 10 december 2025.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?