Rechtbank Rotterdam
Team familie
zaaknummers / rekestnummers: C/10/678111 / FA RK 24-3242 en
zaaknummers / rekestnummers: C/10/680933 / FA RK 24-4548
Beschikking van 10 november 2025 over de echtscheiding
in de zaak van:
[naam vrouw] , hierna: de vrouw,
wonende te [woonplaats 1] ,
advocaat mr. S. Burger te Rotterdam,
t e g e n
[naam man] , hierna: de man,
wonende te [woonplaats 2] ,
advocaat mr. R. Delgado te Hoogvliet Rotterdam.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
het verzoekschrift met bijlagen van de vrouw, ingekomen op 29 april 2024;
het verweerschrift tevens zelfstandig verzoek met bijlagen van de man, ingekomen op 17 juni 2024;
het bericht met bijlagen van de vrouw van 22 september 2025;
het bericht met bijlagen van de man van 9 oktober 2025;
het bericht met bijlage van de man van 20 oktober 2025.
De mondelinge behandeling van de zaak heeft plaatsgevonden op 30 oktober 2025. Daarbij zijn verschenen:
de vrouw, bijgestaan door haar advocaat;
de man, bijgestaan door zijn advocaat.
2. De vaststaande feiten
Partijen zijn met elkaar gehuwd te Nissewaard op 22 april 2022.
3. De beoordeling
Scheiding
Partijen verzoeken ieder afzonderlijk de echtscheiding uit te spreken. Zij stellen dat het huwelijk duurzaam is ontwricht.
Het door ieder van partijen gedane verzoek tot echtscheiding wordt, als niet weersproken en op de wet gegrond, toegewezen.
Overeenstemming
Tijdens de mondelinge behandeling hebben partijen overeenstemming bereikt over de bijdrage van de man in de kosten van levensonderhoud van de vrouw. De rechtbank zal de onderlinge regeling die partijen hebben getroffen opnemen in deze beschikking. Het oorspronkelijke meer of anders verzochte zal de rechtbank afwijzen.
Verder hebben partijen afgesproken dat zij ter zake van de overige verzoeken, over en weer, niets meer van elkaar te vorderen hebben en zij hebben die verzoeken ingetrokken. De rechtbank zal de ingetrokken verzoeken afwijzen.
Proceskosten
Gelet op de aard van de procedure zal de rechtbank bepalen dat elk van de partijen de eigen kosten draagt.
4. De beslissing
De rechtbank:
spreekt uit de echtscheiding tussen partijen, gehuwd te Nissewaard op
22 april 2022;
neemt op de onderlinge regeling die partijen hebben getroffen over de bijdrage van
de man in de kosten van levensonderhoud van de vrouw, inhoudende dat de man met ingang van 19 november 2025, voor de duur van één jaar, aan de vrouw zal voldoen een bedrag van € 200,- per maand, steeds bij vooruitbetaling;
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad, behalve ten aanzien
van de echtscheiding;
compenseert de proceskosten aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt;
wijst af al het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. S. Wahedi, rechter, en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van mr. M.W. Panhuizen, griffier, op 10 november 2025.
Tegen de eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:
- de verschenen partij(en), binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- de niet verschenen partij(en), binnen drie maanden na de betekening van de beschikking aan hem/haar in persoon of binnen drie maanden nadat deze op een andere manier is betekend en openbaar is gemaakt door het plaatsen van een uittreksel van de beschikking in de Staatscourant.