ECLI:NL:RBROT:2025:15041

ECLI:NL:RBROT:2025:15041, Rechtbank Rotterdam, 24-11-2025, 10.005675.24

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 24-11-2025
Datum publicatie 24-12-2025
Zaaknummer 10.005675.24
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Vrijspraak van het plegen van ontuchtige handelingen, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam, met een minderjarige die de leeftijd van 12 jaren maar nog niet van 16 jaren had bereikt (artikel 245 (oud) Sr). De rechtbank stelt vast dat het ontuchtige karakter van de seksuele handelingen ontbreekt, omdat mentale leeftijd dichter bij de leeftijd van de aangeefster stond dan bij een gemiddelde jongere van zijn leeftijd, zodat sprake was van een gering leeftijdsverschil.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Meervoudige kamer strafzaken

Parketnummer: 10.005675.24

Datum uitspraak: 24 november 2025

Datum zitting: 24 november 2025

Tegenspraak

Verdachte: [verdachte]

geboren op [geboortedatum 1] 2003 in [geboorteplaats] ( [geboorteland] ),

ingeschreven op het adres [adres] , [postcode] te [woonplaats]

Advocaat van de verdachte: mr. P. Susijn

Officier van justitie: mr. N.A. van Manen

Kern van het vonnis

De verdachte heeft als negentienjarige seks gehad met een kind van vijftien jaar. Omdat het ontuchtige karakter ontbreekt, wordt de verdachte vrijgesproken.

1. Tenlastelegging

De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij – samengevat – in 2023 in Papendrecht met zijn penis seksueel is binnengedrongen in het lichaam van een meisje dat op dat moment vijftien jaar oud was.

De volledige tenlastelegging (hierna beschuldiging) houdt in dat

hij op of omstreeks de periode 1 juni 2023 tot en met 09 juli 2023 te Papendrecht, met [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum 2] 2008, die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, (telkens) een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , te weten

- het duwen en/of brengen en/of houden van zijn penis in de vagina van die [slachtoffer] .

2. Vrijspraak

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte moet worden veroordeeld voor het feit en daarvoor moet worden opgelegd 180 dagen jeugddetentie, waarvan 179 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar en de door de reclassering geadviseerde bijzondere voorwaarden. Daarnaast moet een werkstraf voor de duur van 150 uren, subsidiair 75 dagen vervangende hechtenis worden opgelegd. Het standpunt van de officier van justitie zal, voor zover van belang, bij de beoordeling van het bewijs worden besproken.

Conclusie van de verdediging

De verdediging heeft vrijspraak bepleit voor het feit.

Oordeel van de rechtbank

Het feit waarvan de verdachte wordt beschuldigd is niet bewezen, omdat het ontuchtige karakter van de seks ontbreekt. De verdachte wordt daarvan dus vrijgesproken. De rechtbank zal hierna verder uitleggen waarom.

De verdachte en de aangeefster zijn bekenden van elkaar en werkten in 2023 voor hetzelfde bedrijf. Gelet op de verklaringen van de verdachte en de aangeefster staat vast dat zij in 2023 eenmalig seks hebben gehad op een werklocatie na het werk toen de aangeefster vijftien jaar oud en de verdachte negentien jaar oud was. De verdachte is daarbij het lichaam van de aangeefster binnengedrongen. Op grond van artikel 245 (oud) van het Wetboek van Strafrecht is dat strafbaar. Blijkens vaste jurisprudentie kan die strafbaarheid vervallen bij seksuele handelingen waarbij het ontuchtige karakter ontbreekt omdat die handelingen niet in strijd zijn met de sociaal-ethische norm. Daarvan kan onder andere sprake zijn als het seksuele contact vrijwillig heeft plaatsgevonden tussen personen die slechts in geringe mate in leeftijd verschillen.

Tegenover de verklaring van de aangeefster dat de seks tegen haar wil heeft plaatsgevonden, staat de verklaring van de verdachte dat hij met instemming van de aangeefster seks met haar heeft gehad. Het dossier bevat voor geen van de verklaringen relevante aanknopingspunten die in strijd zijn met de lezing van de ander. Verder passen beide scenario’s bij de feiten en zijn zij niet zodanig onwaarschijnlijk dat één van de verklaringen om die reden aan geloofwaardigheid wint. Dat maakt dat het onderdeel van de verklaring van de aangeefster dat de seks niet vrijwillig was onvoldoende wordt ondersteund door de andere stukken in het dossier. De rechtbank gaat er daarom van uit dat sprake was van vrijwillige seks tussen de aangeefster en de verdachte.

Reclassering Nederland heeft destijds in een rapport van 13 oktober 2023 over een ander strafbaar feit rondom dezelfde periode geadviseerd om het jeugdstrafrecht toe te passen. De verdachte was toen schoolgaand, woonde bij zijn moeder thuis, wekte de indruk niet geheel in staat te zijn om de gevolgen van zijn handelen te overzien en toonde jeugdig. In het rapport van Reclassering Nederland van 14 oktober 2025 over dit feit sluit de reclassering aan bij het eerder uitgebrachte advies en staat verder dat er bij de verdachte enige aanwijzingen zijn voor een beneden gemiddelde intelligentie en wordt opnieuw toepassing van het jeugdstrafrecht geadviseerd.

Gelet op het voorgaande concludeert de rechtbank dat de mentale leeftijd van de verdachte ten tijde van onderhavig feit niet overeenkwam met zijn kalenderleeftijd, maar beneden zijn kalenderleeftijd viel. De verdachte was gelet op zijn persoonlijkheid en intelligentieniveau in cognitief en sociaal emotioneel opzicht minder ver in zijn ontwikkeling dan leeftijdsgenoten. De mentale leeftijd van de verdachte stond in 2023 daarom dichter bij de leeftijd van de aangeefster dan bij een gemiddelde jongere van zijn kalenderleeftijd. Hierdoor was op het moment dat zij seks met elkaar hadden sprake van een gering leeftijdsverschil tussen de aangeefster en de verdachte en van een min of meer gelijkwaardige verhouding. De ten laste gelegde seksuele handelingen zijn daarom niet aan te merken als ontuchtig in de zin van artikel 245 (oud) van het Wetboek van Strafrecht.

3. Beslissing

De rechtbank:

Vrijspraak

verklaart niet bewezen dat de verdachte het feit heeft gepleegd en spreekt de verdachte daarvan vrij.

4. Samenstelling rechtbank en ondertekening

Dit vonnis is gewezen door mr. A.S. Flikweert, voorzitter,

en mrs. E.M. Rocha en J.A. Terstegge, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. E.D. Bijl, griffier,

en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 24 november 2025.

Mrs. E.M. Rocha en J.A. Terstegge zijn niet in de gelegenheid dit vonnis te ondertekenen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. A.S. Flikweert

Griffier

  • mr. E.D. Bijl

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?