ECLI:NL:RBROT:2025:15099

ECLI:NL:RBROT:2025:15099, Rechtbank Rotterdam, 23-10-2025, 10-218241-25

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 23-10-2025
Datum publicatie 30-12-2025
Zaaknummer 10-218241-25
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Vrijspraak medeplegen uitvoer heroïne. Bewezenverklaring vervoeren en aanwezig hebben van 10 kilo heroïne. Straf: gevangenisstraf van 3 jaar, waarvan 1 jaar voorwaardelijk, proeftijd van 2 jaar, met aftrek van voorarrest.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Meervoudige kamer strafzaken

Parketnummer: 10-218241-25

Datum uitspraak: 23 oktober 2025

Datum zitting: 9 oktober 2025

Tegenspraak

Verdachte: [verdachte]

geboren op [geboortedatum] 1977 in [geboorteplaats] ( België ),

verblijvend op het adres [verblijfadres] [postcode] in [verblijfplaats] (België),

gedetineerd in de penitentiaire inrichting [naam P.I.] .

Advocaat van de verdachte: mr. L.D. Lubrano

Officier van justitie: mr. E.M. Blanken

1. Tenlastelegging

De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij - samengevat - samen met medeverdachte [medeverdachte] een partij heroïne heeft vervoerd met als bestemming België. De volledige tenlastelegging (hierna beschuldiging) houdt in dat:

primair

hij op of omstreeks 15 juli 2025 te Rotterdam, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht als bedoeld in artikel 1 lid 5 van de Opiumwet ongeveer 10 kilogram heroïne, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende heroïne, zijnde heroïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet, immers heeft verdachte opzettelijk die heroïne in een auto vervoerd met de bestemming België;

subsidiair

hij op of omstreeks 15 juli 2025 te Rotterdam, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk heeft vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, ongeveer 10 kilogram heroïne, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende heroïne, zijnde heroïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.

2. Bewijs

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte moet worden veroordeeld voor het medeplegen van verlengde uitvoer van heroïne.

Conclusie van de verdediging

De verdediging heeft vrijspraak bepleit voor het medeplegen van verlengde uitvoer van heroïne. De verdediging heeft zich ten aanzien van het vervoeren/aanwezig hebben van heroïne gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. Daarbij heeft de verdediging wel opgemerkt dat hoogstens sprake is van voorwaardelijk opzet.

Oordeel van de rechtbank

Vrijspraak primair ten laste gelegde

Vast staat dat de verdachte en de medeverdachte die ochtend in een auto met Belgisch kenteken van België naar Nederland zijn gereden. Enkele minuten na de overdracht van een tas met daarin heroïne is de auto in Rotterdam staande gehouden door de politie. In een verborgen ruimte in de auto zijn blokken heroïne gevonden. Uit onderzoek aan de telefoon van de verdachte blijkt dat hij vlak voor zijn staandehouding naar de plaatsnaam Luik in de applicatie Google Maps heeft gezocht.

Ter discussie staat of de verdachte en de medeverdachte de bedoeling hadden om de blokken heroïne buiten het grondgebied van Nederland te brengen en hebben vervoerd met een buitenlandse bestemming. Het enkele feit dat de verdachte kennelijk op enig moment in Google Maps heeft gezocht naar Luik in België, is onvoldoende om vast te kunnen stellen dat de verdachte en medeverdachte de heroïne naar Luik wilden brengen. Ook het feit dat de verdachten die ochtend vanuit België naar Nederland zijn gereden in een auto met Belgisch kenteken, vormt geen concrete aanwijzing dat de verdachten de heroïne naar België wilden uitvoeren. Met de verdediging is de rechtbank van oordeel dat verlengde uitvoer van verdovende middelen niet wettig en overtuigend bewezen kan worden, zodat de verdachte hiervan wordt vrijgesproken.

Bewezenverklaring en bewijsmiddelen subsidiair ten laste gelegde

Bewezen is dat de verdachte:

op 15 juli 2025 te Rotterdam, tezamen en in vereniging met een ander opzettelijk heeft vervoerd en opzettelijk aanwezig heeft gehad 10 kilogram heroïne, een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I.

De bewezenverklaring is gebaseerd op de inhoud van de bewijsmiddelen. De verdachte heeft het subsidiaire feit bekend en er is geen vrijspraak bepleit. Daarom worden de bewijsmiddelen hieronder wel genoemd maar niet uitgeschreven.

1. Verklaring van de verdachte

2. Proces-verbaal van de politie

3. Proces-verbaal van de politie

4. Proces-verbaal van de politie

5. Deskundigenverslagen

Bewijsmotivering

Op basis van de bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat de verdachte en de medeverdachte willens en wetens naar Nederland zijn gereden om heroïne te gaan vervoeren. De verdachte en medeverdachte wisten vooraf waar de overdracht zou plaatsvinden en de verdachte heeft verklaard dat vooraf was afgesproken dat hij vijfduizend euro zouden krijgen als de heroïne afgeleverd zou worden.

De verklaring van de verdachte dat hij niet wist om welke hoeveelheid heroïne het zou gaan acht de rechtbank ongeloofwaardig. Het is hoogst onwaarschijnlijk dat de opdrachtgever van de verdachte hem een dergelijke grote hoeveelheid heroïne met een straatwaarde van een half miljoen laat vervoeren zonder dat de verdachte hiervan kennis heeft, dit vanwege de risico’s die daarmee gepaard gaan. Gelet hierop neemt de rechtbank aan dat de verdachte wist welke hoeveelheid heroïne hij vervoerde en daarmee opzet heeft gehad op de vervoerde hoeveelheid heroïne.

Het verweer van de verdediging wordt verworpen.

3. Kwalificatie en strafbaarheid

Kwalificatie

Het bewezen feit levert het volgende strafbare feit op:

subsidiair

eendaadse samenloop van

medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder B van de Opiumwet gegeven verbod;

medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod.

Strafbaarheid van het feit en van de verdachte

Het feit en de verdachte zijn strafbaar.

4. Straf

Eis van de officier van justitie

De verdachte moet voor verlengde uitvoer van verdovende middelen worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 40 maanden met aftrek van het voorarrest.

Standpunt van de verdediging

De verdediging heeft verzocht in strafverminderende zin rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Verzocht wordt om een aanzienlijk deel van de straf voorwaardelijk op te leggen.

Oordeel van de rechtbank

Ernst en omstandigheden van het feit

De verdachte heeft samen met de medeverdachte, zijn partner, 10 kilo heroïne vervoerd en aanwezig gehad. Op de bewuste ochtend had de verdachte een afspraak om in Rotterdam heroïne op te halen en dit vervolgens ergens af te leveren. De verdachte is met de medeverdachte, zijn partner, en hun driejarige dochter naar deze afspraak gegaan.

Het vervoeren en aanwezig hebben van heroïne is een ernstig feit. Heroïne is een zeer verslavende harddrug die schadelijk is voor de volksgezondheid en ontwrichtend voor de maatschappij. Met de handel in heroïne wordt veel geld verdiend en de gehele keten hieromheen - van het land van herkomst tot en met de gebruiker - gaat gepaard met vele vormen van ernstige criminaliteit. De verdachte heeft met zijn handelen aan dit alles bijgedragen en zich daarbij kennelijk laten leiden door financieel gewin.

Specifiek in deze zaak zijn de gevolgen van het handelen van de verdachte ook groot voor zijn dochter van drie jaar. Omdat haar beide ouders in voorarrest zaten heeft de dochter 45 dagen doorgebracht zonder haar ouders. In die periode heeft familie hun dochter opgevangen.

Persoon en persoonlijke omstandigheden

Strafblad

Uit het strafblad (uittreksel justitiële documentatie) van 5 september 2025 blijkt dat de verdachte niet eerder onherroepelijk is veroordeeld voor strafbare feiten. Het strafblad van de verdachte leidt dus niet tot een hogere straf.

Overige persoonlijke omstandigheden

De verdachte heeft verklaard dat hij schulden had omdat zijn bedrijf failliet is gegaan. De verdachte wil er voor zijn ouders zijn maar dat lukt niet vanuit detentie. Zijn partner, de medeverdachte, die niet meer in voorarrest zit, probeert wat werkzaamheden voor het bedrijf van zijn ouders te verrichten en zij zorgt voor zijn ouders.

Oplegging straf

Gezien de ernst van het feit is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf noodzakelijk. Het opleggen van een ander soort straf is niet passend. Daarbij heeft de rechtbank rekening gehouden met de rol van de verdachte in het geheel. De verdachte was de initiator van het plan en heeft de medeverdachte daarvan op de hoogte gebracht. Deze omstandigheid rechtvaardigt een differentiatie in de strafmaat ten opzichte van de medeverdachte, die geen initiërende en bepalende rol heeft gehad. De verdachte heeft doelbewust gehandeld en daarbij geen oog gehad voor de gevolgen van zijn handelen. De rechtbank zal een lagere straf opleggen dan door de officier van justitie is geëist, omdat de verdachte wordt vrijgesproken van de uitvoer van heroïne.

Alles afwegende komt de rechtbank uit op een gevangenisstraf voor de duur van drie jaar met aftrek van het voorarrest. Van deze gevangenisstraf wordt één jaar voorwaardelijk opgelegd met een proeftijd van 2 jaren, met als doel te voorkomen dat de verdachte in de toekomst opnieuw een strafbaar feit pleegt.

De gevangenisstraf zal worden tenuitvoergelegd binnen de penitentiaire inrichting, totdat aan de verdachte voorwaardelijke invrijheidstelling wordt verleend.

5. Wettelijke voorschriften

De oplegging van deze straf is gebaseerd op de artikelen 14a, 14b, 14c en 55 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet.

6. Beslissingen

De rechtbank:

Vrijspraak

verklaart niet bewezen dat de verdachte het primaire feit heeft gepleegd en spreekt de verdachte daarvan vrij;

Bewezenverklaring

verklaart bewezen dat de verdachte het subsidiaire feit, zoals in hoofdstuk 2 is omschreven, heeft gepleegd;

Kwalificatie en strafbaarheid

stelt vast dat het bewezenverklaarde oplevert het in hoofdstuk 3 vermelde strafbare feit;

verklaart de verdachte strafbaar;

Straf

Gevangenisstraf

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 3 (drie) jaar;

bepaalt dat 1 (één) jaar van deze gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders beslist;

verbindt hieraan een proeftijd, die wordt gesteld op 2 (twee) jaar, waarbij tot tenuitvoerlegging van het voorwaardelijke gedeelte van de straf kan worden beslist als de verdachte de onderstaande voorwaarde niet naleeft;

stelt als algemene voorwaarde dat:

- de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet aan een strafbaar feit schuldig maakt;

beveelt dat de tijd die door de verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, in mindering wordt gebracht op de gevangenisstraf, voor zover deze tijd niet al op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht.

7. Samenstelling rechtbank en ondertekening

Dit vonnis is gewezen door:

mr. C. Sikkel, voorzitter,

en mrs. S.M. den Hollander en mr. A.B. Baumgarten, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. J. Knook, griffier,

en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 23 oktober 2025.

Mrs. Den Hollander en Baumgarten zijn niet in de gelegenheid dit vonnis te ondertekenen.

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. C. Sikkel
  • mr. A.B. Baumgarten

Griffier

  • mr. J. Knook

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?