Rechtbank Rotterdam
Team straf 1
Parketnummer: 10-209095-23
Datum uitspraak: 23 oktober 2025
Tegenspraak
Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1991,
ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres:
[adres] , [postcode] [woonplaats] ,
gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting [naam P.I.] ,
raadsman mr. H. Raza, advocaat te Rotterdam.
1. Onderzoek op de terechtzitting
Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 9 oktober 2025.
2. Tenlastelegging
Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.
3. Eis officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd:
4. Waardering van het bewijs
Bewezenverklaring zonder nadere motivering
Het onder 3 ten laste gelegde is door de verdachte bekend. Dit feit zal zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.
Vrijspraak feiten 1 en 2
Standpunt officier van justitie
Er is voldoende wettig en overtuigend bewijs dat de verdachte de wetenschap van, en de beschikkingsmacht over alle ten laste gelegde voorwerpen heeft gehad. De verdachte stond ingeschreven op een adres behorende bij de kelderruimtes waarin de voorwerpen zijn aangetroffen. Het kan niet anders dan dat deze ruimten door de verdachte zijn gebruikt.
Beoordeling
In het kort gaat het in deze zaak om het volgende. Op 12 juli 2023 vonden onderhoudswerkzaamheden plaats in de stadsverwarmingsruimte in twee afzonderlijke flatgebouwen aan weerszijden van de Herman Bavinckstraat in Rotterdam. Daarbij zijn, verborgen onder de installaties in die ruimten, de vele wapens en andere voorwerpen aangetroffen die onder 1 en 2 in de tenlastelegging zijn opgenomen. De wapens, onderdelen daarvan en ook aangetroffen doosjes munitie waren elk afzonderlijk in duct-tape gewikkeld.
Op twee van de aangetroffen wapens zoals deze zijn aangetroffen is, nadat deze ontdaan waren van de duct-tape, DNA van de verdachte aan getroffen. Ook zijn USB-sticks aangetroffen met daarop foto’s waarop de verdachte te zien is en gegevens die op de verdachte betrekking hebben. Verder zijn er geen sporen aangetroffen of waarnemingen of verklaringen in het dossier te vinden waaruit een relatie tussen de verdachte en deze aangetroffen voorwerpen kan worden afgeleid. Op enkele andere wapens is DNA aangetroffen dat tot andere personen dan de verdachte is te herleiden. De verdachte ontkent elke betrokkenheid bij in die ruimten aangetroffen voorwerpen.
Hoewel er op het eerste gezicht veel is dat in de richting van de verdachte wijst, is er onvoldoende bewijs aanwezig dat de verdachte in de tenlastegelegde periode de wetenschap van en de beschikkingsmacht over de in de tenlastelegging genoemde voorwerpen had, zodat de verdachte moet worden vrijgesproken.
Conclusie
Het onder 1 en 2 ten laste gelegde is niet wettig en overtuigend bewezen. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken
Bewezenverklaring
In bijlage II heeft de rechtbank een opgave gedaan van wettige bewijsmiddelen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Met deze opgave wordt volstaan, nu de verdachte het bewezen verklaarde heeft bekend en geen verweer is gevoerd dat strekt tot vrijspraak. Op grond daarvan is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 3 ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:
Feit 3
hij op of omstreeks 9 april 2025, te 's-Gravenhage, althans in Nederland,
(van) één of meer horloge(s) (van het merk Rolex) en/of een geldbedrag van
(ongeveer) 6.785 euro, althans een of meer voorwerpen en/of geldbedrag(en)
Sub a
- de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de
verplaatsing heeft verborgen en/of heeft verhuld, dan wel
- heeft verborgen en/of heeft verhuld wie de rechthebbende(n) op dat /die
voorwerp(en) was/waren, en/of
- heeft verborgen en/of heeft verhuld wie dat/die voorwerp(en) voorhanden
had(den)
Sub b
- heeft verworven,voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen, heeft omgezet,
en/of
- gebruik heeft gemaakt
terwijl hij, verdachte, wist, althans redelijkerwijs moest vermoeden dat dat/die
voorwerp(en) - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig (eigen)
misdrijf.
Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet ook daarvan worden vrijgesproken.
5. Strafbaarheid feit
Het bewezen feit levert op:
feit 3: eenvoudig witwassen.
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Het feit is dus strafbaar.
6. Strafbaarheid verdachte
Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.
7. Motivering straffen
Algemene overweging
De straf die aan de verdachte wordt opgelegd, is gegrond op de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in
aanmerking genomen.
Feit waarop de straffen zijn gebaseerd
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het ‘eenvoudig’ witwassen van een geldbedrag en van een horloge. Witwassen vormt een bedreiging van de legale economie, omdat het de integriteit van het financiële en economische verkeer aantast. Het bevordert bovendien het plegen van delicten, omdat door het wegsluizen van crimineel geld of het verschaffen van een schijnbaar legale herkomst aan criminele gelden, de opsporing van de onderliggende misdrijven wordt bemoeilijkt en zonder witwassen het genereren van illegale winsten een stuk minder lucratief zou zijn.
Persoonlijke omstandigheden van de verdachte
Strafblad
Uit de justitiële documentatie van 10 juni 2025 blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.
Conclusies van de rechtbank
Gelet op hetgeen de rechtbank hierboven heeft overwogen, komt zij tot de volgende conclusies.
Gezien de aard en ernst van het feit kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een korte gevangenisstraf. Bij het bepalen van de duur van de gevangenisstraf heeft de rechtbank acht geslagen op straffen die in soortgelijke zaken worden opgelegd. De rechtbank zal afwijken van de eis van de officier van justitie, omdat de verdachte zal worden vrijgesproken van het onder 1 en 2 ten laste gelegde.
Alles afwegend acht de rechtbank de hierna te noemen straffen, waaronder de hieronder besproken verbeurdverklaring, passend en geboden.
8. In beslag genomen voorwerpen
Standpunt officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd de in beslag genomen geldbedragen verbeurd te verklaren.
Beoordeling
De in beslag genomen geldbedragen ten aanzien van het feit onder 3 (€ 6.500,00,
€ 540,00 en € 95,00) zullen worden verbeurd verklaard. Het bewezen verklaarde feit is met
betrekking tot dit geld begaan.
Ten aanzien van het in beslag genomen geldbedrag dat hoort bij het feit onder 2 (€ 57.000)
zal de bewaring worden gelast ten behoeve van de rechthebbende, nu thans geen persoon als
rechthebbende kan worden aangemerkt.
9. Toepasselijke wettelijke voorschriften
Gelet is op de artikelen 33, 33a en 420bis.1 van het Wetboek van Strafrecht.
10. Bijlagen
De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.
11. Beslissing
De rechtbank:
verklaart niet bewezen dat de verdachte de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij;
verklaart bewezen dat de verdachte het onder 3 ten laste gelegde feit, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;
stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert het hiervoor vermelde strafbare feit;
verklaart de verdachte strafbaar;
veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 (vier) maanden,
beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover deze tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;
beslist ten aanzien van de voorwerpen, geplaatst op de lijst van inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerpen, als volgt:- verklaart verbeurd als bijkomende straf voor feit 3:
* 6.500,00 EUR
* 540,00 EUR
* 95,00 EUR
- gelast de bewaring ten behoeve van de rechthebbende van:
* 57.000,00 EUR.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.J.P. van Essen, voorzitter,
en mrs. P.C. Tuinenburg en N.R. Rietveld, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. M.J. Grootendorst, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.
De griffier is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.
Bijlage I
Tekst tenlastelegging
Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat:
Feit 1 (zaak Pentagon)
hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2023 tot en met 12 juli 2023 te
Rotterdam, althans in Nederland,
-wapen(s) als bedoeld in art. 2 lid 1 Categorie III onde1 1 van de Wet wapens en
munitie, te weten vuurwapen(s) in de zin van artikel 1 onder 3 van die wet in de
vorm van een pistool, te weten:
*van het merk/type Walther P22, kaliber .22lr (goednr [beslagnummer 1] ),
*van het merk/type Cz Z, kaliber 6.35MM (2 stuks) (goednr [beslagnummer 2] en [beslagnummer 3] ),
*van het merk/type Deringer D32, kaliber .320 (goednr [beslagnummer 4] ),
*van het merk/type Glock 19 kaliber 9MM (goednr [beslagnummer 5] ),
*van een onbekend gebleven merk en type kaliber 9MM (goednr [beslagnummer 6] ),
*van het merk/type Sig Sauer P365 kaliber 9MM (goednr [beslagnummer 7] ),
*van het merk/type Cz P10 kaliber 9MM (goednr [beslagnummer 8] ),
*van het merk/type Glock 43 kaliber 9MM (goednr [beslagnummer 9] ),
*van het merk/type Glock 19 Gen 5 kaliber 9MM (goednr [beslagnummer 10] ),
*van het merk/type Fn 5.7 kaliber 5.7 x 28MM (goednr [beslagnummer 11] ),
*van het merk/type Glock 27 kaliber .40 SW (goednr [beslagnummer 12] ),
*van het merk/type Glock 43 kaliber 9MM (3 stuks) (goednr [beslagnummer 9] , [beslagnummer 13] en
[beslagnummer 14] ),
*van het merk/type Pietro Beretta M70 kaliber 7.65MM (goednr [beslagnummer 15] ) en/of
-wapen(s) als bedoeld in art. 2 lid 1 Categorie III onder 1 van de Wet wapens en
munitie, te weten vuurwapen(s) in de zin van artikel 1 onder 3 van die wet in de
vorm van een revolver, te weten:
*van het merk/type Amadeus R461 kaliber .38 special (goednr [beslagnummer 16] ),
*van het merk/type Taurus 856 kaliber .38 special (goednr [beslagnummer 17] ),
*van het merk/type Kimber K6s Dasa kaliber .357 magnum (goednr [beslagnummer 18] ) en/of
-onderde(e)l(en) van een vuurwapen in de zin van art. 3 onder 1 van de Wet Wapens
en Munitie met betrekking tot een vuurwapen in de zin van art. 1 onder 3, gelet op
art. 2 lid 1 Categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten:
*4 patroonmagazijnen van het merk/type Glock, kaliber 9MM (goednr [beslagnummer 19] )
-een onderdeel c.q. hulpstuk van een wapen als bedoeld in art. 2 lid 1 Categorie II
onder 2 van de Wet wapens en munitie, te weten een vuurwapen in de zin van
artikel 1 onder 3 van die wet te weten een automatisch machinepistool van het
merk/type Steyr TMP kaliber 9MM (goednr [beslagnummer 20] )
-munitie in de zin van art. 1 onder 4º van de Wet wapens en munitie, te weten
munitie als bedoeld in art. 2 lid 2 van die wet, van de Categorie III te weten
* 8 kogelpatronen merk/type S&B, kaliber 7.65MM (goednr [beslagnummer 21] ),
* 6 kogelpatronen merk/type PMP, kaliber 6.353MM (goednr [beslagnummer 22] ),
* 20 kogelpatronen merk/type S&B, kaliber 9MM (goednr [beslagnummer 23] )
voorhanden heeft gehad;
Feit 2 (zaak Nonagon)
hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2023 tot en met 12 juli 2023, te
Rotterdam, althans in Nederland,
(van) een geldbedrag (een bedrag van ongeveer 57.000 euro), althans een
geldbedrag
Sub a
- de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de
verplaatsing heeft verborgen en/of heeft verhuld, dan wel
- heeft verborgen en/of heeft verhuld wie de rechthebbende(n) op dat /die
voorwerp(en) was/waren, en/of
- heeft verborgen en/of heeft verhuld wie dat/die voorwerp(en) voorhanden
had(den)
Sub b
- heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen, heeft omgezet,
en/of
- gebruik heeft gemaakt
terwijl hij, verdachte, wist, althans redelijkerwijs moest vermoeden dat dat/die
geldbedrag(en) - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig (eigen)
misdrijf;
Feit 3 (zaak Hexagon)
hij op of omstreeks 9 april 2025, te 's-Gravenhage, althans in Nederland,
(van) één of meer horloge(s) (van het merk Rolex) en/of een geldbedrag van
(ongeveer) 6.785 euro, althans een of meer voorwerpen en/of geldbedrag(en)
Sub a
- de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de
verplaatsing heeft verborgen en/of heeft verhuld, dan wel
- heeft verborgen en/of heeft verhuld wie de rechthebbende(n) op dat /die
voorwerp(en) was/waren, en/of
- heeft verborgen en/of heeft verhuld wie dat/die voorwerp(en) voorhanden
had(den)
Sub b
- heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen, heeft omgezet,
en/of
- gebruik heeft gemaakt
terwijl hij, verdachte, wist, althans redelijkerwijs moest vermoeden dat dat/die
voorwerp(en) - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig (eigen)
misdrijf.