ECLI:NL:RBROT:2025:15546

ECLI:NL:RBROT:2025:15546

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 05-09-2025
Datum publicatie 27-01-2026
Zaaknummer C/10/704226 / JE RK 25-1572
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Beschikking
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling en verlenging machtiging tot uithuisplaatsing

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Jeugd

Zaaknummer: C/10/704226 / JE RK 25-1572

Datum uitspraak: 5 september 2025

Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling en verlenging machtiging tot uithuisplaatsing

in de zaak van

de gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering,

gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen de GI,

over

[minderjarige] ,

geboren op [geboortedatum] 2019 in [geboorteplaats] , hierna te noemen [minderjarige] .

De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[naam moeder] ,

hierna te noemen de moeder, wonende in [woonplaats] ,

[naam pleegouders] ,

de pleegmoeder en de pleegvader, tezamen: de pleegouders, wonende op een bij de rechtbank bekend adres.

1. Het verloop van de procedure

De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift van de GI met bijlagen, ontvangen op 30 juli 2025;

- de e-mails van de GI van 5 augustus 2025.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 5 september 2025. Daarbij waren aanwezig:

- een vertegenwoordiger van de GI, [naam] , via digitale verbinding;

- de pleegmoeder via digitale verbinding.

De moeder heeft vooraf aan de GI laten weten dat zij wel graag aanwezig zou willen zijn op zitting, maar dit niet mogelijk is vanwege het herstel van een operatie.

2. De feiten

De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige] .

[minderjarige] verblijft in een perspectief biedend pleeggezin.

De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 6 september 2024 de ondertoezichtstelling van [minderjarige] verlengd tot 10 september 2025.

De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij dezelfde beschikking de machtiging verlengd [minderjarige] gedurende dag en nacht uit huis te plaatsen in een voorziening voor pleegzorg tot 10 september 2025.

3. Het verzoek van de GI

De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige] te verlengen voor de duur van één jaar. Ook verzoekt de GI de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] in een voorziening voor pleegzorg te verlengen voor de duur van één jaar. De GI verzoekt de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

De GI handhaaft het verzoek ter zitting en licht dit als volgt toe. De communicatie tussen de GI en de moeder verloopt erg moeizaam. Het is voor de GI niet duidelijk wanneer de moeder in Nederland is en hoe het met haar gaat. Ook reageert zij vrijwel niet op de wekelijkse updates van de pleegouders. De moeder is schriftelijk akkoord gegaan met een korte verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing voor de duur van drie maanden, zodat zij na herstel van een operatie bij de behandeling ter zitting aanwezig kan zijn. De GI merkt op dat hoewel de moeder hiertoe de kans geboden moet worden, het niet zeker is dat zij van deze kans gebruik zal maken. De GI heeft verzocht om een onderzoek van de Raad voor de Kinderbescherming naar de beëindiging van het gezag van de moeder. Het kan het nog enige tijd duren voordat een uitslag van dit onderzoek bekend is.

4. Het standpunt van de pleegmoeder

De pleegmoeder sluit zich aan bij het verzoek van de GI. Het gaat goed met [minderjarige] , al is hij vanwege zijn gezondheidsproblemen erg kwetsbaar en heeft hij veel ziekenhuis- en therapieafspraken. Ook is hij gestart met EMDR. Hij gaat naar school en heeft een fijne klas. Het telefonisch contact tussen [minderjarige] en de moeder is nog erg gespannen. De pleegmoeder benadrukt dat er al veel geprobeerd is om de situatie tussen [minderjarige] en de moeder te verbeteren. De moeder wil geen Nederlands leren, hoewel dit wel zou helpen voor de communicatie met [minderjarige] . Haar harde manier van spreken in het Pools maakt hem angstig. Ondanks de uitdagingen blijft [minderjarige] goed op zijn plek bij de pleegmoeder en is hij daar welkom voor langere tijd.

5. De beoordeling

Op basis van de stukken en hetgeen ter zitting is gebleken, is de kinderrechter van oordeel dat de verlenging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] noodzakelijk blijft voor zijn verzorging en opvoeding. De zorgen over de opvoedcapaciteiten van de moeder zijn nog steeds aanwezig. Bovendien heeft [minderjarige] gelet op zijn ernstig kwetsbare gezondheid een bovengemiddelde zorgbehoefte. De moeder kan hier onvoldoende in voorzien, wat de noodzaak van de maatregelen bevestigt.

Gelet op de afwezigheid van de moeder en in afwachting van verdere informatie, waaronder het onderzoek van de Raad voor de Kinderbescherming, verlengt de kinderrechter de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing voor de duur van drie maanden en houdt de beslissing op het overig verzochte aan. Dit biedt de mogelijkheid om de situatie van [minderjarige] opnieuw te evalueren en moeder de gelegenheid te geven haar standpunt te laten horen.

De behandeling van het overige verzochte zal worden aangehouden tot de hierna te vermelden pro formadatum. De GI wordt verzocht om twee weken voor deze pro formadatum een briefrapportage (met afschrift aan de belanghebbenden) te overleggen over de stand van zaken op dat moment, in het bijzonder over de ontwikkeling van [minderjarige] en de status van het onderzoek van de Raad voor de Kinderbescherming. Ook wordt verzocht om in de briefrapportage aan te geven of het verzoek voor het overig verzochte al dan niet wordt gehandhaafd.

De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.

6. De beslissing

De kinderrechter:

verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige] tot 10 december 2025;

verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] in een voorziening voor pleegzorg tot 10 december 2025;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

en alvorens verder te beslissen:

houdt de beslissing voor het overige verzochte aan en bepaalt dat de behandeling van de zaak wordt aangehouden tot 1 november 2025 pro forma;

bepaalt dat de GI en de belanghebbenden op de genoemde pro forma datum niet ter zitting behoeven te verschijnen;

7. verzoekt de GI de kinderrechter (met afschrift aan de belanghebbenden) de verzochte briefrapportage te doen toekomen.

Deze beslissing is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 5 september 2025 door mr. K.T.F. Chocolaad-de Bos, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. L.E. Vos als griffier, en op schrift gesteld op 18 september 2025.

Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. L.E. Vos als

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?