ECLI:NL:RBROT:2025:15667

ECLI:NL:RBROT:2025:15667

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 03-11-2025
Datum publicatie 17-02-2026
Zaaknummer 11719595 GZ VERZ 25-5027
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Beschikking
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Opheffing bewind. Voordeel van de twijfel. Persoonlijke informatie tijdens zitting aan de rechter verstrekt, die betrokkene niet wil delen met bewindvoerder (haar moeder). Gewichtige redenen in de zin van art. 22 Rechtsvordering.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

zaaknummer: 11719595 GZ VERZ 25-5027

registernummer: [nummer]

uitspraak: 3 november 2025

beschikking van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam, inzake opheffing meerderjarigenbewind

over de goederen van:

[naam betrokkene] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1993,

wonende te [postcode] [woonplaats 1] , [adres] ,

hierna te noemen: betrokkene.

Bewindvoerster:

[naam bewindvoerster] ,

wonende te [woonplaats 2] ,

hierna te noemen: bewindvoerster

Verloop van de procedure

Op 23 mei 2025 is het verzoek ontvangen van betrokkene om het bij beschikking door de kantonrechter te Rotterdam d.d. 14 april 2014 ingestelde bewind over haar goederen op te heffen.

Op 11 juni 2025 is een schriftelijke reactie van de bewindvoerster [naam bewindvoerster] ontvangen. Op 15 juli 2025 is een nadere schriftelijke reactie van de bewindvoerster ontvangen.

Uit privacyoverwegingen voor betrokkene is het verdere verloop van de procedure en de beoordeling opgenomen in een aparte bijlage bij deze beschikking. Deze bijlage maakt in zijn geheel onderdeel uit van deze beschikking.

Beslissing

De kantonrechter

heft per 16 november 2025 het bewind over de goederen van betrokkene op;

bepaalt dat de bewindvoerster vóór 1 februari 2026 eindrekening en verantwoording moet afleggen over de periode 1 januari 2025 tot en met 30 november 2025 aan de kantonrechter.

Deze beschikking is gegeven door mr. C.J. Frikkee en uitgesproken ter openbare terechtzitting.

937

Tegen deze beschikking kan in hoger beroep worden gegaan bij het gerechtshof Den Haag. Dit kan alleen worden ingesteld door een advocaat. Verzoeker en degenen aan wie een kopie van de beschikking is verstrekt moeten hoger beroep instellen binnen drie maanden na de datum van de beschikking. Voor andere belanghebbenden moet dit binnen drie maanden nadat zij van de beschikking op de hoogte zijn geraakt.

================================================================

Het verdere verloop van de procedure

De zitting heeft plaatsgevonden op 20 oktober 2025. Betrokkene, bijgestaan door haar partner de heer [persoon A] , en de bewindvoerster zijn verschenen.

De beoordeling van het verzoek

Betrokkene staat sinds 14 april 2014 onder bewind vanwege een lichamelijk/geestelijke toestand. Zij vraagt om opheffing van het bewind. De bewindvoerster is de moeder van betrokkene (sinds 15 april 2015, met een korte onderbreking van circa een half jaar).

De bewindvoerster heeft in reactie op het opheffingsverzoek uitgebreid gereageerd en met vele voorbeelden, die worden ondersteund door bewijsstukken, onderbouwd waarom zij vindt dat dit verzoek moet worden afgewezen. Kort samengevat gaat het erom dat betrokkene onvoldoende medewerking verleent aan het bewind, achter de rug van haar bewindvoerster om bankrekeningen heeft geopend, zich niet houdt aan haar verplichtingen en nieuwe schulden heeft laten ontstaan. De bewindvoerder stelt dat betrokkene structureel risicovol en ongeoorloofd gedrag vertoont, waaruit blijkt dat zij niet in staat is om haar eigen geldzaken zelfstandig en verantwoord te beheren.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Duidelijk is geworden op basis van de stukken en wat tijdens de mondelinge behandeling is besproken, dat iedere basis voor een goede samenwerking tussen betrokkene en haar bewindvoerster ontbreekt. Over en weer is er geen sprake van enig vertrouwen. Er is alleen maar wantrouwen over van alles en nog wat. Dit geldt zowel voor de bewindvoerster richting betrokkene als omgekeerd.

Ook duidelijk is geworden dat betrokkene de wens heeft om ‘los te komen’ van de controle, die haar moeder/de bewindvoerster al jaren uitoefent op de geldzaken van betrokkene, en in het verlengde daarvan, op de wijze waarop betrokkene aan haar (privé-)leven invulling geeft. Althans, zo heeft betrokkene dit ervaren. Hoewel de kantonrechter zich niet aan de indruk kan onttrekken dat de bewindvoerster een en ander steeds met de beste bedoelingen en uit oprechte bezorgdheid voor betrokkene/haar dochter doet en al die tijd heeft gedaan, is wel duidelijk dat betrokkene geen medewerking meer wil verlenen aan het bewind.

Toen betrokkene onder bewind werd gesteld was zij net 20 jaar en nog helemaal niet in staat om voor zichzelf en haar financiën te zorgen. Inmiddels is betrokkene 11 jaar ouder en verdient zij naar het oordeel van de kantonrechter de kans om te laten zien dat zij hiertoe wel in staat is. Er zijn geen problematische schulden meer. Het bedrag dat de bewindvoerster heeft gespaard ten behoeve van betrokkene is (ruimschoots) voldoende om de op dit moment nog openstaande schulden te voldoen. De kantonrechter gaat er vanuit dat de bewindvoerster met het spaarsaldo van betrokkene deze schulden zal aflossen voor het einde van het bewind.

Er zijn nog wel aandachtspunten als het gaat om het zelfstandig regelen van de financiën door betrokkene. De kantonrechter begrijpt de zorgen die bij de bewindvoerster leven over de vraag of betrokkene wel zelf haar financiën naar behoren kan regelen, en ook over de vraag of er mogelijk nog terugvorderingen op uitkeringen en/of toeslagen zullen komen over de afgelopen jaren, maar daarvan is op dit moment geen sprake. Betrokkene moet in de gegeven situatie naar het oordeel van de kantonrechter het voordeel van de twijfel krijgen. Hierbij speelt mee dat betrokkene hulp zal krijgen bij haar financiën van haar partner.

Verder hecht de kantonrechter ook waarde aan het ontbreken van enige vorm van vruchtbare samenwerking tussen betrokkene en haar bewindvoerster en het gebrek aan communicatie. Dit maakt dat het bewind niet zinvol meer is. Er zijn geen aanwijzingen om aan te nemen dat dit met een andere – al dan niet professionele – bewindvoerder wezenlijk anders zal zijn.

Daarom zal het bewind worden opgeheven.

Gelet op de verstoorde relatie tussen betrokkene en de bewindvoerster zal de kantonrechter bepalen dat de eindrekening en verantwoording mag worden afgelegd aan de kantonrechter (schriftelijk) in plaats van aan betrokkene.

Ten overvloede merkt de kantonrechter nog het volgende op. Een klein deel van de mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden buiten aanwezigheid van de bewindvoerster, op verzoek van betrokkene. Betrokkene heeft de kantonrechter gevraagd of zij tijdens de mondelinge behandeling, buiten aanwezigheid van de bewindvoerster, enige persoonlijke informatie mocht delen met de rechter (en de griffier). Afgesproken is met de bewindvoerster dat de rechter eerst de informatie van betrokkene zou aanhoren en daarna zou beslissen of deze informatie alsnog moest worden gedeeld. Daarop heeft de bewindvoerster de zittingszaal verlaten. De kantonrechter heeft na het apart horen van betrokkene besloten dat deze informatie niet hoefde te worden gedeeld, gelet op het bepaalde in artikel 22 lid 2 Rechtsvordering. Kort gezegd staat hierin dat partijen in geval van gewichtige redenen aan de rechter kunnen meedelen dat alleen de rechter mag kennisnemen van bepaalde informatie. Betrokkene heeft enige persoonlijke informatie gedeeld, waarvan zij niet wilde dat haar bewindvoerster daarvan kennis zou kunnen nemen. Dit met een beroep op haar (grond)recht op privacy/eerbiediging van haar persoonlijke levenssfeer. De kantonrechter is van oordeel dat de wens van betrokkene om deze informatie niet te willen delen met haar bewindvoerster, die immers tevens haar moeder is, gerechtvaardigd was gelet op het persoonlijke karakter van deze informatie. Wat betrokkene in dit verband tegen de kantonrechter heeft verteld is geen grondslag voor de beslissing van de kantonrechter, zodat het bepaalde van artikel 22 lid 5 Rechtsvordering (verwijzing naar een andere kamer) hier niet aan de orde is.

C.J. Frikkee 3 november 2025

Kantonrechter

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?