ECLI:NL:RBROT:2025:5355

ECLI:NL:RBROT:2025:5355, Rechtbank Rotterdam, 02-05-2025, 11309761 CV EXPL 24-23561

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 02-05-2025
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 11309761 CV EXPL 24-23561
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Rotterdam
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 25 zaken
Aangehaald door 2 zaken
30 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001827 BWBR0001854 BWBR0001903 BWBR0001969 BWBR0002063 BWBR0002629 BWBR0003420 BWBR0003549 BWBR0005289 BWBR0005290 BWBR0005291 BWBR0005537 BWBR0011841 BWBR0013817 BWBR0021777 BWBR0024235 BWBR0028570 BWBR0028681 BWBR0032203 BWBR0037517 BWBR0037603 BWBR0037940 BWBR0044212 BWBR0046054 BWBR0048808 BWBR0050525 BWBR0050739 BWBR0050893 BWBR0051017 BWBR0051022

Samenvatting

Non-conformiteit. Eiser koopt auto van gedaagde en stelt dat de auto gebreken heeft. Gedaagde kijkt naar de auto, maar eiser haalt de auto vervolgens niet op. De auto staat op de vonnisdatum nog steeds bij gedaagde.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam

zaaknummer: 11309761 CV EXPL 24-23561

datum uitspraak: 2 mei 2025

Vonnis van de kantonrechter

in de zaak van

[persoon A] ,

woonplaats: [woonplaats 1] ,

eiser in conventie, verweerder in reconventie,

gemachtigde: mr. B.J.M.M. Strijdhaftig,

tegen

[persoon B] ,

die handelt onder de naam [autobedrijf B],

woonplaats: [woonplaats 2] (gemeente [gemeente] ),

gedaagde in conventie, eiser in reconventie,

gemachtigde: mr. drs. P.J.M. Veuger.

De partijen worden hierna ‘ [persoon A] ’ en ‘ [persoon B] ’ genoemd.

1. De procedure

Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:

de dagvaarding van 4 september 2024, met bijlagen;

de brief van de gemachtigde van [persoon A] van 9 september 2024, met bijlagen;

het antwoord van 13 november 2024, met een eis in reconventie (een tegeneis) en bijlagen;

de brief van [persoon B] van 4 april 2025, met bijlagen

de conclusie van [persoon A] van 15 april 2025, voor zover deze conclusie om de reconventie en over de wijziging van eis gaat, met bijlagen;

het proces-verbaal van de zitting op 15 april 2025.

2. Het geschil

[persoon A] heeft op 14 juni 2024 van [persoon B] voor € 11.400,00 een Opel Astra uit 2018 gekocht.

[persoon A] vordert in conventie:

1. primair de koopovereenkomst op grond van artikel 7:22 lid 1 onder a en/of artikel 7:22 lid 5 onder a en/of d Burgerlijk Wetboek te vernietigen wegens non-conformiteit van de auto en/of niet voltooiing herstel of weigering herstel en [persoon B] te veroordelen zijn ongedaanmakingsverplichtingen na te komen;

2. subsidiair de koopovereenkomst te vernietigen op grond van artikel 6:265 Burgerlijk Wetboek wegens een tekortkoming in de nakoming van de koopovereenkomst door [persoon B] en [persoon B] te veroordelen tot nakoming van zijn ongedaanmakingsverplichtingen;

3. meer subsidiair de koopovereenkomst te vernietigen op grond van artikel 6:228 lid 1 onder a en/of b Burgerlijk Wetboek wegens dwaling van [persoon A] en [persoon B] te veroordelen zijn ongedaanmakingsverplichtingen na te komen;

4. meest subsidiair [persoon A] een machtiging van reële executie op grond van artikel 3:299 Burgerlijk Wetboek te verlenen, [persoon B] in de kosten daarvan te veroordelen en [persoon B] te gebieden de (onrechtmatige) retentie van de auto op te heffen en deze aan [persoon A] vrij te geven;

5. uiterst subsidiair [persoon B] te gebieden de auto door een onafhankelijke derde te laten onderzoeken, [persoon B] te gebieden de auto te herstellen, [persoon B] te gebieden de auto te voorzien van een deugdelijke grote beurt en van noodzakelijk onderhoud, [persoon B] te gebieden de onrechtmatige retentie te staken en de auto aan [persoon A] vrij te geven en [persoon B] te veroordelen in de kosten die een en ander met zich mee brengt;

6. en in alle gevallen:

a. voor recht te verklaren dat [persoon B] jegens [persoon A] onrechtmatig heeft gehandeld door onterecht het retentierecht uit te oefenen;

b. voor recht te verklaren dat [persoon B] zich jegens [persoon A] niet heeft gedragen overeenkomstig de eisen van redelijkheid en billijkheid;

c. [persoon B] te veroordelen om de door [persoon A] geleden en nog te lijden schade als gevolg daarvan te vergoeden;

d. voor recht te verklaren dat de vordering van [persoon B] op [persoon A] van € 2.675,53 non-existent en onrechtmatig is;

e. voor recht te verklaren dat enige andere vordering van [persoon B] op [persoon A] non-existent is;

f. [persoon B] te veroordelen in de (na)kosten en in de buitengerechtelijke incassokosten van € 925,00, met rente;

g. [persoon B] te veroordelen de schade als bedoeld onder nummer 158 van de dagvaarding aan [persoon A] te vergoeden, met rente;

h. [persoon B] te verbieden om (onrechtmatig) transport-, onderzoeks- en herstelkosten in rekening te brengen bij [persoon A] ;

i. wettelijke rente toe te kennen;

j. althans de beslissing te nemen die de kantonrechter in goede justitie

meent te moeten nemen.

[persoon A] wijzigt zijn eis in zijn conclusie van 15 april 2025. De wijziging komt erop neer dat hij (primair) een volledige proceskostenvergoeding vordert.

[persoon B] vordert in reconventie voor recht te verklaren dat [persoon B] een retentierecht heeft op de auto en [persoon A] te veroordelen aan hem € 4.974,53 te betalen, met € 622,40 aan incassokosten en met veroordeling van [persoon A] in de proceskosten.

Is dit voor de beoordeling van belang, dan wordt hierna ingegaan op wat partijen verder naar voren brengen.

3. De beoordeling

non-conformiteit

[persoon A] is een consument, hij heeft van [persoon B] een auto gekocht en zijn stelling is dat die auto ‘niet aan de overeenkomst beantwoordt’, dat met andere woorden sprake is van non-conformiteit. [persoon A] vordert primair en (meer) subsidiair vernietiging van de koopovereenkomst, maar de kantonrechter gaat er gelet op wat [persoon A] stelt in de dagvaarding over de regels van non-conformiteit en artikel 6:265 Burgerlijk Wetboek van uit dat [persoon A] ontbinding van de overeenkomst bedoelt.

Als inderdaad sprake is van een non-conforme auto, heeft [persoon A] het recht de koopovereenkomst te ontbinden maar dit recht ontstaat pas als herstel of vervangen niet kan. Toen [persoon A] constateerde dat er iets mis was met de auto, had hij dus met de auto naar [persoon B] terug moeten gaan. Dat hij daarvoor weer terug moest rijden naar Drenthe, is het gevolg van zijn keuze om in Drenthe de auto te kopen en niet in de buurt. Dat kan [persoon B] niet worden verweten. Het zou anders zijn als de auto niet meer veilig de weg op kon, maar dat dat het geval was leest de kantonrechter nergens. [persoon A] had dus met de auto naar [persoon B] terug moeten gaan. Dat heeft hij niet gedaan.

Hoe dan ook, in plaats van dat [persoon A] met de auto terug is gegaan naar [persoon B] , heeft [persoon B] de auto opgehaald bij [persoon A] , nadat [persoon A] de auto APK heeft laten keuren en de auto afgekeurd is. Waarom [persoon A] de auto APK heeft laten keuren is de kantonrechter niet duidelijk. Van hem werd immers verwacht dat hij met de auto terug zou gaan naar [persoon B] . Als een auto niet door de keuring komt, betekent dit ook niet per definitie dat er meteen niet meer mee gereden kan en mag worden.

[persoon B] heeft de auto opgehaald, heeft de auto zelf nagekeken en er ook derden naar laten kijken. De auto was op een gegeven moment klaar en dit heeft hij [persoon A] meegedeeld. [persoon A] kon de auto dus weer op komen halen. Ook dat heeft hij niet gedaan. [persoon A] wilde eerst een uitgebreid schriftelijk verslag over wat er precies met de auto was gebeurd. Dat had [persoon A] niet van [persoon B] mogen verwachten. Als de garage belt met de mededeling dat de auto klaar is, dan kom je als klant de auto ophalen. Dan kan er op dat moment even gesproken worden over wat er mee is gebeurd. Vertrouw je het niet, dan kun je altijd nog andere maatregelen nemen. Een uitgebreid verslag over wat er precies is gebeurd, als voorwaarde vóór het ophalen van de auto, is geen wettelijk recht.

Toen [persoon A] de auto dus niet op wilde komen halen, is het tussen hem en [persoon B] uit de hand gelopen. [persoon B] ging kosten in rekening brengen die hij eerder niet bij [persoon A] in rekening had gebracht, [persoon A] wilde niet betalen. En het gevolg is dat de auto op dit moment nog bij [persoon B] staat. Aan wie ligt dit? Aan [persoon A] . Hij had immers om te beginnen de auto naar [persoon B] moeten terugbrengen en toen de auto klaar was had hij hem weer bij [persoon B] op moeten komen halen. Dan was dit allemaal niet gebeurd.

En dat is de stand van zaken op dit moment. [persoon B] heeft de auto nagekeken en voert aan dat er niets mee aan de hand is. De auto is ook APK goedgekeurd. [persoon A] kan daar niets tegenover zetten om tot de conclusie te komen dat de auto non-conform is. Voor ontbinding van de koopovereenkomst is daarom geen aanleiding en dat is er ook niet voor nader onderzoek naar de auto. [persoon A] kan de auto op gaan halen bij [persoon B] .

transportkosten

[persoon A] had de auto bij [persoon B] terug moeten brengen. Dat heeft hij echter niet gedaan. [persoon B] heeft in plaats daarvan de auto bij [persoon A] opgehaald. Een auto ophalen kost geld, volgens [persoon B] in zijn factuur van 8 augustus 2024:

[ Afbeelding factuur met info over partijen ]

Inclusief omzetbelasting gaat dit om € 1.813,48. [persoon A] moet dit bedrag aan [persoon B] betalen. De rente hierover is toewijsbaar vanaf veertien dagen na het wijzen van dit vonnis. [persoon A] moet dit bedrag betalen omdat als iemand anders iets doet wat jij eigenlijk zelf moet doen, als uitgangspunt niet verwacht kan worden dat een ander dit gratis voor je doet.

kosten onderzoek

De onderzoekskosten die [persoon B] heeft moeten maken nadat hij de auto weer terug had, blijven voor zijn rekening. Als een koper een net gekochte auto zelf terugbrengt met de mededeling dat er iets mis is met de auto, kijkt de verkoper in principe naar het probleem zonder daar kosten voor in rekening te brengen.

stallingskosten

[persoon B] vordert € 25,00 aan stallingskosten per dag, vanaf 16 augustus 2024. Dit is niet toewijsbaar, in ieder geval niet vanaf de gestelde datum. Het in rekening brengen van stallingskosten is onderdeel van het conflict dat op enig moment tussen partijen ontstaan is, meer niet eigenlijk. De auto staat momenteel echter nog wel bij [persoon B] . Als [persoon A] deze niet binnen veertien dagen na het wijzen van dit vonnis ophaalt, dus uiterlijk op 16 mei 2025, dan moet hij vanaf 17 mei 2025 wel € 25,00 per dag aan stallingskosten betalen

proceskosten

[persoon A] is de overwegend in het ongelijk gestelde partij. Hij moet daarom de proceskosten betalen. Die kosten bestaan aan de kant van [persoon B] uit € 1.218,00 aan salaris voor zijn gemachtigde (een punt voor het antwoord in conventie, een punt voor de eis in reconventie en een punt voor het bijwonen van de zitting, waarde per punt: € 406,00) en

€ 135,00 aan nakosten. Dit is bij elkaar € 1.353,00. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis door een deurwaarder uitgereikt wordt. De rente over de proceskosten is zoals [persoon B] vordert toewijsbaar vanaf veertien dagen nadat de deurwaarder dit vonnis uitreikt. Voor veroordeling van [persoon B] in de (volledige) proceskosten van [persoon A] is gelet hierop geen aanleiding.

uitvoerbaar bij voorraad

Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Dit betekent dat als deze zaak aan een hogere rechter wordt voorgelegd, in afwachting van de uitspraak van die hogere rechter afgedwongen kan worden dat aan de veroordelingen in dit vonnis wordt voldaan.

overige vorderingen

Voor zover hiervoor een van de vorderingen nog niet besproken is, hoeft dit gelet op deze uitkomst van de zaak ook niet meer.

tot slot

[persoon A] verklaarde op de zitting dat hij de auto niet terug wil omdat hij er geen vertrouwen meer in heeft. [persoon B] verklaarde de auto wel terug te willen nemen, maar hij wil niet de hele aankoopsom terugbetalen. Hij is bereid de handelsprijs van € 6.750,00 te betalen, minus de kosten die hij heeft moeten maken, in welk verband [persoon B] het had over

€ 1.250,00 aan transportkosten, een schikkingsvoorstel zo de kantonrechter begrijpt.

De kantonrechter heeft met de gedachte gespeeld in dit vonnis vast te stellen dat partijen door hun opmerkingen over een einde van de overeenkomst, zelf een einde aan de overeenkomst hebben gemaakt, met veroordeling van [persoon B] om (€ 6.750,00 - € 1.250,00 = ) € 5.500,00 aan [persoon A] terug te betalen, met veroordeling van [persoon A] in de proceskosten van € 1.353,00. Omdat partijen hier zelf niet om vragen, dit juridisch wat haken en ogen heeft en ook omdat dit als een verrassingsbeslissing zou komen, is niet voor een dergelijk oordeel gekozen. Het staat partijen echter uiteraard vrij om langs deze lijnen alsnog zelf hun geschil op te lossen.

4, De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt [persoon A] om € 1.813,48 aan transportkosten aan [persoon B] te betalen, met rente als bedoeld in artikel 6:119 Burgerlijk Wetboek vanaf veertien dagen na het wijzen van dit vonnis tot aan de dag dat dit bedrag volledig is betaald;

veroordeelt [persoon A] om, als hij niet uiterlijk op 16 mei 2025 de auto bij [persoon B] ophaalt, vanaf 17 mei 2025 € 25,00 per dag aan stallingskosten aan [persoon B] te betalen;

veroordeelt [persoon A] in de proceskosten, aan de kant van [persoon B] begroot op een bedrag van € 1.353,00, met rente als bedoeld in artikel 6:119 Burgerlijk Wetboek vanaf veertien dagen nadat de deurwaarder dit vonnis uitreikt;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad en wijst wat in conventie en in reconventie anders of meer gevorderd is af.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.H. Poiesz en in het openbaar uitgesproken.

686

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?