ECLI:NL:RBROT:2025:9043

ECLI:NL:RBROT:2025:9043, Rechtbank Rotterdam, 16-07-2025, FT RK 25/573

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 16-07-2025
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer FT RK 25/573
Rechtsgebied Civiel recht; Insolventierecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Rotterdam
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001860

Samenvatting

WSNP verzoek afgewezen. Schulden niet te goeder trouw ontstaan. Onvoldoende aannemelijk dat verzoeker de uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen naar behoren zal nakomen.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team insolventie

afwijzing toepassing schuldsaneringsregeling

rekestnummer: [nummer]

uitspraakdatum: 16 juli 2025

[verzoeker] ,

[adres]

[postcode] [woonplaats] ,

verzoeker.

1. De procedure

Verzoeker heeft op 8 april 2025 een verzoekschrift met bijlagen ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling.

Op 18 juni 2025 heeft de rechtbank een e-mailbericht ontvanger van de schuldhulpverlener. De schuldhulpverlener geeft in haar e-mailbericht aan dat zij zich, vanwege onacceptabel en verbaal grensoverschrijdend gedrag van verzoeker, afmeld voor de zitting van 9 juli 2025.

Ter zitting van 9 juli 2025 zijn verschenen en gehoord:

De uitspraak is bepaald op heden.

2. De feiten

Verzoeker ontvangt inkomsten uit een PW-uitkering. De schuldenlast bedraagt volgens de verklaring als bedoeld in artikel 285 Faillissementswet € 25.031,55.

3. De beoordeling

Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt slechts toegewezen als voldoende aannemelijk is dat verzoeker ten aanzien van het ontstaan of onbetaald laten van zijn schulden in de drie jaar voorafgaand aan de dag waarop het verzoekschrift is ingediend, te goeder trouw is geweest en dat hij de uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen naar behoren zal nakomen en zich zal inspannen zoveel mogelijk baten voor de boedel te verwerven. De rechtbank oordeelt dat het één noch het ander in het voorliggende geval aannemelijk is.

De goede trouw is een gedragsmaatstaf waaraan een verzoeker dient te voldoen. Bij de beoordeling daarvan kan de rechter rekening houden met alle omstandigheden, zoals de aard en de omvang van de vorderingen, het tijdstip waarop de schulden zijn ontstaan, de mate waarin de verzoeker kan worden verweten dat de schulden zijn ontstaan en/of onbetaald gelaten, het gedrag van verzoeker voor wat betreft zijn inspanningen de schulden te voldoen of acties zijnerzijds om verhaal door de schuldeisers juist te frustreren en dergelijke.

Verzoeker heeft veel schulden die binnen de afgelopen drie jaar zijn ontstaan. Verzoeker heeft schulden gemaakt die duiden op overbesteding. Daaronder verstaat de rechtbank schulden waarvan het aangaan niet strikt noodzakelijk was en waarvan verzoeker op het moment van aangaan wist of redelijkerwijs had moeten begrijpen dat hij niet in staat zou zijn om deze te betalen. Verzoeker heeft ook schulden bij het CJIB van in totaal € 2.225,88. Ter zitting heeft verzoeker verklaard dat deze schulden betrekking hebben op verkeersboetes. Eén boete voor het negeren van een gesloten verklaring valt binnen de driejaarstermijn. Deze schulden zijn naar hun aard niet te goeder trouw ontstaan.

Ook heeft verzoeker een onderneming. Verzoeker heeft zijn onderneming niet uitgeschreven bij de KVK. Ter zitting heeft verzoeker verklaard dat hij zijn onderneming wil voortzetten. Naar het oordeel van de rechtbank is dit, in de situatie van verzoeker, niet mogelijk in de wettelijke schuldsaneringsregeling.

Daarnaast moet voldoende aannemelijk zijn dat verzoeker de uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen naar behoren zal nakomen en zich zal inspannen zoveel mogelijk baten voor de boedel te verwerven. De rechtbank oordeelt dat dit in het voorliggende geval niet aannemelijk is. Verzoeker heeft de rechtbank geen blijk gegeven van een saneringsgezinde houding. Naar het oordeel van de rechtbank is verzoeker op zijn minst nog niet saneringsrijp.

Feiten en omstandigheden die – ondanks het ontbreken van de goede trouw – toelating rechtvaardigen zijn niet voldoende aannemelijk «gemaakt/geworden»geworden.

Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling zal daarom worden afgewezen.

Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat dit niet betekent dat er geen andere feiten of omstandigheden zijn die eveneens tot afwijzing van het verzoek dienen te leiden.

4. De beslissing

De rechtbank:

- wijst het verzoek af.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.A. Vroom, rechter, en in aanwezigheid van S.R.L.T. Peek, griffier, in het openbaar uitgesproken op 16 juli 2025.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. E.A. Vroom

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand