ECLI:NL:RBROT:2026:10731

ECLI:NL:RBROT:2026:10731

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 30-06-2026
Datum publicatie 28-08-2026
Zaaknummer C/10/720459 / JE RK 26-1031
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Beschikking
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Jeugd

Zaaknummer: C/10/720459 / JE RK 26-1031

Datum uitspraak: 30 juni 2026

Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling

in de zaak van

de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming west,

gevestigd te Dordrecht, hierna te noemen: de GI,

over

[minderjarige] ,

geboren op [geboortedag] 2020 in [geboorteplaats] , hierna te noemen: [minderjarige] .

De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[moeder] ,

hierna te noemen: de moeder, wonende in [plaats] ,

[vader] ,

hierna te noemen: de vader, wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat mr. J.J.M. van Asten, kantoorhoudende in ‘s Hertogenbosch.

1. Het verloop van de procedure

De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift van de GI met bijlagen, ontvangen op 28 mei 2026.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 30 juni 2026. Daarbij waren aanwezig:

de moeder;

de advocaat van de vader;

- een vertegenwoordiger van de GI, [vertegenwoordiger van de GI] .

De vader is, met bericht van afmelding via zijn advocaat, niet verschenen. De kinderrechter stelt vast dat de vader wel juist is opgeroepen.

2. De feiten

De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige] .

[minderjarige] woont bij zijn moeder.

De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 10 juli 2026 [minderjarige] onder toezicht gesteld tot 10 juli 2026.

3. Het verzoek

De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige] te verlengen voor de duur van een jaar en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

4. De standpunten

De GI handhaaft het verzoek ter zitting en licht het nader toe. Sinds kort is er weer een vaste jeugdbeschermer betrokken bij het gezin en zij heeft grote plannen voor het aankomende jaar. De GI heeft een dilemma over wat juist is. Enerzijds ziet de GI het belang van contactherstel tussen [minderjarige] en zijn vader zodat zij een band kunnen opbouwen en [minderjarige] weet wie zijn vader is. Anderzijds ziet de GI ook een jongen die vastzit in een loyaliteitsconflict en het is de vraag in hoeverre het opbouwen van contact met de vader hem niet teveel onder druk zet. Family Supporters was hierdoor voornemens om af te sluiten omdat zij vinden dat toewerken naar contactherstel [minderjarige] verder beschadigt als moeder geen emotionele toestemming geeft. De GI is het hier niet mee eens en heeft contact opgenomen met Family Supporters. Het is belangrijk dat de psycho-educatie voor de moeder wordt hervat zodat zij leert om [minderjarige] emotionele toestemming te geven voor het contact met zijn vader. Het huidige plan is om te beginnen met drie herstelmomenten die worden vormgegeven door de GI, waarna Family Supporters het overneemt. De GI overweegt ook om individuele hulpverlening zoals speltherapie voor [minderjarige] in te zetten vanwege het loyaliteitsconflict waar hij in zit.

De moeder voert ter zitting geen verweer tegen het verzoek van de GI en brengt naar voren dat het niet klopt dat de omgangsmomenten tussen [minderjarige] en zijn vader goed verliepen. [minderjarige] kroop voor de omgangsmomenten onder de tafel omdat hij niet wilde en hij had last van poep- en plasongelukjes. De vader heeft nooit op normale wijze geprobeerd om een band met [minderjarige] op te bouwen. Hij probeert dit alleen via de rechter. De moeder doet haar best om [minderjarige] te ondersteunen, maar zij heeft onbewuste emoties over vader die zij doorgeeft aan [minderjarige] .

Namens de vader wordt ter zitting ingestemd met het verzoek van de GI. Een verlenging van de ondertoezichtstelling is nodig om de ontwikkelingsbedreiging van [minderjarige] te stoppen. De familiezaak tussen de ouders loopt al vijf jaar. De vader probeert sinds de geboorte van [minderjarige] al gezag over [minderjarige] te krijgen en omgang tot stand te brengen. De omgangsmomenten die in 2025 tot stand zijn gekomen, zijn heel positief verlopen. [minderjarige] reageert positief op de vader en andersom. De omgangsmomenten zijn gestopt omdat [minderjarige] niet meer wil. Dit duidt op een groot loyaliteitsconflict. [minderjarige] zit klem tussen de ouders. De vader is van mening dat de hulpverlening van Family Supporters niet mag staan of vallen met de wil van de moeder om mee te werken. Desondanks moet er alles aan worden gedaan om medewerking te krijgen van de moeder voor de omgangsmomenten tussen [minderjarige] en de vader. Het is belangrijk dat de moeder beseft hoe schadelijk het is voor [minderjarige] om geen band op te bouwen met zijn vader. De vader is het met de GI eens dat moet worden vastgehouden aan het plan van Family Supporters.

5. De beoordeling

Rechtsmacht en toepasselijk recht

Het is de kinderrechter gebleken dat de moeder van [minderjarige] de Roemeense nationaliteit heeft en de vader van [minderjarige] de Britse nationaliteit. Gelet hierop draagt deze zaak een internationaal karakter. Dit maakt dat de kinderrechter eerst moet beoordelen of deze rechtbank rechtsmacht toekomt en welk recht van toepassing is op het verzoek, alvorens de rechter toekomt aan de inhoudelijke beoordeling daarvan.

De Nederlandse rechter is bevoegd om kennis te nemen van het verzoek, omdat de gewone verblijfplaats van [minderjarige] in Nederlands is. Omdat de Nederlandse rechter bevoegd is, is Nederlands recht van toepassing.

De kinderrechter in deze rechtbank behandelt de zaak omdat de moeder (de gezaghebbende ouder) en [minderjarige] in het rechtsgebied van de rechtbank Rotterdam wonen.

De ondertoezichtstelling

De kinderrechter is van oordeel dat aan de voorwaarden voor een verlenging van de ondertoezichtstelling is voldaan. De kinderrechter legt hieronder uit waarom.

Uit de stukken en ter zitting is gebleken dat [minderjarige] nog steeds ernstig in zijn ontwikkeling wordt bedreigd. [minderjarige] groeit op in de thuissituatie bij zijn moeder en stiefvader en heeft al zijn hele leven weinig tot geen contact met zijn vader. De afgelopen periode heeft de GI met behulp van Family Supporters ingezet op contactherstel tussen [minderjarige] en de vader. Hieruit zijn enkele omgangsmomenten voortgekomen die positief zijn verlopen. Tegelijkertijd wordt gezien dat [minderjarige] zorgelijk gedrag vertoont en uitspraken doet die wijzen op een loyaliteitsconflict. Het lukt de moeder niet om [minderjarige] emotionele toestemming te geven voor het contact met zijn vader en [minderjarige] voelt dit. Family Supporters heeft hierop besloten om de hulpverlening, en daarmee de omgangsmomenten tussen [minderjarige] en de vader, stop te zetten omdat voortzetting onder de huidige omstandigheden niet in [minderjarige] zijn belang wordt geacht. Het is echter ook niet in [minderjarige] zijn belang om geen band op te kunnen bouwen met zijn vader. Hiermee wordt [minderjarige] belemmerd in het vormen van zijn eigen identiteit. De komende periode is het daarom van belang dat de moeder de hulpverlening vanuit Family Supporters aanvaardt en leert hoe zij [minderjarige] emotionele toestemming kan geven voor het contact met zijn vader. Langere betrokkenheid van de vaste jeugdbeschermer is noodzakelijk om de moeder hierbij te ondersteunen en uit te zoeken welke andere mogelijkheden er zijn om [minderjarige] uit dit forse loyaliteitsconflict te halen.

De ondertoezichtstelling is daarom nog steeds nodig. De kinderrechter verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige] voor de duur van een jaar.

De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.

6. De beslissing

De kinderrechter:

verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige] tot 10 juli 2027;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 30 juni 2026 door mr. D.I. Hendriks-van Wel, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. A.L. Bottse als griffier, en op schrift gesteld op 9 juli 2026.

Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. A.L. Bottse als

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand