ECLI:NL:RBROT:2026:12369

ECLI:NL:RBROT:2026:12369

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 17-08-2026
Datum publicatie 21-09-2026
Zaaknummer C/10/723175 / KG ZA 26-731
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Kort geding
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Kort geding. Vordering tot nakoming ministerieplicht door notaris. Afwijzing. Notaris vereist bewijs dat eiser aantoont dat hij bevoegd is de verkopende (buitenlandse) vennootschap te vertegenwoordigen bij de verkoop en dat de vennootschap bevoegd is om de woning te verkopen. De notaris vraagt deze informatie terecht op, maar eiser kan dit bewijs niet leveren. De notaris heeft daarom terecht zijn ministerie geweigerd.

Uitspraak

RECHTBANK Rotterdam

Team handel en haven

Zaak- en rolnummer: C/10/723175 / KG ZA 26-731

Vonnis in kort geding van 17 augustus 2026

in de zaak van

1. de rechtspersoon naar buitenlands recht

[eiser 1] ,

gevestigd in Ras Al Khaimah, Verenigde Arabische Emiraten,

2. [eiser 2],

wonend in [woonplaats] , [land] ,

eisende partijen,

advocaat: mr. C.C.C.A.M. Kuijken,

tegen

MR. [gedaagde],

kantoorhoudend in [plaats] ,

gedaagde partij,

verschenen in persoon.

Partijen worden hierna genoemd [eiser 1] , [eiser 2] en de notaris. [eiser 1] en [eiser 2] worden hierna gezamenlijk genoemd [eisers]

1. De zaak in het kort

[eiser 2] is enig aandeelhouder en bestuurder van [eiser 1] . [eiser 1] heeft in 2012 een woning aangekocht en geleverd gekregen. [eiser 2] heeft begin 2026 een overeenkomst gesloten voor de verkoop van de woning. De notaris wil niet meewerken aan de levering van de woning, omdat [eisers] geen officieel document over kunnen leggen waaruit blijkt dat [eiser 1] bevoegd is om te beschikken over de woning en dat [eiser 2] bevoegd is om [eiser 1] te vertegenwoordigen. [eisers] vinden het niet terecht dat de notaris weigert mee te werken aan de levering van de woning. [eisers] vorderen daarom dat de notaris wordt veroordeeld om zijn medewerking aan de levering te verlenen. De voorzieningenrechter wijst de vorderingen af.

2. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 23 juli 2026, met producties 1 tot en met 21;- de conclusie van antwoord;- de mondelinge behandeling op 3 augustus 2026;- de pleitnota van [eisers]

Na de mondelinge behandeling is vonnis bepaald.

3. De feiten

[eiser 2] heeft op [datum] 2010 [eiser 1] opgericht naar het recht van de Ras Al Khaimah Economic Zone (hierna: RAKEZ) in de Verenigde Arabische Emiraten.

[eiser 1] heeft in 2012 een woning in [plaats] (hierna: de woning) gekocht en geleverd gekregen.

[eiser 2] heeft bij koopovereenkomst van 27 februari 2026 de woning verkocht aan twee kopers. De partijen bij de overeenkomst zijn als leveringsdatum 11 mei 2026 overeengekomen.

[eisers] hebben zich gewend tot de notaris voor het verlijden van een leveringsakte voor de woning. De notaris heeft [eisers] verzocht een (gelegaliseerd) document aan te leveren waaruit blijkt dat [eiser 2] bevoegd is om de vennootschap te vertegenwoordigen.

[eiser 2] heeft het handelsregister van RAKEZ (hierna: het handelsregister) verzocht om een dergelijk document. Op 23 april 2026 heeft het handelsregister aan [eiser 2] bericht dat [eiser 1] alleen nog gederegistreerd kan worden; hernieuwing van de registratie is niet mogelijk. Bij dit bericht is een brief gevoegd waarmee [eiser 2] de procedure tot opheffing van de onderneming kan starten.

De notaris heeft in een e-mail van 6 mei 2026 aan [eisers] te kennen gegeven de gevraagde dienstverlening te weigeren, omdat het handelsregister in een aan de notaris verzonden e-mail van 6 mei 2026 heeft vermeld dat [eiser 1] is gesloten en dat de vergunning inactief is sinds 2014.

Het handelsregister heeft in een e-mail van 14 mei 2026 aan [eiser 2] geschreven dat [eiser 1] nog bestaat, dat haar status “strike-off” is en dat [eiser 2] , als hij wil overgaan tot deregistratie, toegang tot een online portal kan verzoeken.

Bij e-mail van 18 mei 2026 heeft de notaris de verklaring van het handelsregister die is gebruikt bij de levering van de woning in 2012 aan [eiser 2] gestuurd. De notaris heeft in deze e-mail verder aangegeven dat uit openbare informatie volgt dat de “strike-off” status inhoudt dat [eiser 1] geen goederen, waaronder de woning, mag verkopen of leveren en dat [eiser 2] niet bevoegd meer is om [eiser 1] te vertegenwoordigen. Volgens de notaris moet in deze situatie een vereffenaar (‘liquidator’) aangesteld worden.

Bij e-mail van 28 mei 2026 heeft de notaris kenbaar gemaakt dat hij dienstverlening met betrekking tot de woning zal weigeren als hij geen ondubbelzinnige rechtsgeldige verklaring van het handelsregister ontvangt waaruit blijkt dat [eiser 2] bevoegd is om [eiser 1] te vertegenwoordigen.

[eiser 2] is in juni 2026 naar Dubai gereisd om de door de notaris gewenste documentatie te verkrijgen. Het handelsregister heeft geweigerd deze documentatie te verschaffen.

De kopers van de woning zijn in juni 2026 een kort geding tegen [eiser 2] gestart voor levering van de woning. [eiser 2] en de kopers hebben op 10 juli 2026 een regeling getroffen, waarbij de kopers de woning alvast mogen betrekken en dat [eiser 2] vanaf 1 augustus 2026 een boete van € 1.000,- verbeurt per maand waarin (notariële) levering van de woning uitblijft.

4. Het geschil

[eisers] vorderen – samengevat – dat de voorzieningenrechter bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis:

I. de notaris veroordeelt om direct na betekening van dit vonnis alle noodzakelijke medewerking te verlenen aan het passeren van de akte van levering voor de woning, op straffe van verbeurte van een dwangsom,

II. voor het geval de notaris niet tijdig voldoet aan de veroordeling onder I, te bepalen dat dit vonnis daarvoor in de plaats treedt of dat een door de voorzieningenrechter aan te wijzen vertegenwoordiger in de plaats treedt van de notaris om medewerking te verlenen, althans dat de voorzieningenrechter een vervangende machtiging aan [eisers] verleent,

III. de notaris veroordeelt in de kosten van deze procedure.

De notaris voert verweer en concludeert tot afwijzing van de vorderingen, met veroordeling van [eisers] in de werkelijke kosten van deze procedure.

5. De beoordeling

Rechtsmacht

[eiser 1] is gevestigd in de Verenigde Arabische Emiraten en [eiser 2] woont in [land] , zodat deze procedure een internationaal karakter heeft. De voorzieningenrechter moet daarom ambtshalve toetsen of hij bevoegd is om kennis te nemen van de vorderingen. Aangezien de vorderingen van [eisers] zien op (het bewerkstelligen van) een inschrijving in de openbare registers in Nederland, is de Nederlandse rechter op grond van artikel 24 lid 3 Vo. Brussel I bis exclusief bevoegd.

Toepasselijk recht

De vorderingen van [eisers] hebben betrekking op dienstverlening door de notaris, die zijn gewone verblijfplaats in Nederland heeft. Op grond van een redelijke uitleg van artikel 4 lid 1, aanhef en onder b Vo. Rome I is Nederlands recht van toepassing, ongeacht of partijen formeel een overeenkomst tot dienstverlening hebben gesloten.

Toetsingskader en spoedeisend belang

Het gaat hier om een in kort geding gevorderde voorlopige voorziening. Voor toewijzing is nodig dat [eisers] daarbij een spoedeisend belang hebben. De voorzieningenrechter vormt zich een oordeel over de vordering aan de hand van de stukken en de mondelinge behandeling.

Het spoedeisend belang volgt uit de aard van de ingestelde vorderingen.

De notaris hoeft niet mee te werken aan de levering

[eisers] vorderen veroordeling van de notaris om medewerking te verlenen aan de overdracht van de woning. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter heeft de notaris terecht zijn dienstverlening geweigerd, zodat de vorderingen worden afgewezen. Daarvoor is het volgende redengevend.

Een notaris heeft op grond van artikel 21 lid 1 Wet op het notarisambt (Wna) de verplichting om zijn ambt te verlenen aan eenieder die daarom verzoekt. Op grond van artikel 21 lid 2 Wna is de notaris echter gehouden om zijn dienst te weigeren wanneer daarvoor gegronde redenen zijn.

De notaris heeft een zwaarwegende zorgplicht ter zake van hetgeen nodig is voor het intreden van de rechtsgevolgen die zijn beoogd met de in de akte opgenomen rechtshandelingen. Partijen moeten erop kunnen vertrouwen dat de in de notariële akte opgenomen rechtshandelingen tot stand zijn gekomen zonder materieel gebrek en dat de akte niet nietig of vernietigbaar is. De zorgplicht van een notaris houdt daarom ook in dat hij bij het verlijden van een akte, waarbij namens een vennootschap wordt opgetreden door een bestuurder, zich er ten opzichte van alle belanghebbenden van vergewist dat die vertegenwoordiger bevoegd is om namens de vennootschap de in die akte opgenomen rechtshandelingen te verrichten.

Gelet op de zorgplicht van de notaris is hij gerechtigd om van [eisers] een document te verlangen waaruit blijkt dat [eiser 2] bevoegd is om [eiser 1] te vertegenwoordigen en dat [eiser 1] beschikkingsbevoegd is ten aanzien van de woning. Het staat vast dat het handelsregister op dit moment niet bereid is om dit document te verschaffen. Wat de redenen voor die weigering ook zijn, onder deze omstandigheden kan de notaris niet veroordeeld kan worden mee te werken aan het verlijden van de leveringsakte voor de woning. De notaris kan immers bij gebreke aan dat document niet met de vereiste mate van zekerheid vaststellen dat de rechtsgevolgen die zijn beoogd met in de akte opgenomen rechtshandelingen zullen intreden.

De door [eisers] aangehaalde jurisprudentie over bewijsnood kan haar niet baten. Uit de door het handelsregister verzonden berichten blijkt dat [eiser 2] de stap moet zetten om [eiser 1] te deregistreren en ter zitting hebben [eisers] toegelicht dat dit zal leiden tot de aanstelling van een vereffenaar (‘liquidator’) en de vereffening van de vennootschap. [eisers] zijn daartoe kennelijk (nog) niet bereid, mogelijk vanwege de daaraan verbonden kosten, maar deze terughoudendheid om over te gaan tot vereffening maakt nog niet dat [eisers] in bewijsnood verkeren in die zin dat het ook na vereffening niet mogelijk zal zijn om te bewijzen de woning overgedragen kan worden.

Een belangenafweging, voor zover daaraan gelet op het bepaalde in artikel 21 lid 2 Wna al kan worden toegekomen, leidt niet tot een ander resultaat. Mede gelet op de rol van de notaris in het rechtsverkeer weegt het belang van de rechtszekerheid dat de gegevens in de openbare registers juist zijn zwaarder dan het belang van [eisers] bij de levering. De omstandigheid dat [eiser 2] als gevolg van het uitblijven van de levering boetes zal verbeuren, maakt dit niet anders. [eiser 2] heeft de huidige situatie zelf in het leven geroepen. Hij heeft ervoor gekozen om een buitenlandse vennootschap op te richten en deze te gebruiken voor de aankoop van de woning, zonder te blijven voldoen aan de vennootschappelijke verplichtingen op grond van het toepasselijke buitenlandse recht. Dat het handelsregister daardoor niet de door de notaris vereiste verklaring wil afgeven is een omstandigheid die voor rekening en risico van [eisers] moet blijven. Dat geldt overigens nog steeds als die weigering onrechtmatig zou zijn, zoals [eisers] stellen. In dat geval ligt het in de rede dat [eisers] het handelsregister (en niet de notaris) daarop aanspreken.

Proceskosten

[eisers] zijn in het ongelijk gesteld en moeten daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen.

De notaris heeft verzocht om veroordeling van [eisers] in de werkelijke proceskosten, bestaande uit het aantal uren dat de notaris aan deze zaak heeft besteed vermenigvuldigd met zijn gebruikelijke uurtarief. Artikelen 237-240 Rv bevatten in beginsel een zowel limitatieve als exclusieve regeling van de kosten waarin de partij die bij vonnis in het ongelijk wordt gesteld, kan worden veroordeeld. Afwijking van deze regeling is alleen mogelijk in buitengewone omstandigheden. Daar is enkel sprake van als het instellen van een vordering gelet op de evidente ongegrondheid ervan, in verband met de betrokken belangen van de wederpartij, achterwege had behoren te blijven. Deze hoge drempel wordt hier niet gehaald.

Hoewel de notaris in persoon is verschenen, ziet de voorzieningenrechter aanleiding om in lijn met de Aanbeveling tarieven kort gedingen kantonzaken en handelszaken per 1 februari 2026 de helft van het normale salaris toe te kennen. De notaris is in dit specifieke geval redelijkerwijs gelijk te stellen aan een professionele rechtsbijstandverlener. De proceskosten van de notaris worden begroot op:

- griffierecht

341,00

- salaris

588,50

- nakosten

189,00

(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

1.118,50

6. De beslissing

De voorzieningenrechter

wijst de vorderingen af,

veroordeelt [eisers] hoofdelijk in de proceskosten, aan de zijde van de notaris vastgesteld op € 1.118,50, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als [eisers] niet tijdig aan deze veroordeling voldoen en het vonnis daarna wordt betekend,

verklaart dit vonnis wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. B. van Velzen en in het openbaar uitgesproken op 17 augustus 2026.

4049/3194

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand