Rechtbank Rotterdam
Team jeugd
Parketnummer: 10/054576-26
Datum uitspraak: 24 maart 2026
Tegenspraak
Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2009,
thans verblijvende in de [naam P.I.] te [detentieplaats] ,
raadsman mr. J.A. Kramer, waarnemend voor mr. T. Sandrk, advocaat te Rotterdam.
1. Onderzoek op de terechtzitting
Gelet is op het onderzoek op de besloten terechtzitting van 24 maart 2026.
2. Tenlastelegging
Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.
3. Eis officier van justitie
De officier van justitie mr. J. du Chatinier heeft gevorderd:
4. Waardering van het bewijs
Bewezenverklaring zonder nadere motivering
Het onder 1 en 2 ten laste gelegde is door de verdachte bekend. Deze feiten zullen zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard. Met de verdediging is de rechtbank van oordeel dat het ten laste gelegde meermalen maken van stekende bewegingen met de messen richting de aangever, niet bewezen kan worden verklaard. De verdachte zal van dit onderdeel van de tenlastelegging worden vrijgesproken.
Bewezenverklaring
In bijlage II heeft de rechtbank een opgave gedaan van wettige bewijsmiddelen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Met deze opgave wordt volstaan, nu de verdachte het bewezen verklaarde heeft bekend en nadien geen vrijspraak is bepleit. Op grond daarvan is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:
1.
hij op of omstreeks 21 februari 2026 te Rotterdam
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen
door geweld en/of bedreiging met geweld
[slachtoffer] heeft gedwongen tot de afgifte van verzamelkaarten van Pokemon
boosters en/of verzamelkaarten van Star Wars Unlimited boosters en/of
bulkkaarten, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die Face to Face
Games en/of een derde toebehoorde(n)
door
- zich te voorzien van een geheel of gedeeltelijk bedekt hoofd en/of gezicht en/of
- messen te tonen aan die [slachtoffer] en/of meermalen met die messen stekende
bewegingen te maken richting die [slachtoffer] en/of
- meermalen met die messen op de toonbank te slaan en/of
- meermalen dreigend de woorden toe te voegen: “vul de tas en gooi het erin” en/of
“geef alles, snel, snel”, althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking;
2.
hij op of omstreeks 21 februari 2026 te Rotterdam
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
verzamelkaarten van Pokemon boosters en/of verzamelkaarten van Star Wars
Unlimited boosters en/of bulkkaarten, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten
dele aan Face to Face Games, in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of
zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich
wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld
en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer] ,
gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te
maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan
het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te
verzekeren, door
- zich te voorzien van een geheel of gedeeltelijk bedekt hoofd en/of gezicht en/of
- messen te tonen aan die [slachtoffer] en/of meermalen met die messen stekende
bewegingen te maken richting die [slachtoffer] en/of
- meermalen met die messen op de toonbank te slaan en/of
- meermalen dreigend de woorden toe te voegen: “vul de tas en gooi het erin” en/of
“geef alles, snel, snel”, althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking;
Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.
5. Strafbaarheid feiten
De bewezen feiten leveren op:
De eendaadse samenloop van:
feit 1
afpersing, gepleegd door twee of meer verenigde personen
feit 2
diefstal, voorafgegaan, vergezeld en gevolgd van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, die diefstal gemakkelijk te maken en bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers van het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, gepleegd door twee of meer verenigde personen.
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.
De feiten zijn dus strafbaar.
6. Strafbaarheid verdachte
Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit.
De verdachte is dus strafbaar.
7. Motivering straf
Algemene overweging
De straf die aan de verdachte wordt opgelegd, is gegrond op de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.
Feiten waarop de straf is gebaseerd
De verdachte heeft zich op zestienjarige leeftijd schuldig gemaakt aan afpersing en diefstal met geweld in vereniging. De verdachte is samen met een medeverdachte met bedekte gezichten de winkel Face to Face Games in Rotterdam binnengegaan, waarna zij het slachtoffer onder bedreiging van (grote) messen hebben gedwongen verzamelkaarten in een tas te stoppen. De medeverdachte heeft daarbij met het mes op de balie geslagen en geschreeuwd naar het slachtoffer. De verdachte heeft daarnaast dozen met boosters vanachter de balie gepakt. De verdachten zijn vervolgens de winkel uit gerend met de buit.
Gedurende de overval vond er een kaarttoernooi plaats in de winkel, waardoor er veel klanten aanwezig waren die de overval hebben gezien. Het is een feit van algemene bekendheid dat dit soort feiten nadelige psychische gevolgen voor slachtoffers en getuigen met zich brengen. Naast de impact die de feiten hebben gehad op het slachtoffer en de omstanders, weegt de rechtbank mee dat dergelijke feiten zorgen voor maatschappelijke onrust en gevoelens van onveiligheid. Bovendien hebben de verdachte en de medeverdachte enkel gehandeld met het oog op eigen financieel gewin en hebben zij geen respect gehad voor andermans bezittingen.
Persoonlijke omstandigheden van de verdachte
Strafblad
Uit het strafblad van 11 maart 2026 blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld in Nederland. Dit betekent dat het strafblad niet strafverzwarend werkt.
Rapportage Raad voor de Kinderbescherming
De Raad voor de Kinderbescherming (hierna te noemen: de Raad) schrijft in het rapport van 20 maart 2026 – verkort weergegeven – het volgende. De verdachte woont met zijn ouders in België. Hij is geschorst van school, heeft geen werk en geen dagbesteding. Omdat de verdachte in België woont, zijn de mogelijkheden vanuit het Nederlandse jeugdstrafrecht ontoereikend om tot een goed toezicht- en begeleidingsplan te komen. Zo kan er geen jeugdreclassering worden opgelegd en kunnen er geen bijzondere voorwaarden worden gemonitord. Met de moeder is gesproken over een dagbesteding, een avondklok van 19:00 tot 07:00 uur gedurende drie maanden en het niet omgaan met antisociale anderen. De ouders zullen hier op gaan toezien. De Raad adviseert een deels onvoorwaardelijke jeugddetentie. Het wordt wenselijk geacht om het onvoorwaardelijke deel gelijk te stellen aan de dagen die de verdachte reeds binnen jeugddetentie heeft doorgebracht en het voorwaardelijke deel als stok achter de deur te houden mocht de verdachte weer in Nederland met politie en justitie in aanraking komen. De Raad acht het daarbij van belang dat de verdachte zich houdt aan een gebiedsverbod voor de regio Rotterdam-Rijnmond gedurende zes maanden.
Conclusies van de rechtbank
Gelet op hetgeen de rechtbank hierboven heeft overwogen, komt zij tot de volgende conclusies.
Gelet op de aard en de ernst van de bewezenverklaarde feiten en de straffen die daarvoor doorgaans worden opgelegd, kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een jeugddetentie. Bij het bepalen van de duur van de jeugddetentie heeft de rechtbank rekening gehouden met het feit dat de verdachte een first offender is en een prille positieve ontwikkeling laat zien. De verdachte lijkt inzicht te tonen in de impact die zijn daden op het slachtoffer hebben gehad en hij is bereid excuses te maken. Ter zitting komt naar voren dat er mogelijk een school is waar de verdachte op korte termijn kan starten. De rechtbank legt een deels voorwaardelijke jeugddetentie op met een proeftijd van twee jaren. Het voorwaardelijk strafdeel dient er tevens toe de verdachte ervan te weerhouden in de toekomst opnieuw strafbare feiten te plegen.
Alles afwegend acht de rechtbank een jeugddetentie van 70 dagen, waarvan 30 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en met aftrek van voorarrest, passend en geboden.
8. Vordering benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
Als benadeelde partij heeft zich in het geding gevoegd [slachtoffer] . De benadeelde partij vordert een bedrag van € 5.263,50 aan materiële schade vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. De benadeelde partij verzoekt de schadevergoeding hoofdelijk toe te wijzen.
Standpunt officier van justitie
De officier van justitie acht de vordering volledig voor (hoofdelijke) toewijzing vatbaar, inclusief wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
Standpunt verdediging
De verdediging heeft primair verzocht de vordering van de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren. Subsidiair heeft de verdediging verzocht om de vordering sterk te matigen, nu deze niet, dan wel onvoldoende, is onderbouwd. Er zitten geen foto’s van de aard en de omvang van de schade in het dossier. Daarnaast is de benadeelde partij een ondernemer en vraagt hij om vergoeding van de btw. Dit deel van de vordering is niet toewijsbaar.
Beoordeling
Vast is komen te staan dat aan de benadeelde partij [slachtoffer] door het bewezen verklaarde strafbare feit rechtstreeks materiële schade is toegebracht bestaande uit het beschadigen van de toonbank. De schade kan worden vastgesteld aan de hand van het procesdossier en de bijgevoegde offerte. Door het slaan met het mes op de toonbank is het houtwerk beschadigd en het glas gekrast. De rechtbank zal de vordering zonder btw, te weten € 4.350,- toewijzen. Het overige deel van de vordering zal niet-ontvankelijk worden verklaard. Dit deel van de vordering kan slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.
Nu de verdachte het strafbare feit ter zake waarvan schadevergoeding zal worden toegekend samen met (een) mededader(s) heeft gepleegd, zijn zij daarvoor ieder hoofdelijk aansprakelijk. Indien en voor zover de mededader(s) de benadeelde partij [slachtoffer] betaalt/betalen, is de verdachte in zoverre jegens de benadeelde partij van deze betalingsverplichting bevrijd.
De benadeelde partij heeft gevorderd het te vergoeden bedrag te vermeerderen met wettelijke rente. De rechtbank bepaalt dat het te vergoeden schadebedrag vermeerderd wordt met wettelijke rente vanaf 21 februari 2026.
Tevens wordt oplegging van de hierna te noemen maatregel als bedoeld in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht passend en geboden geacht. Gelet op de jeugdige leeftijd van de verdachte zal geen gijzeling worden toegepast.
Nu de vordering van de benadeelde partij (in overwegende mate) zal worden toegewezen, zal de verdachte worden veroordeeld in de kosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken.
9. Toepasselijke wettelijke voorschriften
Gelet is op de artikelen 36f, 55, 77a, 77g, 77i, 77x, 77y, 77z, 312 en 317 van het Wetboek van Strafrecht.
10. Bijlagen
De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.
11. Beslissing
De rechtbank:
verklaart bewezen dat de verdachte de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;
verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;
stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert de hiervoor vermelde strafbare feiten;
verklaart de verdachte strafbaar;
veroordeelt de verdachte tot een jeugddetentie voor de duur van 70 dagen;
beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde jeugddetentie in mindering wordt gebracht, voor zover deze tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;
bepaalt dat een gedeelte van de jeugddetentie groot 30 (dertig) dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
verbindt hieraan een proeftijd, die wordt vastgesteld op 2 (twee) jaren;
tenuitvoerlegging kan worden gelast als de veroordeelde de algemene voorwaarde niet naleeft;
stelt als algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van die proeftijd niet zal schuldig maken aan een strafbaar feit;
heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte met ingang van 1 april 2026;
veroordeelt de verdachte hoofdelijk met zijn mededader(s), om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de benadeelde partij [slachtoffer] , te betalen een bedrag van € 4.350,- (zegge: vierduizenddriehonderdvijftig), bestaande uit materiële schade te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 21 februari 2026 tot aan de dag der algehele voldoening;
bepaalt dat de verdachte bij gehele of gedeeltelijke betaling door de mededader(s) van de verdachte aan de benadeelde partij, zal zijn bevrijd tot de hoogte van het betaalde bedrag;
verklaart de benadeelde partij [slachtoffer] niet-ontvankelijk in het resterende deel van de vordering; bepaalt dat dit deel van de vordering slechts kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
veroordeelt de benadeelde partij in de kosten door de verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, en begroot deze kosten op nihil.
Dit vonnis is gewezen door:
mr. W.M. Stolk, voorzitter, tevens kinderrechter,
en mrs. N.M. Ketelaar en H. Wielhouwer, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. V. Versteeg, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 24 maart 2026.
De oudste rechter en de griffier zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.
Bijlage I
Tekst tenlastelegging
Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat
1.
hij op of omstreeks 21 februari 2026 te Rotterdam
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen
door geweld en/of bedreiging met geweld
[slachtoffer] heeft gedwongen tot de afgifte van verzamelkaarten van Pokemon
boosters en/of verzamelkaarten van Star Wars Unlimited boosters en/of
bulkkaarten, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die Face to Face
Games en/of een derde toebehoorde(n)
door
- zich te voorzien van een geheel of gedeeltelijk bedekt hoofd en/of gezicht en/of
- messen te tonen aan die [slachtoffer] en/of meermalen met die messen stekende
bewegingen te maken richting die [slachtoffer] en/of
- meermalen met die messen op de toonbank te slaan en/of
- meermalen dreigend de woorden toe te voegen: “vul de tas en gooi het erin” en/of
“geef alles, snel, snel”, althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking;
2.
hij op of omstreeks 21 februari 2026 te Rotterdam
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
verzamelkaarten van Pokemon boosters en/of verzamelkaarten van Star Wars
Unlimited boosters en/of bulkkaarten, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten
dele aan Face to Face Games, in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of
zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich
wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld
en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer] ,
gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te
maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan
het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te
verzekeren, door
- zich te voorzien van een geheel of gedeeltelijk bedekt hoofd en/of gezicht en/of
- messen te tonen aan die [slachtoffer] en/of meermalen met die messen stekende
bewegingen te maken richting die [slachtoffer] en/of
- meermalen met die messen op de toonbank te slaan en/of
- meermalen dreigend de woorden toe te voegen: “vul de tas en gooi het erin” en/of
“geef alles, snel, snel”, althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking.