ECLI:NL:RBROT:2026:13491

ECLI:NL:RBROT:2026:13491

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 25-09-2026
Datum publicatie 08-10-2026
Zaaknummer 10/226988-25
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Jeugdstrafrecht. De verdachte wordt vrijgesproken van het medeplegen van een woningoverval. Wel is bewezen dat hij hierbij behulpzaam is geweest. Veroordeling tot een jeugddetentie voor de duur van 120 dagen, waarvan 81 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van één jaar en bijzondere voorwaarden, met aftrek van het voorarrest. Daarnaast oplegging van een werkstraf van 60 uren en een leerstraf van 20 uren. Benadeelde partijen niet-ontvankelijk.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team Jeugd

Parketnummer: 10/226988-25

Datum uitspraak: 25 september 2026

Tegenspraak

Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:

[verdachte] ,

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2008,

ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres:

[adres] , [postcode] [woonplaats] ,

raadsvrouw mr. H. Yilmaz, advocaat in Rotterdam.

1. Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de besloten terechtzitting van 11 september 2026.

2. Tenlastelegging

De verdachte wordt ervan beschuldigd dat hij, samen met anderen, op 4 juli 2025 een woning heeft overvallen en daarbij meerdere sieraden, horloges en telefoons heeft weggenomen. Dit is hem primair tenlastegelegd als medeplegen van afpersing en diefstal met geweld. Subsidiair wordt hem verweten dat hij bij deze feiten behulpzaam (medeplichtig) is geweest.

De volledige tekst van de beschuldiging is opgenomen in bijlage I bij dit vonnis.

3. Eis officier van justitie

De officier van justitie mr. H.J. du Croix heeft gevorderd:

4. Waardering van het bewijs

Vrijspraak van het primair ten laste gelegde

Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat het onder 1 primair en het onder 2 primair ten laste gelegde niet wettig en overtuigend is bewezen, zodat de verdachte daarvan zonder nadere motivering zal worden vrijgesproken.

Bewezenverklaring van het subsidiair ten laste gelegde

Het onder 1 subsidiair en het onder 2 subsidiair ten laste gelegde – het behulpzaam zijn bij de overval op 4 juli 2025 – is door de verdachte bekend. Deze feiten zullen zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.

Bewezenverklaring

In bijlage II heeft de rechtbank een opgave gedaan van wettige bewijsmiddelen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Met deze opgave wordt volstaan, omdat de verdachte het bewezen verklaarde heeft bekend en nadien geen vrijspraak is bepleit. Op grond daarvan is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 subsidiair en onder 2 subsidiair ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:

1. subsidiair

[medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of meerdere onbekend gebleven personen op of

omstreeks 4 juli 2025 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen

door geweld en/of bedreiging met geweld

[slachtoffer] heeft gedwongen tot de afgifte van meerdere armbanden en/of een kettingen,

althans meerdere sieraden, en/of meerdere horloges en/of meerdere telefoons, in

elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [slachtoffer] en/of een derde

toebehoorde(n)

door

- de voordeur van de woning van die [slachtoffer] open te duwen en/of (vervolgens) naar

binnen te gaan, gehuld in gezichtbedekkende kleding, en/of

- die [slachtoffer] bij de keel vast te pakken, en/of

- (in het bijzijn van haar kinderen) een pistool op het hoofd van die [slachtoffer] te

richten, en/of

- (vervolgens) “money, money” te roepen naar die [slachtoffer] en/of tegen haar kinderen

te zeggen dat zij, [slachtoffer] , geld danwel waardevolle spullen moest afgeven, en/of

- ( vervolgens) een kogelpatroon uit zijn, verdachtes en/of zijn mededaders,

broekzak te pakken en/of (vervolgens) dit kogelpatroon en/of een pistool te tonen

aan die [slachtoffer] ,

bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 4 juli 2025 te

Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland, althans in Nederland, opzettelijk

behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen

heeft verschaft door

- zich naar de woning van voornoemd slachtoffer te laten brengen, en/of

- (vervolgens) de Ringdeurbel/camera van de deurbel van voornoemde woning in te

smeren met vaseline, althans een vettige substantie, zodat het camerabeeld werd

verstoord, en/of

- (vervolgens) aan te bellen bij voornoemde woning, en/of

- (vervolgens) in de vluchtauto te stappen en/of zich te laten wegbrengen van de

plaats delict;

2. subsidiair

[medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of meerdere onbekend gebleven personen op of

omstreeks 4 juli 2025 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

meerdere armbanden en/of kettingen, althans meerdere sieraden, en/of meerdere

horloges en/of meerdere telefoons, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele

aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s)

toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk

toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan en vergezeld en/of gevolgd van

geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer] en/of haar kinderen, gepleegd

met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om,

bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf

hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

door

- de voordeur van de woning van die [slachtoffer] open te duwen en/of (vervolgens) naar

binnen te gaan, gehuld in gezichtbedekkende kleding, en/of

- die [slachtoffer] bij de keel vast te pakken, en/of

- (in het bijzijn van haar kinderen) een pistool op het hoofd van die [slachtoffer] te

richten, en/of

- (vervolgens) “money, money” te roepen naar die [slachtoffer] en/of tegen haar kinderen

te zeggen dat zij, [slachtoffer] , geld danwel waardevolle spullen moest afgeven, en/of

- (vervolgens) een kogelpatroon uit zijn, verdachtes en/of zijn mededaders,

broekzak te pakken en/of (vervolgens) dit kogelpatroon en/of een pistool te tonen

aan die [slachtoffer] , en/of

- (vervolgens) die [slachtoffer] en haar kinderen te instrueren om tussen verdachte en zijn

mededader in naar boven te lopen, en/of

- (vervolgens) armbanden en/of kettingen en/of horloges uit de (lades in de)

slaapkamers te pakken;

bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 4 juli 2025 te

Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland, althans in Nederland, opzettelijk

behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen

heeft verschaft door

- zich naar de woning van voornoemd slachtoffer te laten brengen, en/of

- (vervolgens) de Ringdeurbel/camera van de deurbel van voornoemde woning in te

smeren met vaseline, althans een vettige substantie, zodat het camerabeeld werd

verstoord, en/of

- ( vervolgens) aan te bellen bij voornoemde woning, en/of

- ( vervolgens) in de vluchtauto te stappen en/of zich te laten wegbrengen van de

plaats delict.

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet (ook) daarvan worden vrijgesproken.

5. Strafbaarheid feiten

medeplichtigheid aan afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;

medeplichtigheid aan diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

De bewezen feiten leveren op:

De eendaadse samenloop van:

1. subsidiair

2. subsidiair

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van feiten uitsluiten. De feiten zijn dus strafbaar.

6. Strafbaarheid verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.

7. Motivering straffen

Algemene overweging

De straffen die aan de verdachte worden opgelegd, zijn gegrond op de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Feiten waarop de straffen zijn gebaseerd

De verdachte heeft zich op 16-jarige leeftijd schuldig gemaakt aan medeplichtigheid aan een gewelddadige woningoverval. De verdachte is samen met zijn medeverdachten in een vluchtauto naar de woning gereden. Daar heeft hij de ringdeurbel met vaseline ingesmeerd en aangebeld. Nadat de 6-jarige zoon van de bewoonster de deur had opengedaan, zijn de twee medeverdachten met gezichtsbedekkende kleding de woning binnengedrongen.

De medeverdachten hebben de bewoonster vervolgens onder schot gehouden en bij de keel gegrepen terwijl haar twee jonge kinderen daarbij aanwezig waren. Vervolgens hebben zij meerdere sieraden, horloges en telefoons buit gemaakt. Hoewel de verdachte niet de woning is binnengegaan, heeft hij zijn medeverdachten geholpen om de overval te plegen door de ringdeurbel onklaar te maken en aan te bellen.

Uit de vorderingen van de benadeelde partijen blijkt dat dit uitermate beangstigend voor de bewoonster en haar kinderen is geweest. Zij hebben tot op de dag van vandaag last van constante angstgevoelens en herbelevingen. De rechtbank rekent het de verdachte aan dat hij, kennelijk met het oog op financieel gewin, heeft meegewerkt aan een overval waarvan hij kon en moest begrijpen dat deze voor de bewoners buitengewoon ingrijpende gevolgen zou hebben. Bovendien brengen dergelijke feiten in de samenleving gevoelens van onveiligheid en onrust met zich mee.

Persoonlijke omstandigheden van de verdachte

Strafblad

Uit het uittreksel van de justitiële documentatie (strafblad) van 23 juli 2026 blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor strafbare feiten.

Rapportages en verklaringen van deskundigen op de terechtzitting

De Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad) heeft een rapportage over de verdachte opgemaakt, gedateerd 24 juli 2026.

Hieruit volgt dat de verdachte sinds de schorsing van zijn voorlopige hechtenis een positieve ontwikkeling heeft doorgemaakt. Hij heeft zich goed aan de schorsende voorwaarden gehouden en zich meewerkend opgesteld richting zowel de jeugdreclassering als de jongerencoach. Daarnaast is hij aangenomen voor een nieuwe werkplek; een belangrijke stap voor het succesvol afronden van zijn opleiding.

De Raad vindt het van belang dat er blijvend zicht is op de jongeren met wie de verdachte omgaat (ook via sociale media) en dat er aandacht is voor het blowen. Afgezien van deze aandachtspunten komen er vooral beschermende factoren naar voren. De verdachte heeft een betrokken moeder en een steunend familienetwerk. Zijn schoolgang is goed verlopen en hij is gemotiveerd om zijn diploma te halen. Verder lijkt de verdachte op dit moment vooral omgang te hebben met prosociale vrienden en zijn er geen zorgen over zijn vrijetijdsbesteding.

Gelet op de feiten waarvan verdachte beschuldigd wordt (een geweldsfeit en een ‘high impact crime’) acht de Raad een onvoorwaardelijke werkstraf in combinatie met een deels voorwaardelijke jeugddetentie passend om de gevolgen van het delictgedrag te onderstrepen. Geadviseerd wordt om het onvoorwaardelijk deel gelijk te stellen aan het voorarrest. Het voorwaardelijk deel dient als waarschuwing om geen strafbare feiten meer te plegen. De Raad vindt het niet in het belang van de verdachte om alsnog naar de jeugdgevangenis te gaan, omdat dit de huidige positieve ontwikkeling doorkruist.

Verder ziet de Raad er geen meerwaarde in om de voortzetting van jeugdreclassering als bijzondere voorwaarde op te leggen. Gelet op de gemotiveerde en meewerkende houding van de verdachte zijn er voldoende mogelijkheden om dit traject binnen het vrijwillig kader voort te zetten.

[persoon A] , werkzaam als jeugdbeschermer bij JBRR, heeft ter terechtzitting verklaard dat de verdachte sinds de schorsing van de voorlopige hechtenis goede stappen heeft gezet. Wel is het van belang dat hij leert om juiste keuzes te maken en risicovolle situaties te herkennen. Anders dan de Raad wordt geadviseerd dat JBRR wel betrokken blijft om hem te kunnen blijven monitoren. Ook worden de inzet van een jongerencoach, het blijven volgen van onderwijs en het inspannen voor een passende vrijetijdsbesteding als bijzondere voorwaarden geadviseerd. Tot slot zou een leerstraf van 20 uur bij Tools4You passend zijn.

Conclusies van de rechtbank

Gelet op hetgeen de rechtbank hierboven heeft overwogen, komt zij tot de volgende conclusies.

Gezien de ernst van de feiten kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een jeugddetentie. Bij de bepaling van de duur van de jeugddetentie is aansluiting gezocht bij de oriëntatiepunten van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS) en straffen die in soortgelijke zaken worden opgelegd. De rechtbank houdt er in strafmatigende zin rekening mee dat de rol van de verdachte tijdens het delict beperkt was en dat hij een blanco strafblad heeft. Ook weegt de rechtbank in het voordeel van de verdachte mee dat hij de feiten heeft bekend en dat hij zijn oprechte spijt heeft betuigd. Daarnaast heeft de verdachte zich in de afgelopen periode goed aan de schorsingsvoorwaarden gehouden en meegewerkt aan hulpverlening. Desondanks is de rechtbank van oordeel dat de strafeis van de officier van justitie onvoldoende recht doet aan de ernst van het feit. Deze strafeis komt er immers op neer dat de verdachte thans alleen nog een 20-urige leerstraf zou moeten uitvoeren. De rechtbank zal daarom een hogere voorwaardelijke jeugddetentie opleggen en naast de leerstraf ook een werkstraf opleggen.

Alles afwegend zal de rechtbank een jeugddetentie opleggen waarbij het onvoorwaardelijk deel gelijk is aan de tijd die de verdachte al in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht. Dit betekent dat de verdachte niet terug hoeft naar de jeugdgevangenis. Wel zal de rechtbank daarbij een voorwaardelijke jeugddetentie opleggen. Dit voorwaardelijk deel is bedoeld om de verdachte ervan te weerhouden in de toekomst opnieuw strafbare feiten te laten plegen en om de ernst van het gepleegde feit te onderstrepen. Hieraan verbindt zij de bijzondere voorwaarden zoals deze zijn geadviseerd door JBRR.

De rechtbank zal daarnaast de leerstraf Tools4U opleggen voor de duur van 20 uren. De rechtbank acht het van belang dat de verdachte met deze leerstraf sociale en cognitieve vaardigheden aanleert om zijn beïnvloedbaarheid, en daarmee de kans op recidive, te verminderen. Ten slotte wordt een werkstraf voor de duur van 60 uren opgelegd. De verdachte dient te beseffen dat het plegen van zulke ernstige feiten (ook al was verdachtes rol kleiner) niet zonder consequenties zal blijven.

8. Vorderingen benadeelde partijen

[slachtoffer]

heeft als benadeelde partij € 11.247,21 als vergoeding voor materiële schade en

€ 9.000,00 als vergoeding voor immateriële schade gevorderd, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. Er wordt verzocht de verdachte hoofdelijk te veroordelen.

[benadeelde 1] en [benadeelde 2]

[benadeelde 1] en [benadeelde 2] hebben als benadeelde partij ieder afzonderlijk € 9.000,00 als vergoeding voor immateriële schade gevorderd, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. Er wordt verzocht de verdachte hoofdelijk te veroordelen.

Standpunt officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd de vorderingen geheel (hoofdelijk) toe te wijzen inclusief wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Standpunt verdediging

De verdediging heeft primair verzocht de benadeelde partijen niet-ontvankelijk te verklaren. De verdachte heeft in het geheel een beperkte rol gehad. Nu de gevorderde schade mede verband houdt met het gepleegde geweld, kan niet zonder meer worden aangenomen dat zijn bijdrage hem kan worden aangerekend. Een dergelijke beoordeling betreffende de causaliteit en toerekening van de schade levert een onevenredige belasting van het strafgeding op. Subsidiair is verzocht de vorderingen te matigen en deze naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid toe te wijzen.

Beoordeling

Ter zitting is naar voren gebracht dat in de zaken van de medeverdachten schadevergoedingen zijn toegekend aan [slachtoffer] , [benadeelde 1] en [benadeelde 2] . Wat betreft het materiële deel en immateriële deel zijn deze integraal toegekend. De rechtbank ziet zich voor de vraag gesteld of, en in hoeverre, ook in de onderhavige procedure een schadevergoeding moet worden toegewezen. Daartoe overweegt zij als volgt.

Vast staat dat de verdachte behulpzaam is geweest bij de gepleegde woningoverval. Daarmee heeft hij zich schuldig gemaakt aan een ernstig strafbaar feit en heeft hij (in civielrechtelijke zin) een onrechtmatige daad gepleegd jegens de slachtoffers. Tegelijkertijd is duidelijk dat de verdachte een wezenlijk andere rol heeft gespeeld dan zijn medeverdachten. Zo is de verdachte, anders dan de medeverdachten, de woning van de slachtoffers niet binnen gegaan en heeft hij daar niet gedreigd met een vuurwapen. Verder is niet gebleken dat hij betrokken is geweest bij het bedenken en plannen van de overval. Wel zijn er aanwijzingen dat de verdachte door anderen is geronseld. De rechtbank spreekt de verdachte daarom ook vrij van het medeplegen van de woningoverval en, ook anders dan in de zaken van de medeverdachten, komt zij tot een bewezenverklaring van het subsidiair tenlastegelegde medeplichtigheid.

Hoezeer de rol van de verdachte hem ook te verwijten valt en valt aan te rekenen, roept dit de vraag op of en in hoeverre de verdachte in gelijke mate als zijn mededaders aansprakelijk kan worden gehouden voor de schade van de slachtoffers. Zo rijst de vraag of er een causaal verband is tussen de gedragingen van de verdachte en de schade van de slachtoffers, nu hij niet de woning is binnengegaan en daar niet met een vuurwapen heeft gedreigd. Ook is onduidelijk in hoeverre de schade aan de gedragingen van de verdachte kan worden toegerekend. De regeling van groepsaansprakelijkheid als bedoeld in artikel 6:166 van het Burgerlijk Wetboek (BW) lijkt een grondslag te kunnen vormen voor volledige aansprakelijkheid. Anderzijds komt de vraag op of, gelet op de hiervoor omschreven wezenlijk andere rol van de verdachte, hier een matiging als bedoeld in artikel 6:109 BW gerechtvaardigd zou kunnen zijn of dat dit een kwestie is die betrekking heeft op het onderling regres van de verdachten.

De hiervoor opgeworpen vragen vergen een uitgebreider debat tussen partijen dan dat op zitting heeft kunnen plaatsvinden. De rechtbank ziet hierin evenwel geen aanleiding om de zaak alsnog aan te houden. Daarbij in aanmerking nemend dat de vorderingen van de slachtoffers in elk geval in de zaken van de medeverdachten integraal zijn toegewezen. In zoverre ondervinden zij er dus geen nadeel van als in de onderhavige procedure geen beslissing op de vorderingen wordt genomen. Alles afwegend komt de rechtbank tot de conclusie dat verdere behandeling van de schadevorderingen in de onderhavige strafzaak een onevenredige belasting van het strafproces oplevert. De benadeelde partijen zullen om die reden niet-ontvankelijk worden verklaard.

Conclusie

De rechtbank zal de benadeelde partijen [slachtoffer] , [benadeelde 1] en [benadeelde 2] in de vordering niet-ontvankelijk verklaren en bepalen dat de vorderingen slechts bij de burgerlijke rechter kunnen worden aangebracht.

9. Toepasselijke wettelijke voorschriften

Gelet is op de artikelen 48, 49, 55, 56, 77a, 77g, 77i, 77m, 77x, 77y, 77z, 77aa, 77gg, 312 en 317 van het Wetboek van Strafrecht.

10. Bijlagen

De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.

11. Beslissing

De rechtbank:

verklaart niet bewezen dat de verdachte de onder 1 primair en 2 primair ten laste gelegde feiten heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij;

verklaart bewezen dat de verdachte de onder 1 subsidiair en 2 subsidiair ten laste gelegde feiten, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte (ook) daarvan vrij;

stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert de hiervoor vermelde strafbare feiten;

verklaart de verdachte strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot een jeugddetentie voor de duur van 120 (honderdtwintig) dagen;

beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde jeugddetentie in mindering wordt gebracht, voor zover deze tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;

bepaalt dat een gedeelte van de jeugddetentie, 81 (éénentachtig) dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;

verbindt hieraan een proeftijd, die wordt vastgesteld op één jaar;

tenuitvoerlegging kan worden gelast als de veroordeelde de algemene voorwaarde niet naleeft en ook als de veroordeelde gedurende de proeftijd een bijzondere voorwaarde niet naleeft of een voorwaarde die daaraan van rechtswege is verbonden;

stelt als algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van die proeftijd niet zal schuldig maken aan een strafbaar feit;

stelt als bijzondere voorwaarden dat de veroordeelde:

verstaat dat van rechtswege de volgende voorwaarden zijn verbonden aan de hierboven genoemde bijzondere voorwaarden

geeft opdracht aan de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;

legt de verdachte een taakstraf op, bestaande uit een werkstraf voor de duur van 60 (zestig) uren;

beveelt dat, voor het geval de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren verricht, vervangende jeugddetentie zal worden toegepast voor de duur van 30 dagen;

legt de verdachte een taakstraf op, bestaande uit een leerstraf voor de duur van 20 (twintig) uren, waarbij de verdachte dient deel te nemen aan het leerproject Tools4U;

beveelt dat, voor het geval de veroordeelde de leerstraf niet naar behoren verricht, vervangende jeugddetentie zal worden toegepast voor de duur van 10 (tien) dagen;

heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte; de voorlopige hechtenis is bij eerdere beslissing geschorst;

verklaart de benadeelde partij [slachtoffer] niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat deze vordering slechts kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;

verklaart de benadeelde partij [benadeelde 2] niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat deze vordering slechts kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;

verklaart de benadeelde partij [benadeelde 1] niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat deze vordering slechts kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;

veroordeelt de benadeelde partijen [slachtoffer] , [benadeelde 2] en [benadeelde 1] in de kosten door de verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, en begroot deze kosten op nihil.

Dit vonnis is gewezen door:

mr. W.M. Stolk, voorzitter, tevens kinderrechter,

en mrs. D.G.J. Roset en S. Putting, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. D.C. van Beek, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 25 september 2026.

Bijlage I

Tekst tenlastelegging

Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat

1.

hij op of omstreeks 4 juli 2025 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen

door geweld en/of bedreiging met geweld

[slachtoffer] heeft gedwongen tot de afgifte van meerdere armbanden en/of kettingen,

althans meerdere sieraden, en/of meerdere horloges en/of meerdere telefoons, in

elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [slachtoffer] en/of een derde

toebehoorde(n)

door

- de voordeur van de woning van die [slachtoffer] open te duwen en/of (vervolgens) naar

binnen te gaan, gehuld in gezichtbedekkende kleding, en/of

- die [slachtoffer] bij de keel vast te pakken, en/of

- ( in het bijzijn van haar kinderen) een pistool op het hoofd van die [slachtoffer] te

richten, en/of

- ( vervolgens) “money, money” te roepen naar die [slachtoffer] en/of tegen haar kinderen

te zeggen dat zij, [slachtoffer] , geld danwel waardevolle spullen moest afgeven, en/of

- ( vervolgens) een kogelpatroon uit zijn, verdachtes en/of zijn mededaders,

broekzak te pakken en/of (vervolgens) dit kogelpatroon en/of een pistool te tonen

aan die [slachtoffer] ;

subsidiair

[medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of meerdere onbekend gebleven personen op of

omstreeks 4 juli 2025 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen

door geweld en/of bedreiging met geweld

[slachtoffer] heeft gedwongen tot de afgifte van meerdere armbanden en/of kettingen,

althans meerdere sieraden, en/of meerdere horloges en/of meerdere telefoons, in

elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [slachtoffer] en/of een derde

toebehoorde(n)

door

- de voordeur van de woning van die [slachtoffer] open te duwen en/of (vervolgens) naar

binnen te gaan, gehuld in gezichtbedekkende kleding, en/of

- die [slachtoffer] bij de keel vast te pakken, en/of

- ( in het bijzijn van haar kinderen) een pistool op het hoofd van die [slachtoffer] te

richten, en/of

- ( vervolgens) “money, money” te roepen naar die [slachtoffer] en/of tegen haar kinderen

te zeggen dat zij, [slachtoffer] , geld danwel waardevolle spullen moest afgeven, en/of

- ( vervolgens) een kogelpatroon uit zijn, verdachtes en/of zijn mededaders,

broekzak te pakken en/of (vervolgens) dit kogelpatroon en/of een pistool te tonen

aan die [slachtoffer] ,

bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 4 juli 2025 te

Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland, althans in Nederland, opzettelijk

behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen

heeft verschaft door

- zich naar de woning van voornoemd slachtoffer te laten brengen, en/of

- ( vervolgens) de Ringdeurbel/camera van de deurbel van voornoemde woning in te

smeren met vaseline, althans een vettige substantie, zodat het camerabeeld werd

verstoord, en/of

- ( vervolgens) aan te bellen bij voornoemde woning, en/of

- ( vervolgens) in de vluchtauto te stappen en/of zich te laten wegbrengen van de

plaats delict;

2.

hij op of omstreeks 4 juli 2025 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

meerdere armbanden en/of kettingen, althans meerdere sieraden, en/of meerdere

horloges en/of meerdere telefoons, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele

aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s)

toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk

toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van

geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer] en/of haar kinderen, gepleegd

met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om,

bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf

hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

door

- de voordeur van de woning van die [slachtoffer] open te duwen en/of (vervolgens) naar

binnen te gaan, gehuld in gezichtbedekkende kleding, en/of

- die [slachtoffer] bij de keel vast te pakken, en/of

- ( in het bijzijn van haar kinderen) een pistool op het hoofd van die [slachtoffer] te

richten, en/of

- ( vervolgens) “money, money” te roepen naar die [slachtoffer] en/of tegen haar kinderen

te zeggen dat zij, [slachtoffer] , geld danwel waardevolle spullen moest afgeven, en/of

- ( vervolgens) een kogelpatroon uit zijn, verdachtes en/of zijn mededaders,

broekzak te pakken en/of (vervolgens) dit kogelpatroon en/of een pistool te tonen

aan die [slachtoffer] , en/of

- ( vervolgens) die [slachtoffer] en haar kinderen te instrueren om tussen verdachte en zijn

mededader in naar boven te lopen, en/of

- ( vervolgens) armbanden en/of kettingen en/of horloges uit de (lades in de)

slaapkamers te pakken;

subsidiair

[medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of meerdere onbekend gebleven personen op of

omstreeks 4 juli 2025 te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

meerdere armbanden en/of kettingen, althans meerdere sieraden, en/of meerdere

horloges en/of meerdere telefoons, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele

aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s)

toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk

toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van

geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer] en/of haar kinderen, gepleegd

met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om,

bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf

hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

door

- de voordeur van de woning van die [slachtoffer] open te duwen en/of (vervolgens) naar

binnen te gaan, gehuld in gezichtbedekkende kleding, en/of

- die [slachtoffer] bij de keel vast te pakken, en/of

- ( in het bijzijn van haar kinderen) een pistool op het hoofd van die [slachtoffer] te

richten, en/of

- ( vervolgens) “money, money” te roepen naar die [slachtoffer] en/of tegen haar kinderen

te zeggen dat zij, [slachtoffer] , geld danwel waardevolle spullen moest afgeven, en/of

- ( vervolgens) een kogelpatroon uit zijn, verdachtes en/of zijn mededaders,

broekzak te pakken en/of (vervolgens) dit kogelpatroon en/of een pistool te tonen

aan die [slachtoffer] , en/of

- ( vervolgens) die [slachtoffer] en haar kinderen te instrueren om tussen verdachte en zijn

mededader in naar boven te lopen, en/of

- ( vervolgens) armbanden en/of kettingen en/of horloges uit de (lades in de) slaapkamers te pakken;

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand