Rechtbank Rotterdam Zittingsplaats Dordrecht
Meervoudige kamer strafzaken
Parketnummer: 10-077027-25
Datum uitspraak: 5 februari 2026
Datum zitting: 22 januari 2026
Tegenspraak
Verdachte:
[verdachte],
geboren op [geboortedatum] 1983 in [geboorteplaats] ([geboorteland]),
ingeschreven op het adres: [adres 1], [postcode] in [plaatsnaam].
Advocaat van de verdachte: mr. M. Wever.
Officier van justitie: mr. T.J. Lindhout.
Kern van het vonnis
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een poging tot het verrichten van seksuele handelingen tegen betaling en het uitwisselen van seksueel getinte berichten met een kind in de leeftijd van zestien tot achttien jaren, in werkelijkheid een fictief persoon die zich voordeed als een minderjarige jongen. Er is geen sprake van uitlokking en het Tallon-criterium is niet geschonden. De rechtbank legt aan de verdachte een taakstraf op voor de duur van 120 uren.
1. Tenlastelegging
De officier van justitie beschuldigt de verdachte van poging tot het verrichten van seksuele handelingen tegen betaling en het uitwisselen van seksueel getinte berichten (sexchatting) met een fictieve minderjarige in de leeftijd van zestien tot achttien jaren. De volledige tenlastelegging (beschuldiging) houdt in dat
1. primair
hij op of omstreeks 9 oktober 2024 te Dordrecht en/of Zwijndrecht, althans in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met een kind in de leeftijd van zestien tot achttien jaren, te weten een fictief persoon die zich via de applicatie en/of de website ‘Grindr’ met de gebruikersnaam ‘[profielnaam 1]’ voordeed als een 16-jarige jongen, een of meer seksuele handelingen, die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam, te verrichten, te weten het oraal en/of anaal penetreren van voornoemd fictief persoon terwijl dat kind (voornoemd fictief persoon) zich beschikbaar stelde tot het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen betaling, immers heeft/is hij, verdachte,- via de applicatie en/of website ‘Grindr’ en/of Whatsapp contact gelegd en/ofonderhouden met voornoemd fictief persoon, en/of- voorgesteld om voornoemd fictief persoon oraal en/of anaal te bevredigen, en/of- voorgesteld en/of ingestemd om 50 euro voor één of meer seksuele handelingen tebetalen, en/of,- afgesproken om in de woning van voornoemd fictief persoon tegen betaling één of meer seksuele handelingen te verrichten, en/of- (vervolgens) op het afgesproken adres in persoon verschenen, en/of- een bedrag van 50 euro, althans enig geldbedrag, en/of condooms meegenomen, althans voorhanden gehad terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
subsidiair
hij op of omstreeks 9 oktober 2024 te Dordrecht en/of Zwijndrecht, althans in Nederland,ter voorbereiding van een misdrijf, waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld, te weten (als bedoeld in artikel 246 lid 1 sub d van het Wetboek van Strafrecht) het seksueel binnendringen van een kind in de leeftijd van zestien tot achttien jaren, terwijl dat kind zich beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen betaling (ten aanzien van een fictief persoon die zich via de applicatie en/of de website “Grindr” met profielnaam ‘[profielnaam 1]’ voordeed als een 16-jarige jongen) opzettelijk condooms en/of enig geldbedrag, zijnde/althans voorwerpen, bestemd tot het begaan van dat misdrijf, voorhanden heeft gehad;
2
hij op of omstreeks 9 oktober 2024 te Dordrecht, althans in Nederland een kind in de leeftijd van zestien tot achttien jaren onder de in artikel 245, eerste lid, omschreven omstandigheden en/of een persoon die zich als zodanig voordeed, te weten een fictief persoon met profielnaam “[profielnaam 1]” en “[profielnaam 2]” indringend mondeling en/of schriftelijk seksueel heeft benaderd op een wijze die schadelijk te achten was voor kinderen beneden de leeftijd van zestien jaren, door - via de applicatie en/of website ‘Grindr’ en/of Whatsapp contact gelegd en/of onderhouden met voornoemd fictief persoon, en/of
- voorgesteld om voornoemd fictief persoon oraal te bevredigen en/of zelf door fictief persoon oraal bevredigd te worden, en/of
- voorgesteld om voornoemd fictief persoon anaal te bevredigen en/of zichzelf door fictief persoon anaal te laten bevredigen
- voorgesteld en/of ingestemd om 50 euro voor één of meer seksuele handelingen te betalen, en/of,
- afgesproken om in de woning van voornoemd fictief persoon tegen betaling één of meer seksuele handelingen te verrichten, en/of.
2. Ontvankelijkheid van de officier van justitie
Standpunt van de verdediging
De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de officier van justitie niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de vervolging, omdat het Tallon-criterium is geschonden. De verdachte zou door de politie zijn uitgelokt om feiten te plegen waarop zijn opzet niet was gericht, namelijk om tegen betaling seks te hebben met een minderjarige en te seks-chatten.
Standpunt van de officier van justitie
Het openbaar ministerie is ontvankelijk. Het Tallon-criterium is niet geschonden.
Oordeel van de rechtbank
Op grond van het Tallon-criterium mag een verdachte niet tot andere strafbare feiten worden gebracht dan waarop zijn opzet reeds tevoren was gericht. Schending van dit verbod levert strijd op met het recht van een verdachte op een eerlijk proces en daarmee schending van
artikel 6 van het Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens (EVRM).
Op basis van de inhoud van het dossier en hetgeen ter zitting is besproken stelt de rechtbank vast dat de verdachte op 9 oktober 2024 op de website Grindr reageerde op het profiel ‘[profielnaam 1]’ met als biografie ‘zoek ervaren’ van de fictieve minderjarige. Het is daarbij niet specifiek de verdachte die wordt benaderd. De verdachte neemt het initiatief tot het contact.
De verdachte start het gesprek door te vragen “Hey [profielnaam 1], alles lekker daar”, om vervolgens te vragen welke ervaring de fictieve minderjarige zoekt en of hij die dag lol wil hebben. De fictieve minderjarige antwoordt daar bevestigend op en vertelt vervolgens dat hij jonger is dan in zijn profiel staat. De verdachte vraagt dan hoeveel jonger en als de fictieve minderjarige zegt dat hij 16 is, zegt de verdachte dat hij dat wel mee vindt vallen.
De politie vraagt dan wat de verdachte wil doen als hij langs komt, waarop de verdachte benoemt wat hij zou willen doen: pijpen, gepijpt worden, geneukt worden en/of neuken. De fictieve minderjarige laat daarop weten op zoek te zijn naar een zakcentje. De verdachte vraagt dan hoeveel zakcentjes hij zoekt. Daarop noemt de fictieve minderjarige een bedrag van 50 en geeft de verdachte aan cash te hebben. Ze spreken vervolgens af dat de verdachte naar de fictieve minderjarige zal gaan waarbij laatstgenoemde het adres noemt.
Op het moment dat de verdachte aankomt bij het afgesproken adres is hij bang om herkend en ontdekt te worden. De verdachte wil dat de fictieve minderjarige naar de portiekdeur komt om hem daar op te halen. Aanvankelijk lijkt de afspraak niet door te gaan. De verdachte dringt uiteindelijk nog een laatste keer aan op een ontmoeting in de afgesproken woning op voorwaarde dat de fictieve minderjarige hem bij de portiekdeur komt ophalen. Uiteindelijk geeft de fictieve minderjarige aan dat hij naar de portiekdeur loopt.
Op basis van het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat de politie de gelegenheid heeft geboden tot het plegen van de strafbare feiten zonder daarbij ongeoorloofde druk uit te oefenen op de verdachte. De verdachte heeft het initiatief genomen om contact te leggen en te onderhouden met het opzet op het verrichten van seksuele handelingen. De verdachte wilde seks hebben en is vrijwel direct ingegaan op het aanbod van de fictieve minderjarige, ook toen deze uitlatingen deed die wezen op zijn (te jonge) leeftijd, hij die leeftijd met zoveel woorden meedeelde (16 jaar dus) en hij schreef dat hij op zoek was naar een zakcentje. Uit niets blijkt dat de politie de verdachte heeft overgehaald, ook niet op het moment dat tijdens het chatten de leeftijd en het geld ter sprake kwamen. Uit de feitelijke gang van zaken leidt de rechtbank af dat de verdachte niet tot het feit is gebracht door het optreden van de fictieve minderjarige. De verdachte is daarmee niet tot nieuwe handelingen gebracht buiten zijn vooraf bestaande opzet. De rechtbank is van oordeel dat het Tallon-criterium niet is geschonden. Dit verweer wordt verworpen. De officier van justitie is dan ook ontvankelijk in de vervolging.
3. Bewijs
Vordering van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld voor feit 1 primair en feit 2.
Conclusie van de verdediging
De verdediging heeft vrijspraak bepleit voor feit 1 primair, omdat geen sprake is van een begin van uitvoering. Verder heeft de verdediging vrijspraak bepleit voor feit 2, omdat het handelen van de verdachte niet kan worden aangemerkt als een indringende seksuele benadering die schadelijk was te achten voor een kind in de leeftijd van zestien tot achttien jaar.
Oordeel van de rechtbank
Bewezenverklaring en bewijsmiddelen
Bewezen is dat de verdachte heeft geprobeerd seksuele handelingen te verrichten tegen betaling met een fictieve minderjarige in de leeftijd van zestien tot achttien jaren. Ook is bewezen dat hij deze fictieve minderjarige indringend seksueel heeft benaderd op een wijze die schadelijk te achten is voor kinderen in de leeftijd van zestien tot achttien jaren. De volledige bewezenverklaring is vermeld in paragraaf 3.3.3.
De bewezenverklaring van het feit is gebaseerd op de hieronder opgenomen inhoud van de bewijsmiddelen en de onderstaande bewijsmotivering.
1. Proces-verbaal van de politieOp 9 oktober 2024 werden door het onderzoeksteam op websites als Grindr jongensprofielen aangemaakt, waarna chatgesprekken werden gevoerd met mannen die de profielen benaderden en chatgesprekken startten. Op de website Grindr werd door het onderzoeksteam een profiel geplaatst onder de naam '[profielnaam 1]' met als biografie 'zoek ervaren'.
Op 9 oktober 2024 benaderde een persoon met het profiel '[naam]' het profiel van het onderzoeksteam van de politie.
Klant: Hey [profielnaam 1], alles lekker daar.
Klant: Wat voor ervaring zoek je?
Politie: Wat er te ervaren valt.
Klant: Waar sta je zelf voor open?
Politie: Voor alles.
Klant: Wanna have some fun today?
Politie: Ja vandaag ben ik alleen thuis.
Politie: Ben alleen jonger dan wat in mijn profiel staat.
Klant: Meen je, en wat is jonger dan?Politie: 16.Klant: Dat valt toch wel mee?
Klant: Waar zit je zelf.
Politie: Dordrecht. Klant: Zou sws wel willen pijpen.Klant: En als je een lekkere lul heb. En zou willen dan mag je me ook wel neukenKlant: Zoenen tongen strelen pijpen gepijpt worden en geneukt worden en of neuken.Politie: Ik ben wel op zoek naar een zakcentje.Klant: Klinkt horny. En hoeveel zakcentje zoek je dan?Politie: 50?Klant: klinkt nice. Heb wel cash.
Klant: Heb condooms.
Klant: Waar spreken we af.
Politie: Jij kwam naar mij toch?
Politie: [adres 2].
Klant: Had je zeker ook wel die 50 willen geven.
Vervolgens werd aangebeld bij de [adres 2], waarna deze persoon [naam], bleek te zijn genaamd: [verdachte], geboren op [geboortedatum] 1983.
2. Proces-verbaal van de politieDe verdachte had drie ongebruikte condooms en een portemonnee met verschillende bankbiljetten, waaronder een bankbiljet van 50 euro, bij zich.
3. Proces-verbaal van de politie, verklaring verdachteAls ik seks wil zoek ik contact via de app Grindr. Mijn gebruikersnaam is [naam]. Gisteren had ik contact met een jongen. Hij zei dat hij 16 was en dat vond ik wel meevallen. Die jongen wilde wel een zakcentje. Ik vroeg ‘wat noem je een zakcentje’ en toen zei hij 50 euro. We spraken over pijpen en gepijpt worden en geneukt worden. Ik had condooms en geld bij me toen ik naar het opgegeven adres ging.
Bewijsmotivering
Strafbare poging
De rechtbank stelt voorop dat van een strafbare poging sprake is wanneer het voornemen van de dader zich door een begin van uitvoering heeft geopenbaard. Dit wordt beoordeeld aan de hand van de maatstaf of de bewezenverklaarde feitelijke handelingen naar hun uiterlijke verschijningsvorm moeten worden beschouwd als te zijn gericht op de voltooiing van een strafbaar feit.
Uit het dossier volgt dat de verdachte seksueel getinte chatgesprekken had met een – naar hij aannam – 16-jarige jongen. Uit de chatgesprekken blijkt dat de verdachte in de veronderstelling was dat hij een afspraak had gemaakt in de woning van de (naar later bleek: fictieve) minderjarige met de bedoeling om daar seks te hebben. De verdachte was bereid daar 50 euro voor te betalen en gaf aan condooms te hebben. De verdachte is daadwerkelijk naar de plek gegaan waar zij hadden afgesproken met de bedoeling daar seksuele handelingen te verrichten. De verdachte had het afgesproken geldbedrag en condooms bij zich.
De rechtbank is van oordeel dat deze gedragingen in tijd en plaats zo dicht en concreet bij het voltooien van het plegen van seksuele handelingen met een minderjarige liggen dat zij naar hun uiterlijke verschijningsvorm waren gericht op de voltooiing van het verrichten van seksuele handelingen tegen betaling met een minderjarige. Het voornemen van de verdachte heeft zich aldus door een begin van uitvoering geopenbaard, zodat sprake is van een strafbare poging.
Indringende en seksuele benadering die schadelijk is te achten
De rechtbank stelt voorop dat sprake is van een indringende seksuele benadering van een kind op een wijze die schadelijk is te achten, als het gedrag betreft waarbij kinderen op indringende en niet leeftijdsconforme wijze worden benaderd voor seksuele doelen.
De verdachte heeft de fictieve minderjarige van 16 jaar zelf benaderd via een chatgesprek. Tijdens het chatgesprek heeft hij meerdere malen aangegeven dat hij zou willen pijpen, gepijpt worden, neuken, geneukt worden en de pik stijf zou willen maken. Deze uitlatingen heeft hij kracht bijgezet door aan te geven dat hij bereid was voor deze seksuele handelingen 50 euro te betalen. Deze overduidelijk indringende seksuele benadering van de verdachte is naar het oordeel van de rechtbank, anders dan de verdediging heeft bepleit, niet als leeftijdsconform aan te merken en daarom schadelijk te achten.
Volledige bewezenverklaring
Bewezen is dat:
feit 1 primair
hij op 9 oktober 2024 te Dordrecht, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met een kind in de leeftijd van zestien tot achttien jaren, te weten een fictief persoon die zich via de website ‘Grindr’ met de gebruikersnaam ‘[profielnaam 1]’ voordeed als een 16-jarige jongen, seksuele handelingen, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam, te verrichten, te weten het oraal en anaal penetreren van voornoemd fictief persoon terwijl dat kind (voornoemd fictief persoon) zich beschikbaar stelde tot het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen betaling,- via de website ‘Grindr’ contact heeft gelegd en onderhouden met voornoemd fictief persoon, en- heeft voorgesteld om voornoemd fictief persoon oraal en anaal te bevredigen, en- heeft voorgesteld en ingestemd om 50 euro voor seksuele handelingen te betalen, en- heeft afgesproken om in de woning van voornoemd fictief persoon tegen betaling seksuele handelingen te verrichten, en- vervolgens op het afgesproken adres in persoon is verschenen, en- een bedrag van 50 euro en condooms heeft meegenomen, althans voorhanden gehad terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
feit 2
hij op 9 oktober 2024 te Dordrecht, een persoon die zich voordeed als een kind in de leeftijd van zestien tot achttien jaren, te weten een fictief persoon met profielnaam “[profielnaam 1]”, onder de in artikel 245, eerste lid, omschreven omstandigheden indringend schriftelijk seksueel heeft benaderd op een wijze die schadelijk te achten was voor kinderen in de leeftijd van zestien tot achttien jaren, door
- via de website ‘Grindr’ contact te leggen en onderhouden met voornoemd fictief persoon, en
- voor te stellen om voornoemd fictief persoon oraal te bevredigen en zelf door fictief persoon oraal bevredigd te worden, en
- voor te stellen om voornoemd fictief persoon anaal te bevredigen en zichzelf door fictief persoon anaal te laten bevredigen en
- voor te stellen en ermee in te stemmen om 50 euro voor seksuele handelingen te betalen, en
- af te spreken om in de woning van voornoemd fictief persoon tegen betaling seksuele handelingen te verrichten.
4. Kwalificatie en strafbaarheid
Kwalificatie
De bewezen feiten leveren de volgende strafbare feiten op:
Feiten 1 primair en 2
Eendaadse samenloop van:
poging tot verkrachting in de leeftijdscategorie van zestien tot achttien jaren, terwijl dat kind zich beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen betaling;
en
een persoon die zich voordoet als een kind in de leeftijd van zestien tot achttien jaren indringend schriftelijk seksueel benaderen op een wijze die schadelijk te achten is voor kinderen in de leeftijd van zestien tot achttien jaren, onder de in artikel 245, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, omschreven omstandigheden.
Strafbaarheid van de feiten en van de verdachte
De feiten en de verdachte zijn strafbaar.
5. Straf
Eis van de officier van justitie
De verdachte moet voor de feiten 1 primair en 2 worden veroordeeld tot een taakstraf van 120 uren.
Standpunt van de verdediging
De taakstraf dient geheel voorwaardelijk te worden opgelegd.
Oordeel van de rechtbank
Ernst en omstandigheden van de feiten
De verdachte heeft geprobeerd seksuele handelingen te verrichten met een fictieve minderjarige tegen betaling. Hij dacht dat hij contact had met een 16-jarige jongen. Na het eerste contact heeft de verdachte seksueel getinte berichten verstuurd. Na het aanbieden van 50 euro heeft hij aangestuurd op een ontmoeting om de seksuele handelingen te verrichten. De verdachte is daadwerkelijk naar de afgesproken plaats gegaan, maar het is bij een poging gebleven omdat hij daar werd geconfronteerd met de politie.
De hier geschonden strafbepalingen beogen de lichamelijke en de seksuele integriteit van minderjarigen te beschermen. De rechtbank neemt het de verdachte kwalijk dat hij enkel oog heeft gehad voor het bevredigen van zijn eigen lusten en op geen enkele manier heeft stilgestaan bij de schade die hij daarmee zou kunnen toebrengen aan een minderjarige. Dat gebruik is gemaakt van een fictieve minderjarige, doet daar niet aan af. De verdachte dacht immers dat hij een ontmoeting had geregeld met een minderjarige jongen van 16 jaar. Door daadwerkelijk naar de afgesproken plaats toe te gaan met het afgesproken geldbedrag en condooms, heeft de verdachte tot uitdrukking gebracht dat hij de bedoeling had om seksuele handelingen te verrichten.
Persoon en persoonlijke omstandigheden
Strafblad
Uit het strafblad (uittreksel justitiële documentatie) van 15 december 2025 blijkt dat de verdachte niet eerder onherroepelijk is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten. Het strafblad van de verdachte leidt dus niet tot een hogere straf.
Rapport van de reclassering
In het rapport van Reclassering Nederland van 26 november 2025 staat het volgende.
Bij de verdachte zijn geen delict gerelateerde factoren waargenomen, anders dan dat hij niet goed op de hoogte is geweest van de leeftijdsgrens zoals deze in de wet is vastgelegd. Achteraf vindt hij deze terecht en gepast. Het risico op recidive wordt ingeschat als laag. De reclassering adviseert een afdoening zonder bijzondere voorwaarden en vindt interventies of toezicht niet nodig.
Oplegging straf
Gelet op de ernst van de strafbare feiten is een taakstraf passend. Bij het bepalen van de duur van de taakstraf houdt de rechtbank, in ieder geval wat betreft het tegen betaling verrichten van seksuele handelingen met een minderjarige, ook rekening met straffen die in soortgelijke zaken zijn opgelegd. Een geheel voorwaardelijke straf, zoals verzocht door de verdediging, doet onvoldoende recht aan de ernst van de gepleegde feiten. Alles afwegend acht de rechtbank een taakstraf van honderdtwintig uren passend en geboden.
6. Wettelijke voorschriften
De oplegging van deze straf is gebaseerd op de artikelen 9, 22c, 22d, 45, 55, 246 en 251 van het Wetboek van Strafrecht.
7. Beslissingen
De rechtbank:
verklaart bewezen dat de verdachte de feiten, zoals in hoofdstuk 3 is omschreven, heeft gepleegd;
stelt vast dat het bewezenverklaarde oplevert de in hoofdstuk 4 vermelde strafbare feiten;
verklaart de verdachte strafbaar;
veroordeelt de verdachte tot een taakstraf van 120 (honderdtwintig) uur, waarbij de reclassering bepaalt uit welke werkzaamheden deze taakstraf zal bestaan;
beveelt dat, voor het geval de verdachte de taakstraf niet (goed) verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 60 (zestig) dagen.
8. Samenstelling rechtbank en ondertekening
Dit vonnis is gewezen door:
mr. P. Joele, voorzitter,
en mrs. I. Bouter en J. Langeveld, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. D. Blom-den Haan, griffier,
en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 5 februari 2026.
De oudste rechter, jongste rechter en de griffier zijn niet in de gelegenheid dit vonnis te ondertekenen.