ECLI:NL:RBROT:2026:13982

ECLI:NL:RBROT:2026:13982

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 25-09-2026
Datum publicatie 14-10-2026
Zaaknummer 12166918 RR FORM 26-53
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Experimentele regelrechterprocedure, geldvordering

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam

zaaknummer: 12166918 RR FORM 26-53

datum uitspraak: 25 september 2026

Vonnis van de regelrechter

in de zaak van

1. [eiseres],

woonplaats: [woonplaats 1],

eiseres sub 1,

die zelf procedeert,

2. [eiser],

woonplaats: [woonplaats 2],

eiser sub 2,

gemachtigde: [gemachtigde],

tegen

[gedaagde] , die handelt onder de naam [gedaagde],

vestigingsplaats: [vestigingsplaats],

gedaagde,

die niet in de procedure is verschenen.

De eisers worden hierna ‘[eisers]’ genoemd. Gedaagde wordt ‘[gedaagde]’ genoemd.

1. De procedure

Deze zaak wordt behandeld door de regelrechter op basis van het Tijdelijk besluit experiment regelrechter (hierna: Besluit).

Het dossier bestaat uit:

het aanvraagformulier van [eisers] dat de rechtbank op 27 november 2025 heeft ontvangen, met bijlagen;

het verstekvonnis van deze rechtbank van 27 maart 2026 met zaaknummer 11987684 RR FORM 25-137;

het reactieformulier van [gedaagde], met bijlagen;

de brief van [gedaagde], ontvangen op 12 augustus 2026;

de brief van [eisers], ontvangen op 12 augustus 2026, met bijlagen;

de brief van [eisers], ontvangen op 18 augustus 2026;

de brief van [gedaagde], ontvangen op 24 augustus 2026, met bijlagen;

de brief van [eisers], ontvangen op 25 augustus 2026;

de brief van [gedaagde], ontvangen op 25 augustus 2026, met een bijlage;

de brief van [eisers], ontvangen op 26 augustus 2026, met een bijlage;

de brief van [gedaagde], ontvangen op 26 augustus 2026;

de brief van [eisers] met een wijziging van eis, ontvangen op 26 augustus 2026.

Op 4 september 2026 is de zaak tijdens een zitting besproken. Namens eiseres was [eiseres] aanwezig. Namens [gedaagde] is er niemand verschenen.

2. De beoordeling

Waar gaat de zaak over?

[eisers] eisen in deze zaak, na eiswijziging van 26 augustus 2026, dat [gedaagde] € 5.763,43 betaalt. Dit bedrag bestaat uit:

 € 3.654,- € 3.654,- inclusief btw voor het veranderen van de kleur van de garderobekast;

 € 3.654,- € 192,- voor de niet geleverde afstandsbediening;

 € 3.654,- € 514,- aan montagekosten;

 € 3.654,- € 417,- voor het vervangen van de lampen van de room divider;

 € 3.654,- € 151,- aan reiskosten voor drie reizen naar de studio van [gedaagde];

 € 3.654,- € 835,43 aan beslag- en executiekosten.

Daarvoor hebben [eisers] het volgende aangevoerd.

[eisers] hebben een garderobekast en room-divider gekocht bij [gedaagde]. Bij het opstellen van de eerste offerte hebben [eisers] en [gedaagde] gesproken over het ontwerp van de garderobekast. Daarbij heeft [gedaagde] expliciet gemeld dat [eisers] nog niet moeten letten op de kleur die op de offerte staat (78 Sabbia). [eisers] zouden namelijk op een later moment de definitieve kleuren uitzoeken. Op 21 en 24 januari 2025 hebben [eisers] gekozen voor de kleuren Bianco Neve en Blu Londra. Deze kleuren zijn verwerkt in Offerte nr. 13 van 24 januari 2025. De maten van de achterwand konden nog niet definitief worden doorgegeven. [eisers] hebben met [gedaagde] na de offerte van 18 februari 2025 besproken om de definitieve bevestiging nog even aan te houden totdat zij wel de juiste maten konden doorgeven. Op 25 maart 2025 hebben [eisers] de maten doorgegeven en nog enkele vragen gesteld over de installatie van de garderobekast. [gedaagde] heeft deze maten verwerkt in de eerste offerte die zij heeft opgesteld waarin nog de kleur 78 Sabbia stond vermeld. [eisers] hebben nog enkele vragen gesteld over de garderobekast op 24 mei 2025. [gedaagde] heeft snel daarna gebeld om door te geven dat zij de garderobekast voor de zomersluiting zou kunnen leveren als [eisers] direct betalen. Zij hebben dit op 9 juni 2025 gedaan. Daarna is de garderobekast besteld. Eventuele aanpassingen konden nog worden verwerkt in de tekening van de fabriek. [eisers] hebben deze tekening niet meer ontvangen.

Bij de levering van de garderobekast in oktober 2025 is gebleken dat deze niet in de kleuren Bianco Neve en Blu Londra is geleverd (conform de offerte van 18 februari 2025), maar in de kleur 78 Sabbia. Ook is de afstandsbediening voor de verlichting niet geleverd. [eisers] hebben hierover geklaagd en zijn bij [gedaagde] op bezoek geweest om een oplossing te bespreken. Tijdens het overleg heeft [gedaagde] aangegeven dat tijdens een bezoek aan de showroom [eisers] terug is gekomen op haar kleurkeuze en zelf de kleur Sabbia heeft uitgekozen. Volgens [gedaagde] zou dit op 15 april 2025 zijn gebeurd. [eisers] hebben vervolgens gecommuniceerd dat zij de kleuren niet hebben gewijzigd en op die dag ook niet in Rotterdam zijn geweest. [gedaagde] vindt verder dat [eisers] met het accorderen van de laatste offerte en verwijzing daarnaar bij de betaling van de betreffende factuur heeft ingestemd met de kleur 78 Sabbia. [eisers] zijn echter van mening dat [gedaagde] bij het doorvoeren van de technische aanpassingen is uitgegaan van de eerste offerte met de verkeerde kleuren. [eisers] geven aan formeel nooit akkoord te zijn gegaan met de laatste offerte.

[eisers] klagen verder dat de plaatjes waarmee de lampen aan de kast zijn vastgeplakt niet goed plakken en de lampen daarom vallen. [gedaagde] heeft daar geen oplossing voor geboden, aldus [eisers]

In het genoemde verstekvonnis zijn [eisers] grotendeels in het gelijk gesteld. De gevorderde reiskosten zijn toegewezen tot een bedrag van € 16,32. Voor het overige is de eis toegewezen.

[gedaagde] is het niet eens met de eis en het verstekvonnis en heeft het volgende aangevoerd. Er is inderdaad gesproken over de kleuren Blu Londra en Bianco Neve, maar later zijn [eisers] akkoord gegaan met een offerte waarin op meerdere plaatsen de kleur 78 Sabbia staat. Dat [eisers] een afstandsbediening zouden krijgen, staat niet in de geaccordeerde offerte. Verder betwist [gedaagde] dat er drie nieuwe lampen nodig zijn en dat de gemaakte reiskosten voor vergoeding in aanmerking komen. [gedaagde] heeft de vordering inmiddels onder protest betaald en wil bij afwijzing van de vorderingen de betaalde bedragen terug.

De gewijzigde eis wordt grotendeels toegewezen

Tijdens de zitting hebben [eisers] de eis nogmaals toegelicht en vragen van de kantonrechter beantwoord. De kantonrechter vindt dat [gedaagde] in het licht van deze nadere toelichting door [eisers] onvoldoende feiten en omstandigheden heeft gesteld die tot het oordeel zouden kunnen leiden dat de eis van [eisers] moet worden afgewezen. Namens [gedaagde] is alleen schriftelijk verweer gevoerd en is niemand op de zitting verschenen. Dat is een bewuste keuze van [gedaagde] geweest, nu zij dat expliciet in het schriftelijk verweer heeft aangegeven. [gedaagde] heeft haar verweer daarom echter niet nader kunnen toelichten en/of onderbouwen en ook geen vragen van de kantonrechter kunnen beantwoorden. Uit het niet verschijnen van een partij op de zitting kan de rechter de gevolgtrekking maken die hij geraden acht (artikel 88 lid 2 Rv). Dat betekent in dit geval dat de kantonrechter de eis van [eisers] grotendeels toewijst. De kantonrechter gaat hierna alleen in op het deel van de eis dat helemaal of voor een deel wordt afgewezen.

De reiskosten worden gedeeltelijk toegewezen

De reiskosten naar [gedaagde] voor de periode waarin is onderhandeld over de kasten worden afgewezen, omdat de rechter geen grond ziet op basis waarvan deze kosten als schade van [eisers] moeten worden aangemerkt.

[gedaagde] moet de proceskosten betalen

De proceskosten komen voor rekening van [gedaagde], omdat zij voor het grootste deel ongelijk krijgt (artikel 15 Besluit). De kantonrechter begroot de kosten die [gedaagde] aan [eisers] moet betalen op € 257,- aan griffierecht en € 50,- aan onkosten (artikel 238 lid 1 Rv). Dat is in totaal € 307,-. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend.

De betalingen die [gedaagde] al heeft gedaan

De partijen zijn het erover eens dat [gedaagde] na de beslaglegging € 5.763,43 in totaal aan [eisers] heeft betaald. Deze betaling strekt in mindering van het totaalbedrag dat [gedaagde] nog aan [eisers] verschuldigd is.

Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad

Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat [eisers] dat eisen en [gedaagde] daar geen bezwaar tegen heeft gemaakt (artikel 233 Rv). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.

3. De beslissing

De regelrechter:

veroordeelt [gedaagde] om aan [eisers] te betalen € 5.628,75;

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, die aan de kant van [eisers] worden begroot op € 307,00;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst al het andere af.

Dit vonnis is gewezen door kantonrechter mr. B.J.R. van Tongeren en in het openbaar uitgesproken.

43416

Bent u het niet eens met dit vonnis? Dan kunt u binnen drie maanden na de datum van de uitspraak het Gerechtshof in Den Haag vragen om de zaak opnieuw te beoordelen (hoger beroep). Dat doet u door de deurwaarder een dagvaarding te laten bezorgen bij de tegenpartij en die ook op te sturen naar het Gerechtshof. U heeft hiervoor een advocaat nodig.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand