Rechtbank Rotterdam
Meervoudige kamer strafzaken
Parketnummer: 10.127762.26
Datum uitspraak: 22 oktober 2026
Datum zitting: 8 oktober 2026
Tegenspraak
Verdachte:
[verdachte] ,
geboren op [geboortedatum 1] 2006 in [geboorteplaats] ,
ingeschreven op het adres [adres 1] , [postcode] [woonplaats] .
Advocaat van de verdachte: mr. D.J. Troost
Officier van justitie: mr. N. van Manen
Benadeelde partij: [benadeelde partij]
Kern van het vonnis
De verdachte heeft samen met een ander de aangever naar een woning gelokt en hem daar een aantal uren wederrechtelijk van zijn vrijheid beroofd. De verdachten hebben met geweld de telefoon van de aangever weggenomen en zich toegang verschaft tot zijn (online) bankrekening om zo geldbedragen over te schrijven. De rechtbank legt aan de verdachte een gevangenisstraf op van 20 maanden waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.
1. Tenlastelegging
De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij - samengevat - samen met anderen de aangever wederrechtelijk van zijn vrijheid heeft beroofd en met geweld zijn telefoon en geldbedragen heeft weggenomen.
De volledige tenlastelegging houdt in dat:
1
hij in of omstreeks de periode van 18 april 2026 tot en met 19 april 2026 te Rotterdam
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een telefoon (merk/type/model: Apple Iphone 16 Pro Max) en/of één of meer geldbedragen (totaal ongeveer 3.000,00 euro), in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, en dat/die weg te nemen geldbedrag(en) onder zijn/hun bereik heeft/hebben
gebracht door middel van een valse sleutel, te weten de telefoon van die [slachtoffer] inclusief (toegang tot) de daarop aanwezige ING-bank app met bankgegevens van die [slachtoffer] (waarmee verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de bankrekening van die [slachtoffer] heeft/hebben verschaft en/of (vervolgens) middels 'Tikkie'-betalingen een of meer geldbedragen van deze bankrekening van die [slachtoffer] heeft/hebben overgemaakt/afgeschreven), tot welk gebruik hij, verdachte en/of zijn mededader(s) onbevoegd en/of niet gerechtigd was/waren welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer] gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, gemakkelijk te maken, door
- zich op te dringen aan die [slachtoffer] en/of
- die [slachtoffer] te gebieden om een woning te betreden en/of zich (vervolgens) (deels) te ontkleden en/of
- die [slachtoffer] te filmen, terwijl hij (deels) ontkleed was en/of die [slachtoffer] daarbij te gebieden om (hardop) te zeggen: "Ik ga al het geld op mijn bank geven en ik ga niet moeilijk doen. Ik ga de politie er niet bij betrekken" en/of
- met zijn, verdachtes, hand een pistool na te bootsen en/of daarmee een dreigend gebaar naar die [slachtoffer] te maken en/of
- die [slachtoffer] gedurende een aantal uren vast te houden in de woning en/of
- die [slachtoffer] meermalen op/tegen het hoofd/gezicht te slaan/stompen en/of
- ( daarbij) aan die [slachtoffer] (dreigend) de woorden toe te voegen: "Ga naar binnen, ga naar binnen, anders gaan we je steken" en/of "Maak je tas open. Heb je je bankpas bij je?" en/of Doe je telefoon open, ga naar ING, we willen nu geld zien" en/of "Doe je kleren uit. Doe je kleren uit, anders doen we je iets" en/of " Je gaat ballas eten", althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking;
2
hij in of omstreeks de periode van 18 april 2026 tot en met 19 april 2026 te Rotterdam
tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk [slachtoffer]
wederrechtelijk van de vrijheid heeft/hebben beroofd en/of beroofd gehouden, door
- zich op te dringen aan die [slachtoffer] en/of
- die [slachtoffer] te gebieden om een woning te betreden en/of zich (vervolgens) aldaar (deels) te ontkleden en/of (daarbij) die [slachtoffer] te filmen en/of
- de telefoon van die [slachtoffer] afte nemen en/of
- met zijn, verdachtes, hand een pistool na te bootsen en/of daarmee een dreigend gebaar naar die [slachtoffer] te maken en/of
- die [slachtoffer] gedurende een aantal uren vast te houden in de woning en/of
- die [slachtoffer] te verbieden om naar het toilet te gaan en/of
- die [slachtoffer] meermalen op/tegen het hoofd/gezicht te slaan/stompen en/of
- ( daarbij) aan die [slachtoffer] (dreigend) de woorden toe te voegen: "Ga naar binnen, ga naar binnen, anders gaan we je steken" en/of "Doe je kleren uit. Doe je kleren uit, anders doen we je iets" en/of "Je gaat ballas eten", althans woorden van gelijke aard en/of strekking.
2. Bewijs
Vordering van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld voor de feiten.
Conclusie van de verdediging
De verdediging heeft vrijspraak bepleit voor de feiten. Het standpunt van de verdediging zal, voor zover van belang, bij de beoordeling van het bewijs worden besproken.
Oordeel van de rechtbank
Bewezenverklaring en bewijsmiddelen
Bewezen is dat de verdachte samen met een ander de aangever wederrechtelijk van zijn vrijheid heeft beroofd en (onder bedreiging) met geweld zijn telefoon en geldbedragen heeft weggenomen. De volledige bewezenverklaring is vermeld in paragraaf 2.3.3.
De bewezenverklaring van de feiten is gebaseerd op de hieronder opgenomen inhoud van de bewijsmiddelen en de onderstaande bewijsmotivering.
1. Verklaring van de verdachte
Op 18 en 19 april 2026 ben ik aanwezig geweest in de woning aan [adres 2] te Rotterdam. Ik heb met [aangever] in een kamer gezeten.
2. Proces-verbaal van de politie, verklaring aangever [aangever]
Ik had op 18 april 2026 omstreeks 20:00 uur afgesproken voor een date. Ik heb deze date
afgesproken via de app Grindr. Wij spraken om 20:00 uur af op [adres 2] te Rotterdam. Ik kwam omstreeks 20:00 uur aan op [straat] . Ik zag dat er een personenauto stond geparkeerd voor [huisnummer] . Ik zag dat hier twee personen uitstapten.
Ik kan verdachte 2 als volgt omschrijven:
-man;
-Antilliaans/Surinaams uiterlijk;
-ongeveer 1.90 m lang;
-19 jaar oud;
-sik en snor;
-zwarte dreads tot schouderhoogte;
-schoenen van het merk Amiri wit met grijs;
-zwart trainingspak.
Ik zag dat verdachte 1 de voordeur opendeed. Ik zag daar een derde persoon staan (verdachte 3).
Ik zei dat ik niet naar binnen ging. Ik hoorde verdachte 2 zeggen: "Ga naar binnen, ga naar binnen, anders gaan we je steken". Ik liep met verdachte 1 en 3 de woning in. Ik hoorde dat verdachte 1 zei: "Maak je tas open. Heb je je bankpas bij je?". Ik zei dat ik alleen met mijn telefoon betaal. Ik moest mijn tas afdoen en afgeven aan verdachte 2.
Ik hoorde dat verdachte 1 zei: "Doe je telefoon open, ga naar ING, we willen nu geld zien". Ik opende uit paniek ING. Ik zag dat verdachte 1 mijn telefoon afpakte. Ik hoorde dat verdachte 1 tegen verdachte 2 zei dat hij een Tikkie moest sturen. Verdachte 2 opende een QR-code. Verdachte 1 had de code al gezien en hierdoor betaalde hij de Tikkie. Ik zag op mijn telefoon dat dit om 200 euro ging. Ik zag dat verdachte 1 weer via dezelfde wijze 200 euro overmaakte naar verdachte 2. Ik hoorde verdachte 2 zeggen: "Ik wil 3.000 euro hebben".
Ik hoorde verdachte 2 zeggen: "Doe je kleren uit, doe je kleren uit". Ik vroeg waarom ik dat moest doen en ik zei dat ik het niet wilde doen. Ik zag dat hij mij ging filmen. Ik hoorde verdachte 2 zeggen: "Doe je kleren uit anders doen we je iets". Ik deed mijn broek omlaag tot mijn enkels en deed mijn shirt en trui uit. Ik zag dat beide verdachten mij gingen filmen. Ik moest twee dingen nazeggen: "Ik ga al het geld op mijn bank geven en ik ga niet moeilijk doen. Ik ga de politie er niet bij betrekken". Ik hoorde verdachte 2 zeggen: "Je gaat ballas eten". Dit is straattaal voor kogels. Ik zag dat hij met zijn hand een pistool maakte en deze tegen zijn hoofd aanhield.
Ik zei dat ik dit allemaal niet wilde en nu wegging. Ik pakte mijn telefoon uit de handen van verdachte 1. Verdachte 2 stond bij de deur en ik liep naar de deur toe. Ik zag en voelde dat verdachte 2 mij een vuistslag in het gezicht gaf. Ik voelde dat hij mij sloeg op mijn linkerwang. Ik viel hierdoor op de grond en voelde mij duizelig. Ik voelde en zag dat verdachte 2 mij vier á vijf keer had geslagen met de vuist en platte hand in mijn gezicht. Ik voelde mij nog steeds duizelig.
Ik wilde 112 bellen en op dat moment pakte verdachte 1 mijn telefoon af. Ik zag dat verdachte 1 mijn daglimiet verhoogde naar 3.000 euro, maar je moet vier uur wachten tot dit aangepast is. We hebben hierop lang gewacht, tussendoor wisselden verdachte 1 en 2 in de kamer.
Ik vroeg na ongeveer twee uur of ik naar het toilet mocht. Ik zag dat verdachte 2 mij een beker gaf van de McDonalds en ik moest hierin plassen.
Rond 00:30 uur probeerden verdachte 1 en 2 weer geld over te maken via een Tikkie. Ik zag dat er twee keer 500 euro werd overgemaakt via de Tikkie.
Mijn telefoon heb ik nooit terug gehad. Dit betreft een Iphone 16 Pro Max.
3. Proces-verbaal van de politie, bevindingen
Verbalisanten gingen met [slachtoffer] naar politiebureau Zuidplein voor het opnemen van een aangifte. Wij belden met de ING noodlijn om zijn bankrekeningen te blokkeren. Via de ING kregen wij door dat er ongeveer 3.000 euro was overgemaakt dan wel afgeschreven was. Dit was naar twee personen: " [persoon A] " en " [persoon B] ".
4. Proces-verbaal van de politie, bevindingen
Op 20 april 2026 kreeg verbalisant een bericht van slachtoffer [slachtoffer] dat hij een melding had gekregen via de e-mail dat er met zijn Klarna-account een bestelling, was geplaatst op 19 april 2026.
Amac
Bestelreferentie van de winkel [referentienummer 1]
Klarna-orderreferentie [referentienummer 2]
Besteldatum 19 april 2026
5. Proces-verbaal van de politie, bevindingen
Verbalisant deed onderzoek in de veiliggestelde data van de telefoon in beslag genomen bij de aanhouding van: [medeverdachte 1] , geboren op [geboortedatum 2] 2005.
Deze telefoon werd inbeslaggenomen onder BVH-goednummer [goednummer 1] en hieraan werd het volgende SIN gekoppeld: AARW5023NL.
Chatgesprek met Al-agent
In de opgeslagen chats vond ik een gesprek tussen de gebruiker van het toestel en de AI-agent van OpenAI: ChatGPT. Dit gesprek vond plaats op 19 april 2026 om 02:37 uur (UTC+2). In dit gesprek vraagt de gebruiker om informatie over het opnemen van geld na het verhogen van de limiet van een rekening van ING.
[gebruikersnaam] [19-4-2026 00:27:38 (UTC+0)]
als gister me limiet had veranderd naar 3000 op ing toen 3000 heb over gemaakt en toen om 00:57 het limiet veranderd naar 5000 hoeveel kan ik dan zometeen overmaken als de 5k ingaat
ChatGPT [19-4-2026 00:27:38 (UTC+0)]
Bij ING geldt meestal dat een **verhoging van je overboekingslimiet niet altijd direct acties is**, vaak pas na een veiligheidswachttijd of de volgende dag (afhankelijk van hoe je het hebt gewijzigd en welke type limiet het is).
In jouw situatie:
Gisteren limiet op **€3000**
Toen **€3000 overgemaakt** (dus limiet gebruikt)
Om **00:57** limiet verhoogd naar **€5000**
Dan zijn er 2 mogelijkheden
[gebruikersnaam] [19-4-2026 00:28:20 (UTC+0)
Ik heb vandaag om 00:57 toen de 3k inging al 3k overgemaakt
6. Proces-verbaal van de politie, bevindingen
Verbalisant deed onderzoek aan de veiliggestelde inhoud afkomstig uit de mobiele telefoon met goednummer [goednummer 1] (SIN AARW5023NL) die in beslag genomen werd bij de aanhouding van verdachte [verdachte] .
Verbalisant stelt vast dat verdachte [verdachte] de daadwerkelijke gebruiker was van de mobiele telefoon.
Afbeeldingen en video’s
In de mobiele telefoon was een video opgeslagen waarop ik, verbalisant, het slachtoffer [slachtoffer] direct herkende. De video was aangemaakt op 18 april 2026 om 22:14 uur. Ik zag dat de video 10 seconden duurde.
Op de video is te zien dat [slachtoffer] in een slaapkamer staat, naast een bed, met zijn broek en onderbroek op zijn enkels. De rest van zijn lichaam is ontbloot. Met zijn rechterhand houdt hij zijn geslachtsdeel vast. Er zijn mannenstemmen te horen. Het volgende gesprek is te horen:
NN1: Zeg jij gaat ons betalen.
[slachtoffer] : Ik ga jullie morgen netjes betalen
NN1: En als je niet betaalt, wat gaan we met je doen?
[slachtoffer] : Dan ben ik eh...
NN1: Nee, dan krijg je balla ta grrr (fon)*
NN2: Wat gaat er gebeuren als je niet betaalt?
NN1: Balla ta grrr (fon)
*te zien is dat vermoedelijk NN1 zijn hand tot een "pistool" vormt en richt op het slachtoffer.
Ik, verbalisant, merk hierbij op dat met 'balla' kan worden bedoeld: kogel. En dat 'ta' in het
Papiaments een (hulp)werkwoord is dat een vervoeging van het werkwoord 'zijn' kan betekenen.
Afbeeldingen ING app slachtoffer
In de mobiele telefoon waren twee afbeeldingen opgeslagen waarop het scherm van een andere mobiele telefoon te zien is, waarop de applicatie van de ING geopend is. Op de applicatie zijn meerdere bank- en spaarrekeningen te zien op naam van [slachtoffer] .
De eerste afbeelding had een aanmaaktijd van 18 april 2026 20.32 uur. De tweede afbeelding had een aanmaaktijd van 19 april 2026 om 01.55 uur. De tijdstippen van beide afbeeldingen komen overeen met het tijdstip zoals weergegeven op de mobiele telefoon die op de afbeeldingen te zien is.
Screenshots van bankrekening verdachte [medeverdachte 2]
Er waren diverse screenshots in de telefoon opgeslagen waarop te zien was dat de applicatie van KNAB geopend was. Op de screenshots was de rekening van verdachte [medeverdachte 2] te zien. Het betreft dezelfde rekening als waar het slachtoffer tijdens het incident geld naartoe moest overmaken.
7. Proces-verbaal van de politie, bevindingen
Verbalisant deed onderzoek aan de veiliggestelde inhoud afkomstig uit de mobiele telefoon met goednummer [goednummer 2] (SIN AARW5226NL) die in beslag genomen werd bij de aanhouding van verdachte: [verdachte] , geboren op [geboortedatum 1] 2006.
Verbalisant stelt vast dat [verdachte] de daadwerkelijke gebruiker van de mobiele telefoon was.
Bestelling Apple headset bij Amac
Internet- en zoekgeschiedenis
Op 19 april 2026 om 00.10 uur werd de volgende URL bezocht:
[website] .
Op 19 april 2026 om 00.10 uur kwam er een e-mail binnen van [e-mailadres 1] op het e-mailadres [e-mailadres 2] met het onderwerp 'We hebben je bestelling [referentienummer 1] ontvangen!'.
Ik zag dat de bestelling de bestelling betrof die was gedaan met het Klarna-account van het
slachtoffer.
Bewijsmotivering
De aangever heeft op 18 april 2026 via de applicatie Grindr een afspraak gemaakt met de medeverdachte. Op de afgesproken locatie is hij door de medeverdachte en een tweede man opgewacht. Hij is onder bedreiging van hen de woning ingegaan. Daar hebben zij hem vastgehouden en hebben hem zijn telefoon en geld afhandig gemaakt, in totaal € 3.000,-. De aangever heeft op enig moment zijn kleding moeten uittrekken en is toen gefilmd door de verdachten terwijl zij hem bedreigden. Toen de aangever de woning wilde verlaten werd hij door de tweede man geslagen.
De rechtbank stelt op basis van het dossier vast dat de verdachte één van de twee personen is die de aangever in een woning in Rotterdam hebben vastgehouden en bestolen. De verdachte past binnen het signalement van ‘verdachte 2’ zoals dat door de aangever is omschreven. De verdachte heeft daarnaast verklaard dat hij in die woning was en bij de aangever in de kamer is geweest. Dat de telefoon van de verdachte pas rond 21.34 uur een zendmast aanstraalde bij de woning betekent niet dat hij daar om 20.00 uur niet ook al was, zoals de verdediging heeft betoogd. Van dat tijdstip zijn namelijk geen zendmastgegevens. Dat de telefoon van de verdachte tussen ongeveer 20.40 uur en 21.30 uur niet in de omgeving van de woning aanstraalde en de verdachte toen niet in de woning is geweest, is bovendien niet in strijd met de verklaring van de aangever. De aangever vertelt over de verschillende gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden, maar noemt daarbij geen tijdstippen of tijdsduur. Het is aannemelijk dat die gebeurtenissen niet direct achter elkaar hebben plaatsgevonden omdat de aangever ruim vier en een halfuur is vastgehouden. Daar komt bij dat op de telefoon van de verdachte de bestelbevestiging is aangetroffen van de bestelling bij Amac, die is gedaan met het Klarna account van de aangever in de periode dat de aangever nog werd vastgehouden. Dat betekent dat de verdachte in die nacht de beschikking had over die gegevens van de aangever. Dat een medeverdachte dit zou hebben gedaan met de telefoon van de verdachte, zoals hij heeft verklaard, is niet aannemelijk omdat op de telefoon van de verdachte communicatie over deze bestelling is aangetroffen in een periode dat deze medeverdachte vast zat.
Volledige bewezenverklaring
Bewezen is dat:
1
hij in de periode van 18 april 2026 tot en met 19 april 2026 te Rotterdam
tezamen en in vereniging met een ander, een telefoon (merk/type/model: Apple Iphone 16 Pro Max) en geldbedragen (totaal ongeveer 3.000,00 euro), die aan [slachtoffer] toebehoorden heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, en die weg te nemen geldbedragen onder hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel, te weten de telefoon van die [slachtoffer] inclusief (toegang tot) de daarop aanwezige ING-bank app met bankgegevens van die [slachtoffer] (waarmee verdachte en zijn mededader zich de toegang tot de bankrekening van die [slachtoffer] hebben verschaft en/of (vervolgens) geldbedragen van deze bankrekening van die [slachtoffer] hebben overgemaakt/afgeschreven), tot welk gebruik hij, verdachte en zijn mededader onbevoegd en niet gerechtigd waren, welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer] gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, door
- die [slachtoffer] te gebieden om een woning te betreden en zich vervolgens te ontkleden en
- die [slachtoffer] te filmen, terwijl hij deels ontkleed was en die [slachtoffer] daarbij te gebieden om te zeggen: "Ik ga al het geld op mijn bank geven en ik ga niet moeilijk doen. Ik ga de politie er niet bij betrekken" en
- met zijn, verdachtes, hand een pistool na te bootsen en daarmee een dreigend gebaar naar die [slachtoffer] te maken en
- die [slachtoffer] gedurende een aantal uren vast te houden in de woning en
- die [slachtoffer] meermalen tegen het gezicht te slaan/stompen en
- ( daarbij) aan die [slachtoffer] (dreigend) de woorden toe te voegen: "Ga naar binnen, ga naar binnen, anders gaan we je steken" en "Maak je tas open. Heb je je bankpas bij je?" en Doe je telefoon open, ga naar ING, we willen nu geld zien" en "Doe je kleren uit. Doe je kleren uit, anders doen we je iets" en "Je gaat ballas eten";
2
hij in de periode van 18 april 2026 tot en met 19 april 2026 te Rotterdam
tezamen en in vereniging met een ander, opzettelijk [slachtoffer]
wederrechtelijk van de vrijheid heeft beroofd en beroofd gehouden, door
- die [slachtoffer] te gebieden om een woning te betreden en zich vervolgens aldaar te ontkleden en daarbij die [slachtoffer] te filmen en
- de telefoon van die [slachtoffer] af te nemen en
- met zijn, verdachtes, hand een pistool na te bootsen en daarmee een dreigend gebaar naar die [slachtoffer] te maken en
- die [slachtoffer] gedurende een aantal uren vast te houden in de woning en
- die [slachtoffer] te verbieden om naar het toilet te gaan en
- die [slachtoffer] meermalen tegen het gezicht te slaan/stompen en
- ( daarbij) aan die [slachtoffer] (dreigend) de woorden toe te voegen: "Ga naar binnen, ga naar binnen, anders gaan we je steken" en "Doe je kleren uit. Doe je kleren uit, anders doen we je iets" en "Je gaat ballas eten".
3. Kwalificatie en strafbaarheid
Kwalificatie
De bewezen feiten leveren de volgende strafbare feiten op:
1
diefstal en diefstal met een valse sleutel, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen
2
medeplegen van opzettelijk iemand wederrechtelijk van de vrijheid beroven en beroofd houden
Strafbaarheid van de feiten en van de verdachte
De feiten en de verdachte zijn strafbaar.
4. Straf
Eis van de officier van justitie
De verdachte moet worden veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 24 maanden.
Standpunt van de verdediging
De verdachte heeft geen relevante documentatie en zijn rol bij de strafbare feiten was beperkt.
Oordeel van de rechtbank
Ernst en omstandigheden van de feiten
De verdachte heeft zich, samen met een ander, schuldig gemaakt aan wederrechtelijke vrijheidsberoving en diefstal met geweld. De aangever is middels contact via een datingapp naar een woning gelokt. Vervolgens hebben de verdachten de aangever gedwongen de woning te betreden en is hij een aantal uren vastgehouden in deze woning. De verdachten hebben de telefoon van de aangever weggenomen en hem gedwongen hen online toegang te verlenen tot zijn bankrekening waarna de verdachten geldbedragen van zijn bankrekening hebben af- en overgeschreven. Ook moest de aangever zijn paspoort afgeven. Tijdens deze gebeurtenissen is de aangever geslagen en is hij gedwongen zich uit te kleden terwijl hij door de verdachten werd gefilmd. Hij werd daarbij ook nog bedreigd. Dit zijn zeer ernstige feiten waarbij zowel inbreuk is gemaakt op de lichamelijke en geestelijke integriteit van de aangever als op zijn eigendomsrecht. Het is algemeen bekend dat slachtoffers van dit soort feiten hierdoor langdurig (psychische) klachten kunnen ervaren.
Persoon en persoonlijke omstandigheden
Strafblad
Uit het strafblad (uittreksel justitiële documentatie) van 18 september 2026 blijkt dat de verdachte niet eerder onherroepelijk is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.
Het strafblad van de verdachte leidt dus niet tot een hogere straf.
Overige persoonlijke omstandigheden
De verdachte heeft geen dagbesteding. Hij was mantelzorger voor zijn broertje die beperkingen heeft, maar doet dat niet meer omdat hij thuis niet meer welkom is.
Oplegging straf
Gelet op de ernst van de strafbare feiten dient een gevangenisstraf te worden opgelegd. Het opleggen van een ander soort straf is niet passend. Bij het bepalen van die strafsoort en de duur daarvan houdt de rechtbank rekening met straffen die in soortgelijke zaken zijn opgelegd. De rechtbank houdt er ook rekening mee dat de verdachte zijn rol geminimaliseerd heeft en geen verantwoordelijkheid heeft genomen voor zijn daden. Daarom wordt een gevangenisstraf van 20 maanden opgelegd met aftrek van het voorarrest. Van deze gevangenisstraf worden 6 maanden voorwaardelijk opgelegd. De voorwaardelijke straf heeft als doel te voorkomen dat de verdachte in de toekomst opnieuw een strafbaar feit pleegt.
5. Voorlopige hechtenis
Uit het dossier blijkt van ernstige bezwaren tegen de verdachte dat hij de ten laste gelegde feiten heeft gepleegd.
Uit bepaalde omstandigheden blijkt van een gewichtige reden van maatschappelijke veiligheid die de onverwijlde vrijheidsbeneming van de verdachte vordert.
Er moet ernstig rekening mee worden gehouden dat de verdachte een misdrijf zal begaan waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van zes jaren of meer is gesteld. De verdachte heeft zich op excessief gewelddadige wijze gedragen jegens het slachtoffer. De verdachte is eerder met politie en justitie in aanraking is geweest voor (een) drugs-gerelateerd delict, gericht op financieel gewin. Ook de onderhavige feiten lijken uit financiële motieven te zijn gepleegd. Voortzetting daarvan ligt in de reden omdat de verdachte geen inkomen heeft. Bovendien liep de verdachte in een proeftijd toen hij de feiten pleegde.
De rechtbank zal daarom de gevangenneming van de verdachte bevelen.
6. Vordering van de benadeelde partij
Vordering [benadeelde partij]
[aangever] heeft als benadeelde partij voor feit 1 een bedrag van € 1.430,80 als vergoeding voor materiële schade gevorderd, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. De verdachte moet hoofdelijk worden veroordeeld tot vergoeding van deze schade.
Standpunt van de officier van justitie
De vordering van de benadeelde partij kan gedeeltelijk worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. De verdachte moet hoofdelijk worden veroordeeld tot vergoeding van de schade.
Standpunt van de verdediging
De vordering van de benadeelde partij dient gematigd te worden.
Oordeel van de rechtbank
Materiële schade
De rechtbank stelt vast dat de benadeelde partij rechtstreeks materiële schade heeft geleden als gevolg van het onder 1 bewezenverklaarde strafbare feit. De vordering wordt gedeeltelijk toegewezen. Aangezien een deugdelijke onderbouwing van de hoogte van de schade ontbreekt, schat de rechtbank de waarde van de weggenomen telefoon op € 400,- en de waarde van het paspoort op € 88,60. Dit betekent dat de verdachte € 488,60 als vergoeding van materiële schade aan de benadeelde partij moet betalen. De rechtbank verklaart de benadeelde partij in het resterende deel van zijn vordering niet-ontvankelijk. Dit deel van de vordering kan bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.
Hoofdelijkheid
De verdachte heeft de strafbare feiten waarvoor de schadevergoeding wordt toegekend samen met een ander gepleegd. Zij zijn daarom beiden hoofdelijk aansprakelijk voor deze schadevergoeding. Als de mededader de schadevergoeding (voor een deel) heeft betaald, hoeft de verdachte (dat deel) niet meer aan de benadeelde partij te betalen.
Wettelijke rente, proceskosten en schadevergoedingsmaatregel
De benadeelde partij heeft gevorderd de schadevergoeding te vermeerderen met de wettelijke rente. De rechtbank wijst de wettelijke rente toe vanaf 18 april 2026.
De rechtbank veroordeelt de verdachte in de proceskosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en die hij bij de tenuitvoerlegging nog zal maken, omdat de vordering van de benadeelde partij (deels) wordt toegewezen. Deze kosten worden tot vandaag begroot op € 0,-.
De rechtbank legt de schadevergoedingsmaatregel als bedoeld in artikel 36f Sr op. Dit betekent dat de staat de schadevergoeding aan de benadeelde partij betaalt en dit bedrag verhaalt op de verdachte. Als dwangmiddel kan gijzeling worden toegepast voor de duur van maximaal 4 dagen. De toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.
7. Wettelijke voorschriften
De oplegging van deze straf is gebaseerd op de artikelen 36f, 14a, 14b, 14c, 47, 57, 282 en 312 van het Wetboek van Strafrecht.
8. Beslissingen
De rechtbank:
Bewezenverklaring
verklaart bewezen dat de verdachte de feiten 1 en 2, zoals in hoofdstuk 2 is omschreven, heeft gepleegd;
Kwalificatie en strafbaarheid
stelt vast dat het bewezenverklaarde oplevert de in hoofdstuk 3 vermelde strafbare feiten;
verklaart de verdachte strafbaar;
Straf
Gevangenisstraf
veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 20 (twintig) maanden;
beveelt dat de tijd die door de verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, in mindering wordt gebracht op de gevangenisstraf, voor zover deze tijd niet al op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;
Voorwaardelijk strafdeel
bepaalt dat 6 (zes) maanden, van deze gevangenisstraf niet ten uitvoer zullen worden gelegd, tenzij de rechter later anders beslist;
verbindt hieraan een proeftijd, die wordt gesteld op 2 (twee) jaar, waarbij tot tenuitvoerlegging van het voorwaardelijke gedeelte van de straf kan worden beslist als de verdachte de onderstaande voorwaarde niet naleeft;
stelt als algemene voorwaarde dat:
- de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet aan een strafbaar feit schuldig maakt;
Voorlopige hechtenis
beveelt de gevangenneming van de verdachte;
Vordering benadeelde partij
veroordeelt de verdachte hoofdelijk met zijn mededader, aan de benadeelde partij [benadeelde partij] (feit 1), te betalen een bedrag van € 488,60 als vergoeding van materiële schade, en de wettelijke rente hierover vanaf 18 april 2026 tot de dag van volledige betaling. Als en voor zover er al door de andere mededader (deels) is betaald, wordt de verdachte (in zoverre) van die betalingsverplichting bevrijd;
verklaart de benadeelde partij niet-ontvankelijk in het resterende deel van de vordering; bepaalt dat dit deel van de vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
veroordeelt de verdachte in de door de benadeelde partij gemaakte proceskosten, tot op vandaag begroot op € 0,- en in de nog te maken kosten voor de tenuitvoerlegging van dit vonnis;
legt aan de verdachte voor feit 1 de maatregel tot schadevergoeding op, wat inhoudt dat de verdachte de verplichting heeft om ten behoeve van de benadeelde partij [benadeelde partij] aan de staat € 488,60 te betalen, en de wettelijke rente vanaf 18 april 2026 tot aan de dag van de gehele betaling. Bepaalt dat indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt, gijzeling kan worden toegepast voor de duur van maximaal 4 dagen. De toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;
bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader de schade aan de benadeelde partij of aan de staat heeft/hebben vergoed.
9. Samenstelling rechtbank en ondertekening
Dit vonnis is gewezen door:
mr. E. IJspeerd, voorzitter,
en mrs. D.C.J. Peeck en J.K. Tempel, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. H. Tchang, griffier,
en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 22 oktober 2026.