ECLI:NL:RBROT:2026:14706

ECLI:NL:RBROT:2026:14706

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 09-09-2026
Datum publicatie 26-10-2026
Zaaknummer 10/023161-24 en 10/319448-23
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Dordrecht

Samenvatting

Veroordeling voor belaging en bedreiging van ex-partner, het overtreden van een contactverbod en het vernielen van een deur. De feiten worden in verminderde mate aan de verdachte toegerekend. Oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van zes maanden, met aftrek. Daarnaast oplegging van een dadelijk uitvoerbare vrijheidsbeperkende maatregel, bestaande uit een contactverbod met de ex-partner, voor de duur van vijf jaar. Toewijzing van de vordering van de benadeelde partij.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam Zittingsplaats Dordrecht

Meervoudige kamer strafzaken

Parketnummers: 10/023161-24 en 10/319448-23

Datum uitspraak: 9 september 2026

Datum zitting: 8 september 2025 en 26 augustus 2026

Tegenspraak

Verdachte:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum 1] 1979 in [geboorteplaats 1] ,

ingeschreven op het adres:

[adres 1] , [postcode] [woonplaats] .

Advocaat van de verdachte: mr. H.J. Andel

Officier van justitie: mr. I. BarendregtBenadeelde partij: [benadeelde partij]

Advocaat van de benadeelde partij: mr. B. van der Werf

Kern van het vonnis

Veroordeling voor belaging en bedreiging van ex-partner, het overtreden van een contactverbod en het vernielen van een deur. De feiten worden in verminderde mate aan de verdachte toegerekend. Oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van zes maanden, met aftrek. Daarnaast oplegging van een dadelijk uitvoerbare vrijheidsbeperkende maatregel, bestaande uit een contactverbod met de ex-partner, voor de duur van vijf jaar. Toewijzing van de vordering van de benadeelde partij.

1. Tenlastelegging

De officier van justitie beschuldigt de verdachte er onder parketnummer 10/023161-24 van dat hij – samengevat – zijn ex-partner heeft belaagd (feit 1) en de gedragsaanwijzing – inhoudende een contactverbod met zijn ex-partner – heeft overtreden (feit 2). Daarnaast wordt hem onder parketnummer 10/319448-23 verweten dat hij de voordeur van de woning van zijn ex-partner heeft vernield en haar heeft bedreigd. Nu de zaken met deze twee parketnummers zijn gevoegd zal de rechtbank de feiten in het vonnis doornummeren als respectievelijk feit 3 en feit 4.

De volledige tenlastelegging (hierna beschuldiging) houdt in dat

1.

hij op of omstreeks in de periode van 30 juli 2023 tot en met 20 januari 2024 te

Rotterdam,

althans in Nederland,

wederrechtelijk

stelselmatig

opzettelijk

inbreuk heeft gemaakt

op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer] ,

door:

- zich in/rondom de woning van die [slachtoffer] te begeven en/of op haar balkon te

klimmen en/of

- veelvuldig te bellen naar die [slachtoffer] en/of

- veelvuldig berichten naar die [slachtoffer] te versturen en/of

- een camera te plaatsen in de meterkast van die [slachtoffer] en/of

- een airtag in de tas van die [slachtoffer] te plaatsen en/of

- die [slachtoffer] op te zoeken bij de woning van de moeder van die [slachtoffer] en/of

- veelvuldig e-mails naar die [slachtoffer] te sturen en/of

- met een (valse) sleutel de woning van die [slachtoffer] binnen te gaan en/of goederen

weg te nemen en/of

- nepaccounts op Snapchat aan te maken van die [slachtoffer] ,

met het oogmerk die [slachtoffer] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of

vrees aan te jagen;

2.

hij in of omstreeks de periode van 2 december 2023 tot en met 19 januari 2024 te

Rotterdam, althans in Nederland,

opzettelijk

heeft gehandeld in strijd met een gedragsaanwijzing gegeven krachtens artikel

509hh, eerste lid, onderdeel b van het Wetboek van strafvordering, te weten de

gedragsaanwijzing d.d. 2 december 2023, gegeven door de officier van justitie te

arrondissement Rotterdam, inhoudende dat hij, verdachte, zich dient te onthouden

van contact met [slachtoffer] ,

door:

- zich bij de woning van die [slachtoffer] te bevinden en/of aan te bellen en/of

- zich bij het werk van die [slachtoffer] te bevinden en/of

- veelvuldig e-mails naar die [slachtoffer] te versturen en/of

- veelvuldig berichten naar die [slachtoffer] te versturen en/of

- die [slachtoffer] te bellen en/of

- die [slachtoffer] dwingen mee te gaan in zijn auto;

3.

hij op of omstreeks 30 november 2023 te Schiedam,

opzettelijk en wederrechtelijk een (voor)deur, in elk geval enig goed, dat/die geheel

of ten dele aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft vernield,

beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt;

4.

hij op of omstreeks 30 november 2023 te Schiedam, althans in Nederland,

[slachtoffer] heeft bedreigd

met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling,

door die [slachtoffer] dreigend de woorden toe te voegen "Ik snij je kankerstrot open",

althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking.

2. Bewijs

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld voor alle ten laste gelegde feiten. Ten aanzien van feit 1 moet de verdachte partieel worden vrijgesproken van het 6e gedachtestreepje, te weten ‘die [slachtoffer] op te zoeken bij de woning van de moeder van die [slachtoffer] ’ en het 9e gedachtestreepje, te weten ‘nepaccounts op Snapchat aan te maken van die [slachtoffer] ’. Het standpunt van de officier van justitie zal, voor zover van belang, bij de beoordeling van het bewijs worden besproken.

Conclusie van de verdediging

Het standpunt van de verdediging zal, voor zover van belang, bij de beoordeling van het bewijs worden besproken.

Oordeel van de rechtbank

Bewezenverklaring en bewijsmiddelen

Bewezen is dat de verdachte de aangeefster heeft belaagd, het contactverbod met de aangeefster heeft overtreden, haar voordeur heeft beschadigd en haar heeft bedreigd. De volledige bewezenverklaring is vermeld in paragraaf 2.3.6.

De bewezenverklaring van de feiten is gebaseerd op de hieronder opgenomen inhoud van de bewijsmiddelen en de onderstaande bewijsmotivering.

Ten aanzien van feiten 1 en 2

1. Verklaring van de verdachte

Het klopt dat ik op haar balkon ben geklommen. Ik deed dit niet op haar verzoek, maar uit mezelf. De dag dat ik op haar balkon stond was 30 of 31 juli. Er zijn momenten geweest, bijvoorbeeld tijdens de aangifte, dat ik haar heel vaak heb gebeld. Datzelfde geldt voor het sturen van berichten. Het klopt dat ik een camera in haar meterkast heb geplaatst. Dat was een Ring deurbel camera. Het moment dat zij achter die camera kwam was 30 november. Het klopt ook dat ik een Airtag in haar tas heb gedaan. Het klopt dat ik haar woning binnen ben gegaan terwijl zij niet thuis was. Ik heb dat op 17 januari 2024 gedaan. Het klopt dat ik goederen heb weggenomen. Het klopt ook dat ik op haar naam accounts op Snapchat heb gemaakt.

Het klopt dat ik mij niet aan het contactverbod heb gehouden dat op 2 december 2023 aan mij is opgelegd.

2. Proces-verbaal van de politie, verklaring aangeefster [aangeefster]Ik doe aangifte van stalking. Sinds 30 juli 2023 tot en met vandaag de dag wordt er wederrechtelijk stelstelmatig inbreuk gemaakt op mijn persoonlijke levenssfeer met het oogmerk om mij angst aan te jagen en zijn zin door te drammen. De man is genaamd [verdachte] , geboren op [geboortedatum 1] 1979. Ik zal hem in mijn verdere verklaring [verdachte] noemen.

Ik woon alleen in een flat op de derde etage gevestigd aan [adres 2]

te [plaats 1] . Deze woning huur ik van Enver. Op 30 juli 2023 was [verdachte] via de balkons aan achterzijde van het flatgebouw naar de derde etage geklommen. [verdachte] stond op mijn balkon terwijl ik in de woonkamer zat. Ik kan u vertellen dat ik toen heel bang werd voor [verdachte] . Ik zag dat [verdachte] de gehele dag met zijn bestelbus voor mijn woning bleef staan. [verdachte] ging mij telefonisch lastig vallen. Wanneer [verdachte] met mij contact zocht, heb ik iedere keer aangeven dat de relatie over was en dat ik wilde dat [verdachte] mij met rust liet. [verdachte] wilde dit niet horen en bleef mij lastig vallen.

Op 30 november 2023 stond [verdachte] voor mijn woning. Ik kwam erachter dat [verdachte] in de meterkast een camera had neergezet. Tevens vond ik een Airtag in mijn tas. Op deze manier wist [verdachte] precies wat ik deed en waar ik was.

Via een officier van justitie had [verdachte] een contactverbod gekregen. Ik kan u vertellen dat [verdachte] zich nooit aan het contactverbod heeft gehouden. [verdachte] blijft mij opzoeken.

Ik werk drie dagen bij de winkel genaamd [winkel] te [plaats 1] . [verdachte] volgt mij vanaf mijn werk naar mijn woning. Ik heb een eigen laserontharing salon gevestigd in [adres 3] te [plaats 2] . Ook daar zoekt [verdachte] mij op.

Op 17 december 2023 had ik weer een melding bij de politie gemaakt. Daar had ik verteld dat [verdachte] mij nog steeds, ondanks het contactverbod, lastig valt. In december 2023 was [verdachte] weer naar mijn woning gekomen. Toen ik de deur opende, stormde [verdachte] naar binnen en was die nacht bij mij in de woning gebleven.

Ik ben heel bang voor [verdachte] . [verdachte] is heel dwingend en overheersend. Ik kan u vertellen dat [verdachte] mij de gehele dag anoniem belt. Ik heb [verdachte] overal op geblokkeerd, maar [verdachte] weet steeds met mij in contact te komen. [verdachte] weet ook mijn e-mailadres. Ook daar valt [verdachte] mij lastig op.

3. Proces-verbaal van de politie, verklaring aangeefster [aangeefster]Ik doe aangifte tegen [verdachte] , geboren [geboortedatum 1] 1979. [verdachte] valt mij momenteel ook via sociale media lastig. [verdachte] maakt momenteel heel veel nepaccounts van mij op Snapchat. Hij stuurt ook heel veel e-mails naar mijn e-mailadres. Hij stuurt 10 tot 12 keer per dag e-mails naar mij met foto's van mij.

4. Proces-verbaal van de politie, verklaring aangeefster [aangeefster]Ik doe aangifte van gekwalificeerde diefstal uit mijn woning. Deze diefstal bestaat uit het door middel van een valse sleutel mijn woning betreden en uit mijn woning de volgende zaken weggenomen te hebben:

- Jas van het merk North Face;

- Spiegel uit de hal;

- Adidas trainingspak;

- Off The Pitch trainingspak;

- Brieven vanuit het OM welke betrekking hebben op de zaak tegen mijn ex.

De diefstal is gepleegd tussen 18 januari 2024 18.00 uur en 19 januari 2024 16.00

uur.

5. Proces-verbaal van de politieOp 18 januari 2024 om 20:05 uur heb ik een mondelinge klacht ontvangen terzake: stalking.

De klacht werd gedaan door:

Achternaam: [achternaam aangeefster]

Voornamen: [voornaam aangeefster]

Geboren: [geboortedatum 2] 2001

De klaagster verzocht uitdrukkelijk om tot vervolging van de mogelijke dader over

te gaan.

6. Proces-verbaal van de politieOp 18 januari 2024 kwam [aangeefster] aangifte doen ter zake stalking. Tijdens de aangifte bleef haar ex-partner bellen met nummer anoniem. Ik merkte dat aangeefster er heel gespannen door werd.

7. Proces-verbaal van de politieOp 18 januari 2024 werd de telefoon van de aangeefster ter waarheidsvinding in beslag genomen. Tijdens de eerste zoekslag in de telefoon zag ik dat vanaf 31 juli 2023 tot en met 18 januari 2024 ongeveer 70 e-mails werden verstuurd vanaf e-mailadres [e-mailadres verdachte] met als naam [verdachte] naar e-mailadres [e-mailadres aangeefster] .

Ik zag in de telefoon dat op 29 december 2023 zeer veel berichten (179) werden verstuurd in het tijdsbestek van 14.10 uur tot 15.33 uur vanaf telefoonnummer

+ [telefoonnummer 1] met als naam ' [naam] '. Het contact begon met het volgende bericht: "Bel

me kaulo telefoon niet meer" dit werd verzonden door de gebruiker van de telefoon.

In de recente belgeschiedenis was te zien dat de telefoon van de aangeefster tussen

18 januari 2023 13.49 uur (UTC+0) en 18 januari 2024 21.38 uur (UTC+0) negenenzestig keer is gebeld door een anoniem telefoonnummer.

8. Proces-verbaal van de politie

Op 18 januari 2024 deed het slachtoffer [slachtoffer] , aangifte tegen haar ex, [verdachte] . Ik stelde nader onderzoek in aan de telefoon van het slachtoffer.

Instant Messages contact + [telefoonnummer 2]

Ik zag dat er van 29 december 2023 16:57:48 (UTC +0) tot 29 december 2023

17:00:15 (UTC +0) 35 berichtenwisselingen zijn geweest tussen de gebruiker van de

telefoon met telefoonnummer + [telefoonnummer 3] en de gebruiker van een telefoon met

telefoonnummer + [telefoonnummer 2] . Het contact begon met als eerste bericht: ''Dit is echt

vies wat je gedaan heb nu.'' Dit bericht werd verstuurd door de gebruiker van telefoonnummer + [telefoonnummer 2] . Ik zag dat de gebruiker van de telefoon welke onderzocht was om 16:59:20 (UTC +0) een bericht stuurde waarin stond: ''Je bent aan het stalken [verdachte] .''.

Instant Messages contact + [telefoonnummer 4]

Ik zag dat er van 29 december 2023 17:43:24 (UTC +0) tot 29 december 2023

17:46:19 (UTC +0) 42 berichtwisselingen zijn geweest tussen de gebruiker van de

telefoon en de gebruiker van een telefoon met telefoonnummer + [telefoonnummer 4] .

Ik zag tevens dat de gebruiker van de onderzochte telefoon om 17:44:15 (UTC +0) het

volgende bericht stuurde: '' [verdachte] IK HEB HELE TIJD NIET GEBELD OMDAT IK WIST DAT DIT ZOU GEBEUREN EN NOG STEEDS BLEEF JE DOORGAAN.'.

Ik zag dat er op 29 december 2023 meerdere schermafbeeldingen waren gemaakt op de

telefoon van de aangeefster. Ik zag dat dit schermafbeeldingen waren van: mails,

gemiste oproepen van een afgeschermd telefoonnummer, berichten verstuurd door een

contact genaamd: [naam] .

9. Schriftelijk stuk, inhoudende een gedragsaanwijzingGedragsaanwijzing (art 509hh Sv)

De officier van justitie van bovengenoemd arrondissement;

Overwegende dat

Naam: [achternaam verdachte]

Voornamen: [voornamen verdachte]

Geboren: [geboortedatum 1] 1979 te [geboorteplaats 1]

Wonende te: [adres 1] , [postcode] [woonplaats]

verdacht wordt van art 285 lid 1 Wetboek van Strafrecht, art 350 lid 1 Wetboek van Strafrecht

gezien: art. 509hh Wetboek van Strafvordering en bovengenoemde verdenking.

beveelt de verdachte:

zich te onthouden van contact met de volgende persoon: [slachtoffer] .; bepaalt dat zulks met zich brengt dat verdachte noch direct (zelf), noch indirect (middels anderen) op enigerlei wijze contact (niet middels telefoon, niet middels internet, niet via enig ander communicatiemiddel, noch middels direct persoonlijk contact, noch middels schriftelijke middelen) zal hebben met genoemde persoon.

De gedragsaanwijzing gaat in met ingang van de dag van uitreiking en blijft van kracht voor een periode van 90 dagen, te weten tot en met 29 februari 2024, tenzij binnen de gestelde termijn een onherroepelijke afdoening heeft plaatsgevonden van de uit onderhavige verdenking voortkomende strafzaak.

Het niet voldoen aan één van de voorwaarden genoemd in dit bevel is een misdrijf strafbaar gesteld in artikel 184a Wetboek van Strafrecht.

Deze gedragsaanwijzing is blijkens bijgevoegde akte uitgereikt aan verdachte.

10. Schriftelijk stuk, akte van uitreiking in persoon

Akte van uitreiking

In persoon

Adres: [adres 1] , [postcode] [woonplaats]

Naam: [achternaam verdachte]

Voornamen: [voornamen verdachte]

Geboortedatum en plaats: [geboortedatum 1] 1979 te [geboorteplaats 1]

2 december 2023

Ten aanzien van feiten 3 en 4

1. Verklaring van de verdachte

Het klopt dat ik op 30 november 2023 tegen de deur van de woning van [slachtoffer] heb geschopt.

2. Proces-verbaal van de politieOp 30 november 2023, omstreeks 12.05 uur, kregen wij van een medewerker van

het Operationeel Centrum Rotterdam de opdracht om te gaan naar [adres 2] in

[plaats 1] . Daar zou de ex van de bewoonster voor de deur staan en proberen de deur in

te trappen. Volgens de medewerker van het Operationeel Centrum Rotterdam was er

herrie door de telefoon te horen.

Wij hoorden dat [slachtoffer] verklaarde dat zij de deur niet open kon krijgen, omdat haar

ex zodanig op de deur had getrapt dat deze niet meer open ging. Ik, verbalisant

[verbalisant 2] , besloot om een ram uit onze politieauto te halen, voor het openen van de

deur. De ex van [slachtoffer] bleek ons later genaamd: [verdachte] , geboren op [geboortedatum 1] 1979. Ik besloot een paar keer tegen de deur te trappen om deze open te krijgen. Ik, verbalisant [verbalisant 1] , vroeg aan [slachtoffer] wat er vandaag precies was gebeurd. Hierop hoorden wij verbalisanten dat [slachtoffer] verklaarde dat [verdachte] op de deur had gebonkt en getrapt en daarbij had gezegd dat ze open moest doen. Wij hoorden dat [slachtoffer] verklaarde dat [verdachte] daarbij ook gedreigd had haar keel door te gaan snijden. Hierop hoorden wij dat [slachtoffer] zei dat ze dit op haar telefoon had opgenomen. Wij zagen vervolgens een video van [slachtoffer] , waarop wij hoorden dat het volgende door een manspersoon gezegd werd: "Ik snij jouw kanker strot open".

3. Proces-verbaal van de politie

Op 1 december 2023 beluisterde ik een geluidsfragment dat door de verbalisanten op straat is opgenomen van het slachtoffer. Ik hoorde op het geluidsfragment het volgende: "Blijf staan het gebeuren. Ik snij je kankerstrot open. Ik laat het gebeuren dit keer. Ik zweer het je. Blijf staan ik ga gewoon wachten tot ze komen, laat ze me maar meenemen. Ik zweer het je. Blijf staan. Let op, let op!".

Nadat ik het verhoor met verdachte [verdachte] had afgenomen en nogmaals het audiofragment beluisterde, herkende ik de mannelijke stem in het audiofragment als zijnde de verdachte.

Bewijsmotivering (feit 1 – belaging)

De bewezenverklaring van belaging wordt gebaseerd op de in paragraaf 2.3.1. uitgewerkte bewijsmiddelen. De rechtbank acht – anders dan de officier van justitie – op basis van de aangifte en de verklaring van de verdachte ook bewezen dat de verdachte nepaccounts op Snapchat heeft aangemaakt op de naam van de aangeefster.

Met de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat de verdachte partieel moet worden vrijgesproken van het deel van de tenlastelegging dat ziet op het opzoeken van de aangeefster bij de woning van haar moeder. In het dossier is namelijk onvoldoende steunbewijs aanwezig voor de verklaring van de aangeefster.

Bewijsmotivering (feit 2 – overtreden gedragsaanwijzing)

De bewezenverklaring van het overtreden van de gedragsaanwijzing wordt gebaseerd op de in paragraaf 2.3.1. uitgewerkte bewijsmiddelen. Anders dan de officier van justitie heeft gevorderd, zal de rechtbank de verdachte partieel vrijspreken van het deel van de tenlastelegging dat ziet op het dwingen van de aangeefster om mee te gaan in zijn auto. In het dossier is namelijk onvoldoende steunbewijs aanwezig voor de verklaring van de aangeefster.

Bewijsmotivering (feit 3 – beschadiging voordeur)

De bewezenverklaring wordt gebaseerd op de in paragraaf 2.3.1. uitgewerkte bewijsmiddelen. Gelet op de verklaring van de verbalisant [verbalisant 1] , zoals neergelegd in het proces-verbaal van bevindingen eindigend op -2, moet het handelen van de verdachte worden aangemerkt als het ‘beschadigen’ van de voordeur.

Bewijsmotivering (feit 4 – bedreiging)

Namens de verdachte is aangevoerd dat hij tegen de aangeefster heeft gezegd ‘ik snijd me strot open’ en dat hij daarmee zijn eigen strot bedoelde en niet de strot van de aangeefster. Dit verweer wordt weerlegd door de inhoud van de in paragraaf 2.3.1. uitgewerkte bewijsmiddelen.

Volledige bewezenverklaring

Bewezen is dat:

Feit 1

hij in de periode van 30 juli 2023 tot en met 20 januari 2024 te

Nederland,

wederrechtelijk

stelselmatig

opzettelijk

inbreuk heeft gemaakt

op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer] ,

door:

- zich in/rondom de woning van die [slachtoffer] te begeven en op haar balkon te

klimmen en

- veelvuldig te bellen naar die [slachtoffer] en

- veelvuldig berichten naar die [slachtoffer] te versturen en

- een camera te plaatsen in de meterkast van die [slachtoffer] en

- een airtag in de tas van die [slachtoffer] te plaatsen en

- veelvuldig e-mails naar die [slachtoffer] te sturen en

- met een valse sleutel de woning van die [slachtoffer] binnen te gaan en goederen

weg te nemen en

- nepaccounts op Snapchat aan te maken van die [slachtoffer] ,

met het oogmerk die [slachtoffer] , te dwingen iets te dulden en vrees aan te jagen;

Feit 2

hij in de periode van 2 december 2023 tot en met 19 januari 2024 te

Nederland,

opzettelijk

heeft gehandeld in strijd met een gedragsaanwijzing gegeven krachtens artikel

509hh, eerste lid, onderdeel b van het Wetboek van strafvordering, te weten de

gedragsaanwijzing d.d. 2 december 2023, gegeven door de officier van justitie te

arrondissement Rotterdam, inhoudende dat hij, verdachte, zich dient te onthouden

van contact met [slachtoffer] ,

door:

- zich bij de woning van die [slachtoffer] te bevinden en/of aan te bellen en

- zich bij het werk van die [slachtoffer] te bevinden en

- veelvuldig e-mails naar die [slachtoffer] te versturen en

- veelvuldig berichten naar die [slachtoffer] te versturen en

- die [slachtoffer] te bellen;

Feit 3

hij op 30 november 2023 te Schiedam,

opzettelijk en wederrechtelijk een voordeur, die aan een ander toebehoorde

heeft beschadigd;

Feit 4

hij op 30 november 2023 te Schiedam,

[slachtoffer] heeft bedreigd

met enig misdrijf tegen het leven gericht,

door die [slachtoffer] dreigend de woorden toe te voegen "Ik snij je kankerstrot open".

3. Kwalificatie en strafbaarheid

Kwalificatie

De bewezen feiten leveren de volgende strafbare feiten op:

Feit 1

belaging;

Feit 2

opzettelijk handelen in strijd met een gedragsaanwijzing, gegeven krachtens artikel 509hh, eerste lid, onderdeel b, van het Wetboek van Strafvordering, meermalen gepleegd;

Feit 3

opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, beschadigen;

Feit 4

bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht.

Strafbaarheid van de feiten en van de verdachte

De feiten en de verdachte zijn strafbaar.

4. Straf en maatregel

Eis van de officier van justitie

De verdachte moet voor de feiten worden veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van het voorarrest (375 dagen). Daarnaast moet een artikel 38v-maatregel voor de duur van vijf jaren, inhoudende een contactverbod met de aangeefster en een locatieverbod voor [winkelcentrum] en het gedeelte van [straat] vanaf [metrostation] tot en met [winkelcentrum] , aan de verdachte worden opgelegd. De verdachte mag daarbij alleen op doorreis langs [metrostation] komen en daarbij niet uitstappen. Per overtreding dient één week hechtenis, met een maximum van zes maanden te worden opgelegd. Bovendien wordt de dadelijke uitvoerbaarheid van deze maatregel gevorderd.

Standpunt van de verdediging

De verdediging heeft bepleit een gevangenisstraf voor de duur van maximaal zes maanden aan de verdachte op te leggen. Ten aanzien van de gevorderde 38v-maatregel is bepleit dat een contactverbod voldoende is om eventuele recidive te voorkomen.

Oordeel van de rechtbank

Ernst en omstandigheden van de feiten

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een reeks strafbare feiten waar zijn ex-partner [slachtoffer] telkens het slachtoffer van was.

De verdachte heeft zijn ex-partner gedurende een half jaar belaagd. Hij heeft haar veelvuldig gebeld, e-mailberichten en andere berichten naar haar verstuurd en hij heeft nepaccounts op haar naam op Snapchat aangemaakt. Dit terwijl zij hem herhaaldelijk vroeg haar met rust te laten. Verdachte stond plotseling haar balkon, terwijl zij in haar woonkamer zat. Ook heeft hij zich zonder haar medeweten in haar woning begeven en daar goederen weggenomen, een camera in haar meterkast geplaatst en een Airtag in haar tas gestopt. Zelfs nadat een contactverbod was opgelegd, bleef hij haar lastigvallen. Bovendien heeft hij gedreigd haar keel open te snijden, terwijl hij de voordeur van haar woning beschadigde door er tegenaan te trappen.

De verdachte heeft herhaaldelijk op ingrijpende wijze inbreuk gemaakt op het persoonlijk leven en de privacy van zijn ex-partner. Het handelen van de verdachte heeft grote impact op het slachtoffer gehad, zo blijkt ook uit haar verklaringen bij de politie en de door haar ingediende vordering benadeelde partij.

Persoon en persoonlijke omstandigheden

Strafblad

Uit het strafblad (uittreksel justitiële documentatie) van 21 juli 2026 blijkt dat de verdachte in de afgelopen vijf jaar niet onherroepelijk is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.

Rapporten van deskundigen en de reclassering

De rechtbank heeft acht geslagen op de rapporten van Reclassering Nederland van 28 april 2025, 29 augustus 2025 en 2 april 2026, de rapporten van psycholoog [psycholoog] van 4 november 2024 en 16 juni 2025 en het rapport van psychiater [psychiater] van 25 februari 2025.

In de rapportages van psycholoog [psycholoog] staat – kort samengevat – dat bij de verdachte sprake is van een psychische stoornis in de vorm van een ongespecificeerde schizofreniespectrum- of andere psychotische stoornis en dat deze stoornis volledig en rechtstreeks heeft doorgewerkt in het ten laste gelegde. Om die reden wordt geadviseerd de feiten niet aan de verdachte toe te rekenen.

In het rapport van psychiater [psychiater] staat – samengevat – het volgende.

Het bestaan van persoonlijkheidsproblematiek met antisociale, borderline en paranoïde persoonlijkheidskenmerken wordt vermoed, maar ook het bestaan van een psychotische stoornis kan niet worden uitgesloten. Indien sprake blijkt van een psychose kan de diagnostiek van de persoonlijkheid pas definitief worden nadat de psychose volledig is behandeld. Derhalve moet de diagnostiek worden uitgesteld en is sprake van een persoonlijkheidsstoornis met antisociale, paranoïde en borderline persoonlijkheidskenmerken en/of een ongespecificeerde schizofreniespectrum- of andere psychotische stoornis. Ook ten tijde van het ten laste gelegde was sprake van psychopathologie. De mogelijke persoonlijkheidsproblematiek van de verdachte zal bij een bewezenverklaring van het ten laste gelegde van invloed zijn geweest op alle onderdelen van het ten laste gelegde. De verdachte kan in dat geval als gevolg van zijn persoonlijkheidsproblematiek zijn agressieve impulsen minder goed beheersen en hij zal als gevolg van zijn borderline persoonlijkheidskenmerken minder goed in staat zijn geweest om een stabiele relatie met een vrouw aan te gaan en te behouden. Daarnaast is sprake van een grote achterdocht die zowel onderdeel kan zijn van de persoonlijkheidsproblematiek als van een psychose. Deze achterdocht zal mede hebben gezorgd voor een grote boosheid op de aangeefster en zal op die manier hebben bijgedragen aan het ten laste gelegde gedrag (indien bewezen). Het advies is om het ten laste gelegde bij een bewezenverklaring in een verminderde mate aan de verdachte toe te rekenen. De invloed van de psychopathologie op het delictgedrag is voldoende aannemelijk. Aan de andere kant zijn er weinig redenen om volledige ontoerekenbaarheid aan te nemen. Er worden weinig aanwijzingen gevonden dat het ten laste gelegde niet aan de verdachte kan worden toegerekend. De verdachte wist zich ook langere tijd wel aan het contactverbod te houden nadat hij eenmaal werd aangehouden en hij weet dat het niet is toegestaan om mensen te bedreigen of spullen te vernielen.

Het risico op recidive wordt als matig ingeschat. Indien de verdachte begeleid wordt bij zijn beperkte copingvaardigheden, kan werken aan zijn mogelijke persoonlijkheidsproblematiek en de mogelijke psychose wordt behandeld als hier de noodzaak toe is kan het recidiverisico laag worden.

Gezien de huidige diagnostische onzekerheid zou een eerste doel van de behandeling moe-

ten zijn om tot diagnostische zekerheid te komen. Vervolgens kan een behandeling plaatsvinden die past bij de diagnostiek. In het geval van een psychotische stoornis kan medicamenteuze behandeling zorgen voor een afname van de achterdocht. In het geval van persoonlijkheidsproblematiek dient de behandeling zich aanvankelijk te richten op het leren

overzien van de consequenties van het gedrag en hier vervolgens ook naar te handelen. Ook

moet worden gewerkt aan het beheersen van impulsen. Nadat het leven van de verdachte in meer stabiel vaarwater is gekomen, dient de behandeling zich indien mogelijk ook te richten op het gevoelsleven van de verdachte. Dit kan worden gedaan door middel van bijvoorbeeld schematherapie of mentalisatiebevorderende therapie en indien dit slaagt zal het hierdoor eenvoudiger worden voor de verdachte om voor stabiliteit te zorgen in zijn leven. Van belang is dat de verdachte buiten detentie wel een aantal beschermende factoren heeft, zoals bewindvoering, een woning en hij bovendien eenvoudig werk lijkt te kunnen vinden. Ook is hij gemotiveerd om niet meer in de problemen te komen (wat hem in het verleden ook enige tijd is gelukt).

De conclusies van de psychiater en psycholoog lopen sterk uiteen. Op basis van het rapport van de psychiater en bij gebrek aan verdere diagnostiek stelt de rechtbank vast dat bij de verdachte sprake is van een persoonlijkheidsstoornis en/of psychotische stoornis. Het gedrag van de verdachte tijdens het begaan van de strafbare feiten werd hierdoor beïnvloed. Op basis van het dossier is niet gebleken dat de doorwerking van de stoornis(sen) ten tijde van het delict zo sterk is geweest dat het handelen van de verdachte volledig werd ingegeven en bepaald door zijn (waan)denkbeelden. Om die reden neemt de rechtbank – net als de officier van justitie – de conclusie uit het rapport van de psycholoog niet over en die uit het rapport van de psychiater wel. De feiten worden daarom in verminderde mate aan de verdachte toegerekend.

Redelijke termijn

De verdachte moet binnen een redelijke termijn worden berecht. Omdat er geen sprake is van bijzondere omstandigheden, is de redelijke termijn in deze zaak 24 maanden. De redelijke termijn is gestart op 2 december 2023, omdat de verdachte toen in verzekering is gesteld. Tot aan dit vonnis is een periode van ruim 33 maanden verstreken. Dat betekent dat de redelijke termijn is geschonden. De rechtbank volstaat met de enkele vaststelling dat de redelijke termijn is overschreden, nu de duur van de procedure sterk verband houdt met het noodzakelijke onderzoek naar de persoon van de verdachte.

Oplegging straf en maatregel

Straf

Gelet op de ernst van de strafbare feiten, met name de ingrijpende wijze waarop de belaging heeft plaatsgevonden, is een gevangenisstraf noodzakelijk. Het opleggen van een ander soort straf is niet passend. Bij het bepalen van die strafsoort en de duur daarvan houdt de rechtbank rekening met straffen die in soortgelijke zaken zijn opgelegd. Ook houdt de rechtbank er rekening mee dat de feiten in verminderde mate aan de verdachte kunnen worden toegerekend en dat de redelijke termijn is overschreden.

Daarom wordt een gevangenisstraf voor de duur van zes maanden, met aftrek van voorarrest, aan de verdachte opgelegd.

Vrijheidsbeperkende maatregel (38v Wetboek van Strafrecht)

Om strafbare feiten te voorkomen, wordt een vrijheidsbeperkende maatregel opgelegd voor de duur van vijf jaren. Deze maatregel houdt in dat de verdachte gedurende vijf jaren geen direct of indirect contact mag hebben met [aangeefster] , geboren op [geboortedatum 2] 2001 te [geboorteplaats 2] . Voor iedere keer dat de verdachte niet aan de maatregel voldoet, kan vervangende hechtenis worden toegepast van één week, met een totale duur van maximaal zes maanden. De hechtenis heft de verplichtingen op grond van de maatregel niet op.

De rechtbank verklaart de maatregel dadelijk uitvoerbaar, omdat er – mede gelet op het overtreden van de gedragsaanwijzing – ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de verdachte opnieuw een strafbaar feit pleegt of zich belastend zal gedragen ten aanzien van

[slachtoffer] . Dit betekent dat de maatregel ook geldt als de verdachte in hoger beroep gaat.

De rechtbank ziet – anders dan de officier van justitie – geen aanleiding om ook een locatieverbod aan de verdachte op te leggen, omdat het risico op strafbare feiten middels het contactverbod voldoende kan worden ingeperkt.

5. Vordering van de benadeelde partij

Vordering [benadeelde partij]

[aangeefster] heeft als benadeelde partij voor de feiten 1, 2 en 4 € 507,89 als vergoeding voor materiële schade en € 5.000,- als vergoeding voor immateriële schade gevorderd, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Standpunt van de officier van justitie

De vordering van de benadeelde partij kan integraal worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Standpunt van de verdediging

De benadeelde partij moet niet-ontvankelijk worden verklaard in het gedeelte van de vordering dat ziet op de jas, nu dit niet is opgenomen in de tenlastelegging en de verdachte de jas wil teruggeven. Het gedeelte van de vordering van de benadeelde partij dat ziet op het eigen risico kan worden toegewezen. Ten aanzien van de gevorderde immateriële schade wordt verzocht dit bedrag te matigen tot maximaal € 2.500,-.

Oordeel van de rechtbank

Materiële schade

De rechtbank stelt vast dat de benadeelde partij rechtstreeks materiële schade heeft geleden als gevolg van de onder 1, 2 en 4 gepleegde strafbare feiten. De verdediging heeft het gedeelte van de vordering dat ziet op het eigen risico niet betwist. De gevorderde schadevergoeding komt de rechtbank niet onrechtmatig of ongegrond voor. Dat gedeelte van de vordering wordt daarom toegewezen.

Ook het gedeelte van de vordering dat ziet op de jas is voldoende onderbouwd. De verdediging heeft dit deel van de vordering met onvoldoende argumenten weersproken. Ook dit gedeelte van de vordering wordt toegewezen.

Immateriële schade

De benadeelde partij heeft als gevolg van de strafbare feiten onder 1, 2 en 4 rechtstreeks immateriële schade geleden. De benadeelde partij is op andere wijze in haar persoon aangetast. Die schade wordt naar billijkheid begroot op € 5.000,-. Bij de begroting is rekening gehouden met bedragen die door rechters in vergelijkbare gevallen zijn toegekend. De vordering wordt toegewezen.

Wettelijke rente, proceskosten en schadevergoedingsmaatregel

De benadeelde partij heeft gevorderd de schadevergoeding te vermeerderen met de wettelijke rente. De rechtbank wijst de wettelijke rente toe vanaf 30 november 2023.

De rechtbank veroordeelt de verdachte in de proceskosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en die zij bij de tenuitvoerlegging nog zal maken, omdat de vordering van de benadeelde partij wordt toegewezen. Deze kosten worden tot vandaag begroot op € 0,-.

De rechtbank legt de schadevergoedingsmaatregel (als bedoeld in artikel 36f Sr) op. Dit betekent dat de verdachte de schadevergoeding aan de staat moet betalen en de staat het bedrag uitkeert aan de benadeelde partij.

Als dwangmiddel kan gijzeling worden toegepast voor de duur van maximaal 52 dagen. De toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.

6. Wettelijke voorschriften

De oplegging van deze straf en maatregelen is gebaseerd op de artikelen 36f, 38v, 38w, 57, 184a, 285, 285b en 350 van het Wetboek van Strafrecht.

7. Beslissingen

De rechtbank:

Bewezenverklaring

verklaart bewezen dat de verdachte de feiten, zoals in hoofdstuk 2 is omschreven, heeft gepleegd;

Kwalificatie en strafbaarheid

stelt vast dat het bewezenverklaarde oplevert de in hoofdstuk 3 vermelde strafbare feiten;

verklaart de verdachte strafbaar;

Straf en maatregel

Gevangenisstraf

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van zes maanden;

beveelt dat de tijd die door de verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, in mindering wordt gebracht op de gevangenisstraf, voor zover deze tijd niet al op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;

Vrijheidsbeperkende maatregel (art. 38v Sr)

legt de verdachte voor de feiten 1 tot en met 4 op de maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid voor de duur van vijf jaar, inhoudende dat de verdachte op geen enkele wijze – direct of indirect – contact zal opnemen, zoeken of hebben met [aangeefster] , geboren op [geboortedatum 2] 2001 te [geboorteplaats 2] ;

bepaalt dat voor iedere keer dat niet aan de maatregel wordt voldaan vervangende hechtenis wordt toegepast voor de duur van één week, met een totale duur van ten hoogste zes maanden;

beveelt dat de maatregel dadelijk uitvoerbaar is;

Voorlopige hechtenis

heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte; deze voorlopige hechtenis is eerder geschorst;

Vordering benadeelde partij

veroordeelt de verdachte, aan de benadeelde partij [benadeelde partij] (feiten 1, 2 en 4), te betalen een bedrag van € 5.507,89, bestaande uit € 507,89 als vergoeding van materiële schade en € 5.000,- als vergoeding van immateriële schade, en de wettelijke rente hierover vanaf 30 november 2023 tot de dag van volledige betaling;

veroordeelt de verdachte in de door de benadeelde partij gemaakte proceskosten, tot op vandaag begroot op € 0,-;

legt aan de verdachte voor de feiten 1, 2 en 4 de maatregel tot schadevergoeding op, wat inhoudt dat de verdachte de verplichting heeft om ten behoeve van de benadeelde partij [benadeelde partij] aan de staat € 5.507,89 te betalen, en de wettelijke rente vanaf 30 november 2023 tot aan de dag van de gehele betaling. Bepaalt dat indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt, gijzeling kan worden toegepast voor de duur van maximaal 52 dagen. De toepassing van de gijzeling heft de betalingsverplichting niet op;

bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij de schade aan de benadeelde partij of aan de staat heeft vergoed.

8. Samenstelling rechtbank en ondertekening

Dit vonnis is gewezen door:

mr. A.M.H. Geerars, voorzitter,

en mrs. R.H. Kroon en M. van der Veer, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. V.D. Beenakker, griffier,

en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 9 september 2026.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. A.M.H. Geerars

Griffier

  • mr. V.D. Beenakker

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand