ECLI:NL:RBROT:2026:14850

ECLI:NL:RBROT:2026:14850

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 13-07-2026
Datum publicatie 28-10-2026
Zaaknummer 10/079588-26
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Dordrecht

Samenvatting

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan medeplegen van diefstal met geweld. Hij heeft in een woonwijk een bejaard slachtoffer van haar sieraden bestolen. De rechtbank legt aan de verdachte een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden op.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam Zittingsplaats Dordrecht

Meervoudige kamer strafzaken

Parketnummer: 10/079588-26

Datum uitspraak: 13 juli 2026

Datum zitting: 29 juni 2026

Tegenspraak

Verdachte:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1994 in [geboorteplaats] ( [geboorteland] )

gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting [naam P.I.] .

Advocaat van de verdachte: mr. P.D. Popescu, waarnemend voor mr. A. Petrescu

Officier van justitie: mr. M.J.W. van Breukelen

Benadeelde partij: [benadeelde partij]

Kern van het vonnis

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan medeplegen van diefstal met geweld. Hij heeft in een woonwijk een bejaard slachtoffer van haar sieraden bestolen. De rechtbank legt aan de verdachte een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden op.

1. Tenlastelegging

De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan medeplegen van diefstal met geweld. De volledige tenlastelegging houdt in dat:

hij op of omstreeks 17 november 2025 te Sliedrecht tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een of meer ringen en/of een ketting, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door - zich (dreigend) aan die [slachtoffer] op te dringen en/of - meermalen, althans eenmaal, de handen van die [slachtoffer] stevig vast te pakken en/of - de handen en/of vingers van die [slachtoffer] in te vetten en/of - de ringen van die [slachtoffer] af te doen en/of weg te nemen en/of - de jas van die [slachtoffer] los te maken en/of - de ketting van die [slachtoffer] los te maken en/of weg te nemen

2. Bewijs

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld voor het ten laste gelegde feit.

Conclusie van de verdediging

De verdediging heeft vrijspraak bepleit.

Oordeel van de rechtbank

Bewezenverklaring en bewijsmiddelen

Bewezen is dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan medeplegen van diefstal met geweld. De volledige bewezenverklaring is vermeld in paragraaf 2.3.3. De bewezenverklaring is gebaseerd op de inhoud van de bewijsmiddelen en de onderstaande bewijsmotivering.

1. Proces-verbaal van de politie

Op 17 november 2025 liep ik in Sliedrecht. Toen stopte er een auto, deze auto stopte langs de stoep waar ik op liep. De auto die stopte was grijs van kleur. In de auto zaten drie personen. Twee mannen en een vrouw. De vrouw zat achterin de auto. De mannen zaten voorin de auto. Ik zag dat de man zijn raam opende, ik hoorde dat de man zei; "ziekenhuis". Ze waren geen Nederlands want ik kon ze verder niet verstaan. Ik zag dat de vrouw uit de auto stapte. De vrouw liep meteen naar mij toe. Ik hoorde dat de vrouw riep; "Muttie, muttie!". De vrouw pakte mijn hand. Deze probeerde ik meteen terug te trekken. De vrouw had mijn hand stevig vast. Omdat ik vlak bij de auto stond pakte de jongen, die was de bijrijder van de auto ook mijn hand. En vette deze in met een witte substantie. Ik riep naar de jongen ik wil niet dat je mijn ringen pakt. De jongen riep terug; Komt goed! Voor ik het wist, waren mijn ringen eraf en had ik een andere ring om. Dit waren mijn ringen niet. Om mijn rechterhand droeg ik voor dit incident twee ringen. Deze pakte de man in de auto van mij af.

Aan de andere hand zag ik de vrouw mijn ringen af doen. Dit was mijn linker hand. Hier zat een ring met drie rode stenen. De andere ring was een cameering, dit is een ring met een witte steen. Deze ringen gingen makkelijk af. Ik hoorde de vrouw zeggen; "Komt goed, komt goed!" De vrouw heeft ook mijn ketting gepakt, dit nadat ze mijn jas had losgemaakt. Ik had niet door dat ik mijn ketting verloor. Ik merkte dat nadat ik een andere ketting omhad. Ik kreeg ook nog een aantal ringen in de zak van mijn jas. Deze vond ik later.Alle ringen en ketting die ik terug kreeg waren van plastic. Ik weet niet waar deze mensen mijn sieraden hebben gelaten.

De man aan de bijrijderskant omschrijf ik als volgt:- man,- blanke huidskleur,- zwarte haarkleur.

Doordat het met best wat kracht ging heb ik een blauwe plek op mijn linkerhand.

2. Proces-verbaal van de politie

Aangeefster/benadeelde toonde mij, verbalisant, desgevraagd haar handen. Zij gaf aan dat haar letsel nu, een dag later, beter zichtbaar was.

Foto 1: Omschrijving: blauwe plekken op beide handen.

3. Proces-verbaal van de politie

Op 19 november 2025 heb ik, verbalisant, de verstrekte camerabeelden bekeken. Hieruit bleek mij het volgende:- De camerabeelden zijn in kleur.- Bij de camerabeelden is geen datum/tijd zichtbaar.- De camera filmt de zijstraat Meerkoetstraat en tevens een deel van de Kievitlaan in de richting van de Merelstraat te Sliedrecht.

00:01 Over de Kievitlaan komt een grijze personenauto aangereden. De personenauto stuurt richting het trottoir. Te zien is dat er twee mannen voorin de personenauto zitten. Tevens is te zien dat op de voorzijde het merk BYD staat en dat de auto aan de voorzijde is voorzien van een witte kentekenplaat met de landcode D van Duitsland. Het kenteken betreft [kentekennummer] .

00:40 Aangeefster/benadeelde komt met haar linkerarm in beeld en steekt deze richting de personenauto uit. Met deze arm leunt zij tegen de personenauto aan. Te zien is dat de bijrijder aan het praten is richting aangeefster/benadeelde.

01:10 Het rechterachterportier gaat open en er stapt een vrouw uit. Te zien is dat haar armen naar voren gaan en dat er voor haar de rollator staat. Haar armen zijn op schouder hoogte.

01:51 De vrouwelijke passagier wijst met haar rechterarm richting de Merelstraat. Ze haalt deze rechterarm terug naar beneden en gaat met haar rechterhand naar haar linkerhand toe.

02:25 De vrouwelijke passagier op de achterbank wenkt kort met haar hand, waarop aangeefster/benadeelde naar voren buigt en met haar linkerhand tegen haar portier aanleunt.

02:31 De vrouwelijke passagier pakt met haar hand via het geopende portierraam de linkerhand van aangeefster/benadeelde vast.

02:36 De bijrijder gaat met zijn rechterarm door het geopende portierraam heen en pakt de linkerhand van aangeefster/benadeelde. Vervolgens brengt hij de hand van aangeefster/benadeelde richting het portierraam rechtsachter. Als de linkerhand van aangeefster in dit portierraam rechtsachter is, laat de bijrijder haar weer los.

02:53 De linkerhand van aangeefster/benadeelde is nog steeds in het portierraam rechtsachter gestoken. De vrouwelijke passagier is dan bezig met de linkerhand van aangeefster/benadeelde.

03:06 De vrouwelijke passagier duwt de linkerhand van aangeefster/benadeelde weer uit het portierraam.

03:30 De bijrijder pakt via zijn geopende portierraam met zijn rechterhand de rechterhand van aangeefster/benadeelde.

03:28 De bijrijder heeft de rechterhand van aangeefster/benadeelde in de auto getrokken en doet wat bij haar hand.

03:40 Nadat de bijrijder aan de rechterhand van aangeefster/benadeelde heeft zitten rommelen gaat zijn linkerhand via de binnenzijde van de auto naar de achterbank.

03:45 De bijrijder houdt de rechterhand van aangeefster/benadeelde vast. Op dat moment pakt de vrouwelijke passagier de linkerhand van aangeefster/benadeelde, waarmee ze tegen de auto leunde. De vrouwelijke passagier rommelt bij de linkerhand van aangeefster/benadeelde, terwijl de bijrijder haar rechterhand vast houdt. Terwijl de vrouwelijke passagier bezig is, praat de bijrijder tegen aangeefster/benadeelde.

03:54 De bijrijder en de vrouwelijke passagier laten nagenoeg tegelijk de handen van aangeefster/benadeelde los.

03:57 De bijrijder pakt met zijn rechterarm de rechterhand van aangeefster/benadeelde. De bijrijder laat vervolgens de hand van aangeefster/benadeelde weer los.

04:00 De bijrijder gaat met zijn rechterhand weer door het portierraam heen en het lijkt erop dat hij dan wat in zijn handen heeft. Hij gaat met zijn rechterhand naar de rechterjaszak van aangeefster/benadeelde.

04:04 De bijrijder wijst met zijn rechterhand door het portierraam richting de jaszak van aangeefster/benadeelde. Hierop gaat aangeefster/benadeelde met haar hand naar die rechter jaszak toe.

04:08 De vrouwelijke passagier gaat met haar rechterhand door het portierraam naar buiten en maakt een gooiende beweging naar beneden. Mogelijk laat ze iets op de grond vallen. Tegelijkertijd gaat het voertuig rijden.

Bijrijder:- Blank, ietwat getint.- Kort zwart haar.- Zwarte baard en snor. Klein plukje haar precies onder de onderlip los van de rest van de baard.- Donkere bovenkleding met vermoedelijk een grijskleurige blazer.

4. Proces-verbaal van de politie

Op de beelden die eerder omschreven werden, werd een kenteken genoemd, de [kentekennummer] . Na onderzoek op het kenteken [kentekennummer] bleek dit te gaan om een gehuurd voertuig van [autoverhuurbedrijf] . Ik vroeg op 20 november 2025 het huurcontract op bij [autoverhuurbedrijf] op het bovengenoemde kenteken.

Ik kreeg vervolgens het huurcontract terug waarop ik de gegevens van de huurder van het voertuig zag staan. De huurder van het voertuig bleek te zijn:[verdachte] , geboren op [geboortedatum] -1994 te [geboorteplaats] te [geboorteland]

Ik zocht de gegevens van de huurder op in ons politiesysteem en ik zag dat [verdachte] meerdere keren voorkwam in ons politiesysteem voor zakkenrollerij, zogenaamde verkoop van (nep)sieraden en verdachte situaties omtrent deze nepsieraden. Ik zag dat deze incidenten in meerdere samenstellingen werden gedaan door meerdere personen. Ik zag dat er bij [verdachte] zijn vreemdelingen nummer, [v-nummer] , een foto stond vermeld.

Ik zag dat de foto van [verdachte] in zijn geheel overeenkwam met de bijrijder van de eerder genoemde [kentekennummer] die op de beelden te zien was tijdens de beroving. Ik zag dat zijn gezicht en uiterlijke kenmerken overeenkwamen.

Ik verbalisant herken dan ook

[verdachte] , geboren op [geboortedatum] -1994 te [geboorteplaats] te [geboorteland]

als één van de verdachten van de beroving aan de Kievitlaan te Sliedrecht.

5. Proces-verbaal van de politie

Door mij, verbalisant, werd van verdachte [verdachte] op 16 maart 2026 en 17 maart 2026 een verklaring opgenomen.

Door mij, verbalisant, werden de beelden bekeken die in het onderzoek waren veiliggesteld en waarop de diefstal met geweld zichtbaar was. Ik herkende de persoon die als bijrijder (rechts voorin in het voertuig) in het voertuig zit als verdachte [verdachte] .

Ik herken hem aan:- zijn haar lijn,- zijn baard / snor en los staand sikje- zijn wenkbrauwen- het stukje tussen de wenkbrauwen wat precies de breedte heeft van zijn neusbrug.

6. Verklaring van de verdachte

Ik heb de auto gehuurd met kenteken [kentekennummer] .

Bewijsmotivering

Uit de bewijsmiddelen volgt dat de verdachte samen met zijn mededaders de aangeefster heeft beroofd van haar ringen en ketting en dat hierbij geweld is gebruikt. Dit geweld bestond ten eerste uit het vastpakken en vasthouden van de handen, terwijl de aangeefster haar handen probeerde terug te trekken. Ten tweede bestond dit geweld uit het van de vingers trekken van haar ringen. Dat dit alles met enige kracht is gedaan, blijkt uit het feit dat de aangeefster blauwe plekken op haar handen heeft opgelopen. Het verweer dat de op de foto zichtbare verkleuringen geen blauwe plekken maar ouderdomsvlekken betreffen, slaagt niet. De aangeefster verklaart expliciet dat dit blauwe plekken zijn en de verbalisant herkent de plekken ook als dusdanig. Daarnaast vindt deze alternatieve – en niet nader onderbouwde – lezing geen enkele steun in het procesdossier.

De verdediging heeft daarnaast het verweer gevoerd dat aan de herkenningen door de verbalisanten geen bewijswaarde toegekend moet worden nu deze niet betrouwbaar zijn. De beelden zijn onvoldoende duidelijk om een herkenning op te baseren en de verbalisanten waren reeds beïnvloed door het eerdere onderzoek naar de huurauto waaruit de naam van de verdachte naar voren was gekomen.

Bij de beoordeling van de betrouwbaarheid van een herkenning is een aantal elementen van belang. Dit betreft ten eerste de vraag of de camerabeelden of screenshots van voldoende kwaliteit zijn om een herkenning op te kunnen baseren. Daarnaast is het van belang hoe goed de verbalisant de verdachte herkent. Daarbij spelen de aard, frequentie en het tijdsverloop een rol. Verder is het aantal onafhankelijk van elkaar gedane herkenningen van belang, evenals de vraag of zich feiten en omstandigheden hebben voorgedaan die de betrouwbaarheid van de herkenning ondermijnen.

In deze zaak zijn de camerabeelden en de daaruit verkregen screenshots van goede kwaliteit: de beelden zijn helder en daarop is het gezicht van de dader goed in beeld. Vast staat verder dat de verbalisanten die de herkenningsprocessen-verbaal hebben opgemaakt, de verdachte niet alleen herkennen aan individuele uiterlijke kenmerken maar ook aan het totaalbeeld van zijn kenmerken. Hierbij heeft één van de verbalisanten meerdere malen met de verdachte gesproken tijdens een verhoor. Alhoewel met de verdediging kan worden erkend dat men waakzaam moet zijn voor ‘confirmation bias’, maakt het enkele feit dat de verbalisanten de naam van de verdachte al kenden uit het onderzoek dat werd verricht naar de huurder van de auto, niet dat de herkenning onvoldoende betrouwbaar is. Dit geldt te meer nu de verbalisanten gedetailleerd hebben vermeld op basis waarvan de herkenning heeft plaatsgevonden. Tegelijkertijd biedt het gegeven dat de verdachte de auto heeft gehuurd ook steun voor het oordeel dat hij bij deze zaak betrokken is geweest, net als de later bij zijn aanhouding aangetroffen plastic sieraden.

Gelet op al het voorgaande ziet de rechtbank geen reden om te oordelen dat de herkenning niet betrouwbaar is en daarmee te twijfelen aan de juistheid van de herkenning van de verbalisanten. De rechtbank acht de beide herkenningen dan ook betrouwbaar, waarmee vaststaat dat de man op de camerabeelden de verdachte is en dat hij het delict heeft gepleegd.

Volledige bewezenverklaring

Bewezen is dat:

hij op of omstreeks 17 november 2025 te Sliedrechttezamen en in vereniging met een ander, althans alleen, een of meer ringen en/of een ketting, in elk geval enig goed, dat/die aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijnmededader(s) toebehoorden heeft weggenomen met het oogmerk om het zichwederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan en vergezelden/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer] , gepleegd methet oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bijbetrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzijde vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door- zich (dreigend) aan die [slachtoffer] op te dringen en/of- meermalen, althans eenmaal, de handen van die [slachtoffer] stevig vast te pakkenen/of- de handen en/of vingers van die [slachtoffer] in te vetten en/of- de ringen van die [slachtoffer] af te doen en weg te nemen en/of- de jas van die [slachtoffer] los te maken en/of- de ketting van die [slachtoffer] los te maken en weg te nemen.

3. Kwalificatie en strafbaarheid

Kwalificatie

Het bewezen feit levert het volgende strafbare feit op:

medeplegen van diefstal voorafgegaan en vergezeld van geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken

Strafbaarheid van het feit en van de verdachte

Het feit en de verdachte zijn strafbaar.

4. Straf

Eis van de officier van justitie

De verdachte moet worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden met aftrek van voorarrest.

Standpunt van de verdediging

De verdediging heeft de rechtbank erop gewezen dat de rechtbank Rotterdam onlangs verdachten heeft veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden, voor twee diefstallen met geweld in vereniging. Dit komt neer op een gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden per feit.

Oordeel van de rechtbank

Ernst en omstandigheden van het feit

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een diefstal met geweld in vereniging. Hierbij is hij op een bijzonder brutale manier te werk gegaan. De verdachte en zijn mededader hebben een bejaard slachtoffer van 81 jaar uitgekozen dat nog eens extra kwetsbaar was omdat zij moeizaam met een rollator liep. Onder het mom dat zij hulp nodig hadden, hebben ze haar naar hun auto gelokt. Het slachtoffer wilde hen behulpzaam zijn en was niet bedacht op wat er daadwerkelijk zou volgen. Vervolgens hebben zij de handen van het slachtoffer vastgepakt terwijl ze vriendelijk naar haar lachten om haar op het verkeerde been te zetten. Op het moment dat het slachtoffer haar handen terug wilde trekken, lukte haar dat niet. Zij werd met kracht vastgepakt, dusdanig dat zij daar ook blauwe plekken aan haar handen van heeft opgelopen. De verdachte en zijn mededader hebben hierbij het slachtoffer in de war gebracht door haar namaak ringen om haar vingers en in haar zakken te doen. De beroving vond in een woonwijk plaats op klaarlichte dag. Uit het dossier blijkt dat het feit niet alleen het gevoel van veiligheid van het slachtoffer heeft aangetast maar ook een grote invloed heeft op haar vrijheid in de toekomst; het slachtoffer en haar man hebben aan de politie verteld dat het slachtoffer niet meer alleen over straat mag lopen. Zij zal door het handelen van de verdachte dus enorm worden beknot in haar mogelijkheden om zich in het dagelijks leven rond te bewegen. Daarbij komt dat de verdachte onvervangbare sieraden met een grote emotionele waarde van het slachtoffer heeft gestolen. Deze sieraden zijn niet meer teruggevonden en zij zal deze waarschijnlijk ook nooit meer terugzien.

De verdachte schroomt niet om voornoemd geweld te gebruiken bij de diefstal en gaat zeer brutaal en geraffineerd te werk. De rechtbank rekent hem deze laffe daad zwaar aan. De verdachte heeft met de gepleegde diefstallen geen enkel respect getoond voor ouderen, andermans bezittingen of andermans lichamelijke integriteit en was slechts uit op zijn eigen financiële gewin.

Persoon en persoonlijke omstandigheden

Strafblad

Uit het strafblad (uittreksel justitiële documentatie) van 27 mei 2026 blijkt dat de verdachte eerder in [land] is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.

Oplegging straf

Gelet op de ernst van het feit en de omstandigheden is een gevangenisstraf noodzakelijk. Bij het bepalen van de duur van de op te leggen gevangenisstraf houdt de rechtbank rekening met de LOVS oriëntatiepunten, de aard, ernst en omstandigheden van het feit. De rechtbank weegt hierbij de brutaliteit van het delict en de kwetsbaarheid van het slachtoffer in het nadeel van de verdachte mee. De rechtbank neemt tevens mee dat het strafblad van de verdachte en informatie uit het dossier een beeld schetst dat hij in meerdere Europese landen vergelijkbaar crimineel gedrag heeft vertoond. De rechtbank acht gezien al het voorgaande een gevangenisstraf van 12 maanden passend.

De gevangenisstraf zal worden tenuitvoergelegd binnen de penitentiaire inrichting, totdat de verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma.

5. Wettelijke voorschriften

De oplegging van deze straf is gebaseerd op de artikelen 47 en 312 van het Wetboek van Strafrecht.

6. Beslissingen

De rechtbank:

verklaart bewezen dat de verdachte het laste gelegde feit, zoals onder 2.3.3. is omschreven, heeft gepleegd;

stelt vast dat het bewezenverklaarde oplevert het onder 3 vermelde strafbare feit;

verklaart de verdachte strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 12 (twaalf) maanden;

beveelt dat de tijd die door de verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, in mindering wordt gebracht op de gevangenisstraf, voor zover deze tijd niet al op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht.

7. Samenstelling rechtbank en ondertekening

Dit vonnis is gewezen door:

mr. D.F. Smulders, voorzitter,

en mrs. J.L. Luiten en M.S. Polet, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. M.A. Ferdinandusse, griffier,

en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 13 juli 2026.

Mrs. D.F. Smulders en M.A. Ferdinandusse zijn niet in de gelegenheid dit vonnis te ondertekenen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. D.F. Smulders

Griffier

  • mr. M.A. Ferdinandusse

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand