Rechtbank Rotterdam
Team jeugd
Parketnummers: 10-337283-23, 10-265534-24 en 10-338184-24 (gevoegd ttz.)
Datum uitspraak: 17 juni 2026
Tegenspraak
Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de gevoegde zaken tegen de verdachte:
[verdachte],
geboren op [geboortedatum] 2007 te [geboorteplaats],
ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres
[adres], [postcode] [plaatsnaam],
verblijvende op het adres [verblijfadres],
raadsvrouw mr. T. Sandrk, advocaat te Rotterdam.
1. Onderzoek op de terechtzitting
Gelet is op het onderzoek op de besloten terechtzitting van 3 juni 2026.
2. Tenlastelegging
De verdachte staat in totaal terecht op verdenking van tien strafbare feiten. Kort gezegd gaat het om de volgende (doorgenummerde) feiten:
De volledige tekst van de tenlasteleggingen is opgenomen in bijlage I bij dit vonnis.
3. Eis officier van justitie
De officier van justitie mr. K. Broere heeft gevorderd:
met als bijzondere voorwaarden een meldplicht, dat de verdachte naar school zal gaan volgens het rooster, zich zal inzetten voor een zinvolle vrijetijdsbesteding en zal meewerken aan de plaatsing en begeleiding bij Zorg, Hoop, Liefde, een en ander onder toezicht van de William Schrikker Stichting;
- veroordeling van de verdachte tot een taakstraf, bestaande uit een werkstraf voor de duur van 60 uren, subsidiair 30 dagen vervangende jeugddetentie.
4. Waardering van het bewijs
Vrijspraak zonder nadere motivering
Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat het onder 4, 6, 7 en 8 ten laste gelegde niet wettig en overtuigend is bewezen, zodat de verdachte daarvan zonder nadere motivering zal worden vrijgesproken.
Bewezenverklaring zonder nadere motivering
Het onder 2, 3 en 5 ten laste gelegde is door de verdachte bekend. Deze feiten zullen zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.
Vrijspraak feit 10
Standpunt officier van justitie
De officier van justitie heeft gerekwireerd tot een bewezenverklaring van de onder 10 ten laste gelegde diefstal met geweld in vereniging. De officier van justitie voert daartoe aan dat de aangever door twee jongens op een scooter werd ingehaald. De bestuurder en de bijrijder hebben de aangever beroofd van zijn tas (met inhoud), zijn vest, zijn ketting en zijn iPhone. De bijrijder zei tevens dat als [naam 1] hem € 130,- zou betalen, dat de aangever dan zijn telefoon zou terugkrijgen. [naam 1] is de neef van de aangever en deze vertelde naderhand aan de aangever dat hij geld schuldig was aan ene [naam 2]. Hij vertelde daarbij dat deze [naam 2] net was vrijgekomen en op de school HPC centrum had gezeten. Dit past in het signalement van de verdachte. Later, wanneer hen door de politie een foto van de verdachte wordt getoond, wordt de verdachte ook herkend door deze [naam 1] en de aangever. Tevens droeg de verdachte een enkelband ten tijde van het ten laste gelegde feit en blijkt uit de enkelbandgegevens dat de verdachte ten tijde van de beroving op die plek is geweest.
Beoordeling
Vast staat dat de aangever op 18 september 2024 op de Heer Bokelweg te Rotterdam is ingehaald door twee jongens op een scooter, waarna de bijrijder van die scooter de aangever heeft beroofd van zijn tas (met inhoud), zijn vest, zijn ketting en zijn iPhone.
De vraag die de rechtbank dient te beantwoorden is of de betrokkenheid van de verdachte bij dit feit kan worden bewezen. Uit het dossier volgt dat de aangever heeft verklaard dat hij de bijrijder op de scooter op het moment van de beroving niet heeft herkend, omdat hij een helm op had. Na de beroving heeft de aangever contact gehad met zijn neef, [naam 1], die hem volgens de verklaring van de aangever vertelde over het conflict over een betaling met een persoon genaamd [naam 2]. Aanvankelijk verklaart de aangever dat hij deze [naam 2] nog nooit heeft gezien. In een aanvullende verklaring verklaart de aangever evenwel dat hij hem wel een keer heeft gezien. Wanneer de politie de aangever een foto toont van het gezicht van de verdachte, herkent de aangever persoon op de foto als zijnde de verdachte. De rechtbank acht deze herkenning echter onvoldoende betrouwbaar, omdat de aangever in eerste instantie heeft verklaard de gezichten van de daders niet te hebben gezien op het moment van de beroving en ook de [naam 2], de persoon waarmee [naam 1] een conflict zou hebben, niet te kennen. Ook komt de verklaring van de aangever niet overeen met die van zijn neef, die heeft verklaard dat na de beroving aangever hém juist vertelde dat die beroving door [naam 2] was gepleegd. Daarnaast zijn de zich in het dossier begevende locatiegegevens van de enkelband die de verdachte droeg in de periode dat de beroving plaatsvond onvoldoende specifiek om aan te kunnen nemen dat de verdachte zich op het moment van de beroving precies op die plek heeft bevonden. De rechtbank kan daarom niet buiten redelijke twijfel vaststellen dat de verdachte één van de daders is geweest van de straatroof.
Conclusie
Het onder 10 ten laste gelegde is niet wettig en overtuigend bewezen. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken.
Bewijswaardering feit 1
Standpunt verdediging
De verdediging heeft vrijspraak bepleit van het onder 1 ten laste gelegde. Op de camerabeelden is te zien dat de aangever door drie medeverdachten in een hoek wordt gedreven. Vervolgens wordt de telefoon van de aangever weggenomen. Daarna probeert de aangever de roltrap op te lopen, maar wordt door een medeverdachte teruggetrokken. Pas hierna komt de verdachte in beeld, maar dan is de diefstal al voorbij. De verdachte heeft dan ook geen betrokkenheid gehad bij de diefstal van de telefoon van de aangever.
Beoordeling
Vast staat dat op 14 december 2023 in Rotterdam een diefstal met geweld in vereniging heeft plaatsgevonden waarbij de telefoon, een ID-kaart, pinpas en OV-chipkaart, van de aangever is weggenomen.
De vraag die de rechtbank dient te beantwoorden is of de betrokkenheid van de verdachte bij dit feit kan worden bewezen. Uit de verklaring van de aangever en de camerabeelden blijkt dat drie jongens op hem afkomen in een halletje onderaan een roltrap. Een van die jongens grijpt in de zak van de aangever naar zijn telefoon en neemt deze weg. Vervolgens probeert de aangever de roltrap op te gaan, maar wordt daar door een van de drie jongens van af getrokken. Op dat moment komt de verdachte het halletje binnen en loopt richting het groepje jongens. De aangever wordt verder in een hoek geduwd door de medeverdachten, de verdachte gaat dicht op de aangever en de medeverdachten staan en trekt een vriend van de aangever, die hem mogelijk probeert te helpen, hardhandig weg en duwt hem het halletje uit. Ondertussen probeert een van de medeverdachten de jas van de aangever uit te trekken. De rechtbank is van oordeel dat de verdachte heeft gezien dat de aangever van de roltrap werd getrokken en de hoek werd ingedreven en dus heeft geweten dat er een beroving gaande was. Hij heeft ervoor gekozen dicht op de anderen te gaan staan en zo deel uit te maken van de groep die de aangever omsingelde en in de hoek hield. De gedragingen van de verdachte hebben er aan bijgedragen dat de medeverdachte met de gestolen telefoon kon vluchten. Mede door de gedragingen van de verdachte kon de medeverdachte het bezit van de gestolen telefoon verzekeren. De verdachte heeft daarmee een significante bijdrage geleverd aan de beroving van de aangever. De rechtbank is van oordeel dat de verdachte zich als medepleger heeft schuldig gemaakt aan de diefstal met geweld.
Conclusie
Het onder 1 primair ten laste gelegde is wettig en overtuigend bewezen.
Bewijswaardering feit 9
Standpunt verdediging
De verdediging heeft vrijspraak bepleit van de onder 9 ten laste gelegde beroving in de metro. De verdachte ontkent dit feit te hebben gepleegd. Uit het dossier kan ook niet worden opgemaakt dat de verdachte in de metro is geweest. Dat de verdachte bij zijn aanhouding een ring droeg die mogelijk overeenkomt met de ring van de overvaller in de metro, kan toeval zijn. Over de jas die de verdachte bij zijn aanhouding droeg, heeft hij verklaard dat hij deze eerder had gekocht op Facebook Marketplace.
Beoordeling
Vast staat dat de aangever op 22 april 2024 te Rotterdam in de metro is gedwongen tot afgifte van zijn jas met daarin een paar handschoenen en airpods.
De vraag die de rechtbank dient te beantwoorden is of de betrokkenheid van de verdachte bij dit feit kan worden bewezen. De aangever geeft een specifieke beschrijving over de tatoeage op een hand en de ringen van de dader en de jas die bij de afpersing is weggenomen.
Over de tatoeage van de dader heeft de aangever verklaard dat dit een tekst betrof op de hand van de dader, vanaf zijn duim naar zijn wijsvinger. Ook heeft de dader bedreigende woorden geuit jegens de aangever in relatie tot zijn tatoeage, te weten "Als je nu die kankerjas niet uit doet dan ga je zien wat er met je gaat gebeuren. Ik zweer dit op mijn dode oma!", waarbij de verdachte op de tatoeage op zijn hand tikte. Tijdens het verhoor van de verdachte wordt door de verbalisant opgemerkt dat de verdachte een tatoeage op zijn hand heeft met een tekst, te weten de naam van de oma van de verdachte. Ook blijkt uit dit verhoor dat de oma van de verdachte is overleden.
Daarnaast heeft de aangever verklaard dat de dader twee gouden Rolex ringen om had ten tijden van de afpersing. De avond na de afpersing is de verdachte aangehouden. Daarbij zijn twee Rolex ringen aangetroffen die overeen komen met de beschrijving van de aangever van de ringen.
Voorts heeft de aangever in zijn aanvullende verklaring een nadere omschrijving gegeven van zijn weggenomen jas. Hij geeft aan dat het een donkergrijze jas van het merk Canada Goose betreft en dat er een beschadiging zit op het logo van de jas, te weten een rood draadje van het logo dat is losgekomen. Tussen de waardevolle spullen van de verdachte in de kluis van de jeugdinrichting zat tevens een Canada Goose jas die overeenkomt met de beschrijving van de aangever, met dezelfde specifieke beschadiging als door de aangever is beschreven.
Gezien het voorgaande concludeert de rechtbank dat de verdachte degene is die zich op 22 april 2024 te Rotterdam schuldig heeft gemaakt aan de beroving van [aangever].
Conclusie
Het onder 9 ten laste gelegde is wettig en overtuigend bewezen.
Bewezenverklaring
In bijlage II heeft de rechtbank de inhoud van wettige bewijsmiddelen opgenomen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Op grond daarvan, en op grond van de redengevende inhoud van het voorgaande, is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 en 9 ten laste gelegde heeft begaan.
In bijlage III heeft de rechtbank een opgave gedaan van wettige bewijsmiddelen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Met deze opgave wordt volstaan, nu de verdachte het bewezen verklaarde heeft bekend en nadien geen vrijspraak is bepleit. Op grond daarvan is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 2, 3 en 5 ten laste gelegde heeft begaan.
De verdachte heeft de bewezen verklaarde feiten op die wijze begaan dat:
10-337283-23
Feit 1
hij, op of omstreeks 14 december 2023, te Rotterdam,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
een telefoon (iPhone), identiteitsbewijs, pinpas en/of OV-chipkaart, in elk geval
enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer 1], in elk geval aan
een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft
weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl
deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of
bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 1], gepleegd met het oogmerk om die
diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op
heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht
mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door
- met een groepje die [slachtoffer 1] te achtervolgen en/of,
- ( dreigend) tegen die [slachtoffer 1] te zeggen dat die [slachtoffer 1] mooie schoenen
en/of jas en/of telefoon heeft en/of,
- meermalen, althans eenmaal (met kracht) aan (de jas van) die [slachtoffer 1] te
trekken en/of,
- ( vervolgens) met een hand in de broekzak van die [slachtoffer 1] te voelen en zijn
telefoon, identiteitsbewijs, pinpas en/of OV-chipkaart af te pakken en/of,
- ( dreigend) naar die [slachtoffer 1] te lopen en/of,
- die [slachtoffer 1] beet te pakken en van de roltrap af te trekken/duwen/sleuren
en/of,
- ( als die [slachtoffer 1] weg wil lopen) die [slachtoffer 1] tegen te houden en tegen de
muur te drukken en/of,
- ( dreigend) (heel) dicht op die [slachtoffer 1] te gaan staan en/of,
- ( vervolgens) (dreigend) om die [slachtoffer 1] heen te gaan staan;
Feit 2
hij, op of omstreeks 22 april 2024 te Eindhoven,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
een telefoon (iPhone) en/of airpods, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten
dele aan [slachtoffer 2], in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn
mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich
wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld
en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 2],
gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te
maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan
het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te
verzekeren, door
- zich (dreigend) aan die [slachtoffer 2] op te dringen en/of
- ( vervolgens) die [slachtoffer 2] aan te tikken en/of (op een dreigende manier) te
vragen of die [slachtoffer 2] spullen bij zich had, en/of
- ( vervolgens)(op een dreigende toon) tegen die [slachtoffer 2] te zeggen dat die
[slachtoffer 2] zijn telefoon moest afgeven, en/of
- ( daarbij) (dreigend) de woorden toe te voegen: "Ik heb een vuurwapen bij. Jij moet
die geven anders doen wij je wat aan!", althans woorden van gelijke (dreigend) aard
en strekking;
- ( vervolgens) die [slachtoffer 2] te gaan fouilleren, en/of
- ( vervolgens) de airpods uit de zak van die [slachtoffer 2] te pakken/rukken, en/of
- ( daarna)(dreigende) de woorden toe te voegen: "Niet de politie bellen he!", althans
woorden van gelijke (dreigende) aard en strekking;
Feit 3
hij, op of omstreeks 22 april 2024 te Eindhoven,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen
door geweld en/of bedreiging met geweld
[slachtoffer 2] heeft gedwongen tot de afgifte van een telefoon (iPhone) en/of
airpods, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [slachtoffer 2] en/of
een derde toebehoorde(n)
door
- zich (dreigend) aan die [slachtoffer 2] op te dringen, en/of
- die [slachtoffer 2] aan te tikken en/of (op een dreigende manier) te vragen of die
[slachtoffer 2] spullen bij zich had, en/of
- ( vervolgens) (op een dreigende toon) tegen die [slachtoffer 2] te zeggen dat die
[slachtoffer 2] zijn telefoon moest afgeven, en/of
- ( daarbij) (dreigend) de woorden toe te voegen: "Ik heb een vuurwapen bij. Jij moet
die geven anders doen wij je wat aan!", en/of "Niet de politie bellen he!", althans
woorden van gelijke (dreigende) aard en strekking;
10-265534-24
Feit 5
hij op of omstreeks 21 april 2024 te Rotterdam, aan de Coolhaven, althans op de
openbare weg,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen
door geweld en/of bedreiging met geweld
[slachtoffer 4] heeft gedwongen tot de afgifte van een jas en/of een telefoon, in elk geval
enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [slachtoffer 4] en/of een derde
toebehoorde(n)
door:
- naast en/of tegenover die [slachtoffer 4] in de metro plaats te nemen en/of te staan en/of
- die [slachtoffer 4] op een dreigende toon de woorden toe te voegen: "Je hebt één taak,
wat heb je allemaal in je zakken, heb je geld?" en/of "Doe je jas uit en welke telefoon
heb je, welke maat is jouw jas?" en/of "Doe je jas, uit nu ik ga je echt vermoorden, ik
heb geen tijd doe snel." en/of "Blijf zitten en doe je jas zittend uit." en/of
- de jas van die [slachtoffer 4] uit de handen van die [slachtoffer 4] te pakken en/of (vervolgens)
aan te trekken en/of
- de telefoon van die [slachtoffer 4] aan te nemen en/of hierbij de woorden toe te voegen:
"Geef mij je code van je telefoon."
Feit 9
hij op of omstreeks 22 april 2024 te Rotterdam, op het Beursplein, althans op de
openbare weg,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen
door geweld en/of bedreiging met geweld
[slachtoffer 8] heeft gedwongen tot de afgifte van zijn jas met als inhoud een paar
handschoenen en/of airpods, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan
die [slachtoffer 8] en/of een derde toebehoorde(n)
door:
- die [slachtoffer 8] dreigend de woorden toe te voegen: "Hoe veel geld heb jij in je
portemonnee?" en/of "Als ik je nu ga fouilleren heb je dus geen geld bij je?", althans
woorden van gelijke dreigende aard of strekking, en/of
- tegenover die [slachtoffer 8] in de metro plaats te nemen en/of te staan en/of
- ( vervolgens) die [slachtoffer 8] dreigend de woorden toe te voegen: "Ik tel nu tot drie
en dan heb jij je jas uitgedaan." en/of "Ik heb alle tijd, dus als je je jas nu niet uitdoet
dan ga ik mee naar Vlaardingen." en/of "Als je nu die kankerjas niet uit doet dan ga
je zien wat er met je gaat gebeuren, Ik zweer dit op mijn dode oma!".
Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet (ook) daarvan worden vrijgesproken.
5. Strafbaarheid feiten
afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;
De bewezen feiten leveren op:
1.
diefstal, voorafgegaan, vergezeld en gevolgd van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken en het bezit van het gestolene te verzekeren, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;
2.
diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken en het bezit van het gestolene te verzekeren, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;
3.
afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;
5.
afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;
9.
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.
De feiten zijn dus strafbaar.
6. Strafbaarheid verdachte
Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit.
De verdachte is dus strafbaar.
7. Motivering straf
Algemene overweging
De straf die aan de verdachte wordt opgelegd, is gegrond op de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.
Feiten waarop de straf is gebaseerd
De verdachte heeft zich op 16- en 17-jarige leeftijd samen met anderen schuldig gemaakt aan meerdere straatroven en afpersingen. Hij en zijn mededaders hebben daarbij geweld gebruikt en gedreigd met geweld. Verdachte heeft hiermee aangetoond geen respect te hebben voor andermans eigendommen en de lichamelijke integriteit van de slachtoffers aangetast. Het is een feit van algemene bekendheid dat slachtoffers van dergelijke delicten zich nog lang onveilig kunnen voelen als zij zich op straat begeven. Dat het deze nare gevolgen voor de slachtoffers ook daadwerkelijk heeft gehad, blijkt uit de onderbouwing van de vorderingen benadeelde partij. Gezien het openlijke karakter van deze gepleegde strafbare feiten kan het voorts gevoelens van onrust en onveiligheid in de samenleving teweegbrengen.
Persoonlijke omstandigheden van de verdachte
Strafblad
Uit het strafblad van 7 mei 2026 blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.
Rapportages en verklaringen van deskundigen op de terechtzitting
De Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad) heeft een rapport over de verdachte opgemaakt, gedateerd 26 februari 2026. Dit rapport houdt, voor zover van belang, het volgende in.
In het leven van de verdachte zijn er meerdere beschermende factoren. Hij verblijft in een studio bij Cara Care, waar hij ook begeleiding krijgt. Hij komt in aanmerking voor een mbo-1 diploma zodra zijn stage-uren worden afgetekend. Hij gaat naar eigen zeggen drie keer per week sporten en heeft recent een nieuwe baan gevonden als vuilnisman. Sinds november 2024 zijn er geen misdrijven bij de Raad gemeld waarbij de verdachte mogelijk betrokken was. Zowel op school als bij Cara Care is hij respectvol in omgang met de begeleiding en leraren. Daarnaast heeft de verdachte ook risicofactoren in zijn leven. De verdachte heeft meerdere gebeurtenissen meegemaakt die van invloed kunnen zijn op de ontwikkeling van het kind, zoals wisselingen in verzorgers (oma, moeder en tante), een moeizame schoolgang op de middelbare school, een beperkte rol van vader in zijn leven en het overlijden van oma (moederszijde) vijf jaar geleden. De verdachte is sinds 2023 bekend bij de jeugdreclassering vanwege schoolverzuim. Een zorg is dat hij ineffectieve copingstrategieën heeft bij moeilijke situaties en stress. Bij tegenslagen vermijdt hij contact en blijft hij van de radar, waardoor zijn begeleiding en positieve ontwikkelingen kunnen stagneren. Uit het cognitief onderzoek van oktober 2024 komt naar voren dat de verdachte cognitief functioneert op een zwakbegaafd niveau van intelligentie. De Raad kan veronderstellen dat hij vanuit zijn cognitieve beperking minder goed in staat is om causale verbanden te overzien en problemen aan te pakken. Ondanks dat hij aangeeft dat hij niet meer met verkeerde mensen uit zijn verleden omgaat, vraagt de Raad zich af in hoeverre de betrokkenen zicht hebben op zijn netwerk. Ook is er sprake van schulden (openstaande boetes). Cara Care en de jeugdreclassering melden daarnaast dat sprake is van blowgedrag. Positief is dat zij aangeven dat de verdachte aan het minderen is. Er moeten nog steeds gesprekken met hem gevoerd worden over hoe hij met spannende/risicovolle situaties en negatieve emoties kan omgaan en goede keuzes kan maken. Het is wenselijk dat hij zich voorlopig, onder begeleiding van Cara Care en de jeugdreclassering, focust op zijn toekomst, waarbij hij een diploma haalt, een goede baan heeft en zijn schulden (boetes) afbetaalt. De verdachte heeft baat bij structurele begeleiding. Ondanks dat hij inmiddels meerderjarig is, adviseert de Raad jeugdreclassering en geen begeleiding door de volwassenreclassering. De Raad is zich ervan bewust dat hij verdacht wordt van meerdere HIC-feiten. Om die reden is de Raad van mening dat een deels voorwaardelijke jeugddetentie het meest passende strafrechtelijke vervolg is. Pedagogisch gezien is het niet wenselijk als hij weer in een JJI wordt geplaatst, omdat zijn leven dan gaat stagneren en hij in aanraking met antisociale jongeren komt. Daarom is de Raad van mening dat het in het belang van de verdachte is als het onvoorwaardelijke deel van de jeugddetentie gelijk is aan het voorarrest. Het voorwaardelijke deel dient als een stevige stok achter de deur om ervoor te zorgen dat hij op het rechte pad blijft. De verdachte moet ook leren dat delictgedrag directe consequenties heeft. Daarom adviseert de Raad daarnaast ook een werkstraf.
Deskundige [naam 3], werkzaam als jeugdreclasseerder bij de William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering, heeft ter zitting naar voren gebracht dat de verdachte niet meer bij Cara Care verblijft, maar bij Zorg, Hoop, Liefde. Weer bij zijn moeder gaan wonen is niet bevorderlijk voor hem. De verdachte en zijn moeder botsen veel met elkaar en het is erg druk in huis nu ook de kinderen van zijn zus bij de moeder wonen. Begeleid wonen was eerder niet opgenomen in de schorsingsvoorwaarden. Dit dient wel toegevoegd te worden als bijzondere voorwaarde bij een voorwaardelijke veroordeling. De verdachte maakt stappen vooruit, maar hij heeft begeleid wonen nog wel nodig om nog verdere stappen te kunnen maken. Bij Zorg, Hoop, Liefde zal gewerkt worden aan emotieregulatie en alles wat komt kijken bij zelfstandigheid. Bij Cara Care was hij in korte tijd doorgestroomd naar een studio, omdat hij het zo goed deed. Dit zal hij nu opnieuw moeten laten zien.
Conclusies van de rechtbank
Gelet op hetgeen de rechtbank hierboven heeft overwogen, komt zij tot de volgende conclusies.
Redelijke termijn
Bij de berechting van een jeugdstrafzaak, waarbij geen sprake is van bijzondere omstandigheden, heeft als uitgangspunt te gelden dat de behandeling van de zaak dient te zijn afgerond met een eindvonnis binnen 16 maanden na aanvang van de redelijke termijn. De verdachte is voor de feit 1 op 19 december 2023 in verzekering gesteld en op 21 december 2023 is het bevel bewaring afgegeven en tevens geschorst. Met betrekking tot de feiten 2, 3, 5 en 9 is op 26 april 2024 deze lopende schorsing opgeheven en is op 8 mei 2024 de gevangenneming bevolen (en op 5 juni 2024 geschorst). Op deze data is de redelijke termijn voor de verschillende verdenkingen aangevangen. De rechtbank stelt vast dat sprake is van een overschrijding van de redelijke termijn. Nu deze overschrijding niet is toe te rekenen aan de verdachte, zal dit gecompenseerd worden door vermindering van de op te leggen straf.
Straffen
Gezien de ernst van de feiten kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een onvoorwaardelijke jeugddetentie. De rechtbank is echter van oordeel dat het onvoorwaardelijke deel van de jeugddetentie, gelet op de overschrijding van de redelijke termijn en het feit dat de verdachte na het plegen van het laatste feit niet meer met politie en justitie in aanraking is gekomen, niet langer moet zijn dan de tijd die de verdachte in voorarrest heeft doorgebracht. Gelet hierop wordt een deels voorwaardelijke jeugddetentie en een taakstraf in de vorm van een werkstraf opgelegd. Het voorwaardelijk strafdeel dient er toe de verdachte ervan te weerhouden in de toekomst opnieuw strafbare feiten te plegen.
Alles afwegend acht de rechtbank de hierna te noemen straf passend en geboden.
8. In beslag genomen voorwerpen
Standpunt officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd het in beslag genomen geldbedrag van € 299,- terug te geven aan de verdachte.
Beoordeling
Ten aanzien van het in beslag genomen geldbedrag van €299,- zal een last worden gegeven tot teruggave aan de verdachte.
9. Vorderingen benadeelde partijen en schadevergoedingsmaatregel
[benadeelde partij 1]
Als benadeelde partij heeft zich in het geding gevoegd [benadeelde partij 1], ter zake van het onder 1 tenlastegelegde feit. De benadeelde partij vordert een bedrag van € 532,92 aan materiële schade en een bedrag van € 650,- aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
Standpunt officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen, waarbij het totaal toe te wijzen bedrag vermeerderd wordt met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
Standpunt verdediging
De raadsvrouw heeft primair bepleit de vordering van de benadeelde partij niet ontvankelijk te verklaren, gelet op de bepleite vrijspraak. Subsidiair stelt de raadsvrouw zich op het standpunt dat de vordering met betrekking tot de materiële schade niet ontvankelijk dient te worden verklaard omdat de verdachte daar niets mee te maken heeft gehad. Met betrekking tot de immateriële schade verzoekt de raadsvrouw het bedrag te matigen tot een bedrag dat de rechtbank redelijk acht.
Beoordeling
Vast staat dat aan de benadeelde partij door het bewezen verklaarde feit rechtstreekse materiële schade is toegebracht. De schade is voldoende onderbouwd. Met betrekking tot de iPhone wordt rekening gehouden met een afschrijving van 40%. Derhalve zal voor de iPhone een bedrag worden toegekend van € 288,-. De overige materiele schade, te weten de kosten voor een nieuwe ID-kaart, OV-chipkaart en bankpas met een totaalbedrag van € 52,92 zal worden toegewezen.
Voorts is vast komen te staan dat, gezien de aard en de ernst van de normschending, aan de benadeelde partij door het bewezen verklaarde strafbare feit rechtstreeks immateriële schade is toegebracht. Die schade zal naar maatstaven van billijkheid worden vastgesteld op
€ 300,-.
Hoofdelijke veroordeling, wettelijke rente en kostenveroordeling
Nu de verdachte het strafbare feit onder 1 samen met mededaders heeft gepleegd, zijn zij daarvoor ieder hoofdelijk aansprakelijk. Indien en voor zover de mededaders de benadeelde partij betalen is de verdachte in zoverre jegens de benadeelde partij van deze betalingsverplichting bevrijd.
De benadeelde partij heeft gevorderd het te vergoeden bedrag te vermeerderen met wettelijke rente. De rechtbank bepaalt dat het te vergoeden schadebedrag vermeerderd wordt met wettelijke rente vanaf 14 december 2023.
Nu de vordering van de benadeelde partij (deels) zal worden toegewezen, zal de verdachte worden veroordeeld in de kosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken.
Conclusie
De verdachte moet de benadeelde partij een schadevergoeding betalen van € 640,92, vermeerderd met de wettelijke rente en kosten als hieronder in de beslissing vermeld.
Tevens wordt oplegging van de hierna te noemen maatregel als bedoeld in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht passend en geboden geacht. Gelet op de jeugdige leeftijd van de verdachte zal geen gijzeling worden toegepast.
[benadeelde partij 2]
Als benadeelde partij heeft zich in het geding gevoegd [benadeelde partij 2], ter zake van het onder 4 ten laste gelegde feit. De benadeelde partij vordert een bedrag van € 600,- aan materiële schade en een bedrag van € 1.000,- aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
Beoordeling
Nu de verdachte wordt vrijgesproken van het onder 4 ten laste gelegde feit zal de rechtbank de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in de vordering. De benadeelde partij kan de vordering slechts aanbrengen bij de burgerlijke rechter.
[benadeelde partij 3]
Als benadeelde partij heeft zich in het geding gevoegd [benadeelde partij 3], ter zake van het onder 7 ten laste gelegde feit. De benadeelde partij vordert een bedrag van € 1.433,-,- aan materiële schade en een bedrag van € 2.000,- aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
Beoordeling
Nu de verdachte wordt vrijgesproken van het onder 7 ten laste gelegde feit zal de rechtbank de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in de vordering. De benadeelde partij kan de vordering slechts aanbrengen bij de burgerlijke rechter.
10. Toepasselijke wettelijke voorschriften
Gelet is op de artikelen 36f, 77a, 77g, 77i, 77m, 77n, 77x, 77y, 77z, 77aa, 77gg, 312 en 317 van het Wetboek van Strafrecht.
11. Bijlagen
De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.
12. Beslissing
De rechtbank:
verklaart niet bewezen dat de verdachte de onder 4, 6, 7, 8 en 10 ten laste gelegde feiten heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij;
verklaart bewezen dat de verdachte de onder 1 primair, 2, 3, 5 primair en 9 ten laste gelegde feiten, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;
verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte (ook) daarvan vrij;
stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert de hiervoor vermelde strafbare feiten;
verklaart de verdachte strafbaar;
legt de verdachte een taakstraf op, bestaande uit een werkstraf voor de duur van 40 (veertig) uren;
beveelt dat, voor het geval de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren verricht, vervangende jeugddetentie zal worden toegepast voor de duur van 20 dagen;
veroordeelt de verdachte tot een jeugddetentie voor de duur van 180 (honderdtachtig) dagen;
beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde jeugddetentie in mindering wordt gebracht, voor zover deze tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;
bepaalt dat een gedeelte van de jeugddetentie groot 132 dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
verbindt hieraan een proeftijd, die wordt vastgesteld op twee jaren;
tenuitvoerlegging kan worden gelast als de veroordeelde de algemene voorwaarde niet naleeft en ook als de veroordeelde gedurende de proeftijd een bijzondere voorwaarde niet naleeft of een voorwaarde die daaraan van rechtswege is verbonden;
stelt als algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van die proeftijd niet zal schuldig maken aan een strafbaar feit;
stelt als bijzondere voorwaarden dat de veroordeelde:
- zich gedurende een door de gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Reclassering te bepalen periode (die loopt tot maximaal het einde van de proeftijd) en op door de jeugdreclassering te bepalen tijdstippen zal melden bij de reclassering, zo vaak en zo lang deze instelling dat noodzakelijk acht;
- naar school zal gaan volgens rooster en zich zal houden aan de regels en afspraken van school;
- zich zal inzetten voor het verkrijgen en behouden van een positieve vrijetijdsbesteding in de vorm van sport en/of een bijbaan;
- zal meewerken aan de plaatsing en begeleiding bij Zorg, Hoop, Liefde of bij een soortgelijke instelling, en zich zal houden aan de regels en afspraken van die instelling;
verstaat dat van rechtswege de volgende voorwaarden zijn verbonden aan de hierboven genoemde bijzondere voorwaarden:
geeft opdracht aan de gecertificeerde William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;
beslist ten aanzien van de voorwerpen, geplaatst op de lijst van inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerpen, als volgt:
- gelast de teruggave aan de verdachte van het geldbedrag van € 299,-;
heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte; de voorlopige hechtenis is bij eerdere beslissing geschorst;
verklaart de [benadeelde partij 2] niet-ontvankelijk in de vordering;
veroordeelt de [benadeelde partij 2]in de kosten door de verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, en begroot deze op nihil;
verklaart de [benadeelde partij 3] niet-ontvankelijk in de vordering;
veroordeelt de [benadeelde partij 3]in de kosten door de verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, en begroot deze op nihil;
veroordeelt de verdachte hoofdelijk met zijn mededaders, om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de [benadeelde partij 1], te betalen een bedrag van
€ 640,92 (zegge: zeshonderdveertig euro en tweeënnegentig eurocent), bestaande uit € 340,92 aan materiële schade en € 300,- aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 14 december 2023 tot aan de dag der algehele voldoening;
bepaalt dat de verdachte bij gehele of gedeeltelijke betaling door de mededader(s) van de verdachte aan de benadeelde partij, zal zijn bevrijd tot de hoogte van het betaalde bedrag;
verklaart de vordering van de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk;
veroordeelt de verdachte in de proceskosten door de [benadeelde partij 1] gemaakt, tot op heden aan de zijde van de benadeelde partij begroot op nihil en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken;
legt aan de verdachte hoofdelijk samen met zijn mededaders de maatregel tot schadevergoeding op, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij te betalen € 640,92 (hoofdsom, zegge: zeshonderdveertig euro en tweeënnegentig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 december 2023 tot aan de dag van de algehele voldoening, en bepaalt daarbij de duur van de gijzeling op 0 (nul) dagen;
verstaat dat betaling aan de benadeelde partij, waaronder begrepen betaling door zijn mededaders, tevens geldt als betaling aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij en omgekeerd.
Dit vonnis is gewezen door:
mr. W.M. Stolk, voorzitter, tevens kinderrechter,
en mrs. M.J.C. Spoormaker en C.C. Peterse, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. C.N. Arduin, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 17 juni 2026.
De jongste rechter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.
Bijlage I
Tekst tenlastelegging
Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat
Parketnummer 10-337283-23
1. feit 1)
hij, op of omstreeks 14 december 2023, te Rotterdam,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
een telefoon (iPhone), identiteitsbewijs, pinpas en/of OV-chipkaart, in elk geval
enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer 1], in elk geval aan
een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft
weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl
deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of
bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 1], gepleegd met het oogmerk om die
diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op
heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht
mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door
- met een groepje die [slachtoffer 1] te achtervolgen en/of,
- ( dreigend) tegen die [slachtoffer 1] te zeggen dat die [slachtoffer 1] mooie schoenen
en/of jas en/of telefoon heeft en/of,
- meermalen, althans eenmaal (met kracht) aan (de jas van) die [slachtoffer 1] te
trekken en/of,
- ( vervolgens) met een hand in de broekzak van die [slachtoffer 1] te voelen en zijn
telefoon, identiteitsbewijs, pinpas en/of OV-chipkaart af te pakken en/of,
- ( dreigend) naar die [slachtoffer 1] te lopen en/of,
- die [slachtoffer 1] beet te pakken en van de roltrap af te trekken/duwen/sleuren
en/of,
- ( als die [slachtoffer 1] weg wil lopen) die [slachtoffer 1] tegen te houden en tegen de
muur te drukken en/of,
- ( dreigend) (heel) dicht op die [slachtoffer 1] te gaan staan en/of,
- ( vervolgens) (dreigend) om die [slachtoffer 1] heen te gaan staan;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou
kunnen leiden:
[slachtoffer 10] en/of [slachtoffer 11] en/of een of meer onbekend gebleven
perso(o)n(en) op of omstreeks 14 december 2023 te Rotterdam,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
een telefoon (iPhone), identiteitsbewijs, pinpas en/of OV-chipkaart, in elk geval
enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer 1], in elk geval aan
een ander dan aan die [verdachte] en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft
weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, welke
diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld of bedreiging met
geweld tegen [slachtoffer 1], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te
bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan
zichzelf en/of andere deelnemers aan dat misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te
maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren door
- met een groepje die [slachtoffer 1] te achtervolgen en/of,
- ( dreigend) tegen die [slachtoffer 1] te zeggen dat die [slachtoffer 1] mooie schoenen
en/of jas en/of telefoon heeft en/of,
- meermalen, althans eenmaal (met kracht) aan (de jas van) die [slachtoffer 1] te
trekken en/of,
- ( vervolgens) met een hand in de broekzak van die [slachtoffer 1] te voelen en zijn
telefoon, identiteitsbewijs, pinpas en/of OV-chipkaart af te pakken en/of,
- ( dreigend) naar die [slachtoffer 1] te lopen en/of,
- die [slachtoffer 1] beet te pakken en van de roltrap af te trekken/duwen/sleuren
en/of,
- ( als die [slachtoffer 1] weg wil lopen) die [slachtoffer 1] tegen te houden en tegen de
muur te drukken en/of,
- ( dreigend) (heel) dicht op die [slachtoffer 1] te gaan staan en/of,
- ( vervolgens) (dreigend) om die [slachtoffer 1] heen te gaan staan,
bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 14 december
2023 te Rotterdam opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid,
middelen en/of inlichtingen heeft verschaft, door
- een omstander (die de roltrap op probeert te lopen) tegen te houden en de roltrap
af te sleuren en/of
- ( dreigend) (heel) dicht op die [slachtoffer 1] te gaan staan zodat die [slachtoffer 10]
en/of [slachtoffer 11] en/of een of meer onbekend gebleven perso(o)n(en) de telefoon
uit de broekzak van die [slachtoffer 1] konden pakken en/of
- die [slachtoffer 1] af te leiden door onder meer een gesprek met die [slachtoffer 1] te
voeren.
2. ( feit 2)
hij, op of omstreeks 22 april 2024 te Eindhoven,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
een telefoon (iPhone) en/of airpods, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten
dele aan [slachtoffer 2], in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn
mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich
wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld
en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 2],
gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te
maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan
het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te
verzekeren, door
- zich (dreigend) aan die [slachtoffer 2] op te dringen en/of
- ( vervolgens) die [slachtoffer 2] aan te tikken en/of (op een dreigende manier) te
vragen of die [slachtoffer 2] spullen bij zich had, en/of
- ( vervolgens)(op een dreigende toon) tegen die [slachtoffer 2] te zeggen dat die
[slachtoffer 2] zijn telefoon moest afgeven, en/of
- ( daarbij) (dreigend) de woorden toe te voegen: "Ik heb een vuurwapen bij. Jij moet
die geven anders doen wij je wat aan!", althans woorden van gelijke (dreigend) aard
en strekking;
- ( vervolgens) die [slachtoffer 2] te gaan fouilleren, en/of
- ( vervolgens) de airpods uit de zak van die [slachtoffer 2] te pakken/rukken, en/of
- ( daarna)(dreigende) de woorden toe te voegen: "Niet de politie bellen he!", althans
woorden van gelijke (dreigende) aard en strekking;
3. ( feit 3)
hij, op of omstreeks 22 april 2024 te Eindhoven,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen
door geweld en/of bedreiging met geweld
[slachtoffer 2] heeft gedwongen tot de afgifte van een telefoon (iPhone) en/of
airpods, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [slachtoffer 2] en/of
een derde toebehoorde(n)
door
- zich (dreigend) aan die [slachtoffer 2] op te dringen, en/of
- die [slachtoffer 2] aan te tikken en/of (op een dreigende manier) te vragen of die
[slachtoffer 2] spullen bij zich had, en/of
- ( vervolgens) (op een dreigende toon) tegen die [slachtoffer 2] te zeggen dat die
[slachtoffer 2] zijn telefoon moest afgeven, en/of
- ( daarbij) (dreigend) de woorden toe te voegen: "Ik heb een vuurwapen bij. Jij moet
die geven anders doen wij je wat aan!", en/of "Niet de politie bellen he!", althans
woorden van gelijke (dreigende) aard en strekking;
Parketnummer 10-265534-24
1. feit 4)
hij op of omstreeks 21 april 2024 te Rotterdam, aan de Sint-Luciastraat, althans op
de openbare weg,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
contant geld en/of een telefoon en/of een zonnebril, in elk geval enig goed, dat/die
geheel of ten dele aan [slachtoffer 3], in elk geval aan een ander dan aan
verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het
oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd
voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld
tegen [slachtoffer 3], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden
of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere
deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van
het gestolene te verzekeren, door:
- zeer dicht op die [slachtoffer 3] te staan en/of die [slachtoffer 3] te omsingelen en/of
- meermalen op een dreigende toon die [slachtoffer 3] de woorden toe te voegen: "Wat
heb je in je zakken?" en/of
- de telefoon van die [slachtoffer 3] uit de handen van die [slachtoffer 3] te trekken en/of
- de weg voor die [slachtoffer 3] te blokkeren en/of die [slachtoffer 3] tegen te houden;
2. ( feit 5)
hij op of omstreeks 21 april 2024 te Rotterdam, aan de Coolhaven, althans op de
openbare weg,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen
door geweld en/of bedreiging met geweld
[slachtoffer 4] heeft gedwongen tot de afgifte van een jas en/of een telefoon, in elk geval
enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [slachtoffer 4] en/of een derde
toebehoorde(n)
door:
- naast en/of tegenover die [slachtoffer 4] in de metro plaats te nemen en/of te staan en/of
- die [slachtoffer 4] op een dreigende toon de woorden toe te voegen: "Je hebt één taak,
wat heb je allemaal in je zakken, heb je geld?" en/of "Doe je jas uit en welke telefoon
heb je, welke maat is jouw jas?" en/of "Doe je jas, uit nu ik ga je echt vermoorden, ik
heb geen tijd doe snel." en/of "Blijf zitten en doe je jas zittend uit." en/of
- de jas van die [slachtoffer 4] uit de handen van die [slachtoffer 4] te pakken en/of (vervolgens)
aan te trekken en/of
- de telefoon van die [slachtoffer 4] aan te nemen en/of hierbij de woorden toe te voegen:
"Geef mij je code van je telefoon."
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou
kunnen leiden:
hij op of omstreeks 21 april 2024 te Rotterdam, aan de Coolhaven, althans op de
openbare weg,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
een jas en/of een telefoon, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer 4]
, in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s)
toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk
toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van
geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 4], gepleegd met het
oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij
betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij
de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door:
- naast en/of tegenover die [slachtoffer 4] in de metro plaats te nemen en/of te staan en/of
- die [slachtoffer 4] op een dreigende toon de woorden toe te voegen: "Je hebt één taak,
wat heb je allemaal in je zakken, heb je geld?" en/of "Doe je jas uit en welke telefoon
heb je, welke maat is jouw jas?" en/of "Doe je jas, uit nu ik ga je echt vermoorden, ik
heb geen tijd doe snel." en/of "Blijf zitten en doe je jas zittend uit." en/of
- de jas van die [slachtoffer 4] uit de handen van die [slachtoffer 4] te pakken en/of (vervolgens)
aan te trekken en/of
- de telefoon van die [slachtoffer 4] aan te nemen en/of hierbij de woorden toe te voegen:
"Geef mij je code van je telefoon.";
3. ( feit 6)
hij op of omstreeks 21 april 2024 te Rotterdam, aan de lijnbaan, althans op de
openbare weg,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
een zonnebril, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer 5]
, in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s)
toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk
toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van
geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 5], gepleegd met het
oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij
betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij
de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door:
- die [slachtoffer 5] te omsingelen, terwijl verdachte en/of zijn mededaders een
skimasker, althans gezichtsbedekkende droegen en/of
- daarbij de woorden toe te voegen ''Jo, zakken leeg.'' en/of
- naar zijn broekzakken te wijzen en/of daarmee de schijn te wekken dat hij,
verdachte, een mes en/of een wapen gaat trekken
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou
kunnen leiden:
hij op of omstreeks 21 april 2024 te Rotterdam, aan de lijnbaan, althans op de
openbare weg,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen
misdrijf om een zonnebril en/of geld en/of (een) goed(eren) van zijn gading , in elk
geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer 5], in elk geval aan
een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) weg te
nemen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen
en deze poging diefstal te doen voorafgaan, te doen vergezellen en/of te doen
volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 5], te plegen
met het oogmerk om die voorgenomen diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te
maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en/of andere deelnemer(s)
aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken,
hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,
- daarbij de woorden heeft toegevoegd: ''Jo, zakken leeg.'' en/of
- naar zijn zakken heeft gewezen, alsof hij, verdachte een mes en/of een wapen bij
zich heeft gedragen,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
4. ( feit 7)
hij op of omstreeks 21 april 2024 te Rotterdam, aan de Binnenwegplein, althans op
de openbare weg,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
een telefoon en/of airpods en/of een pasjeshouder met meerdere pasjes en/of een
contant geldbedrag en/of huissleutels, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten
dele aan [slachtoffer 6], in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of
zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich
wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld
en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 6],
gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te
maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan
het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te
verzekeren, door:
- die [slachtoffer 6] te omsingelen en/of zeer dicht op die [slachtoffer 6] te
staan en/of
- die [slachtoffer 6] tegen een muur aan te duwen/dwingen ten gevolge waarvan
die [slachtoffer 6] niet kon wegkomen en/of
- de jaszakken en/of broekzakken van die [slachtoffer 6] te doorzoeken en/of
- een pasjeshouder en/of airpods en/of huissleutels uit de jaszakken van die [slachtoffer 6]
te pakken
- de jas van die [slachtoffer 6] open te ritsen en/of (vevolgens) contant geld uit de
binnenzak te pakken en/of
- die [slachtoffer 6] te vragen waar zijn telefoon is;
5. ( feit 8)
hij op of omstreeks 21 april 2024 te Rotterdam, aan de Binnenwegplein, althans op
de openbare weg,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen
misdrijf om geld en/of een telefoon en/of een of meer goederen die zich bevonden
in de jaszak van aangever, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer 7]
, in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s)
toebehoorde(n) weg te nemen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te
eigenen
en deze poging diefstal te doen voorafgaan, te doen vergezellen en/of te doen
volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 7], te plegen met het
oogmerk om die voorgenomen diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of
om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en/of andere deelnemer(s) aan het
misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken,
hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,
- die [slachtoffer 7] met gezichtsbedekkende kleding heeft omsingeld en/of
- aan de jaszakken van die [slachtoffer 7] heeft gevoeld en/of
- een mes, althans een scherp en/of puntig voorwerp aan die [slachtoffer 7] heeft getoond
en/of
- achter die [slachtoffer 7] aan heeft gerend;
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
6. ( feit 9)
hij op of omstreeks 22 april 2024 te Rotterdam, op het Beursplein, althans op de
openbare weg,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen
door geweld en/of bedreiging met geweld
[slachtoffer 8] heeft gedwongen tot de afgifte van zijn jas met als inhoud een paar
handschoenen en/of airpods, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan
die [slachtoffer 8] en/of een derde toebehoorde(n)
door:
- die [slachtoffer 8] dreigend de woorden toe te voegen: "Hoe veel geld heb jij in je
portemonnee?" en/of "Als ik je nu ga fouilleren heb je dus geen geld bij je?", althans
woorden van gelijke dreigende aard of strekking, en/of
- tegenover die [slachtoffer 8] in de metro plaats te nemen en/of te staan en/of
- ( vervolgens) die [slachtoffer 8] dreigend de woorden toe te voegen: "Ik tel nu tot drie
en dan heb jij je jas uitgedaan." en/of "Ik heb alle tijd, dus als je je jas nu niet uitdoet
dan ga ik mee naar Vlaardingen." en/of "Als je nu die kankerjas niet uit doet dan ga
je zien wat er met je gaat gebeuren, Ik zweer dit op mijn dode oma!";
Parketnummer 10-338184-24
(feit 10)
hij op of omstreeks 18 september 2024 te Rotterdam,
op de openbare weg, te weten op of aan de Heer Bokelweg,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
een tas (van het merk Gucci) met inhoud en/of een vest (van het merk Monclair)
en/of een ketting (van het merk Dreamchaser) en/of een telefoon (van het merk
Apple, type iPhone), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer 9]
, in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s)
toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk
toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van
geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 9], gepleegd met het
oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij
betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij
de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door
- die [slachtoffer 9] te vragen om zijn tas af te doen en/of
- tegen die [slachtoffer 9] te zeggen "Laat mij niet iets op jou bekken" en/of
- de tas (over het hoofd van die [slachtoffer 9]) van de schouder en/of het lichaam van
die [slachtoffer 9] te trekken en/of
- het vest van die [slachtoffer 9] open te ritsen en/of van die [slachtoffer 9] af te trekken
en/of dat vest in de buddyseat van de scooter te doen en/of
- met kracht de ketting van de nek van die [slachtoffer 9] te trekken en/of
- de telefoon uit de handen van die [slachtoffer 9] te pakken/grissen;