ECLI:NL:RBROT:2026:15233

ECLI:NL:RBROT:2026:15233

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 28-10-2026
Datum publicatie 03-11-2026
Zaaknummer 10-048364-26 - (TUL): 05-346080-24
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Vrijspraak wegens gebrek aan wetenschap aanwezigheid en beschikkingsmacht van vuurwapen, munitie en cocaïne.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam Zittingsplaats Rotterdam

Meervoudige kamer strafzaken

Parketnummer: 10-048364-26

Parketnummer vordering tenuitvoerlegging (TUL): 05-346080-24

Datum uitspraak: 28 oktober 2026

Datum zitting: 14 oktober 2026

Tegenspraak

Verdachte:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedag] 1997 in [geboorteplaats]

ingeschreven op het adres [adres] , [postcode] [plaats] .

Advocaat van de verdachte: mr. G.A.J. Purperhart

Officier van justitie: mr. P.L. van Montfoort

1. Tenlastelegging

De volledige tenlastelegging houdt in dat

1

hij op of omstreeks 4 februari 2026 te Rotterdam, althans in Nederland, tezamen en in vereniging, althans alleen, (een) wapen(s) als bedoeld in art. 2 lid 1 Categorie II onder 2º van de Wet wapens en munitie, te weten een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3º van die wet, geschikt om automatisch te vuren, van het merk Enfield Stengun Mk 2, kaliber 9x19mm en/of (voor dit vuurwapen geschikte) munitie in de zin van artikel 1 onder 4, gelet op artikel 2 lid 2 van Categorie III van de Wet wapens en munitie, te weten een of meerdere kogelpatronen van het kaliber 9x19mm voorhanden heeft gehad;

2

hij op of omstreeks 4 februari 2026 te Rotterdam, althans in Nederland opzettelijk heeft vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, 3,4 gram cocaïne, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.

2. Vrijspraak

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte moet worden veroordeeld voor de feiten 1 en 2. Het standpunt van de officier van justitie zal, voor zover van belang, bij de beoordeling van het bewijs worden besproken.

Conclusie van de verdediging

De verdediging heeft primair vrijspraak bepleit voor de feiten 1 en 2. Subsidiair heeft de verdediging gepleit voor een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf. Het standpunt van de verdediging zal, voor zover van belang, bij de beoordeling van het bewijs worden besproken.

Oordeel van de rechtbank

Vaststaande feiten

Op 4 februari 2026 reed de verdachte als bestuurder in zijn auto met drie andere inzittenden. In dit voertuig bevonden zich een geladen vuurwapen en een hoeveelheid cocaïne. Het vuurwapen lag achter de bestuurdersstoel op de vloer; het was gewikkeld in een kussensloop. Na onderzoek bleek dat alleen het DNA van medeverdachte [medeverdachte] is aangetroffen op de kogelpatronen in het magazijn van het vuurwapen. De cocaïne zat verpakt in gripzakjes in een doosje dat in de kofferbak van het voertuig lag. Hierop is geen DNA-onderzoek uitgevoerd. Zowel het vuurwapen als de cocaïne bevonden zich buiten het zicht van de verdachte.

Vrijspraak

De feiten waarvan de verdachte wordt beschuldigd zijn niet bewezen, omdat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs is om vast te stellen dat de verdachte wetenschap had van de aanwezigheid van, en beschikkingsmacht had over het vuurwapen met munitie en de cocaïne.

De verdachte wordt daarvan dus vrijgesproken.

3. Vordering tot tenuitvoerlegging

Vordering

De officier van justitie heeft voorafgaand aan de zitting een vordering ingediend tot tenuitvoerlegging van de aan de verdachte voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf van 4 weken, omdat de verdachte zich niet heeft gehouden aan de algemene voorwaarde dat hij zich niet opnieuw schuldig zal maken aan strafbare feiten.

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich tijdens de zitting op het standpunt gesteld dat de proeftijd moet worden verlengd met 1 jaar.

Standpunt van de verdediging

De verdediging heeft primair bepleit tot afwijzing van de vordering vanwege de bepleite vrijspraak. Subsidiair is de verdediging het eens met het voorstel van de officier van justitie om de proeftijd te verlengen met een jaar.

Oordeel van de rechtbank

De rechtbank wijst de vordering af, omdat de verdachte wordt vrijgesproken van beide feiten.

4. Beslissingen

De rechtbank:

Vrijspraak

verklaart niet bewezen dat de verdachte de feiten 1 en 2 heeft gepleegd en spreekt de verdachte daarvan vrij;

Tenuitvoerlegging voorwaardelijke straf (parketnummer 05-346080-24)

wijst af de vordering tot tenuitvoerlegging van de in het vonnis van 6 maart 2025 aan de verdachte opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf.

5. Samenstelling rechtbank en ondertekening

Dit vonnis is gewezen door:

mr. C.M. Derijks, voorzitter,

en mrs. A.J.P. van Essen en E. Laanen, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. M.B. Şahin, griffier,

en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 28 oktober 2026.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. C.M. Derijks

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand