Rechtbank Rotterdam
Meervoudige kamer voor verschoningszaken
Zaak- en rekestnummer: C/10/715383 / HA RK 26-153
Beslissing van 27 februari 2026
op het verzoek van
mr. P.A. Ellenbroek,
rechter in opleiding in de rechtbank Rotterdam, Team handel en haven (hierna: de rechter),
ertoe strekkende zich te mogen verschonen in de zaak van
ONTWIKKEL & GROEI B.V.,
statutaire vestigingsplaats: Rotterdam,
eiseres in conventie, verweerster in reconventie,
gemachtigden: [naam 1] en [naam 2] ,
tegen
1. VAN DONGE & DE ROO B.V.,
2. RDS HOLDING B.V.,
statutaire vestigingsplaats: Rhoon,
gedaagden in conventie, eiseressen in reconventie,
gemachtigde: [naam 3] .
1. Het procesverloop en de processtukken
Bij de rechter is in behandeling de zaak tussen Ontwikkel & Groei B.V. enerzijds en Van Donge & De Roo B.V. en RDS Holding B.V. anderzijds, beiden voornoemd, met zaak- en rolnummer 11818912 CV EXPL 25-16534 (de hoofdzaak).
Op 23 februari 2026 heeft de rechter een schriftelijk verzoek tot verschoning gedaan. Desverzocht heeft de rechter haar verzoek op 24 februari 2026 nader schriftelijk toegelicht.
Aan de verschoningskamer is ter beschikking gesteld het dossier van de hoofdzaak.
2. Het verzoek
Als onderbouwing van het verzoek om verschoning heeft de rechter onder meer het volgende aangevoerd. In de hoofdzaak staat een mondelinge behandeling gepland op 3 maart 2026. Eén van de gemachtigden van Ontwikkel & Groei B.V., die heeft aangekondigd naar de mondelinge behandeling te komen ( [naam 2] ), blijkt een broer/zwager te zijn van goede vrienden van de rechter. Deze vrienden en de rechter komen veel bij elkaar over de vloer, ook tijdens verjaardagen waarbij de betreffende gemachtigde soms aanwezig is. Omdat de rechter zich ongemakkelijk voelt om de hoofdzaak te behandelen en om elke schijn van partijdigheid te vermijden en de onpartijdige behandeling van de zaak te waarborgen, zou de rechter zich graag verschonen.
3. De beoordeling
Verschoning is een middel om de onpartijdigheid van de rechter te verzekeren. Voorop staat dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen die zwaarwegende aanwijzingen opleveren voor het oordeel dat een rechter tegenover een partij een vooringenomenheid koestert, althans dat de bij deze partij daarvoor bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is.
Daargelaten of de aangevoerde omstandigheden een aanwijzing zouden kunnen opleveren voor enig gebrek aan subjectieve onpartijdigheid moet worden onderzocht of de aangevoerde omstandigheden een zwaarwegende aanwijzing opleveren voor het oordeel dat de vrees dat de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden – objectief – gerechtvaardigd is.
De door de rechter aangevoerde omstandigheden, in samenhang met het gegeven dat de rechter daarin aanleiding heeft gevonden zelf een verzoek in te dienen zich te mogen verschonen van de verdere behandeling van de hoofdzaak, levert naar het oordeel van de verschoningskamer op zichzelf een zwaarwegende aanwijzing als hiervoor onder 3.2. bedoeld op.
Het verzoek wordt om deze reden toegewezen.
4. De beslissing
De verschoningskamer:
wijst toe het verzoek van mr. P.A. Ellenbroek om zich in de civielrechtelijke procedure met zaak- en rolnummer 11818912 CV EXPL 25-16534 te mogen verschonen.
Deze beslissing is gegeven door mr. A.M.H. Geerars, voorzitter, mr. F.P.J. Schoonen en mr. P.F.G.T. Hofmeijer-Rutten, rechters, en door de voorzitter en de griffier, mr. R.W.H. van Rijkom, ondertekend op 27 februari 2026.