ECLI:NL:RBROT:2026:2440

ECLI:NL:RBROT:2026:2440

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 03-03-2026
Datum publicatie 11-03-2026
Zaaknummer 10/296756-25
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

De verdachte wordt veroordeeld voor het voorhanden hebben van tien vuurwapens en voor deze vuurwapens geschikte munitie. De rechtbank verwerpt het verweer dat sprake was van vormverzuimen: de doorzoeking van de woning was rechtmatig en het optreden van het Aanhoudings- en Ondersteuningsteam was gerechtvaardigd. Er bestaat geen aanleiding om het strafrecht voor jeugdigen toe te passen. Aan de verdachte wordt een gevangenisstraf opgelegd voor de duur van 30 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan 10 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren en met oplegging van de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering. Het inbeslaggenomen geldbedrag van € 100,- moet worden teruggegeven aan de verdachte.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam Zittingsplaats Dordrecht

Meervoudige kamer strafzaken

Parketnummer: 10/296756-25

Datum uitspraak: 3 maart 2026

Datum zitting: 17 februari 2026

Tegenspraak

Verdachte:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 2005 in [geboorteplaats],

ingeschreven op het adres: [adres ], [postcode] te [plaatsnaam],

gedetineerd in [detentieadres].

Advocaat van de verdachte: mr. C.J.M. van den Brûle

Officier van justitie: mr. S. Stein

Kern van het vonnis

De verdachte wordt veroordeeld voor het voorhanden hebben van tien vuurwapens en voor deze vuurwapens geschikte munitie. De rechtbank verwerpt het verweer dat sprake was van vormverzuimen: de doorzoeking van de woning was rechtmatig en het optreden van het Aanhoudings- en Ondersteuningsteam was gerechtvaardigd. Er bestaat geen aanleiding om het strafrecht voor jeugdigen toe te passen. Aan de verdachte wordt een gevangenisstraf opgelegd voor de duur van 30 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan 10 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren en met oplegging van de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering. Het inbeslaggenomen geldbedrag van € 100,- moet worden teruggegeven aan de verdachte.

1. Tenlastelegging

De volledige tenlastelegging (hierna beschuldiging) houdt in dat

hij op of omstreeks 5 november 2025 te 's-Gravenhage,

meerdere wapens in de zin van artikel 1 onder 3, gelet op artikel 2 lid 1 van

Categorie III, onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten:

- acht vuurwapens van het merk: Blow, type: TR 34 kaliber: 7.65 mm

zijnde een vuurwapen in de vorm van een omgebouwd gaspistool en/of

- een vuurwapen van het merk: Blow, type: TR 92, kaliber: 9 mm P.A.K.

zijnde een vuurwapen in de vorm van een omgebouwd gaspistool en/of

- een vuurwapen van het merk: Blow, type: TR 14, kaliber: 7.65 mm

zijnde een vuurwapen in de vorm van een omgebouwd gaspistool

en/of (voor deze vuurwapens geschikte)

munitie in de zin van art. 1 onder 4º, gelet op artikel 2 lid 2 van Categorie III van de

Wet wapens en munitie

te weten 39 kogelpatronen van het kaliber 7.65 mm en/of 3 knalpatronen van het

kaliber 9 mm P.A.K

voorhanden heeft gehad.

2. Bewijs

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte moet worden veroordeeld voor het ten laste gelegde feit.

Conclusie van de verdediging

De verdediging heeft vrijspraak bepleit. Daartoe is primair aangevoerd dat er sprake is van een onherstelbaar vormverzuim: de doorzoeking van de woning was onrechtmatig. De verdenking was niet concreet genoeg en er was geen sprake van dringende noodzakelijkheid voor het afwenden van gevaar. Daar komt bij dat de machtiging tot binnentreden niet is ondertekend. De aangetroffen vuurwapens en munitie moeten daarom worden uitgesloten van het bewijs.

Subsidiair is aangevoerd dat op basis van het dossier niet kan worden vastgesteld dat de aangetroffen wapens (reeds) omgebouwde gaspistolen betroffen, zodat de verdachte van dat onderdeel van de tenlastelegging moet worden vrijgesproken.

Oordeel van de rechtbank

Bewezenverklaring en bewijsmiddelen

Bewezen is dat de verdachte tien vuurwapens, in de vorm van omgebouwde gaspistolen, en voor deze vuurwapens geschikte munitie voorhanden heeft gehad. De volledige bewezenverklaring is vermeld in paragraaf 2.3.3.

De bewezenverklaring van het feit is gebaseerd op de hieronder opgenomen inhoud van de bewijsmiddelen en de onderstaande bewijsmotivering.

1. Verklaring van de verdachte

Ik bewaarde de aangetroffen vuurwapens en munitie voor iemand anders, omdat ik geld wilde verdienen. Ik wist dat het omgebouwde pistolen waren.

2. Deskundigenverslag

Resultaat van het (vergelijkend) DNA-onderzoek

Bemonstering binnenzijde loop, Tb+ AASL9389NL

DNA-mengprofiel afkomstig van minimaal twee donoren, van wie zeker één man.

Er is een DNA-hoofdprofiel afgeleid van een man waarvan de frequentie van voorkomen kleiner is dan één op één miljard.

De additionele DNA-kenmerken van de minder prominent aanwezige donoren zijn niet geschikt voor vergelijkend DNA-onderzoek.

Mogelijke donor van DNA: [verdachte] (DNA-hoofdprofiel).

3. Proces-verbaal van de politieOp 4 november 2025 werd door inspecteur, hulpofficier van Justitie, [naam], een machtiging tot binnentreden afgegeven ter aanhouding en ter inbeslagname aan [adres ]. Op 5 november 2025 om 06.10 uur werd er binnengetreden in de woning aan [adres ]. De doorzoeking werd omstreeks 06:20 uur geopend. Tijdens deze doorzoeking is de gehele woning, inclusief bijbehorende kelderbox/schuur doorzocht op grond van artikel 49 van de Wet wapens en munitie. Tijdens de doorzoeking zijn de volgende goederen inbeslaggenomen:32 kogelpatronen 7.65 mm, inbeslaggenomen onder goednummer: 7049143

Munitie, inbeslaggenomen onder goednummer: 7049159

BLOW TR 34, inbeslaggenomen onder goednummer: 7049165

BLOW TR 34, inbeslaggenomen onder goednummer: 7049171

BLOW TR 34, inbeslaggenomen onder goednummer: 7049172

BLOW TR 34, inbeslaggenomen onder goednummer: 7049173

BLOW TR 34, inbeslaggenomen onder goednummer: 7049174

BLOW TR 34, inbeslaggenomen onder goednummer: 7049176

BLOW TR 92, inbeslaggenomen onder goednummer: 7049181

BLOW TR 34, inbeslaggenomen onder goednummer: 7049185

BLOW TR 34, inbeslaggenomen onder goednummer: 7049186BLOW TR 14, inbeslaggenomen onder goednummer: 7049175

In de kledingkast van de verdachte lagen in een mandje twee dozen met in iedere doos één vuurwapen. In totaal zijn er zeven dozen met vuurwapens onder het bed van de verdachte aangetroffen. In de kelderbox/schuur werd nog een vuurwapen aangetroffen.

4. Proces-verbaal van de politie

Hierbij de voorlopige bevindingen van de schouw die ik zojuist heb uitgevoerd, aan de aangeleverde goederen in BVH nummer: [nummer].

Munitie (standaard) AAS02515NL

De in beslag genomen voorwerpen betreffen 3 knalpatronen van het kaliber 9 mm PAK.

5. Proces-verbaal van de politie

Proces-verbaalnummer [proces-verbaalnummer 1]

Op 5 oktober 2025 te 06:10 uur zijn goederen inbeslaggenomen. Na onderzoek van deze goederen is het volgende naar voren gekomen:

Munitieomschrijving 6:

Goednummer: [proces-verbaalnummer 2]

Object: munitie

Aantal: 32 stuks

Merk/type: S&B 7.65 Mm

Spoor identificatienr. AASO2517NL

Het betreft kogelpatronen van het kaliber 7.65 mm. Dit is munitie in de zin van artikel 1 onder 4 gelet op artikel 2 lid 2 categorie III van de WWM. Het kaliber 7.65 mm kogelpatroon komt overeen met het kaliber van onderstaande vuurwapens.

Vuurwapenomschrijving 14:

Goednummer: [proces-verbaalnummer 3]

Object: vuurwapen (Pistool)

Merk/type: Blow Tr 34

Spoor identificatienr. AASO2508NL

Kaliber: 7.65mm

Het inbeslaggenomen voorwerp is een pistool bestemd om projectielen door een loop af

te schieten. De werking van het voorwerp berust op het teweegbrengen van een scheikundige ontploffing of een andere scheikundige reactie. Derhalve is dit pistool een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3, gelet op artikel 2, lid 1 categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie. Het vuurwapen valt niet onder categorie II, sub 2, 3 of 6 van de WWM.

Voorheen was dit voorwerp een gaspistool dat 9 mm P.A.K. munitie verschoot. Door de gedeeltelijke dichte loop te verwijderen, een loop te plaatsen van het kaliber 7.65 mm is dit voorwerp een scherp schietend vuurwapen geworden. Het vuurwapen is in losse onderdelen maar compleet. De loop van het vuurwapen is nog niet gemonteerd waardoor proefschieten niet mogelijk was.

Munitieomschrijving 15:

Goednummer: [proces-verbaalnummer 4]

Object: munitie (Knalpatroon)

Aantal: 3 stuks

Merk/type: Pobjeda 9 mm P.A.K.

Spoor identificatienr. AASO2515NL

Het betreft knalpatronen van het kaliber 9 mm P.A.K. Dit is munitie in de zin van artikel 1 onder 4 gelet op artikel 2 lid 2 categorie III van de WWM. Deze knalpatronen konden worden verschoten door onder en bovenstaande vuurwapens (in de originele staat).

Munitieomschrijving 16:

Goednummer: [proces-verbaalnummer 5]

Object: munitie (Kogelpatroon)

Aantal: 7 stuks

Merk/type: diversen 7.65 mm

Spoor identificatienr. AASO2516NL

Het betreft kogelpatronen van het kaliber 7.65 mm. Dit is munitie in de zin van artikel 1 onder 4 gelet op artikel 2 lid 2 categorie III van de WWM. Het kaliber 7.65 mm kogelpatroon komt overeen met het kaliber van onderstaande en bovenstaande vuurwapens.

Vuurwapenomschrijving 21:

Goednummer: [proces-verbaalnummer 6]

Object: vuurwapen (Pistool)

Merk/type: Blow Tr 34

Spoor identificatienr. AASO2507NL

Kaliber: 7.65mm

Het inbeslaggenomen voorwerp is een pistool bestemd om projectielen door een loop af te schieten. De werking van het voorwerp berust op het teweegbrengen van een scheikundige ontploffing of een andere scheikundige reactie. Derhalve is dit pistool een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3, gelet op artikel 2, lid 1 categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie. Het vuurwapen valt niet onder categorie II, sub 2, 3 of 6 van de WWM.

Voorheen was dit voorwerp een gaspistool dat 9 mm P.A.K. munitie verschoot. Door de gedeeltelijke dichte loop te verwijderen, een loop te plaatsen van het kaliber 7.65 mm is dit voorwerp een scherp schietend vuurwapen geworden. Het vuurwapen is compleet. De loop van het vuurwapen past niet in de slede waardoor proefschieten niet mogelijk was.

Vuurwapenomschrijving 22:

Goednummer: [proces-verbaalnummer 7]

Object: vuurwapen (Gaspistool)

Merk/type: Blow Tr 34

Spoor identificatienr. AASO2505NL

Het inbeslaggenomen voorwerp is een pistool bestemd om weerloosmakende of

traanverwekkende stoffen door een loop af te schieten. De werking van het voorwerp berust op het teweegbrengen van een scheikundige ontploffing of een andere scheikundige reactie. Derhalve is dit gaspistool een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3 gelet op artikel 2 lid l, categorie III onder 1 van de WWM. Het vuurwapen valt niet onder categorie II, sub 2, 3 of 6 van de WWM.

Voorheen was dit voorwerp een gaspistool dat 9 mm P.A.K. munitie verschoot. Door de gedeeltelijke dichte loop te verwijderen, een loop te plaatsen van het kaliber 7.65 mm is dit voorwerp een scherp schietend vuurwapen geworden. Het vuurwapen is in losse onderdelen maar niet compleet. Door het ontbreken van de loop was proefschieten niet mogelijk.

Vuurwapenomschrijving 23:

Goednummer: [proces-verbaalnummer 8]

Object: vuurwapen (Pistool)

Merk/type: Blow Tr 34

Spoor identificatienr. AASO2504NL

Kaliber: 7.65mm

Het inbeslaggenomen voorwerp is een pistool bestemd om projectielen door een loop af

te schieten. De werking van het voorwerp berust op het teweegbrengen van een scheikundige ontploffing of een andere scheikundige reactie. Derhalve is dit pistool een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3, gelet op artikel 2, lid 1 categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie. Het vuurwapen valt niet onder categorie II, sub 2, 3 of 6 van de WWM.

Voorheen was dit voorwerp een gaspistool dat 9 mm P.A.K. munitie verschoot. Door de gedeeltelijke dichte loop te verwijderen, een loop te plaatsen van het kaliber 7.65 mm is dit voorwerp een scherp schietend vuurwapen geworden. Het vuurwapen is in losse onderdelen maar compleet. De loop van het vuurwapen past niet in de slede waardoor proefschieten niet mogelijk was.

Vuurwapenomschrijving 24:

Goednummer: [proces-verbaalnummer 9]

Object: vuurwapen (Pistool)

Merk/type: Blow Tr 34

Spoor identificatienr. AASO2513NL

Kaliber: 7.65mm

Het inbeslaggenomen voorwerp is een pistool bestemd om projectielen door een loop af

te schieten. De werking van het voorwerp berust op het teweegbrengen van een scheikundige ontploffing of een andere scheikundige reactie. Derhalve is dit pistool een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3, gelet op artikel 2, lid 1 categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie. Het vuurwapen valt niet onder categorie II, sub 2, 3 of 6 van de WWM.

Voorheen was dit voorwerp een gaspistool dat 9 mm P.A.K. munitie verschoot. Door de gedeeltelijke dichte loop te verwijderen, een loop te plaatsen van het kaliber 7.65 mm is dit voorwerp een scherp schietend vuurwapen geworden. Het vuurwapen is in losse onderdelen maar compleet. De loop van het vuurwapen past niet in de slede waardoor proefschieten niet mogelijk was.

Vuurwapenomschrijving 25:

Goednummer: [proces-verbaalnummer 10]

Object: vuurwapen (Pistool)

Merk/type: Blow Tr 14

Spoor identificatienr. AASO2514NL

Kaliber: 7.65 mm

Het inbeslaggenomen voorwerp is een pistool bestemd om projectielen door een loop af

te schieten. De werking van het voorwerp berust op het teweegbrengen van een scheikundige ontploffing of een andere scheikundige reactie. Derhalve is dit pistool een vuurwapen in de zin van artikel l onder 3, gelet op artikel 2, lid 1 categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie. Het vuurwapen valt niet onder categorie II, sub 2, 3 of 6 van de WWM.

Voorheen was dit voorwerp een gaspistool dat 9 mm P.A.K. munitie verschoot. Door de gedeeltelijke dichte loop te verwijderen, een loop te plaatsen van het kaliber 7.65 mm is dit voorwerp een scherp schietend vuurwapen geworden. Het vuurwapen is compleet. De kogelpatroon zit te diep in de kamer waardoor proefschieten niet mogelijk was.

Vuurwapenomschrijving 26:

Goednummer: [proces-verbaalnummer 11]

Object: vuurwapen (Pistool)

Merk/type: Blow Tr 34

Spoor identificatienr. AASO2512NL

Kaliber: 7.65 mm

Het inbeslaggenomen voorwerp is een pistool bestemd om projectielen door een loop af

te schieten. De werking van het voorwerp berust op het teweegbrengen van een scheikundige ontploffing of een andere scheikundige reactie. Derhalve is dit pistool een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3, gelet op artikel 2, lid 1 categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie. Het vuurwapen valt niet onder categorie II, sub 2, 3 of 6 van de WWM.

Voorheen was dit voorwerp een gaspistool dat 9 mm P.A.K. munitie verschoot. Door de gedeeltelijke dichte loop te verwijderen, een loop te plaatsen van het kaliber 7.65 mm is dit voorwerp een scherp schietend vuurwapen geworden. Het vuurwapen is in losse onderdelen maar compleet. De loop van het vuurwapen is nog niet vastgemaakt waardoor proefschieten niet mogelijk was.

Vuurwapenomschrijving 27:

Goednummer: [proces-verbaalnummer 12]

Object: vuurwapen (Gaspistool)

Merk/type: Blow Tr 92

Spoor identificatienr. AASO2506NL

Het inbeslaggenomen voorwerp is een pistool bestemd om weerloosmakende of

traanverwekkende stoffen door een loop af te schieten. De werking van het voorwerp berust op het teweegbrengen van een scheikundige ontploffing of een andere scheikundige reactie. Derhalve is dit gaspistool een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3 gelet op artikel 2 lid l, categorie III onder 1 van de WWM. Het vuurwapen valt niet onder categorie II, sub 2, 3 of 6 van de WWM.

Voorheen was dit voorwerp een gaspistool dat 9 mm P.A.K. munitie verschoot. Door de gedeeltelijke dichte loop te verwijderen, een loop te plaatsen van het kaliber 7.65 mm is dit voorwerp een scherp schietend vuurwapen geworden. Het vuurwapen is in losse onderdelen. Het vuurwapen heeft nog geen loop waardoor proefschieten niet mogelijk was.

Vuurwapenomschrijving 28:

Goednummer: [proces-verbaalnummer 13]

Object: vuurwapen (Pistool)

Merk/type: Blow Tr 34

Spoor identificatienr. AASO2503NL

Kaliber: 7.65mm

Het inbeslaggenomen voorwerp is een pistool bestemd om projectielen door een loop af

te schieten. De werking van het voorwerp berust op het teweegbrengen van een scheikundige ontploffing of een andere scheikundige reactie. Derhalve is dit pistool een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3, gelet op artikel 2, lid 1 categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie. Het vuurwapen valt niet onder categorie II, sub 2, 3 of 6 van de WWM.

Voorheen was dit voorwerp een gaspistool dat 9 mm P.A.K. munitie verschoot. Door de gedeeltelijke dichte loop te verwijderen, een loop te plaatsen van het kaliber 7.65 mm is dit voorwerp een scherp schietend vuurwapen geworden. Het vuurwapen is compleet. De kogelpatroon zit te diep in de kamer waardoor proefschieten niet mogelijk was.

Vuurwapenomschrijving 29:

Goednummer: [proces-verbaalnummer 14]

Object: vuurwapen (Pistool)

Merk/type: Blow Tr 34

Spoor identificatienr. AASO2511NL

Kaliber: 7.65mm

Het inbeslaggenomen voorwerp is een pistool bestemd om projectielen door een loop af

te schieten. De werking van het voorwerp berust op het teweegbrengen van een scheikundige ontploffing of een andere scheikundige reactie. Derhalve is dit pistool een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3, gelet op artikel 2, lid 1 categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie. Het vuurwapen valt niet onder categorie II, sub 2, 3 of 6 van de WWM.

Voorheen was dit voorwerp een gaspistool dat 9 mm P.A.K. munitie verschoot. Door de gedeeltelijke dichte loop te verwijderen, een loop te plaatsen van het kaliber 7.65 mm is dit voorwerp een scherp schietend vuurwapen geworden.

Bewijsmotivering

Doorzoeking woning ter inbeslagneming

Het opsporingsonderzoek dat aan deze zaak ten grondslag ligt is gestart na een DNA-hit van het DNA van de verdachte met celmateriaal dat in de loop van een vuurwapen werd aangetroffen. Naar aanleiding daarvan zijn de verbalisanten naar de woning van de verdachte gegaan om deze te doorzoeken ter inbeslagneming.

Op 4 november 2025 is een machtiging tot binnentreden afgegeven ter aanhouding van de verdachte, ter doorzoeking van de woning en ter inbeslagname van wapens, delen van wapens en munitie. Hoewel deze machtiging niet is ondertekend, gaat de rechtbank uit van de inhoud van deze machtiging. Naar deze machtiging wordt immers ook verwezen in het proces-verbaal van bevindingen van de doorzoeking. De rechtbank ziet geen aanleiding om te twijfelen aan de inhoud van dit op ambtseed opgemaakte proces-verbaal en gaat ook uit van de juistheid daarvan.

Op 5 november 2025 is de gehele woning, inclusief de bijbehorende schuur, doorzocht op grond van artikel 49 van de Wet wapens en munitie. Uit dit wetsartikel volgt dat opsporingsambtenaren te allen tijde op plaatsen waar zij redelijkerwijs kunnen vermoeden dat wapens of munitie aanwezig zijn, ter inbeslagneming een doorzoeking kunnen doen. Omdat er DNA van de verdachte op een specifieke locatie, namelijk in de loop van een vuurwapen, is aangetroffen is dit redelijk vermoeden gegeven. De rechtbank acht de doorzoeking daarom ook rechtmatig. Het verweer van de raadsvrouw wordt verworpen. De aangetroffen vuurwapens en munitie worden niet uitgesloten van het bewijs.

Omgebouwde gaspistolen

Op basis van de eerdergenoemde bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat de tien vuurwapens, die in de woning van de verdachte zijn aangetroffen, omgebouwde gaspistolen betreffen. De enkele omstandigheid dat er geen proefschoten konden worden gemaakt, maakt dat oordeel niet anders. Het gaat er immers om of een voorwerp bestemd of geschikt is om projectielen of stoffen door een loop af te schieten. De enkele omstandigheid dat het voorwerp in gedemonteerde staat wordt aangetroffen of dat het voorwerp door het ontbreken van een onderdeel of onderdelen niet gereed is voor direct gebruik, brengt niet met zich dat die bestemming of geschiktheid van dat voorwerp als vuurwapen ontbreekt. Ook een defect staat er op zichzelf niet aan in de weg dat het voorwerp kan worden aangemerkt als een wapen als bedoeld in artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie.

Volledige bewezenverklaring

Bewezen is dat:

hij op 5 november 2025 te 's-Gravenhage,meerdere wapens in de zin van artikel 1 onder 3, gelet op artikel 2 lid 1 vanCategorie III, onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten:- acht vuurwapens van het merk: Blow, type: TR 34 kaliber: 7.65 mmzijnde een vuurwapen in de vorm van een omgebouwd gaspistool en - een vuurwapen van het merk: Blow, type: TR 92, kaliber: 9 mm P.A.K.zijnde een vuurwapen in de vorm van een omgebouwd gaspistool en - een vuurwapen van het merk: Blow, type: TR 14, kaliber: 7.65 mmzijnde een vuurwapen in de vorm van een omgebouwd gaspistoolen (voor deze vuurwapens geschikte)munitie in de zin van art. 1 onder 4º, gelet op artikel 2 lid 2 van Categorie III van deWet wapens en munitiete weten 39 kogelpatronen van het kaliber 7.65 mm en 3 knalpatronen van hetkaliber 9 mm P.A.Kvoorhanden heeft gehad.

3. Kwalificatie en strafbaarheid

Kwalificatie

Het bewezen feit levert het volgende strafbare feit op:

handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III, meermalen gepleegd;

en

handelen in strijd met artikelen 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid van het feit en van de verdachte

Het feit en de verdachte zijn strafbaar.

4. Straf

Eis van de officier van justitie

De verdachte moet worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren en met oplegging van de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd in het reclasseringsrapport van 12 februari 2026.

Standpunt van de verdediging

Door de verdediging wordt verzocht het adolescentenstrafrecht toe te passen en aan de verdachte, naast een werkstraf, geen langere onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen dan de tijd die hij reeds in voorarrest heeft doorgebracht. Aan het voorwaardelijk strafdeel kunnen de bijzondere voorwaarden, zoals geadviseerd door de reclassering, worden verbonden.

De verdediging heeft voorts bepleit dat er sprake is van een onherstelbaar vormverzuim en dat daarom strafvermindering op zijn plaats is. Het aanleggen van handboeien en het geblinddoekt vervoeren van de verdachte was disproportioneel en daarmee onrechtmatig.

Oordeel van de rechtbank

Wijze van aanhouding van de verdachte

Anders dan de verdediging heeft betoogd, zal de rechtbank niet in strafmatigende zin rekening houden met de wijze waarop de verdachte is aangehouden op 5 november 2025.

De wijze waarop de verdachte is aangehouden heeft te maken met de veiligheid van met name de politieambtenaren.

De rechtbank stelt vast dat in het proces-verbaal van aanhouding is vermeld dat de inzet van een Aanhoudings- en Ondersteuningsteam (hierna: AOT) werd goedgekeurd door een rechercheofficier van justitie te Rotterdam, daartoe gemandateerd door de

hoofdofficier van justitie om de reden dat redelijkerwijs kon worden aangenomen dat levensbedreigende omstandigheden tegen de politie of anderen dreigden.

Omdat het DNA van de verdachte in de loop van een vuurwapen was aangetroffen en de verdachte bovendien in 2021 onherroepelijk is veroordeeld voor vuurwapenbezit acht de rechtbank die beslissing gerechtvaardigd.

Uit artikel 22 van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en andere opsporingsambtenaren volgt voorts dat handboeien kunnen worden aangelegd indien redelijkerwijs gevaar valt te vrezen voor ontvluchting of de veiligheid van de persoon die rechtens van zijn vrijheid is beroofd, van de ambtenaar of van derden. Conform artikel 23c, eerste lid, van deze Ambtsinstructie kan, ten behoeve van een aanhouding en het vervoer, een persoon die rechtens van zijn vrijheid is beroofd en aan wie handboeien zijn aangelegd door de ambtenaar worden geblinddoekt.

Er is geen aanleiding om aan te nemen dat is gehandeld in strijd met de beoordelingsruimte die de Ambtsinstructie op dit punt laat. De conclusie is, dat er geen sprake is van een vormverzuim als bedoeld in artikel 359a van het Wetboek van Strafvordering. Het verweer van de raadsvrouw wordt verworpen.

Ernst en omstandigheden van het feit

De verdachte heeft in zijn woning tien vuurwapens en bijbehorende munitie voorhanden gehad. De vuurwapens zijn onder meer onder het bed in zijn slaapkamer aangetroffen. Dat de verdachte deze vuurwapens voorhanden heeft gehad in de woning van zijn moeder waar ook zijn jongere broertje woont is levensgevaarlijk. Het is niet ondenkbaar dat zijn broertje dit vuurwapen zou vinden en – zonder het gevaar daarvan te onderkennen – ermee was gaan rommelen, met alle gevolgen van dien. De rechtbank rekent dit de verdachte zwaar aan. Meer in het algemeen brengt het ongecontroleerde bezit van vuurwapens en munitie een onaanvaardbaar risico voor de veiligheid van personen met zich mee en leidt tot sterke gevoelens van onveiligheid in de samenleving. De ervaring leert dat vuurwapenbezit meer dan eens leidt tot het gebruik ervan.

Persoon en persoonlijke omstandigheden

Strafblad

Uit het strafblad (uittreksel justitiële documentatie) van 9 januari 2026 blijkt dat de verdachte eerder onherroepelijk is veroordeeld voor een soortgelijk strafbaar feit. Daar houdt de rechtbank in strafverzwarende zin rekening mee.

Rapport van de reclassering

In het rapport van Verslavingsreclassering GGZ Fivoor van 12 februari 2026 staat het volgende.

Op bepaalde leefgebieden is er sprake van (een mate) van stabiliteit. De verdachte lijkt uit een hecht gezin te komen waarbinnen de zorg voor zijn jongere broertje, die zorgbehoevend is, prioriteit heeft. De verdachte heeft een startkwalificatie behaald en er lijkt geen sprake van verontrustend middelengebruik.

Er bestaan zorgen over de negatieve beïnvloedbaarheid van de verdachte en de keuzes die hij maakt. Om dit te ondervangen adviseert de reclassering een behandel- en begeleidingstraject waarbinnen met de verdachte gestreefd wordt een positief sociaal netwerk te verkrijgen en te behouden. Tevens adviseert de reclassering begeleiding bij het verkrijgen van gestructureerde dagbesteding, eventuele huisvesting en overige praktische zaken. De reclassering adviseert hiertoe aanmelding bij E25 Coach. Zij bieden forensische zorg gericht op jongvolwassenen.

Op basis van het verkorte Wegingskader Adolescentenstrafrecht adviseert de reclassering het volwassenenstrafrecht toe te passen. Er zijn geen aanwijzingen voor de aanwezigheid van een licht verstandelijke beperking en in het gesprek met de reclassering imponeert de verdachte leeftijdsadequaat. Hoewel de verdachte nog thuiswonend is, ontstaat niet de indruk dat er nog sprake is van een pedagogisch leefklimaat. De verdachte streeft deels maatschappelijk geaccepteerde doelen na die van een volwassene mogen worden verwacht. Hij beschikt over een startkwalificatie, dus er is geen noodzaak voor continuering van onderwijs.

Het risico op recidive wordt ingeschat als gemiddeld. Bij een veroordeling adviseert de reclassering een (deels) voorwaardelijke straf met oplegging van een meldplicht bij de reclassering, ambulante behandeling en dagbesteding als bijzondere voorwaarden.

Toepassing adolescentenstrafrecht

De verdachte was 20 jaar oud toen hij het strafbare feit pleegde. Het uitgangspunt is dan ook dat het volwassenenstrafrecht wordt toegepast, tenzij de rechtbank aanleiding ziet om daarvan af te wijken. De rechtbank ziet geen aanknopingspunten, in de persoon van verdachte of de omstandigheden waaronder het feit is begaan, die aanleiding geven het strafrecht voor jeugdigen toe te passen. Volgens de reclassering bestaat niet de indruk dat er thuis nog sprake is van een pedagogisch leefklimaat en daarnaast imponeert de verdachte leeftijdsadequaat. Bij het opleggen van de straf houdt de rechtbank wel rekening met de jonge leeftijd van de verdachte.

Straf

Gezien de ernst van het feit kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een gevangenisstraf. Bij de bepaling van de duur van de gevangenisstraf heeft de rechtbank gekeken naar straffen die in min of meer vergelijkbare zaken zijn opgelegd. De rechtbank neemt de omstandigheden waaronder de verdachte deze wapens heeft bewaard en het feit dat de verdachte eerder voor wapenbezit is veroordeeld in strafverzwarende zin mee. De rechtbank merkt verder op dat, hoewel dit niet ten laste is gelegd, het feit dat het DNA van de verdachte in de loop van een vuurwapen is aangetroffen, in combinatie met de inhoud van zijn telefoon, aanwijzingen geeft dat de verdachte de vuurwapens niet enkel bewaarde, maar daar meer mee van doen had.

Met name in de jonge leeftijd van de verdachte ziet de rechtbank aanleiding voor een stok achter de deur in de vorm van een deels voorwaardelijke straf. Dit voorwaardelijk deel dient als waarschuwing, maar biedt de verdachte ook een kans om in het vervolg andere keuzes te maken. De rechtbank zal aan dit voorwaardelijk strafdeel als bijzondere voorwaarden een meldplicht bij de reclassering, het meewerken aan ambulante behandeling en het inspannen voor dagbesteding verbinden.

Alles afwegend legt de rechtbank een gevangenisstraf op voor de duur van dertig maanden, met aftrek, waarvan tien maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en met de bijzondere voorwaarden zoals door de reclassering geadviseerd.

De gevangenisstraf zal worden tenuitvoergelegd binnen de penitentiaire inrichting, totdat aan de verdachte voorwaardelijke invrijheidstelling wordt verleend.

5. In beslag genomen voorwerp

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat het in beslag genomen voorwerp, te weten een geldbedrag van € 100,- aan de verdachte wordt teruggegeven.

Standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich hier niet over uitgelaten.

Oordeel van de rechtbank

Teruggave

De rechtbank beslist tot de teruggave van het in beslag genomen geldbedrag van € 100,- aan de verdachte.

6. Wettelijke voorschriften

De oplegging van deze straf is gebaseerd op de artikelen 14a, 14b en 14c en 57 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 26 en 55 van de Wet wapens en munitie.

7. Beslissingen

De rechtbank:

Bewezenverklaring

verklaart bewezen dat de verdachte het feit, zoals in hoofdstuk 2 is omschreven, heeft gepleegd;

Kwalificatie en strafbaarheid

stelt vast dat het bewezenverklaarde oplevert het in hoofdstuk 3 vermelde strafbare feit;

verklaart de verdachte strafbaar;

Straf

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 30 (dertig) maanden;

beveelt dat de tijd die door de verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, in mindering wordt gebracht op de gevangenisstraf, voor zover deze tijd niet al op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;

bepaalt dat 10 (tien) maanden van deze gevangenisstraf niet ten uitvoer zullen worden gelegd, tenzij de rechter later anders beslist;

verbindt hieraan een proeftijd, die wordt gesteld op 2 (twee) jaar, waarbij tot tenuitvoerlegging van het voorwaardelijke gedeelte van de straf kan worden beslist als de verdachte een van de onderstaande voorwaarden niet naleeft;

stelt als algemene voorwaarde dat:

- de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet aan een strafbaar feit schuldig maakt;

stelt als bijzondere voorwaarden dat:

1. de verdachte zich gedurende de proeftijd meldt op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt. De reclassering bepaalt op welke dagen en tijdstippen deze afspraken zijn. De reclassering zal contact met de verdachte opnemen voor de eerste afspraak;

2. de verdachte zich gedurende de proeftijd laat behandelen door E25 Coach of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering de behandeling nodig vindt. De behandeling start zo spoedig mogelijk. De zorgverlener bepaalt de wijze van behandeling. De behandeling is gericht op het verkrijgen en behouden van een positief en steunend sociaal netwerk, als ook begeleiding bij algemene en praktische zaken waar men als jongvolwassene tegenaan loopt;

3. de verdachte zich inspant voor het vinden en behouden van dagbesteding met een vaste structuur zoals een opleiding of baan. De dagbesteding draagt bij aan het voorkomen van delictgedrag;

geeft opdracht aan de reclassering om toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden. Hierbij gelden als voorwaarden dat de verdachte:

In beslag genomen voorwerpen

- beveelt de teruggave van het inbeslaggenomen geldbedrag van € 100,- aan de verdachte.

8. Samenstelling rechtbank en ondertekening

Dit vonnis is gewezen door:

mr. A.M.H. Geerars, voorzitter,

en mrs. M.I. Blagrove en N.R. Rietveld, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. V.D. Beenakker, griffier,

en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 3 maart 2026.

Mr. N.R. Rietveld is niet in de gelegenheid dit vonnis te ondertekenen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. A.M.H. Geerars

Griffier

  • mr. V.D. Beenakker

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?