ECLI:NL:RBROT:2026:3012

ECLI:NL:RBROT:2026:3012

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 12-02-2026
Datum publicatie 23-03-2026
Zaaknummer 09-194524-25
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Jeugdstrafrecht. Veroordeling van medeplegen opzettelijk een ontploffing teweegbrengen. Oplegging van een jeugddetentie groot deel voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren en met bijzondere voorwaarden. (Gedeeltelijke) toewijzing van een van de schadevorderingen.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team jeugd

Parketnummer: 09-194524-25

Datum uitspraak: 12 februari 2026

Tegenspraak

Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2009,

ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres:

[adres 1], [postcode] te [plaatsnaam],

raadsman: mr. P. Lootsma, advocaat te Den Haag.

1. Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de besloten terechtzitting van 29 januari 2026.

2. Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

3. Eis officier van justitie

De officier van justitie mr. D.P.L. ter Laak heeft gevorderd:

(hierna: de jeugdreclassering), zal meewerken aan systeemtherapie en individuele behandeling, zich zal inzetten voor een zinvolle dagbesteding in de vorm van school

en/of een bijbaan, zal meewerken aan de begeleiding van een jongerencoach vanuit E25 als de jeugdreclassering dat nodig vindt en zich zal houden aan een avondklok;

- met opdracht aan de jeugdreclassering tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en de verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden.

4. Waardering van het bewijs

Bewijswaardering

Het staat vast dat de verdachte samen met anderen op 25 juni 2025 een ontploffing heeft veroorzaakt aan de [adres 2] en dat hierdoor gemeen gevaar voor goederen is ontstaan. Het ten laste gelegde is door de verdachte bekend.

De politie heeft forensisch onderzoek uitgevoerd waaruit volgt dat door scherfwerking van de door de explosie rondvliegende delen hout en glas, eventueel aanwezige personen in en rond het blastgebied zwaar lichamelijk letsel hadden kunnen oplopen. De rechtbank acht dit onderzoek op zichzelf onvoldoende om tot de conclusie te komen dat levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel van een of meer personen in de woning dan wel personen in de omliggende woningen te duchten was. Het blijft namelijk onduidelijk welk soort explosief is gebruikt en wat de kracht daarvan kan zijn. Daarnaast is het explosief middenin de nacht in de brievenbus van het bedrijfspand neergelegd en tot ontploffing gebracht, waar op dat moment niemand aanwezig was. Ook is niet gebleken dat er mensen in de directe omgeving waren. Bovendien is niet gebleken dat de personen die boven of om het pand in hun woning verbleven daadwerkelijk door deze explosief ernstig gewond hadden kunnen raken.

Conclusie

De rechtbank zal de verdachte partieel vrijspreken van het ten laste gelegde strafverzwarende onderdeel waarin tot uitdrukking komt dat ‘levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander, te weten de in de omringende woningen verblijvende perso(o)n(en), te duchten was’. De rechtbank is van oordeel dat het laste gelegde voor het overige wettig en overtuigend bewezen is.

Bewezenverklaring

In bijlage II heeft de rechtbank een opgave gedaan van wettige bewijsmiddelen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Met deze opgave wordt volstaan, nu de verdachte het bewezen verklaarde heeft bekend en nadien geen vrijspraak is bepleit. Op grond daarvan is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:

hij op of omstreeks 25 juni 2025 te 's-Gravenhage tezamen en in vereniging met eenof meer anderen, althans alleen,opzettelijkbrand heeft gesticht en/of een ontploffing teweeg heeft gebracht, dooreen (zelfgebouwd) explosief door de brievenbus van een pand gelegen aan de[adres 2] te doen en/of vervolgens dit explosief (op afstand) totontploffing te brengen, terwijl daarvan- gemeen gevaar voor een of meer goederen, te weten de goederen in het pandgelegen aan de [adres 2] en/of de omringende panden en/of inwoningen aanwezige goederen, in elk geval gemeen gevaar voor goederen, teduchten was

en/of

- levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander, te weten de in de omringende woningen verblijvende perso(o)n(en), te duchten was;

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

5. Strafbaarheid feit

Het bewezen feit levert op:

medeplegen van opzettelijk een ontploffing teweegbrengen, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen te duchten is

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Het feit is dus strafbaar.

6. Strafbaarheid verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.

7. Motivering straf

Algemene overweging

De straf die aan de verdachte wordt opgelegd, is gegrond op de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Feiten waarop de straf is gebaseerd

De destijds vijftienjarige verdachte heeft samen met anderen midden in de nacht bij het garagebedrijf Old Arend in Den Haag een explosief geplaatst en tot ontploffing gebracht. Hij heeft daarmee een enorme ravage veroorzaakt. Het plafond van de garage is naar beneden gekomen, de gevel is ontzet en de ruiten zijn gebarsten. Daarnaast lagen glas- en houtsnippers op de straat en is een in de buurt geparkeerde auto zwaar beschadigd geraakt. Het teweegbrengen van een ontploffing bij een bedrijfspand is een ernstig strafbaar feit en een zeer intimiderende vorm van geweld. Het zorgt in de samenleving voor grote gevoelens van onrust en onveiligheid en maakt een grote inbreuk op de rechtsorde. De rechtbank vindt het zorgelijk dat de verdachte een dergelijk ernstig misdrijf heeft gepleegd, enkel voor financieel gewin.

Persoonlijke omstandigheden van de verdachte

Strafblad

De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie van 5 januari 2026, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld.

Rapportages en verklaring van de deskundige op de terechtzitting

De Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad) heeft een rapport over de verdachte opgemaakt, gedateerd 21 januari 2026. De risicofactoren die de kans op herhaling van delictgedrag vergroten zijn gelegen binnen de domeinen school, vrije tijd en relaties. De verdachte gaat niet meer naar school en hij heeft geen dagbesteding. Hij is veelal buitenshuis. Op de momenten dat de verdachte buiten is, is er geen zicht op de contacten die hij daar heeft en de activiteiten die hij onderneemt. Om de kans op herhaling van delictgedrag te verlagen is het van belang dat de verdachte begeleid wordt bij de terugkeer naar onderwijs en dat hij ondersteund wordt bij vinden en behouden van een zinvolle dag- en vrijetijdsbesteding. Daarnaast is het belangrijk dat de verdachte inzicht geeft in zijn sociale netwerk. Om dit te bewerkstelligen is de inzet van een jongerencoach en systeemtherapie wenselijk. De Raad adviseert daarom een deels voorwaardelijke jeugddetentie op te leggen met bijzondere voorwaarden als stok achter deur, zodat de verdachte tijdens de proeftijd kan laten zien dat hij na inzet van verplichte hulpverlening pro-sociaal gedrag kan vertonen.

De jeugdreclassering heeft een rapport over de verdachte opgemaakt, gedateerd 26 januari 2026. Dit rapport houdt onder meer het volgende in. De verdachte gaat niet meer naar school, omdat hij daar vanwege zijn (negatieve) gedrag is weggestuurd. Hij heeft geen dagbesteding. De verdachte heeft zich aangemeld bij verschillende scholen, maar het is nog onduidelijk of hij daar kan starten. Hij is daarom aangemeld voor dagbesteding van E25 en een vervolgtraject van het Albeda college. In het gezin van de verdachte is sprake van systeemproblematiek. Het is van belang dat systeemtherapie en individuele behandeling gaan starten en dat de verdachte een dag- en vrijetijdsbesteding krijgt. Daarnaast is de verdachte voor nu nog gebaat bij een avondklok. De jeugdreclassering adviseert daarom een onvoorwaardelijke jeugddetentie gelijk aan de duur van het voorarrest op te leggen en daarnaast een geheel voorwaardelijke werkstraf als stok achter de deur om zich te houden aan de bijzondere voorwaarden.

De jeugdreclassering, vertegenwoordigd door [naam], heeft ter zitting aangegeven dat het belangrijk is dat de basis van de verdachte op orde komt. De verdachte is ingeschreven op verschillende scholen en er hebben al intakegesprekken plaatsgevonden. Hoewel de kans reëel is dat de verdachte in februari 2026 kan starten op een school, is hij is voor het geval dat toch niet lukt aangemeld bij E25 voor dagbesteding. Hij kan daar ook begeleid worden door een coach. Daarnaast is hij aangemeld voor een traject bij het Albeda college, maar dit is geen volle dagbesteding. Op dit moment is de verdachte veel buiten. Het is daarom van belang dat de verdachte daarnaast een bijbaan heeft en zo nodig begeleid wordt bij het vinden van een zinvolle vrijetijdsbesteding. De verdachte is en blijft ook gebaat bij een avondklok, zodat hij een stok achter de deur heeft om op bepaalde tijdstippen niet meer buiten op straat te zijn. Daarnaast zijn zowel de verdachte als de ouders aangemeld bij de Waag voor systeemtherapie, zodat hun communicatie kan worden verbeterd en de ouders handvaten krijgen voor de opvoeding. De verdachte kan bij de Waag ook de individuele behandeling krijgen die hij nodig heeft. De hoop bestaat dat deze behandelingen op de korte kunnen termijn starten. Het opleggen van een onvoorwaardelijke werkstraf en een jongerencoach als bijzondere voorwaarde is te veel voor de verdachte. Hij heeft de ruimte nodig om een stabiel leven te creëren.

Conclusies van de rechtbank

Gelet op hetgeen de rechtbank hierboven heeft overwogen, komt zij tot de volgende conclusies.

Gelet op de aard en de ernst van het bewezenverklaarde feit en de straffen die daarvoor doorgaans worden opgelegd, kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een jeugddetentie. De rechtbank rekent het de verdachte aan dat hij onvoldoende heeft nagedacht over de gevolgen van zijn handelen en dit ernstige feit heeft begaan voor financieel gewin. Ook houdt de rechtbank rekening met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. De verdachte was destijds pas vijftien jaar oud en is een first offender. De rechtbank wijkt ten aanzien van de duur van de jeugddetentie af van de eis van de officier van justitie, omdat de rechtbank niet bewezen acht dat er door de ontploffing levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel te duchten was.

De rechtbank ziet in de persoonlijke omstandigheden verder aanleiding om een deel van de voorgenomen straf voorwaardelijk op te leggen, met de voorwaarden overeenkomstig het advies van de jeugdreclassering. De verdachte staat op dit moment stil in zijn ontwikkeling en het is van belang dat hij de hulp en begeleiding krijgt die hij nodig heeft om zich positief verder te ontwikkelen. De rechtbank ziet daarom aanleiding om aanvullend de bijzondere voorwaarden die zien op het meewerken aan individuele therapie, begeleiding vanuit een jongerencoach en een vrijetijdsbesteding op te leggen. Dit voorwaardelijk strafdeel dient er tevens toe de verdachte ervan te weerhouden in de toekomst opnieuw strafbare feiten te plegen. Het onvoorwaardelijk deel van de opgelegde straf is gelijk aan de tijd die de verdachte al in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, zodat hij niet terug hoeft naar de justitiële jeugdinrichting.

8. Vorderingen benadeelde partijen / schadevergoedingsmaatregel

Vordering [benadeelde partij 1]

Als benadeelde partij heeft zich in het geding gevoegd [benadeelde partij 1], ter zake van het strafbare feit. De benadeelde partij vordert een bedrag van € 30.250,00 aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Standpunt officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de benadeelde partij integraal kan worden toegewezen vermeerderd met de wettelijke rente, hoofdelijkheid en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Standpunt verdediging

De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de benadeelde partij niet-ontvankelijk moet worden verklaard. De overgelegde factuur roept veel vragen op en het is onduidelijk of er een correctie nieuw-voor-oud heeft is toegepast. De behandeling van de vordering vormt een onevenredige belasting van het strafgeding.

Beoordeling

De vordering van de [benadeelde partij 1] is onvoldoende onderbouwd. Uit het dossier en de toelichting ter zitting blijkt onvoldoende wat de precieze omvang van de schade en bijbehorende reparatiekosten is. De benadeelde partij heeft wel een factuur ingediend, maar deze is summier van aard en behoeft nadere onderbouwing. Een behoorlijke beoordeling van de kosten vergt nader onderzoek en dat levert een onevenredige belasting van het strafgeding op. De benadeelde partij zal daarom niet-ontvankelijk worden verklaard. De vordering kan slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.

Conclusie

In deze procedure wordt over de gevorderde schadevergoeding geen inhoudelijke beslissing genomen.

Vordering [benadeelde partij 2]

Als benadeelde partij heeft zich in het geding gevoegd [benadeelde partij 2], ter zake van het strafbare feit. De benadeelde partij vordert een bedrag van € 2285,35 aan materiële schade en een bedrag van € 5.000,00 aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Standpunt officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de benadeelde partij ten aanzien van de materiële schade (ter zitting) voldoende is onderbouwd en integraal kan worden toegewezen vermeerderd met de wettelijke rente, hoofdelijkheid en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. De vordering ten aanzien van de immateriële schade is onvoldoende onderbouwd. De benadeelde partij is daarom in dit deel niet-ontvankelijk.

Standpunt verdediging

De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de benadeelde partij ten aanzien van de materiële schade onvoldoende is onderbouwd en vragen oproept. De benadeelde partij stelt volledig te zijn verzekerd voor de schade aan de auto en heeft ook een vergoeding van de verzekeraar ontvangen. Het is onduidelijk waarom zij alsnog vergoeding van reparatiekosten vordert. De verdediging heeft zich ten aanzien van de immateriële schade op het standpunt gesteld dat de benadeelde partij niet in aanmerking komt voor een dergelijke vergoeding.

Beoordeling

Het staat vast dat aan de [benadeelde partij 2] door het bewezen verklaarde strafbare feit rechtstreeks materiële schade is toegebracht en dit deel van de vordering is naar het oordeel van de rechtbank genoegzaam onderbouwd. De benadeelde partij heeft een gespecificeerde offerte aangeleverd en zij heeft de vordering ten aanzien van de materiële kosten ter zitting toegelicht. Daarom zal dit deel van de vordering, ondanks de betwisting door de verdediging, worden toegewezen.

Ten aanzien van de immateriële schadevergoeding overweegt de rechtbank dat op grond van de gegeven informatie niet aannemelijk is geworden dat er sprake is van een aantasting in de persoon. De benadeelde partij komt daarom niet in aanmerking voor een immateriële schadevergoeding en zal voor het immateriële deel van de vordering niet-ontvankelijk worden verklaard. Dit deel van de vordering kan slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.

Nu de verdachte het strafbare feit ter zake waarvan schadevergoeding zal worden toegekend samen met een mededader heeft gepleegd, zijn zij daarvoor ieder hoofdelijk aansprakelijk. Indien en voor zover de mededader de benadeelde partij betaalt is de verdachte in zoverre jegens de benadeelde partij van deze betalingsverplichting bevrijd.

De benadeelde partij heeft gevorderd het te vergoeden bedrag te vermeerderen met wettelijke rente. De rechtbank bepaalt dat het te vergoeden schadebedrag vermeerderd wordt met wettelijke rente vanaf 25 juni 2025.

Tevens wordt oplegging van de hierna te noemen maatregel als bedoeld in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht passend en geboden geacht. Gelet op de jeugdige leeftijd van de verdachte zal geen gijzeling worden toegepast.

Nu de vordering van de benadeelde partij (in overwegende mate) zal worden toegewezen, zal de verdachte worden veroordeeld in de kosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken.

Conclusie

De verdachte moet de benadeelde partij een schadevergoeding betalen van € 2.285,35 vermeerderd met de wettelijke rente en kosten als hieronder in de beslissing vermeld. Tevens wordt oplegging van de hierna te noemen maatregel als bedoeld in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht passend en geboden geacht. Gelet op de jeugdige leeftijd van de verdachte zal geen gijzeling worden toegepast.

9. Toepasselijke wettelijke voorschriften

Gelet is op de artikelen 36f, 47, 77a, 77g, 77i, 77x, 77y, 77z, 77aa en 157 van het Wetboek van Strafrecht.

10. Bijlagen

De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.

11. Beslissing

De rechtbank:

verklaart bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde feit, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert het vermelde strafbare feit;

verklaart de verdachte strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot een jeugddetentie voor de duur van 120 (honderdtwintig) dagen;

beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde jeugddetentie in mindering wordt gebracht, voor zover deze tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;

bepaalt dat een gedeelte van de jeugddetentie groot 75 (vijfenzeventig) dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;

verbindt hieraan een proeftijd, die wordt vastgesteld op een 2 (twee) jaren;

tenuitvoerlegging kan worden gelast als de veroordeelde de algemene voorwaarde niet naleeft en ook als de veroordeelde gedurende de proeftijd een bijzondere voorwaarde niet naleeft of een voorwaarde die daaraan van rechtswege is verbonden;

stelt als algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van die proeftijd niet zal schuldig maken aan een strafbaar feit;

stelt als bijzondere voorwaarden dat de veroordeelde:

de Waag of een soortgelijke instelling;

verstaat dat van rechtswege de volgende voorwaarden zijn verbonden aan de hierboven genoemde bijzondere voorwaarden:

- dat de veroordeelde ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbieden;

- dat de veroordeelde medewerking zal verlenen aan jeugdreclasseringstoezicht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen en het zich melden bij de jeugdreclassering zo vaak en zolang als de jeugdreclassering dit noodzakelijk acht;

geeft opdracht aan de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;

heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte; de voorlopige hechtenis is bij eerdere beslissing geschorst;

verklaart de [benadeelde partij 1] niet-ontvankelijk in de vordering;

veroordeelt de verdachte hoofdelijk met zijn mededader(s), om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de [benadeelde partij 2], te betalen een bedrag van € 2282,35 (zegge: tweeduizend tweehonderdtweeëntachtig en vijfendertig cent), bestaande uit materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 25 juni 2025 aan de dag der algehele voldoening;

bepaalt dat de verdachte bij gehele of gedeeltelijke betaling door de mededader(s) van de verdachte aan de [benadeelde partij 2], zullen zijn bevrijd tot de hoogte van het betaalde bedrag;

verklaart de [benadeelde partij 2] niet-ontvankelijk in het resterende deel van de vordering; bepaalt dat dit deel van de vordering slechts kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;

veroordeelt de verdachte in de proceskosten door de [benadeelde partij 2] gemaakt, tot op heden aan de zijde van de benadeelde partij begroot op nihil, en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken;

legt aan de verdachte hoofdelijk samen met zijn mededader(s) de maatregel tot schadevergoeding op, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de [benadeelde partij 2] te betalen € 2282,35 (hoofdsom zegge: tweeduizend tweehonderdtweeëntachtig en vijfendertig cent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 25 juni 2025 tot aan de dag van de algehele voldoening, en bepaalt daarbij de duur van de gijzeling op 0 (nul) dagen;

verstaat dat betaling aan de [benadeelde partij 2], waaronder begrepen betaling door zijn mededader(s), tevens geldt als betaling aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij en omgekeerd;

Dit vonnis is gewezen door:

mr. S. Riege, voorzitter, tevens kinderrechter,

en mrs. J.S. van den Berge en J. Groot, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. V. Lankhaar, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 12 februari 2026.

De voorzitter en de oudste rechter zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

Bijlage I

Tekst tenlastelegging

hij op of omstreeks 25 juni 2025 te 's-Gravenhage tezamen en in vereniging met eenof meer anderen, althans alleen,opzettelijkbrand heeft gesticht en/of een ontploffing teweeg heeft gebracht, dooreen (zelfgebouwd) explosief door de brievenbus van een pand gelegen aan de[adres 2] te doen en/of vervolgens dit explosief (op afstand) totontploffing te brengen, terwijl daarvan- gemeen gevaar voor een of meer goederen, te weten de goederen in het pandgelegen aan de [adres 2] en/of de omringende panden en/of inwoningen aanwezige goederen, in elk geval gemeen gevaar voor goederen, teduchten was

en/of

- levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander, te wetende in de omringende woningen verblijvende perso(o)n(en),te duchten was;

Bijlage II

Opgave van bewijsmiddelen

1. De bekennende verklaring van de verdachte op de terechtzitting van 29 januari 2026;

2. Het proces-verbaal van politie nummer [proces-verbaalnummer 1] ( pagina 9 e.v. van de doorgenummerde bijlagen), inhoudende de verklaring van aangever [benadeelde partij 1];

2. Het proces-verbaal van politie nummer [proces-verbaalnummer 2] ( pagina 3 e.v. van het aanvullend dossier), inhoudende de verklaring van aangever [benadeelde partij 2];

3. Het proces-verbaal van politie nummer [proces-verbaalnummer 3] (pagina 1 e.v. van het aanvullend dossier), inhoudende het forensisch onderzoek van de verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2].

Wanneer hiervoor is verwezen naar een proces-verbaal van politie is - tenzij anders vermeld - bedoeld een proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?