ECLI:NL:RBROT:2026:5023

ECLI:NL:RBROT:2026:5023

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 01-05-2026
Datum publicatie 30-04-2026
Zaaknummer ROT 26/2674
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Verzoek om een voorlopige voorziening. Het college heeft verzoekers aanvraag om maatschappelijke opvang afgewezen. Verzoeker lijkt alleen een huisvestingsprobleem te hebben en daar is de maatschappelijke opvang niet voor bedoeld. Het verzoek wordt afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

uitspraak van de voorzieningenrechter van 1 mei 2026 in de zaak tussen

[verzoeker], zonder vaste woon- of verblijfplaats, verzoeker

het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam

Samenvatting

Bestuursrecht

zaaknummer: ROT 26/2674

(gemachtigde: mr. K.M. van der Boor),

en

(gemachtigde: mr. S. Duinhouwer).

Het college heeft verzoekers aanvraag om maatschappelijke opvang afgewezen. Verzoeker lijkt alleen een huisvestingsprobleem te hebben en daar is de maatschappelijke opvang niet voor bedoeld. Het verzoek wordt afgewezen.

Procesverloop

1. Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor maatschappelijke opvang. Het college heeft deze aanvraag met het besluit van 5 februari 2026 afgewezen. Verzoeker heeft hiertegen bezwaar gemaakt en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.

2. Verzoeker is wegens betalingsonmacht vrijgesteld van de verplichting om griffierecht te betalen.

3. De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 28 april 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoeker, de gemachtigde van verzoeker en de gemachtigde van het college.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

Wat is er gebeurd?

4. Verzoeker heeft de Nederlandse nationaliteit. Hij is in 2000 naar Engeland verhuisd en heeft daar 26 jaar gewoond. Verzoeker heeft in 2017 een knieoperatie ondergaan voor zijn meniscus. Hij kan geen lange afstanden lopen en hierdoor heeft hij vanaf 2023/2024 niet meer kunnen werken. Verzoeker had in Engeland geen recht (meer) op sociale voorzieningen. Hij is daarom in februari 2026 terug naar Nederland gekomen.

Waar gaat het in deze zaak om?

5. Verzoeker heeft op 5 februari 2026 een aanvraag ingediend voor maatschappelijke opvang. Het college heeft deze aanvraag afgewezen. Volgens het college is verzoeker in staat om zich op eigen kracht (met gebruikelijke hulp) te handhaven in de samenleving. Daarnaast heeft verzoeker niet aannemelijk gemaakt dat het voor hem noodzakelijk was om de thuissituatie te verlaten en dat hij niet langer in Engeland kon blijven om zijn komst naar Nederland beter voor te bereiden. Hij dient daarom zelf in zijn onderdak te voorzien. Verzoeker is het hier niet mee eens. Hij wil met het verzoek om een voorlopige voorziening bereiken dat hij per direct wordt toegelaten tot de opvang.

De voorzieningenrechter wijst het verzoek af

6. De voorzieningenrechter wijst in deze uitspraak het verzoek af. Hierna legt de voorzieningenrechter uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.

Is er een spoedeisend belang?

7. Een procedure bij de voorzieningenrechter is een spoedprocedure. Een voorlopige voorziening kan alleen worden getroffen als er een spoedeisend belang is, waardoor iemand niet kan wachten op een beslissing op zijn bezwaar- of beroepschrift. De voorzieningenrechter dient eerst te bepalen of er voldoende spoedeisend belang bij de verzochte voorlopige voorziening bestaat, voordat de zaak inhoudelijk kan worden beoordeeld

8. Verzoeker heeft tijdens de zitting verklaard dat hij dakloos is en op straat leeft. Hij heeft daarom een voldoende spoedeisend belang bij het voeren van deze procedure.

Waarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek af?

9. Verzoeker voert aan dat het college de toets voor zelfredzaamheid heeft verhoogd nu er een woningcrisis is. Volgens verzoeker is dat niet de bedoeling, omdat de maatschappelijke opvang een vangnet is. Verzoeker is van mening dat het college onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar zijn problemen.

10. Voor recht op maatschappelijke opvang is van belang of iemand zich kan handhaven in de samenleving. Het gaat dus om de vraag of iemand zelfredzaam is. Als een zelfredzaam iemand een woning krijgt, dan zijn de problemen van die persoon daarmee ook opgelost. Bij iemand die niet zelfredzaam is, is dat niet het geval. De persoon die niet zelfredzaam is, zal ondanks het krijgen van een woning nog steeds geholpen moeten worden om zijn dagelijks leven te organiseren. Uit het dossier en wat er tijdens de zitting is aangevoerd, komt naar voren dat verzoeker zelfredzaam is. Op 5 februari 2026 is onderzoek gedaan naar de hulpvraag en naar de lichamelijke, psychische en de overige omstandigheden van verzoeker. Verzoeker heeft geen schulden, geen verslavingen en geen psychische problemen. Hij heeft fysieke problemen (zijn knie), maar niet is gebleken dat hij hierdoor zijn leven niet zou kunnen organiseren. Verzoeker heeft op dit moment nog geen briefadres of een bijstandsuitkering, maar hij kan hierbij de hulp inroepen van gemeentelijke instanties (zoals Vraagwijzer of het wijkteam). Met een bijstandsuitkering zou hij in zijn levensonderhoud kunnen voorzien en een woning of kamer kunnen huren. Verzoeker zal zelf actief op zoek moeten gaan naar huisvesting. Omdat hij geen recht heeft op maatschappelijke opvang, zal hij zijn horizon moeten verbreden en kijken naar andere gebieden in Nederland waar de woningnood niet zo hoog is als in Rotterdam. De voorzieningenrechter heeft op dit moment onvoldoende aanknopingspunten om te denken dat het bestreden besluit in bezwaar niet in stand zal blijven.

Conclusie en gevolgen

11. De voorzieningenrechter wijst het verzoek af. Dat betekent dat het college geen opvang hoeft te verlenen aan verzoeker. Voor vergoeding van het griffierecht of een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. P. Vrolijk, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van E.C. Petrusma, griffier.

Uitgesproken in het openbaar op 1 mei 2026.

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand