RECHTBANK ROTTERDAM
locatie Rotterdam
zaaknummer: 12015797 VZ VERZ 25-7249
datum uitspraak: 11 mei 2026
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
[eiseres] ,
vestigingsplaats: [vestigingsplaats] ,
eiseres,
vertegenwoordigd door: [persoon A] ,
tegen
[gedaagde] ,
vestigingsplaats: [vestigingsplaats] ,
gedaagde,
gemachtigde: mr. G.T. Poot,
De partijen worden hierna ‘ [eiseres] ’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.
1. De procedure
Het verloop van de procedure staat in de beschikking van 20 maart 2026.
In die beschikking heeft [eiseres] de opdracht gekregen om [gedaagde] met een exploot op te roepen voor de zitting van 21 april 2026 om 11:30 uur. Dat heeft [eiseres] niet gedaan.
2. De beoordeling
Zoals de kantonrechter al heeft aangekondigd in de beschikking, betekent dit dat [eiseres] niet-ontvankelijk is in haar verzoeken zoals ingesteld in het verzoekschrift onder het kopje ‘conclusie’ punt 3 en 4. Dat betekent dat die verzoeken niet inhoudelijk worden behandeld.
[eiseres] wordt veroordeeld in de proceskosten. De kantonrechter stelt daarbij vast dat [gedaagde] geen proceskosten heeft gemaakt, omdat zij niet is opgeroepen.
3. De beslissing
De kantonrechter:
verklaart [eiseres] niet-ontvankelijk in haar verzoeken in het verzoekschrift onder het kopje ‘conclusie’ punt 3 en 4;
veroordeelt [eiseres] in de proceskosten, die aan de kant van [gedaagde] worden begroot op € 0,-.
Dit vonnis is gewezen door kantonrechter mr. B.J.R. van Tongeren en in het openbaar uitgesproken.
34286