ECLI:NL:RBROT:2026:5630

ECLI:NL:RBROT:2026:5630

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 01-05-2026
Datum publicatie 18-05-2026
Zaaknummer ROT 25/1192
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Wet hersteloperatie toeslagen. De Dienst Toeslagen heeft de aanvraag van eiseres ten onrechte afgewezen op de grond dat zij deze te laat heeft ingediend. Eiseres heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat zij in een bijzondere situatie verkeerde waardoor zij zich niet eerder heeft kunnen aanmelden.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 1 mei 2026 in de zaak tussen

[eiseres], uit Rotterdam, eiseres

Dienst Toeslagen

Samenvatting

Bestuursrecht

zaaknummer: ROT 25/1192

(gemachtigde: mr. J. de Back),

en

(gemachtigde: mr. S. Maachi).

1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de aanvraag van eiseres voor compensatie op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht) op de grond dat zij deze te laat heeft ingediend. Eiseres betoogt dat de Dienst Toeslagen de hardheidsclausule had moeten toepassen omdat eiseres niet wist dat zij zelf een aanvraag moest doen. De rechtbank verklaart het beroep gegrond en oordeelt dat de Dienst Toeslagen inhoudelijk op de aanvraag van eiseres moet beslissen.

Procesverloop

2. Eiseres heeft op 12 juni 2024 een aanvraag ingediend voor compensatie op grond van de Wht. De Dienst Toeslagen heeft deze aanvraag zonder inhoudelijke beoordeling met het besluit van 22 augustus 2024 afgewezen omdat eiseres haar aanvraag te laat heeft ingediend.

Met het bestreden besluit van 18 december 2024 op het bezwaar van eiseres is de Dienst Toeslagen bij de afwijzing van de aanvraag gebleven.

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. De Dienst Toeslagen heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift. Eiseres heeft een nader stuk ingediend op 5 maart 2026.

De rechtbank heeft het beroep op 17 maart 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, vergezeld door haar dochter, de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van de Dienst Toeslagen.

Beoordeling door de rechtbank

Het standpunt van de Dienst Toeslagen

3. De Dienst Toeslagen heeft zich op het standpunt gesteld dat eiseres zich op grond van artikel 2.1, eerste lid, van de Wht tot 2 januari 2024 heeft kunnen aanmelden voor een herbeoordeling. Eiseres heeft zich pas op 12 juni 2024 aangemeld bij de Dienst Toeslagen. Dat is te laat. De Dienst Toeslagen heeft zich ingezet om alle mogelijk gedupeerden op de hoogte te brengen van de hersteloperatie en de aanmeldtermijn daarvoor (via televisie, krant, sociale media en de website). De Dienst Toeslagen past de hardheidsclausule toe als sprake is van een schrijnende situatie waardoor de aanvraag niet binnen de aanvraagperiode kon worden ingediend. Dit moet blijken uit omstandigheden in het jaar voorafgaand aan de uiterlijke aanvraagdatum. Bij de beoordeling van die omstandigheden sluit de Dienst Toeslagen aan bij de uitspraken van de grote kamer van het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) over verschoonbare termijnoverschrijding in bezwaar en beroep. De Dienst Toeslagen stelt zich op het standpunt dat in het geval van eiseres niet is gebleken van een bijzondere omstandigheid die maakte dat het voor haar niet mogelijk was om zich voor 2 januari 2024 aan te melden. Eiseres heeft niet inzichtelijk gemaakt hoe haar medische beperkingen en de door haar geschetste omstandigheden in 2011, 2012 en 2016 haar doenvermogen in 2023 zodanig hebben beïnvloed dat zij niet in staat was zich tijdig aan te melden voor de herbeoordeling. Daarbij acht de Dienst Toeslagen van belang dat eiseres geen medische stukken heeft overgelegd waaruit volgt dat zij als gevolg van psychische en lichamelijke klachten niet in staat was zich tijdig te melden.

Het standpunt van eiseres

4. Eiseres voert aan dat de Dienst Toeslagen de hardheidsclausule had moeten toepassen omdat de termijnoverschrijding verschoonbaar is. Zij is pas na het verstrijken van de deadline door Stichting (Gelijk)waardig Herstel aangemoedigd om zich aan te melden als gedupeerde. Wegens haar medische omstandigheden was het voor haar niet mogelijk om zich eerder aan te melden. Zij is al dertig jaar bekend met reumatische klachten die naar hun aard progressief zijn. Haar mobiliteit is de laatste jaren sterk afgenomen en zij heeft motorische beperkingen door vergroeiingen van haar gewrichten, waaronder gewrichten in haar handen. Zij is voor haar algemene dagelijkse levensverrichtingen afhankelijk van anderen. Gebeurtenissen in haar leven hebben ertoe geleid dat eiseres depressieve gevoelens heeft ontwikkeld. Zij heeft geen specialistische GGZ-hulp gezocht wegens schaamte en haar culturele achtergrond. Daarom kan zij geen medische stukken overleggen.

Toetsingskader

5. Een aanvraag voor compensatie in de zin van artikel 2.1, eerste lid, van de Wht moest voor 1 januari 2024 zijn ingediend. Deze aanvraagtermijn is door de wetgever dwingend geformuleerd. Een motie om de aanvraagtermijn te schrappen is door de Tweede Kamer verworpen. Het kabinet achtte de termijn van ruim drie jaar redelijk en stelde dat het schrappen van de aanmelddatum tot ongewenste effecten leidt omdat dit tot gevolg zou hebben dat ouders die zich al hebben aangemeld, langer moeten wachten.

Dat laat onverlet dat het kabinet wel van mening was dat ouders die zich in een bijzondere situatie bevonden waardoor het niet mogelijk was zich eerder aan te melden en die zich in een schrijnende situatie bevinden, de kans moeten hebben hun zaak te laten beoordelen. Daarom moet volgens het kabinet in gevallen waarin er omstandigheden zijn die een geldige reden kunnen vormen voor een te late aanmelding, beoordeeld worden of er sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding. De ouder dient dan aan te geven waarom het niet is gelukt om zich tijdig aan te melden en in welke schrijnende situatie de ouder zich bevindt. De mogelijkheid om af te wijken van de aanmeldtermijn volgt uit de hardheidsclausule, waarin de mogelijkheid is geboden om van de gestelde termijn af te wijken voor zover de toepassing daarvan gelet op het doel of de strekking ervan zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.

Met de Dienst Toeslagen acht de rechtbank voor de toepassing van de hardheidsclausule mede de in 3.1 genoemde uitspraken van het CBb van 30 januari 2024 van belang. Uit deze uitspraken volgt dat er bij de beoordeling van de verschoonbaarheid van een termijnoverschrijding meer rekening moet worden gehouden met bijzondere omstandigheden die de betrokken aanvrager betreffen. Daarbij valt te denken aan persoonlijke omstandigheden, zoals psychisch onvermogen, ernstige ziekte of ongeval, en aan externe omstandigheden die voor overbelasting of stress bij de aanvrager zorgen. Omdat het bij de Wht om een eenmalige aanvraag gaat waarin herstel van door de overheid toegebracht onrecht centraal staat, acht de rechtbank een zeer terughoudende uitleg van de hardheidsclausule niet passend. De rechtbank dient per concreet geval te toetsen of, gelet op de aard van deze bijzondere regeling, de mate van termijnoverschrijding en de door de betreffende ouder genoemde redenen, de termijnoverschrijding verschoonbaar is.

Toepassing van de hardheidsclausule

6. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de Dienst Toeslagen de aanvraag van eiseres ten onrechte afgewezen op de grond dat zij deze te laat heeft ingediend. Eiseres heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat zij in een bijzondere situatie verkeerde waardoor zij zich niet eerder heeft kunnen aanmelden. De Dienst Toeslagen had daarom met toepassing van de hardheidsclausule moeten afwijken van de uiterlijke aanvraagdatum van 1 januari 2024. De rechtbank baseert dat oordeel op uitlatingen van de gemachtigde van de Dienst Toeslagen ter zitting, die haaks staan op de motivering van het bestreden besluit. Uit die uitlatingen volgt dat (inmiddels) ook de Dienst Toeslagen van mening is dat sprake is van een bijzondere situatie die maakt dat de termijnoverschrijding verschoonbaar moet worden geacht. De gemachtigde van de Dienst Toeslagen heeft ter zitting verklaard dat hij de situatie van eiseres heftig vindt. Gelet daarop heeft hij, eveneens ter zitting, (met een snelle zoekslag) bekeken of in de systemen van de Dienst Toeslagen informatie te vinden is over de kinderopvangtoeslag van eiseres. In de systemen kon hij daarover niks vinden. De gemachtigde van de Dienst Toeslagen heeft vervolgens verklaard dat hij het verhaal van eiseres dusdanig heftig vindt dat, wanneer hij in het systeem wel informatie over de kinderopvangtoeslag van eiseres had aangetroffen, de situatie van eiseres intern had willen bespreken. Daaraan voegde hij toe dat het hard is als eiseres in deze situatie wordt uitgesloten van een herbeoordeling omdat zij zich een paar maanden te laat heeft aangemeld. Bij de beoordeling of sprake is van een bijzondere situatie die toepassing van de hardheidsclausule rechtvaardigt, is echter niet relevant of in de systemen van de Dienst Toeslagen informatie te vinden is over de kinderopvangtoeslag. De mate waarin de situatie van eiseres voor wat betreft het moment van aanmelding bijzonder is, hangt namelijk niet af van de vraag of eiseres in het verleden wel of niet kinderopvangtoeslag heeft aangevraagd. Overigens, door in de systemen te zoeken naar informatie over de kinderopvangtoeslag heeft de Dienst Toeslagen in feite al een begin gemaakt met de inhoudelijke beoordeling. Ook dat wijst erop dat de Dienst Toeslagen kennelijk van mening is dat de situatie van eiseres zou moeten leiden tot de conclusie dat sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding.

Conclusie en gevolgen

7. Het beroep is gegrond. De Dienst Toeslagen heeft ten onrechte de aanvraag van eiseres afgewezen op de grond dat zij deze te laat heeft ingediend. De rechtbank vernietigt daarom het bestreden besluit en herroept het besluit van 22 augustus 2024. De Dienst Toeslagen moet alsnog een inhoudelijk besluit nemen op de aanvraag van eiseres. De rechtbank geeft de Dienst Toeslagen hiervoor zes weken.

Omdat het beroep gegrond is moet de Dienst Toeslagen het griffierecht aan eiseres vergoeden en krijgt eiseres ook een vergoeding van haar proceskosten. De Dienst Toeslagen moet deze vergoeding betalen. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatige verleende rechtsbijstand vast op € 1.868,- (1 punt voor het indienen van het beroepschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting, met een waarde per punt van € 934,- en een wegingsfactor 1). Van kosten in bezwaar die voor vergoeding in aanmerking komen is de rechtbank niet gebleken, omdat eiseres in bezwaar niet werd bijgestaan door een professionele gemachtigde.

Beslissing

- verklaart het beroep gegrond;

- vernietigt het bestreden besluit;

- herroept het besluit van 22 augustus 2024;

- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde bestreden besluit;

- draagt de Dienst Toeslagen op binnen zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op de aanvraag van eiseres;

- bepaalt dat de Dienst Toeslagen het griffierecht van € 53,- aan eiseres moet vergoeden;

- veroordeelt de Dienst Toeslagen tot betaling van € 1.868,- aan proceskosten aan eiseres.

Deze uitspraak is gedaan door mr. G.B. Plomp, rechter, in aanwezigheid van mr. R. Blokhuis, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 1 mei 2026.

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand