RECHTBANK ROTTERDAM
uitspraak van de voorzieningenrechter van 24 april 2026 in de zaak tussen
[naam verzoeker] , verzoeker
het college van burgemeester en wethouders van Schiedam (het college)
Samenvatting
Bestuursrecht
zaaknummer: ROT 26/2247
(gemachtigde: mr. R. Moghni),
en
(gemachtigde: mr. P.J. Remmelts).
Het college heeft met het bestreden besluit verzoekers aanvraag om een urgentieverklaring toegewezen. Verzoeker is het niet eens met het zoekprofiel dat in de urgentieverklaring is opgenomen en verzoekt daarom om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter wijst in deze uitspraak het verzoek af.
Procesverloop
1. Verzoeker heeft op 29 oktober 2025 een aanvraag ingediend voor urgentie op de urgentiegrond ‘Ernstige en chronische medische problematiek’. Het college heeft deze aanvraag met het besluit van 27 februari 2026 toegewezen. Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het in dit besluit opgenomen zoekprofiel en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 13 april 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoeker met mr. O.C. Bozbiyik, kantoorgenoot van zijn gemachtigde, en de gemachtigde van het college.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
Wat is er gebeurd?
2. Verzoeker is na een echtscheiding dakloos geworden. De echtelijke woning is toegewezen aan zijn ex-vrouw. Verzoeker heeft naast zijn verzoek om een urgentieverklaring ook verzocht om te worden toegelaten tot de maatschappelijke opvang. Verzoeker heeft een vorm van kanker, waarvoor hij dagelijks meerdere keren zijn neus moet spoelen. Omdat hij bij het spoelen veel privacy nodig heeft is de daklozenopvang volgens hem niet geschikt, omdat hij daar een kamer moet delen. Met betrekking tot het verzoek om maatschappelijke opvang is een afzonderlijke voorlopige voorziening-procedure bij deze rechtbank aanhangig (ROT 26/2044). Met een urgentieverklaring hoopt verzoeker sneller eigen woonruimte te vinden.
Waar gaat deze zaak om?
3. Het college heeft het verzoek om een urgentieverklaring toegewezen met ingang van 27 februari 2026. Verzoeker heeft nu urgentie voor de urgentiecategorie ‘Ernstige en chronische medische problematiek’, met het volgende zoekprofiel:
Soort woning Flatwoning met lift
De woning is gelijkvloers
Minimaal. aantal slaapkamers 0
Maximaal aantal slaapkamers 2
Minimale huur € 0,00
Maximale huur € 713,02
Regio Rotterdam
Door u gekozen urgentieregio Urgentieregio Waterweg
4. Verzoeker kan zich met dit zoekprofiel niet verenigen en wil met zijn verzoek bereiken dat de maximale huurprijs en het maximale aantal slaapkamers in het zoekprofiel worden verhoogd.
Spoedeisend belang
5. De voorzieningenrechter kan alleen een voorlopige voorziening treffen als sprake is van ‘onverwijlde spoed’, dus als een besluit op het bezwaar niet kan worden afgewacht.
Verzoeker stelt op dit moment in zijn auto te verblijven, omdat de daklozenopvang voor hem niet geschikt is vanwege het gebrek aan privacy. Hij gaat ook naar de fitness en doucht dan daar. De voorzieningenrechter neemt gelet hierop het spoedeisend belang vooralsnog wel aan en zal de zaak inhoudelijk beoordelen.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek af
6. Hierna legt de voorzieningenrechter uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.
7. Op grond van het zoekprofiel komt verzoeker in aanmerking voor woningen met maximaal twee slaapkamers en een maximale huurprijs van € 713,02. Verzoeker voert aan dat hij met deze maximale huurprijs niet zo spoedig mogelijk een geschikte woning zal kunnen vinden. Een zoekprofiel met een hogere huurprijs stelt verzoeker in staat om te reageren op een ruimer aanbod van woningen, waardoor hij sneller een passende woning zal kunnen vinden. Verzoeker wijst in dit verband onder meer op de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) van 16 oktober 2024 (ECLI:NL:RVS:2024:4175), waarin de Afdeling heeft geoordeeld dat het opnemen van een maximumhuurprijs niet de bevoegdheid is van het bestuursorgaan, maar is voorbehouden aan de woningcorporatie. Daarnaast zou verzoeker graag zien dat ook het maximum aantal slaapkamers in het zoekprofiel naar boven wordt aangepast, zodat ook zijn drie kinderen (en eventuele familieleden) in de woning kunnen blijven slapen.
8. De gemachtigde van het college heeft op de zitting heeft aangegeven in het licht van de uitspraak van de Afdeling van 16 oktober 2024 bereid te zijn de maximale huurprijs uit het zoekprofiel te schrappen. Wat verzoeker over de maximale huurprijs heeft aangevoerd behoeft dan ook verder geen bespreking meer. Wat betreft het aantal slaapkamers kan de voorzieningenrechter verzoeker in zijn verzoek niet volgen. Verzoeker heeft urgentie gevraagd en gekregen op de urgentiegrond ‘Ernstige en chronische medische problematiek’. Een urgentieverklaring op deze grondslag is niet bedoeld om ook kinderen of familieleden te huisvesten.
9. Uit het voorgaande volgt dat het bezwaar geen redelijke kans van slagen heeft. De voorzieningenrechter ziet daarom geen aanleiding voor het treffen van een voorlopige voorziening.
Conclusie en gevolgen
10. De voorzieningenrechter wijst het verzoek af. Voor vergoeding van het griffierecht of een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. P. Vrolijk, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van M.G. den Ambtman, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 24 april 2026.
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op: