ECLI:NL:RBROT:2026:645

ECLI:NL:RBROT:2026:645

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 16-01-2026
Datum publicatie 27-01-2026
Zaaknummer 10.071629.25
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

In 2003 heeft de verdachte een man doodgestoken met een mes. Volgens de verdachte was sprake van zelfverdediging, omdat het slachtoffer hem eerst van achteren in zijn nek had gestoken en vervolgens – nadat de verdachte het mes had afgepakt – heeft geprobeerd om hem te wurgen. De rechtbank vindt dit scenario, net als de officier van justitie, aannemelijk en honoreert het beroep op noodweer. De verdachte wordt daarom ontslagen van alle rechtsvervolging.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Zittingsplaats Rotterdam

Meervoudige kamer strafzaken

Parketnummer: 10.071629.25

Datum uitspraak: 16 januari 2026

Datum zitting: 12 december 2025 en 16 januari 2026

Tegenspraak

Verdachte:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1973 in [geboorteplaats] ( [geboorteland] )

zonder vaste woon- of verblijfplaats,

gedetineerd in de penitentiaire inrichting [naam P.I.] .

Advocaat van de verdachte: mr. O.J. Much

Officier van justitie: mr. M.L. Goudzwaard

Kern van het vonnis

In 2003 heeft de verdachte het slachtoffer, [slachtoffer] , doodgestoken met een mes. Volgens de verdachte was sprake van zelfverdediging, omdat het slachtoffer hem eerst van achteren in zijn nek had gestoken en vervolgens – nadat de verdachte het mes had afgepakt – heeft geprobeerd om hem te wurgen. De rechtbank vindt dit scenario, net als de officier van justitie, aannemelijk en honoreert het beroep op noodweer. De verdachte wordt daarom ontslagen van alle rechtsvervolging.

1. Tenlastelegging

De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij zich – samengevat – op 14 september 2003 in Rotterdam schuldig heeft gemaakt aan moord of doodslag.

De volledige tenlastelegging (hierna beschuldiging) houdt in dat:

hij op of omstreeks 14 september 2003 te Rotterdam opzettelijk en met voorbedachten rade, althans opzettelijk, [slachtoffer] van het leven heeft beroofd, immers heeft verdachte met dat opzet en na kalm beraad en rustig overleg, althans

met dat opzet, (meermalen, althans éénmaal) met een mes, althans met een scherp en/of puntig voorwerp, in het lichaam van die [slachtoffer] gestoken en/of gesneden en/of geprikt, ten gevolge waarvan voornoemde [slachtoffer] is overleden.

2. Bewijs

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt vrijgesproken van de beschuldiging van moord. Zij heeft gevorderd dat de beschuldiging van doodslag bewezen wordt verklaard.

Conclusie van de verdediging

De verdediging heeft vrijspraak bepleit van de beschuldiging.

Oordeel van de rechtbank

Bewezen is dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan doodslag. De volledige bewezenverklaring is vermeld in paragraaf 2.3.4.

Vrijspraak: moord (impliciet primair)

De beschuldiging van moord is niet wettig en overtuigend bewezen. De verdachte wordt daarvan dus vrijgesproken. De officier van justitie en de verdediging zijn tot dezelfde conclusie gekomen, zodat de rechtbank dit niet verder zal motiveren.

Bewezenverklaring en bewijsmiddelen: doodslag (impliciet subsidiair)

De bewezenverklaring van het feit is gebaseerd op de hieronder opgenomen inhoud van de bewijsmiddelen en de onderstaande bewijsmotivering.

1. Verklaring van de verdachte

Op 14 september 2003 ben ik in het huis van [slachtoffer] in Rotterdam geweest. Er ontstond tussen ons een worsteling. Hij heeft mij met zijn handen bij mijn nek gepakt en tegen het raam aan geduwd. Ik stak hem met een mes in zijn linkerzij.

2. Deskundigenverslag

Op 16 september 2003 heeft [persoon A] , arts en patholoog, de uit- en inwendige schouwing verricht van het lijk van: [alias slachtoffer] , dood aangetroffen te Rotterdam op 14 september 2003.

Bij het onderzoek van het lijk van [alias slachtoffer] is het navolgende gebleken:

1. steekletsel ter plaatse van de linker zijde van de borst met een middenwaarts en vrijwel horizontaal verlopend steekkanaal (ter lengte van circa 13 cm).

Conclusie:

Het intreden van de dood kon worden verklaard door een steekwond in de borst, met perforatie van o.m. de long, gepaard gaande met massaal in- en uitwendig (volgens informatie) bloedverlies, en weefselschade.

3. Proces-verbaal van de politie

Op 14 september 2003 werd in Rotterdam een man aangetroffen die was overleden en die vermoedelijk was genaamd: [alias slachtoffer] . Uit onderzoek moet worden geconcludeerd dat de overledene onder de naam [alias slachtoffer] in werkelijkheid bleek te zijn genaamd: [slachtoffer] .

Bewijsmotivering

De verdachte heeft bekend dat hij in de nacht van 14 september 2003 het slachtoffer met een mes heeft gestoken. Het slachtoffer is als gevolg van deze steekverwonding om het leven gekomen. De rechtbank ziet zich voor de vraag gesteld of de verdachte met dit steken opzet had op het doden van het slachtoffer.

Door het slachtoffer met een mes in zijn zij te steken, ter hoogte van zijn borst, heeft de verdachte de aanmerkelijke kans in het leven geroepen dat het slachtoffer zou komen te overlijden. Het bovenlichaam is immers bij uitstek een kwetsbaar deel van het lichaam, waar zich meerdere vitale organen – waaronder de longen – bevinden. De verdachte stond vanwege de worsteling bovendien op korte afstand van het slachtoffer. Uit het feit dat bij het slachtoffer sprake was van een horizontaal steekkanaal van circa 13 centimeter leidt de rechtbank af dat het mes diep in het lichaam van het slachtoffer is binnengedrongen en dat de verdachte met kracht moet hebben gestoken. De rechtbank is van oordeel dat dit handelen van de verdachte naar de uiterlijke verschijningsvorm zozeer gericht is op het intreden van de dood, dat het niet anders kan zijn dan dat de verdachte dit gevolg ook heeft aanvaard. Anders dan de verdediging heeft bepleit, staan aan dat oordeel geen contra-indicaties in de weg. De verdediging heeft er op gewezen dat de verdachte slechts één keer heeft gestoken, dat hij naderhand hulp is gaan halen en dat hij zelf zwaargewond was. Die omstandigheden wijzen er echter hooguit op dat de verdachte het overlijden van de verdachte niet heeft gewild (vol opzet). Zij doen er niets aan af dat de verdachte, op het moment dat hij stak, de aanmerkelijke kans op de dood heeft aanvaard. De verdachte heeft daarmee voorwaardelijk opzet gehad op het doden van het slachtoffer.

Volledige bewezenverklaring

Bewezen is dat:

hij op 14 september 2003 te Rotterdam opzettelijk [slachtoffer] van het leven heeft beroofd, immers heeft verdachte met dat opzet met een mes in het lichaam van die [slachtoffer] gestoken tengevolge waarvan voornoemde [slachtoffer] is overleden.

3. Kwalificatie en strafbaarheid

Kwalificatie

Het bewezen feit levert het volgende strafbare feit op:

doodslag

Strafbaarheid van de verdachte

Beroep op rechtvaardigingsgrond

De verdediging heeft bepleit dat de verdachte handelde uit noodweer danwel dat sprake is geweest van noodweerexces. De verdachte zat op een stoel in de woning van het slachtoffer toen het slachtoffer hem plotseling van achteren met een mes in zijn nek heeft gestoken. Nadat het slachtoffer heeft geprobeerd hem nog een keer te steken, heeft de verdachte het mes afgepakt. Het slachtoffer heeft de verdachte vervolgens tegen het raam geduwd en geprobeerd hem te wurgen. Daarop heeft de verdachte, die op dat moment in doodsangst verkeerde, eenmaal met datzelfde mes in de linkerzij van het slachtoffer gestoken. Het slachtoffer heeft de verdachte toen losgelaten en is de kamer uitgelopen. De verdachte heeft de woning vervolgens verlaten en heeft op het raam van café [naam café] geklopt om hulp voor het slachtoffer in te schakelen.

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie meent dat de verdachte een geslaagd beroep op noodweer toekomt. De feitelijke toedracht zoals de verdachte die heeft geschetst is voldoende aannemelijk geworden. Weliswaar kan er over getwijfeld worden of het precies zo is gegaan als de verdachte heeft verklaard, maar de kern van zijn verklaring blijft op basis van het dossier overeind. Die toedracht rechtvaardigt een beroep op noodweer.

Oordeel van de rechtbank

De verdachte heeft meerdere keren over de feitelijke toedracht verklaard, namelijk tijdens de politieverhoren op 26 maart 2025 en 18 april 2025, tijdens een reconstructie door de politie op 17 oktober 2025 en tijdens het onderzoek ter terechtzitting. Zijn verklaring, zoals hierboven weergegeven, is op cruciale punten steeds consistent geweest.

De verklaring van de verdachte vindt op onderdelen ook steun in het dossier. Zo hebben meerdere getuigen verklaard dat de verdachte die avond huilend en bebloed voor het raam van café [naam café] verscheen en dat hij vertelde door het slachtoffer te zijn aangevallen en om hulp vroeg voor het slachtoffer. Verder blijkt, onder andere uit de eigen waarneming van de rechtbank op de zitting, dat de verdachte een litteken heeft op de plaats in zijn nek waar het slachtoffer hem volgens zijn verklaring heeft gestoken. Tot slot is in de woning waar de steekpartij heeft plaatsgevonden op meerdere plaatsen, waaronder op het lemmet van een mes, bloed van de verdachte aangetroffen. Hoewel onduidelijk is gebleven of met dit mes de dodelijke steekverwonding bij het slachtoffer is toegebracht, sluiten de aangetroffen bloedsporen van de verdachte aan bij zijn verklaring dat hij met een mes is gestoken door het slachtoffer.

Hoewel één getuige mogelijk aanwezig is geweest in de woonruimte waar de steekpartij heeft plaatsgevonden, heeft zij niets over de steekpartij verklaard. Er bevinden zich in het dossier dus geen getuigenverklaringen die een ander licht op de zaak werpen. Ook de officier van justitie heeft onvoldoende aanknopingspunten gezien om een ander scenario aan de rechtbank te presenteren.

Dit alles maakt dat de door de verdachte beschreven feitelijke toedracht voldoende aannemelijk is geworden. Die toedracht rechtvaardigt een beroep op noodweer. Het slachtoffer heeft de verdachte eerst gestoken, geprobeerd om hem nogmaals te steken en hem direct nadat de verdachte het mes had afgepakt op agressieve wijze tegen het raam geduwd en geprobeerd hem te wurgen. Deze gedragingen van het slachtoffer hebben elkaar opgevolgd en zijn in enkele seconden gebeurd, zodat sprake is geweest van één voortdurende aanval door het slachtoffer. De verdachte, die vanaf het moment dat hij in zijn nek werd gestoken in doodsangst verkeerde, had redelijkerwijs geen andere mogelijkheid dan zich tegen het slachtoffer te verdedigen en de manier waarop hij dat heeft gedaan was niet buitenproportioneel. Hoewel de gevolgen tragisch zijn geweest, stond het geweld dat de

verdachte heeft gebruikt (eenmaal steken met het afgepakte mes) namelijk in een redelijke verhouding tot de ernst van de (voortdurende) aanval.

Het beroep op noodweer slaagt onder deze omstandigheden. De verdachte is daarom niet strafbaar. De verdachte wordt dan ook ontslagen van alle rechtsvervolging.

4. Beslissingen

De rechtbank:

verklaart bewezen dat de verdachte het feit, zoals in paragraaf 2.3. is omschreven, heeft gepleegd;

stelt vast dat het bewezenverklaarde oplevert het in paragraaf 3.1. vermelde strafbare feit;

verklaart de verdachte voor het bewezenverklaarde feit niet strafbaar en ontslaat de verdachte voor dat feit van alle rechtsvervolging.

5. Samenstelling rechtbank en ondertekening

Dit vonnis is gewezen door:

mr. W.J. de Veld, voorzitter,

en mrs. H. van den Heuvel en L.F.M. Venderbos, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. H.A. Wolterink, griffier,

en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 16 januari 2026.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. W.J. de Veld

Griffier

  • mr. H.A. Wolterink

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?