ECLI:NL:RBROT:2026:6505

ECLI:NL:RBROT:2026:6505

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 02-04-2026
Datum publicatie 04-06-2026
Zaaknummer 83-036787-26
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Rotterdam

Samenvatting

Wet dieren. De verdachte heeft samen met zijn broer een koe mishandeld door het dier te trappen en stroomstoten te geven met een veeprikker, nadat het dier onderuit was gegaan en niet meer op kon staan in de stal van het bedrijf van de broer van de verdachte.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam Zittingsplaats Rotterdam

Politierechter

Parketnummer: 83.036787.26

Datum uitspraak: 2 april 2026

Datum zitting: 2 april 2026

Tegenspraak

Verdachte:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1994 in [geboorteplaats]

ingeschreven op het adres [adres] [postcode] [woonplaats] .

Advocaat van de verdachte: mr. M.J.J.E. Stassen

Officier van justitie: mr. S.J. Wirken

Kern van het vonnis

De verdachte heeft samen met zijn broer een koe mishandeld door het dier te trappen en stroomstoten te geven met een veeprikker, nadat het dier onderuit was gegaan en niet meer op kon staan in de stal van het bedrijf van de broer van de verdachte.

1. Tenlastelegging

De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij - samengevat – een koe heeft mishandeld.

De volledige tenlastelegging (hierna: beschuldiging) houdt in dat

hij, op 7 april 2025 en/of 8 april 2025 in Oud‐Alblas, gemeente Molenlanden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk,zonder redelijk doel of met overschrijding van hetgeen ter bereiking van zodanig doel toelaatbaar is, bij een dier, te weten een koe, pijn of letsel heeft veroorzaakt danwel de gezondheid of het welzijn van het dier heeft benadeeld, immers heeft hij, verdachte, genoemde koe, die zichtbaar gewond was aan een poot en die daardoor niet op kon staan,‐ meermalen getrapt en/of,‐ meermalen met een veeprikker geprikt op de spieren van de achterpoten en/of de flank en/of de rug en/of de nek en/of de hals van die koe en/of,‐ aan de achterpoten vastgebonden met een touw en/of,‐ met een shovel aan de vastgebonden achterpoten weggesleept.

2. Bewijs

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte moet worden veroordeeld voor het feit. Het standpunt van de officier van justitie zal, voor zover van belang, bij de beoordeling van het bewijs worden besproken.

Conclusie van de verdediging

De verdediging heeft vrijspraak bepleit voor het feit. Het standpunt van de verdediging zal, voor zover van belang, bij de beoordeling van het bewijs worden besproken.

Oordeel van de politierechter

Bewezenverklaring en bewijsmiddelen

Bewezen is dat de verdachte een koe heeft mishandeld. De volledige bewezenverklaring is vermeld in paragraaf 2.3.3.

De bewezenverklaring van het feit is gebaseerd op de hieronder opgenomen inhoud van de bewijsmiddelen en de onderstaande bewijsmotivering.

1. Eigen waarneming van de politierechterOp de camerabeelden is te zien dat [medeverdachte] meermalen tegen de koe trapt. Vervolgens is te zien dat [verdachte] met een veeprikker meermalen tegen de koe aan prikt. Daarna pakt [medeverdachte] de veeprikker en prikt hij ook meermalen tegen de koe aan.

2. Verklaring van de verdachte

Die avond liep ik toevallig langs en zag ik mijn broer balen over die koe. Ik ben degene op de camerabeelden die als eerste de veeprikker pakt.

3. Proces-verbaal van de opsporingsambtenaarIk zag in de video-opname dat een rund op de grond lag. Ik hoorde een man (hierna: persoon 2) zeggen: “Die heeft zijn poot gebroken, of niet?” Ik zag dat een andere man (hierna: persoon 3) met zijn rechterbeen vier keer tegen het rund trapte. Ik zag dat persoon 3 een bezem vast had. Ik zag persoon 2 meerdere keren met de veeprikker op het rund insteken ter hoogte van de flank/rug. Ik hoorde dat het rund loeiend geluid maakte vanwege de pijn en ik zag dat het dier zichtbaar vermoeid was en niet in staat was om op te staan. Ik zag vervolgens dat persoon 3 meerdere keren instak met de veeprikker op de flank/rug van het rund. Daarna zag ik dat persoon 3 met de veeprikker instak op de hals, nek en achterlijf van het rund. Ook hierdoor stond het dier niet op. Door het onnodige en onjuiste gebruik van de veeprikker heeft het rund onnodig pijn, extra stress en leed toegediend gekregen van de elektrische schokken. Hierdoor is de gezondheid en het welzijn van het dier ernstig geschaad en is veel onnodig leed veroorzaakt.

4. Proces-verbaal van de politie, verklaring getuige [naam getuige 1]Ik herken de locatie in het filmpje als de stal van een verzamelcentrum in Oud-Alblas.

5. Proces-verbaal van de politie, verklaring getuige [naam getuige 2]Op 8 april 2025 heb ik een noodslachting verricht voor [naam bedrijf] .

6. Schriftelijk stukVisitebrief Naam: [naam bedrijf]Adres: Oud-Alblas. Datum: 8 april 2025Aankomsttijd: 11:30 uurVertrektijd: 11:45 uurDierenarts: [naam getuige 2]Koe onderuitgegaan, poot kapot, noodslachting.

Bewijsmotivering

Beroep op bewijsuitsluiting camerabeelden

De verdediging heeft bepleit dat de camerabeelden onrechtmatig zijn verkregen en een schending vormen van het recht op een eerlijk proces conform artikel 6 EVRM, waardoor de beelden dienen te worden uitgesloten van het bewijs.

Standpunt officier van justitie

De officier van justitie is van opvatting dat de camerabeelden op rechtmatige wijze zijn verkregen en kunnen worden gebezigd voor het bewijs.

Oordeel van de politierechter

De rechtbank is van oordeel dat de beelden inderdaad heimelijk zijn gemaakt door een actiegroep en vervolgens zijn verspreid op het internet. De rechtbank gaat niet mee in de vaststelling dat de beelden op een onrechtmatige manier zijn verkregen door het Openbaar Ministerie. Op het moment dat er beelden rondgaan van een mogelijk strafbaar feit, moet het Openbaar Ministerie daar onderzoek naar doen. De beelden zijn rechtmatig verkregen door het Openbaar Ministerie en kunnen worden gebruikt voor het bewijs. Het verweer wordt verworpen.

Pleegdatum en pleegplaats

De camerabeelden zijn opgenomen zonder beschrijving van datum en plaats. De praktiserende dierenarts van [naam bedrijf] heeft bij de politie verklaard dat hij op 8 april 2025 de noodslachting heeft verricht van een koe. De rechtbank stelt vast dat de koe is geslacht in de ochtend van 8 april 2025. De broer van de verdachte verklaart dat het aandeel van hem en zijn broer plaatsvond in de avond voor de dag van de slachting van de koe. De rechtbank leest hierin dat de broer van de verdachte het heeft over de avond van 7 april 2025. De beelden zijn opgenomen in de stal van het verzamelcentrum van [naam bedrijf] in Oud-Alblas.

Volledige bewezenverklaring

Bewezen is dat:

hij, op 7 april 2025 in Oud‐Alblas, gemeente Molenlanden, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander, opzettelijk, met overschrijding van hetgeen ter bereiking van zodanig doel toelaatbaar is, bij een dier, te weten een koe, pijn of letsel heeft veroorzaakt danwel de gezondheid of het welzijn van het dier heeft benadeeld, immers heeft hij, verdachte, genoemde koe, die zichtbaar gewond was aan een poot en die daardoor niet op kon staan,‐ meermalen getrapt en,‐ meermalen met een veeprikker geprikt op de spieren van de flank, de rug, de nek en de hals van die koe.

3. Kwalificatie en strafbaarheid

Kwalificatie

Het bewezen feit levert het volgende strafbare feit op:

zich gedragen in strijd met het voorschrift vastgesteld bij artikel 2.1, eerste lid, van de Wet dieren.

Strafbaarheid van het feit en de verdachte

Het feit en de verdachte zijn strafbaar.

4. Straffen

Eis van de officier van justitie

De verdachte moet worden veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 240 uren, subsidiair 120 dagen hechtenis en een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 3 maanden met een proeftijd van 2 jaren.

Standpunt van de verdediging

Primair wordt verzocht om cliënt vrij te spreken en subsidiair wordt verzocht om de taakstraf te matigen en geen voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen.

Oordeel van de politierechter

Ernst en omstandigheden van het feit

In de stal van de veehouderij van de familie van verdachte kon een koe kennelijk niet meer opstaan door een verwonde poot. De verdachte heeft samen met zijn broer geprobeerd om de koe overeind te krijgen door haar meerdere keren te trappen en tot wel 50 keer met een veeprikker in de spieren van de koe te prikken. Het dier heeft hierdoor onmiskenbaar veel onnodige pijn geleden. Dierenmishandeling is een ernstig feit. Dit klemt temeer in situaties waarin mensen die vanwege hun bedrijf met dieren omgaan. Van hen wordt een respectvolle houding verwacht ten opzichte van de levende wezens die aan hun zorgen zijn toevertrouwd. Een veehouder dient in alle respect, voorzichtigheid en zorgvuldigheid om te gaan met zijn dieren. Niet alleen is daar in deze zaak geen sprake van geweest, de mishandeling die plaatsvond was buitenproportioneel en klaarblijkelijk sadistisch van aard.

Persoon en persoonlijke omstandigheden

Strafblad

Uit het strafblad (uittreksel justitiële documentatie) van 5 februari 2026 blijkt dat de verdachte niet eerder onherroepelijk is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.

Het strafblad van de verdachte leidt dus niet tot een hogere straf.

Overige persoonlijke omstandigheden

Het feit is aan het licht gekomen doordat camerabeelden van de mishandeling online zijn geplaatst. Hoewel de verdachte zelf geen werkzaamheden verricht voor het bedrijf, heeft hij nadelige gevolgen gehad aan de negatieve publiciteit die het familiebedrijf sindsdien heeft ontvangen. Positief is dat het bedrijf actie heeft ondernomen door zich te melden bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit. Zij heeft haar verantwoordelijkheid genomen door direct maatregelen te treffen, waardoor dit soort incidenten niet nog een keer kunnen voorkomen. Er hangen nu camera’s in de stallen en er worden regelmatig evaluaties gedaan om te kijken hoe het er in het bedrijf aan toe gaat. Deze maatregelen en het feit dat verdachte ter terechtzitting oprechte spijt toonde en zijn verantwoordelijkheid in het geheel nam, leiden tot een lagere straf dan die de officier van justitie heeft gevorderd.

Oplegging straf

Straf

Gelet op de ernst van het strafbare feit en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte is een taakstraf passend. Bij het bepalen van de duur van de taakstraf houdt de rechtbank ook rekening met hetgeen hierboven is overwogen. Daarom wordt een taakstraf van 150 uur opgelegd.

In verband met de ernst van het bewezenverklaarde strafbare feit en om te voorkomen dat de verdachte in de toekomst opnieuw een strafbaar feit pleegt zal bovendien een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van een maand worden opgelegd, met een proeftijd van twee jaren.

5. Wettelijke voorschriften

De oplegging van deze straffen zijn gebaseerd op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 47 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 2.1, 8.12 van de Wet dieren.

6. Beslissingen

De politierechter:

Bewezenverklaring

verklaart bewezen dat de verdachte het feit, zoals in paragraaf 2.3.3. is omschreven, heeft gepleegd;

Kwalificatie en strafbaarheid

verklaart de verdachte strafbaar;

Straffen

Taakstraf

veroordeelt de verdachte tot een taakstraf van 150 uur, waarbij de reclassering bepaalt uit welke werkzaamheden deze taakstraf zal bestaan;

beveelt dat, voor het geval de verdachte de taakstraf niet (goed) verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 75 dagen;

Gevangenisstraf

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 1 maand;

bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders beslist;

verbindt hieraan een proeftijd, die wordt gesteld op 2 jaar, waarbij tot tenuitvoerlegging van het voorwaardelijke gedeelte van de straf kan worden beslist als de verdachte de onderstaande voorwaarde niet naleeft;

stelt als algemene voorwaarde dat:

- de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet aan een strafbaar feit schuldig maakt.

7. Ondertekening

Dit vonnis is gewezen door:

mr. M. van Seventer, politierechter,

in tegenwoordigheid van mr. M.B. Sahin, griffier,

en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 2 april 2026.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. M.B. Sahin

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand